Rudolf Paul
verhalenschrijver

Dank zij het internet raakt ook de rechter, evenals onderwijzers, artsen en notarissen al eerder,
donderdag 20 december 2007 17:58 door Rudolf Paul
zijn voetstuk kwijt.
Wie als kritische burger de rechtspleging in ons land probeert te volgen, verbaast zich voortdurend over de starheid van het systeem.
Het is nog steeds het monopolie van juristen, met alle beperkingen van opleiding, vastgeroeste opvattingen en gesloten organisatie-structuur.
Niettemin gloort er licht aan de horizon.
Interessant in dit verband is de ontboezeming van Bert van Delden in het blad SPITS van maandag 17 december jl.
De scheidend voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, kort geleden nog in de bres voor de onaantastbare rechter, spreekt nu van "de ontsokkeling van de rechter ". Mede dank zij het internet raakt ook de rechter, evenals onderwijzers, artsen en notarissen al eerder, zijn voetstuk kwijt.
Voorzitter Willem Bekkers van de Nederlandse Orde van Advocaten valt hem hierin bij.
Rechters moeten zich meer gaan specialiseren, in verband met steeds ingewikkelder processen over bouwtechnische en financiële onderwerpen, nieuwe opsporingstechnieken met dna enz.
Soulaas kan op verschillende manieren worden geboden.
Er moet gewerkt worden aan deskundigheidsbevordering van rechters.
Grote ingewikkelde zaken dient men landelijk te coördineren. Per zaak bezien welke rechter of welk team van rechters het meest geschikt is voor een bepaalde affaire.
Een rechter die niet ter zake kundig is en zijn oordeel baseert op minder betrouwbare deskundigen, zorgt voor twijfel bij burgers en betrokkenen aan zijn uitspraak.
Hij moet ook aan de buitenwereld zo goed mogelijk uitleggen hoe hij tot een beslissing is gekomen. Dus goed en duidelijk motiveren.
Deze opvatting sluit nauw aan bij de verbeterpunten, genoemd door de SP bij monde van Jan de Wit, tijdens de begrotingsbehandeling van Justitie op 14 november jl.
De SP wil bovendien een commissie binnen de gerechten die periodiek de kwaliteit van rechterlijke uitspraken toetst.
Voor het geval dat het toch nog mis gaat stelt de SP belangrijke verbeteringen voor in de herzieningsprocedure.
Allereerst vindt de SP dat de Hoge Raad het novum-beginsel ruimer dient te interpreteren.
Het moet niet alleen een zaak zijn van nieuwe feiten, maar ook van verschil in opvatting tussen deskundigen.
Voorts wil de SP dat de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken, de CEAS of Posthumus-II als adviesorgaan van de Hoge Raad wordt opgevolgd door een onafhankelijke toetsingscommissie gelijk de Engelse Criminal Cases Review Commission.
Daarin dienen, naast juristen, ook andere deskundigen zitting te nemen.
In bovengenoemde zienswijzen wordt echter voorbijgegaan aan het meest wezenlijke probleem: het functioneren van het opsporingsapparaat.
Als het strafdossier, gebaseerd op de bevindingen van de recherche en het Openbaar Ministerie, ontsierd wordt door ondeskundig en frauduleus handelen, gaat zelfs de meest bijgeschoolde en gemotiveerde rechter meestal nog steeds de mist in met alle tragische gevolgen van dien.
De Deventer moordzaak biedt in dit verband voorbeelden te over:
- De geurproef met een mes die op fraude berustte, waarna veroordelingen van politiehonden-geleiders zijn gevolgd.
- Het achterhouden van telefoongegevens door de officier van justitie destijds welke het alibi van iemand anders onderuit haalden.
- Vermeend meinedig proces-verbaal aangaande de "chain-of-custody"van een blouse als bewijsmiddel.
- Vermeend meinedig proces-verbaal betreffende handschriftproeven i.v.m. gevonden briefjes op de plaats délict.
- Een buiten de Hoge Raad om door het OM geïnitieerd oriënterend vervolgonderzoek, dat niet gebaseerd was op het wetboek van Sv.
Het voorstel van Harm Brouwer, voorzitter van de Commissie van Procureurs-Generaal om Posthumus II te laten opvolgen door de Procureur bij de Hoge Raad, sluit toezicht vanuit de samenleving uit en bevestigt de geslotenheid van het stelsel.
Binnen het geblindeerde Openbaar Ministerie is tot nu toe bovendien niet ingegaan op diverse aangiften van vermoede fraude, begaan door top-ambtenaren van het OM zelf.
Overleg tussen alle betrokken partijen, het Ministerie van Justitie, leden van het OM, politici, klokkenluiders, wetenschappers en journalisten lijkt noodzakelijk en onafwendbaar.
De Tweede Kamer, het hoogste bestuursorgaan, is aan zet.
Wellicht kan een symposium de eerste stap zijn om uit de impasse te geraken.
Henk Vonk http://www.maurice.nl/index.php?itemid=565#51675
Wie als kritische burger de rechtspleging in ons land probeert te volgen, verbaast zich voortdurend over de starheid van het systeem.
Het is nog steeds het monopolie van juristen, met alle beperkingen van opleiding, vastgeroeste opvattingen en gesloten organisatie-structuur.
Niettemin gloort er licht aan de horizon.
Interessant in dit verband is de ontboezeming van Bert van Delden in het blad SPITS van maandag 17 december jl.
De scheidend voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, kort geleden nog in de bres voor de onaantastbare rechter, spreekt nu van "de ontsokkeling van de rechter ". Mede dank zij het internet raakt ook de rechter, evenals onderwijzers, artsen en notarissen al eerder, zijn voetstuk kwijt.
Voorzitter Willem Bekkers van de Nederlandse Orde van Advocaten valt hem hierin bij.
Rechters moeten zich meer gaan specialiseren, in verband met steeds ingewikkelder processen over bouwtechnische en financiële onderwerpen, nieuwe opsporingstechnieken met dna enz.
Soulaas kan op verschillende manieren worden geboden.
Er moet gewerkt worden aan deskundigheidsbevordering van rechters.
Grote ingewikkelde zaken dient men landelijk te coördineren. Per zaak bezien welke rechter of welk team van rechters het meest geschikt is voor een bepaalde affaire.
Een rechter die niet ter zake kundig is en zijn oordeel baseert op minder betrouwbare deskundigen, zorgt voor twijfel bij burgers en betrokkenen aan zijn uitspraak.
Hij moet ook aan de buitenwereld zo goed mogelijk uitleggen hoe hij tot een beslissing is gekomen. Dus goed en duidelijk motiveren.
Deze opvatting sluit nauw aan bij de verbeterpunten, genoemd door de SP bij monde van Jan de Wit, tijdens de begrotingsbehandeling van Justitie op 14 november jl.
De SP wil bovendien een commissie binnen de gerechten die periodiek de kwaliteit van rechterlijke uitspraken toetst.
Voor het geval dat het toch nog mis gaat stelt de SP belangrijke verbeteringen voor in de herzieningsprocedure.
Allereerst vindt de SP dat de Hoge Raad het novum-beginsel ruimer dient te interpreteren.
Het moet niet alleen een zaak zijn van nieuwe feiten, maar ook van verschil in opvatting tussen deskundigen.
Voorts wil de SP dat de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken, de CEAS of Posthumus-II als adviesorgaan van de Hoge Raad wordt opgevolgd door een onafhankelijke toetsingscommissie gelijk de Engelse Criminal Cases Review Commission.
Daarin dienen, naast juristen, ook andere deskundigen zitting te nemen.
In bovengenoemde zienswijzen wordt echter voorbijgegaan aan het meest wezenlijke probleem: het functioneren van het opsporingsapparaat.
Als het strafdossier, gebaseerd op de bevindingen van de recherche en het Openbaar Ministerie, ontsierd wordt door ondeskundig en frauduleus handelen, gaat zelfs de meest bijgeschoolde en gemotiveerde rechter meestal nog steeds de mist in met alle tragische gevolgen van dien.
De Deventer moordzaak biedt in dit verband voorbeelden te over:
- De geurproef met een mes die op fraude berustte, waarna veroordelingen van politiehonden-geleiders zijn gevolgd.
- Het achterhouden van telefoongegevens door de officier van justitie destijds welke het alibi van iemand anders onderuit haalden.
- Vermeend meinedig proces-verbaal aangaande de "chain-of-custody"van een blouse als bewijsmiddel.
- Vermeend meinedig proces-verbaal betreffende handschriftproeven i.v.m. gevonden briefjes op de plaats délict.
- Een buiten de Hoge Raad om door het OM geïnitieerd oriënterend vervolgonderzoek, dat niet gebaseerd was op het wetboek van Sv.
Het voorstel van Harm Brouwer, voorzitter van de Commissie van Procureurs-Generaal om Posthumus II te laten opvolgen door de Procureur bij de Hoge Raad, sluit toezicht vanuit de samenleving uit en bevestigt de geslotenheid van het stelsel.
Binnen het geblindeerde Openbaar Ministerie is tot nu toe bovendien niet ingegaan op diverse aangiften van vermoede fraude, begaan door top-ambtenaren van het OM zelf.
Overleg tussen alle betrokken partijen, het Ministerie van Justitie, leden van het OM, politici, klokkenluiders, wetenschappers en journalisten lijkt noodzakelijk en onafwendbaar.
De Tweede Kamer, het hoogste bestuursorgaan, is aan zet.
Wellicht kan een symposium de eerste stap zijn om uit de impasse te geraken.
Henk Vonk http://www.maurice.nl/index.php?itemid=565#51675


Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).