Yk ver(t)rek
Que la Vie est belle.

De man ging samen met zijn vrouw in Zuid-Frankrijk de auto ophalen
die een grote rol gespeeld had in zijn jeugd. Met een vrachtwagen
reden ze in de vakantie naar het dorpje waar hij zo vaak geweest
was met zijn ouders. Een druivenstreek waar het asfalt op sommige
plaatsen paars kleurde van de Bordeauxe pap. De zon scheen fel die
dag en ze hadden het flink warm in de cabine.
Eerst gingen ze naar een oud mannetje in een dorp, Sabiol heette het mannetje en hij zou hen de weg wijzen naar een houten schuurtje in een naburig dorp. Onderweg stak Sabiol een blauwe Gauloise op, maar het raampje mocht niet open, want hij had last van een opstekende verkoudheid. De man vond het allemaal goed, hij ging naar de auto van zijn jeugd, de vrouw was iets minder tolerant, maar ze liet het allemaal toch maar gebeuren. Ze zetten de vrachtwagen stil bij het schuurtje en Sabiol deed de zwart geteerde deuren open. Daar stond ‘ie dan. De auto van zijn jeugd.
Hoe vaak was hij niet achter het stuur gekropen en had hij de knopjes beroerd op het dashboard. Hoe vaak was hij niet op de achterbank geklommen en had hij gescholden op zijn chauffeur. Hoe vaak had hij wel niet de ruiten schoongewreven met zijn zakdoek en was hij in de weer geweest met emmertjes sop. Hoe vaak had hij de piepende motorkap open gedaan en gedroomd dat de motor hoestend en stampend op gang kwam. Hoe vaak...
En daar stond hij dan, de auto van zijn jeugd. Precies zoals hij hem lang geleden had achtergelaten. Papieren waren er niet en Sabiol hoefde er ook niet veel voor te hebben, hij vond het al mooi genoeg dat een Hollander interesse had voor zijn werkpaard uit de jaren ‘60. Wel was het nog even een dilemma hoe de auto in de vrachtwagen kwam. Gelukkig was zowat het hele dorp uitgelopen en waren er verschillende oude mannetjes die wel een duwtje wilden geven. Met wat geschreeuw over en weer, veel pauzes en twee gladde balken, stond de auto tegen het einde van de middag in de vrachtwagen.
Gezamenlijk reden ze terug naar het dorp van Sabiol om daar de koop te vieren met een koel glas Pastis. En nog één. Totdat de fles leeg was en het hoofd overliep van de verhalen over vroeger, verhalen over een Zuid-Franse wijnstreek met paarse vlekken op het asfalt en oude auto's in houten schuurtjes. Na een nacht vol nostalgische dromen was het tijd om naar huis te gaan, terug naar Holland, in de vrachtwagen, met aan boord de auto van zijn jeugd. Ze werden uitgezwaaid door het oude echtpaar en kregen nog een zak amandelen mee voor onderweg.
Na twee dagen waren ze thuis en de man was heel gelukkig, zo gelukkig als in zijn jeugd. Geregeld zat hij even in zijn auto; aan de knopjes te peuteren, het stuur op te wrijven, de geur op te snuiven. Dan staken de veren van de versleten bank in zijn kont en hingen de spinnenwebben na afloop aan zijn elleboog. Rijden kon hij er niet mee, met de auto van zijn jeugd, daarvoor was het te weinig auto. Maar om het rijden ging het niet, het ging om de nostalgie, de herinnering en die was nu voor eeuwig bij hem terug. Vaak ging de man op stap met de auto en hervond hij de paden van zijn jeugd. Waar hij dan precies naartoe ging weet ik niet, maar mijn vader was dan zo blij als een kind.
Eerst gingen ze naar een oud mannetje in een dorp, Sabiol heette het mannetje en hij zou hen de weg wijzen naar een houten schuurtje in een naburig dorp. Onderweg stak Sabiol een blauwe Gauloise op, maar het raampje mocht niet open, want hij had last van een opstekende verkoudheid. De man vond het allemaal goed, hij ging naar de auto van zijn jeugd, de vrouw was iets minder tolerant, maar ze liet het allemaal toch maar gebeuren. Ze zetten de vrachtwagen stil bij het schuurtje en Sabiol deed de zwart geteerde deuren open. Daar stond ‘ie dan. De auto van zijn jeugd.
Hoe vaak was hij niet achter het stuur gekropen en had hij de knopjes beroerd op het dashboard. Hoe vaak was hij niet op de achterbank geklommen en had hij gescholden op zijn chauffeur. Hoe vaak had hij wel niet de ruiten schoongewreven met zijn zakdoek en was hij in de weer geweest met emmertjes sop. Hoe vaak had hij de piepende motorkap open gedaan en gedroomd dat de motor hoestend en stampend op gang kwam. Hoe vaak...
En daar stond hij dan, de auto van zijn jeugd. Precies zoals hij hem lang geleden had achtergelaten. Papieren waren er niet en Sabiol hoefde er ook niet veel voor te hebben, hij vond het al mooi genoeg dat een Hollander interesse had voor zijn werkpaard uit de jaren ‘60. Wel was het nog even een dilemma hoe de auto in de vrachtwagen kwam. Gelukkig was zowat het hele dorp uitgelopen en waren er verschillende oude mannetjes die wel een duwtje wilden geven. Met wat geschreeuw over en weer, veel pauzes en twee gladde balken, stond de auto tegen het einde van de middag in de vrachtwagen.
Gezamenlijk reden ze terug naar het dorp van Sabiol om daar de koop te vieren met een koel glas Pastis. En nog één. Totdat de fles leeg was en het hoofd overliep van de verhalen over vroeger, verhalen over een Zuid-Franse wijnstreek met paarse vlekken op het asfalt en oude auto's in houten schuurtjes. Na een nacht vol nostalgische dromen was het tijd om naar huis te gaan, terug naar Holland, in de vrachtwagen, met aan boord de auto van zijn jeugd. Ze werden uitgezwaaid door het oude echtpaar en kregen nog een zak amandelen mee voor onderweg.
Na twee dagen waren ze thuis en de man was heel gelukkig, zo gelukkig als in zijn jeugd. Geregeld zat hij even in zijn auto; aan de knopjes te peuteren, het stuur op te wrijven, de geur op te snuiven. Dan staken de veren van de versleten bank in zijn kont en hingen de spinnenwebben na afloop aan zijn elleboog. Rijden kon hij er niet mee, met de auto van zijn jeugd, daarvoor was het te weinig auto. Maar om het rijden ging het niet, het ging om de nostalgie, de herinnering en die was nu voor eeuwig bij hem terug. Vaak ging de man op stap met de auto en hervond hij de paden van zijn jeugd. Waar hij dan precies naartoe ging weet ik niet, maar mijn vader was dan zo blij als een kind.
Literatuuro vk blog 833
28-04-2008 16:21
mooie motivatie om zelf in Frankrijk aan de slag te gaan! jouw
ambitie: een oto immatriculee in de 75?
Mooi geschreven. Die laatste zin zet alles op zijn plaats.
Raakt.
Hartelijke groet, Coby
Hartelijke groet, Coby
Of zal ik later het zelfde hebben met een Vélib,
Literatuuro...
Dank, Coby!!
Dank, Coby!!
WJ 29-04-2008 11:46
Ben je Francaise dan, komen je ouders uit Frankrijk, ik bedoel
wat deed die 2paardekracht eend daar helemaal? of moest je vader
hem achterlaten verkopen omdat zijn geld op was?
Mijn gedachten vliegen alle kanten op door je stukje en wat gebeurde er allemaal op de achterbank? Heeft het met jou te maken wellicht?
Dit kan een trilogie worden:
De Oto van mijn vader!
Doorschrijven!
Mijn gedachten vliegen alle kanten op door je stukje en wat gebeurde er allemaal op de achterbank? Heeft het met jou te maken wellicht?
Dit kan een trilogie worden:
De Oto van mijn vader!
Doorschrijven!
Literatuuro vk blog 833 29-04-2008 17:01
een Vélib die je ergens op gaat halen uit een schuurtje op de
campagne??? worden ze al gestolen?
Gestolen worden ze zeker Literatuuro, ik heb er al verschillende
(laten we zeggen "drie") zien staan tegen lantarenpalen. Ook in
de banlieue, waar nog geen Vélib standers zijn...
Wauw Willem, je rijkt me daar allemaal verhaallijnen aan! Maar jij mag het verhaal ook verder vertellen hoor! Echter, blijft het dan ook een feel-good verhaal...?
Wauw Willem, je rijkt me daar allemaal verhaallijnen aan! Maar jij mag het verhaal ook verder vertellen hoor! Echter, blijft het dan ook een feel-good verhaal...?
Literatuuro vk blog 833 29-04-2008 18:46
charmant!!! ('laten we zeggen "drie"')
is dat niet eng: de 'banlieue'???
is dat niet eng: de 'banlieue'???
Dianne 26-06-2008 12:27
je hebt een mooie manier van kijken en dat te vertalen, ik geniet
(nog steeds) :))
groet
groet
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).

Soms heb ik
wel eens dat een blogger zo leuk schrijft, dat ik het liefst alles
van diens hand op m’n gemak zou willen lezen. Echter door
alle kruisingen en paden verdwaal ik op een gegeven moment in het
duistere blogbos en ben vervolgens alleen nog op zoek naar de weg
terug. Zij die dit herkennen kunnen

