Weeklog: Bart FM Droog

Ruim zevenhonderd mensen waren gisteravond aanwezig bij de eerste
van de twee Wintertuin-Nijmeegse Nachten in het Lindenberg
Theater. Een mooi theater, met tal van zalen die door het
festival vrijwel allemaal voorzien waren van programma's.

Hét probleem bij festivals in dit soort zalencomplexen is evenwel dat publiekstrekkers al het publiek de ene zaal inzuigen, waardoor er nauwelijks publiek is bij gelijktijdige programma's in andere zalen. Gelukkig deed dat probleem zich niet voor: er was genoeg publiek om alle zalen te vullen en de grootste zaal (capaciteit 144 man) kon niet al het publiek herbergen.
Dé publiekstrekker was het gesprek met Herman Brusselmans en Ilja Leonard Pfeijffer, onder leiding van Marc Verstappen. Niet iedereen kon het bijwonen, want de zaal zat simpelweg stampvol. Het ging over schelden in de literatuur. De inleiding van Frank Tazelaar werd onderbroken door geraas en getier vanuit de zaal. Ik wist dat een acteur dat zou doen - jammer was dat Tazelaar, die deze acteur ingehuurd had - lachend op het getier reageerde. Als hij een potje had teruggescholden of geschreeuwd zou hebben dat de raaskaller uit de zaal gezet had moeten worden had het natuurlijker geleken. Enfin - terug naar Brusselmans en Pfeijffer.
Verstappen refereerde aan Brusselmans roman Uitgeverij Guggenheimer (1999), waarin modeontwerpster Ann Demeulemeester op een voor haar minder aangename wijze ten tonele werd gevoerd. Het proces dat zij daarop tegen Brusselmans aanspande kostte hem zoveel energie en vooral geld (30.000 euro), dat hij daarna besloot het wat rustiger aan te doen met scheldtirades in z'n boeken.
Zowel Pfeijffer als Brusselmans vertelden wie zij de grootste Nederlandstalige scheldliteratoren vonden: W.F. Hermans en Gerrit Komrij. Ietwat voorspelbare namen. Over Hermans scheldcapaciteiten hoeft niemand natuurlijk te twijfelen, maar Komrij's gevit op vooral dode of voor de hand liggende slachtoffers vind ik eerder zouteloos dan inspirerend. Net als Brusselmans' tirade tegen tv-personalities: who the fuck cares, denk ik dan.
Pfeijffer las op overtuigende wijze een tirade van de onlangs overleden Lodewijk van Deyssel en een fragment uit zijn Grote Baggerboek. Hij en Brusselmans vertelden dat scheld- en seksscenes het moeilijkst zijn om te beschrijven, omdat er maar een beperkt aantal woorden voor gebruikt kunnen worden en je al snel het risico loopt om te plat te schrijven.
Volgens Verstappen was de recentste 'Grote Polemiek in de Literatuur' Arnon Grunbergs aanval op A.F.Th. van der Heijden. Brusselmans en Pfeijffer betwistten dat. Pfeijffer: 'Grunberg is een pathetische aansteller'. Brusselmans: 'Waarom Grunberg zo'n hekel had aan Van der Heijden werd niet duidelijk, nertzomin als waarom hij zo nodig de pederast moest uithangen.'
Gelukkig werd verder niet uitgewend over dit non-thema. Brusselmans tierde weer even over Clouseau en Marco Borsato en zei dat huidige krantenredacties huiverig waren voor stevige polemieken. Volgens Pfeijffer wil de overheid een klimaat stimuleren waarin bepaalde zaken niet meer aan de orde gesteld kunnen worden.
Via Tom Lanoye, die gezegd zou hebben dat veel schrijvers zelfcensuur toepasen uit angst vermoord te worden door moslimfanatici kwam het op Theo van Gogh. Brusselmans zei daarop dat iemand als W.F. Hermans nooit hoefde te vrezen voor moorddadige monniken, in de dagen dat hij de katholieken beschimpte. Waarna hij overging in een reeks obligate beledigingen aan het adres van islamieten.
Reden voor mij om de zaal te verlaten: de constante aanvallen op aanhangers van de islam ben ik zo onderhand wel beu. Islamieten hebben in Nederland en België nauwelijks politieke invloed. Religieuze politici van eng-christelijke huize hebben dat wel, maar daar hoor ik vrijwel niemand over. Dus door naar een ander onderdeel.

Langs Mieke Maaike's Obscene Kapsalon, waar mensen onder droogkappen naar verhalen van Louis Paul Boon konden kuisteren ging het het expositiegedeelte. Negen bekroonde beeldend kunstenaars vertoonden daar hun werken. De immense foto's van Frank Bloem (op z'n site te bewonderen) en vooral de uitgeknipte landkaarten van Witta Tjan (op haar site te zien) bekoorden me het meest.
Poetracks, een van de boeiendste Wintertuinproducties bij eerdere festivaledities ging helaas ten onder in het rumoer van het publiek dat aan de bar stond. Bij Poetracks bewerken zangers gedichten en maken daar iets eigens van. In voorgaande jaren gebeurde dat op vaak verrassende wijze met gedichten van Gerard Reve en Harry Mulisch.
Dit jaar was het gedicht 'Straattoneel' van W.F. Hermans aan de beurt. Bob Fosko, Rick de Leeuw, Lucky Fonz III, Maurits Westerik (Gem), Odilo Gerod (Coparck) en Tjeerd Bomhof (Voicst) zagen zich geconfronteerd met een mensenmassa die meer in drank dan in het luisteren naar unieke optredens geïnteresseerd was. Gelukkig krijgen zij bij het Weerwoord-Festival in Amsterdam, januari 2008, een herkansing.
Ik zag van deze artiesten alleen een fragment van Bob Fosko, die met gitarist Wouter Planteijdt Hermans gedicht op en zeer ingetogen, rustige wijze bracht. Naderhand hoorde ik dat juist van Poetracks goede geluidsopnamen zi9jn gemaakt - wellicht dat die eerdaags op de Wintertuinsite te beluisteren zullen zijn.

Enfin; eerder op die avond woonde ik een stukje van het gesprek bij tussen Michaël Zeeman en Abdelkader Benali, die het onder leiding van Joris van Casteren o.a. over de Nijmeegse fietskelderaffaire en de kranten die Zeeman in Rome leest hadden; zag ik Pim te Bokkel onder het publiek; Tjitse Hofman die een program met Elly de Waard, Anne Provoost en Paul Ingendaay presenteerde; ontmoette ik in de artiestenfoyer o.a. Thomas Verbogt, Vrouwkje Tuinman, F. Starik en zag dat het met de catering weer verbluffend goed gesteld was.
Resumerend: een geslaagde avond die ik in 8,9 geef.
Festivaldirecteur Frank Tazelaar houdt op de Wintertuinsite een dagboek bij, dat via deze link aanklikbaar is. Zie ook de eerdere Wintertuinverslagen: dag 1, dag 2, dag 3, dag 4, dag 4a, dag 5, dag 6(a), dag 6(b), dag 9. Een overzicht van Wintertuinrecensies uit de jaren 2000 t/m 2006 is hier te vinden.

Hét probleem bij festivals in dit soort zalencomplexen is evenwel dat publiekstrekkers al het publiek de ene zaal inzuigen, waardoor er nauwelijks publiek is bij gelijktijdige programma's in andere zalen. Gelukkig deed dat probleem zich niet voor: er was genoeg publiek om alle zalen te vullen en de grootste zaal (capaciteit 144 man) kon niet al het publiek herbergen.
Dé publiekstrekker was het gesprek met Herman Brusselmans en Ilja Leonard Pfeijffer, onder leiding van Marc Verstappen. Niet iedereen kon het bijwonen, want de zaal zat simpelweg stampvol. Het ging over schelden in de literatuur. De inleiding van Frank Tazelaar werd onderbroken door geraas en getier vanuit de zaal. Ik wist dat een acteur dat zou doen - jammer was dat Tazelaar, die deze acteur ingehuurd had - lachend op het getier reageerde. Als hij een potje had teruggescholden of geschreeuwd zou hebben dat de raaskaller uit de zaal gezet had moeten worden had het natuurlijker geleken. Enfin - terug naar Brusselmans en Pfeijffer.

Verstappen refereerde aan Brusselmans roman Uitgeverij Guggenheimer (1999), waarin modeontwerpster Ann Demeulemeester op een voor haar minder aangename wijze ten tonele werd gevoerd. Het proces dat zij daarop tegen Brusselmans aanspande kostte hem zoveel energie en vooral geld (30.000 euro), dat hij daarna besloot het wat rustiger aan te doen met scheldtirades in z'n boeken.
Zowel Pfeijffer als Brusselmans vertelden wie zij de grootste Nederlandstalige scheldliteratoren vonden: W.F. Hermans en Gerrit Komrij. Ietwat voorspelbare namen. Over Hermans scheldcapaciteiten hoeft niemand natuurlijk te twijfelen, maar Komrij's gevit op vooral dode of voor de hand liggende slachtoffers vind ik eerder zouteloos dan inspirerend. Net als Brusselmans' tirade tegen tv-personalities: who the fuck cares, denk ik dan.
Pfeijffer las op overtuigende wijze een tirade van de onlangs overleden Lodewijk van Deyssel en een fragment uit zijn Grote Baggerboek. Hij en Brusselmans vertelden dat scheld- en seksscenes het moeilijkst zijn om te beschrijven, omdat er maar een beperkt aantal woorden voor gebruikt kunnen worden en je al snel het risico loopt om te plat te schrijven.
Volgens Verstappen was de recentste 'Grote Polemiek in de Literatuur' Arnon Grunbergs aanval op A.F.Th. van der Heijden. Brusselmans en Pfeijffer betwistten dat. Pfeijffer: 'Grunberg is een pathetische aansteller'. Brusselmans: 'Waarom Grunberg zo'n hekel had aan Van der Heijden werd niet duidelijk, nertzomin als waarom hij zo nodig de pederast moest uithangen.'
Gelukkig werd verder niet uitgewend over dit non-thema. Brusselmans tierde weer even over Clouseau en Marco Borsato en zei dat huidige krantenredacties huiverig waren voor stevige polemieken. Volgens Pfeijffer wil de overheid een klimaat stimuleren waarin bepaalde zaken niet meer aan de orde gesteld kunnen worden.
Via Tom Lanoye, die gezegd zou hebben dat veel schrijvers zelfcensuur toepasen uit angst vermoord te worden door moslimfanatici kwam het op Theo van Gogh. Brusselmans zei daarop dat iemand als W.F. Hermans nooit hoefde te vrezen voor moorddadige monniken, in de dagen dat hij de katholieken beschimpte. Waarna hij overging in een reeks obligate beledigingen aan het adres van islamieten.
Reden voor mij om de zaal te verlaten: de constante aanvallen op aanhangers van de islam ben ik zo onderhand wel beu. Islamieten hebben in Nederland en België nauwelijks politieke invloed. Religieuze politici van eng-christelijke huize hebben dat wel, maar daar hoor ik vrijwel niemand over. Dus door naar een ander onderdeel.

Langs Mieke Maaike's Obscene Kapsalon, waar mensen onder droogkappen naar verhalen van Louis Paul Boon konden kuisteren ging het het expositiegedeelte. Negen bekroonde beeldend kunstenaars vertoonden daar hun werken. De immense foto's van Frank Bloem (op z'n site te bewonderen) en vooral de uitgeknipte landkaarten van Witta Tjan (op haar site te zien) bekoorden me het meest.
Poetracks, een van de boeiendste Wintertuinproducties bij eerdere festivaledities ging helaas ten onder in het rumoer van het publiek dat aan de bar stond. Bij Poetracks bewerken zangers gedichten en maken daar iets eigens van. In voorgaande jaren gebeurde dat op vaak verrassende wijze met gedichten van Gerard Reve en Harry Mulisch.
Dit jaar was het gedicht 'Straattoneel' van W.F. Hermans aan de beurt. Bob Fosko, Rick de Leeuw, Lucky Fonz III, Maurits Westerik (Gem), Odilo Gerod (Coparck) en Tjeerd Bomhof (Voicst) zagen zich geconfronteerd met een mensenmassa die meer in drank dan in het luisteren naar unieke optredens geïnteresseerd was. Gelukkig krijgen zij bij het Weerwoord-Festival in Amsterdam, januari 2008, een herkansing.
Ik zag van deze artiesten alleen een fragment van Bob Fosko, die met gitarist Wouter Planteijdt Hermans gedicht op en zeer ingetogen, rustige wijze bracht. Naderhand hoorde ik dat juist van Poetracks goede geluidsopnamen zi9jn gemaakt - wellicht dat die eerdaags op de Wintertuinsite te beluisteren zullen zijn.

Enfin; eerder op die avond woonde ik een stukje van het gesprek bij tussen Michaël Zeeman en Abdelkader Benali, die het onder leiding van Joris van Casteren o.a. over de Nijmeegse fietskelderaffaire en de kranten die Zeeman in Rome leest hadden; zag ik Pim te Bokkel onder het publiek; Tjitse Hofman die een program met Elly de Waard, Anne Provoost en Paul Ingendaay presenteerde; ontmoette ik in de artiestenfoyer o.a. Thomas Verbogt, Vrouwkje Tuinman, F. Starik en zag dat het met de catering weer verbluffend goed gesteld was.
Resumerend: een geslaagde avond die ik in 8,9 geef.
Festivaldirecteur Frank Tazelaar houdt op de Wintertuinsite een dagboek bij, dat via deze link aanklikbaar is. Zie ook de eerdere Wintertuinverslagen: dag 1, dag 2, dag 3, dag 4, dag 4a, dag 5, dag 6(a), dag 6(b), dag 9. Een overzicht van Wintertuinrecensies uit de jaren 2000 t/m 2006 is hier te vinden.
Zie ook
de bespreking van deze avond die Reinier Kist voor NRC
Handelsblad maakte. Vanwege het overlijden van August
Willemsen verscheen het niet in de papieren krant, wel op het
NRC Weblog.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).


