
“Oranje de protestkleur tijdens Spelen / De kleur oranje wordt tijdens de Olympische Spelen het vreedzame teken van internationaal protest tegen de schending van mensenrechten door China. Het NOC*NSF is ongelukkig met de actie en vreest ‘politisering’ van de Nederlandse sportkleur bij uitstek.”
Vindt u het ook niet een grappig bericht? In plaats van er trots op te zijn dat ‘onze’ kleur oranje wordt gebruikt voor vreedzaam protest (wat wil je nog meer!?) is men er in kringen van de NOC*NSF ongelukkig mee vanwege mogelijke ‘politisering’ van wat genoemd wordt de "Nederlandse sportkleur bij uitstek", hoe verzin je het zo?
Nu ben ik dat oranje (in meerderlei opzicht) toch al goed zat, telkens als de voetbalgekte weer eens uitbreekt krijg ik een waas voor mijn ogen van al dat oranje, eenvoudig niet te verdragen. En dat die enkele Nederlandse gouden, zilveren of bronzen medaille-winnaar zich zo af & toe met ‘iets’ van oranje tooit moet hij/zij zelf weten, ík ga niet voor gek lopen.
Het is dus duidelijk dat mijn overwegingen niet die van NOC*NSF zijn, maar welk bezwaar kun je in vredesnaam inbrengen tégen oranje als vreedzaam teken van internationaal protest m.b.t. de schending van mensenrechten in China? Hoezo ‘politiseren’? Is het Olympisch Comité nog niet genoeg gepolitiseerd met één oranje in haar midden?
Nee, het is echt een komisch bericht, nog daargelaten de vraag wie dit grappigs bedacht heeft, want daar rept nu.nl met geen woord over! Mij zal het overigens een rotzorg wezen, ik ben pas tevreden als dat oranje helemaal uit beeld is verdwenen, boven of onder, maar het liefst in protest (en dat hoeft niet eens vreedzaam te zijn).
.
Roel
13-05-2008 10:06
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).
Kappelman
Links
Groepen
Mijn avatar
.
Als avatar*) heb ik gekozen voor een ampersand, het teken & [en], zoals Van Dale verklaart. Aangezien dit blog over hobbies handelt, en ik een groot liefhebber & hobbyist ben van, met & in letters (oorspronkelijk uiteraard boekdruk- letters, maar inmiddels allemaal al lang gedigitaliseerd) en drukwerk, en veel dat daaraan gerelateerd is, kwam mij dit als gepast voor. &, gelezen als et, is Latijn en betekent “en”. De talrijke vormen waarin dit teken verschijnt zijn ligaturen, waaronder Van Dale verstaat:
1) enige aaneengekoppeld geschreven letters, en
2) [drukwezen] twee of meer in één stuk gegoten letters van een heel eigen karakter.
De geschiedenis van deze tekens is bijna even oud als die van het Latijnse schrift. Belangstellenden die hierover meer willen weten verwijs ik naar de uiterst informatieve & fraaie uitgave: Jan Tschichold, Vormveranderingen van het &-teken. In een hedendaagse context, Uitgeverij De Buitenkant, Amsterdam 1993.
*) In de computerwereld wordt de grafische representatie van een gebruiker avatar genoemd.
Van Kappelman*)
.
Mynheer! Ik ben Kappelman! Myn zaken gaan zeer goed, en ik leid een rustig en gemakkelyk leven. Ik zie, dat gy, in weerwil daarvan, voortgaat, u te bemoeien, met de stiefdochters myner vrouw. Dat versta ik niet langer. Mijn vrouw, mag met die kinderen, doen wat zy wil – daarvoor is ze mijn vrouw – en ik zal zorgen, dat uw zedeloos geschryf, niet in derzelver handen kome. Ik bevind my zeer goed, by de tegenwoordige inrichting, van myn huis, en dat is het voornaamste. Ik ben Kappelman. Ik zal 't vertellen aan mijn vriend den kruienier dat gy een democraat zyt.
---------
*) Dit is een excerpt uit Minnebrieven van Multatuli, deel II Multatuli Volledige Werken, Amsterdam 1973.
Aan Fancy*)
.
Zy schryft dat ik my met u moet verzoenen. En al schreef ze dat niet, ik kán niet anders!
Maar toch ben ik bedroefd. Iets leren aan U!... Ik aan u iets leren? O, ik honderdvoudige dwaas, die meende dat gy bestondt, toen Jehovah de fondamenten legde der wereld! Ik, die geloofde dat gy het wist, hoe de rechtheid der aarde was gemeten met een koord, en hoe de melodie klonk van het lied, dat de sterren zongen ter verheuging, den dag nadat zy gemaakt waren!
Ik, die dacht dat gy gebod hadt over den nacht, en den morgenstond zyn plaats aanweest!
Zyt gy 't dan niet, die kracht geeft aan het paard, en die den Behemoth leidt met uw vinger? Weet ge niet hoe zich de stralen splitsen van het licht, en kunt gy niet uitspreken het getal luchtgloben die ronddansen in den orkaan? Vouwt gy niet bliksemen saam als halmen, en voert ge niet heerschappy over de weerlichten, dat zy zich verzamelen voor uw voet, deemoedig geknakt zeggende: hier zyn wy?
Maar Fancy, ik heb u toch lief... waarom heb ik u dan zo lief, Fancy? Ik die niet tevreden ben met minder dan dat alles?
U iets leren? Wat zal ik u leren? Ik weet niets.
Ik ben gegaan tot myn vriend, die in wysheid handelt. "Zy wil iets leren" zei ik bedroefd, "leen my iets uit uw voorraad." Hy bracht my in de binnenkamer van zyn huis, en toonde my de schatten van kennis die hy verzameld had. Ik zag daar veel zwarte letteren, saamgevoegd op wit papier, dat geel was. Ik hoorde daar de gesprekken der wyzen van alle eeuwen, en werd niet wyzer dan zy allen schynen geweest te zyn, want de meesten erkenden dat zy niets wisten, als ik. En die ‘t niet erkenden, zagen er dommer uit dan de anderen.
Daar waren er, die in dikke boeken een god gemaakt hebben... een god in Hebreeuws en Grieks... een god... ik zal ‘t u vertellen.
Maar Fancy, ik doe dat niet om u te leren wat is, ik doe ‘t om u – als gy ‘t inderdaad niet weet, wat ik nog altijd niet geloven kan – te leren wat niet is.
Er was eens niets! Was komt van wezen, zyn, bestaan. “Er was niets” beduidt dus: er bestond iets dat niet bestond.
En God, of de god... begrypt ge dat woord? ‘t Is verwant met weten! Dat hebben die ouden goed genaamd! Zo is er meer dat, wél bedoeld, verkeerd uitviel, en dit is veelal de schuld van de dominees, indische, egyptische, joodse, dordtse en moderne, die zelden dichters verstaan.
En God maakte een zandkorrel met wat gedierte erop, iets groter dan 't gedierte op de stofjes die wy afslaan van onze schoenen, als wy samen gewandeld hebben.
Wanneer zal ik met u wandelen, Fancy? Onder dat gedierte was veel verschil. Er waren er, die staarten hadden, en gras aten; anderen spraken kwaad, en hadden eigenliefde. Sommigen behoefden veel lucht; enigen water; enkelen rauw vlees; en weer anderen konden niet leven zonder heerschappy. Deze laatsten hebben zelf gezegd, in 't dikke boek dat ik u zenden zal, dat zy heer en meester zyn over alles wat bestaat. Voor hen was de vis, de vogel, de leeuw, de sprinkhaan, alles!
Maar niet alleen de overige diersoorten moesten onderdanig zyn aan de dieren die dat dikke boek maakten, ook de andere zandkorrelen – want er waren er meer, en daaronder velen die toch eigenlyk groter en belangryker waren – dienden alleen om die kleine korrel te vermaken. 't Geen zy deden, door er om heen te draaien.
Ik heb een muis gekend, Fancy, die in een Edammer kaas woonde. Ik kon dat beestje naar niet uit het kopje praten, dat het hele kaasmagazyn was opgericht, om hém te voorzien van een behoorlyk verblyf.
De dieren die baas speelden over de kleine zandkorrel, noemden zich mensen, een woord dat zeker iets zeer schoons aanduidde, maar waarvan in dat geval de betekenis op alle manieren is verloren gegaan. Ik zal den wortel opzoeken, en u vertellen wat ik er van vind. Dit weet ik nú al, 't is een indisch woord. Ik zal 't verder nasporen by myn vriend den boekverkoper.
Mensen dus! Straks zal ik u uitleggen hoe ook onder hen veel onderscheid heerste, dat alweer nederkwam op op verschil in gezag. Dit onderwerp ligt my na aan het hart.
Maar eerst wil ik u meedelen, wat men van dien god gemaakt heeft. Kort na het scheppen van den mens, liet hy dezen in een val lopen, en om nu den mens te straffen voor zyn – namelyk: voor Gods – arglistigheid, veroordeelde hy hem tot allerlei dingen, die deels niet gebeurden, en deels tóch zouden gebeurd zyn, als den mens de strik was misgelopen, dien de god hem gelegd had. De straf zou duren "ten eeuwigen dage", dat wil zeggen, dat zy eenmaal zou ophouden, zodra er iemand kwam die de schuld overnam. Vierduizend jaar wachtte de misdadiger, die zich had schuldig gemaakt aan de kwaadaardigheid van den god, tevergeefs op de toegezegde verlossing. Als ik zeg, hy wachtte, is dit weer onjuist gesproken, maar 't is heel moeilijk zich juist uit te drukken als men onjuiste dingen vertelt. De misdadiger wachtte eigenlyk volstrekt niet, want hy was in die vierduizend jaar reeds 100 of 120 malen verdoemd gestorven, en vervangen door anderen, die ook weer verdoemd stierven. Ten laatste zond God een persoon "die de zonden der wereld zou dragen". Toen was alles goed. De slangen kregen vleugels, en het kraambed werd een ware uitspanning. Ook zweette men niet meer. Dit is alles zeer duidelyk, en wie 't niet begrypt, is verdoemd.
Ziedaar een kort begrip van de leer der zaligheid.
Ik beken dat ik hier en daar wat heb overgeslagen, omdat ik 't onfatsoenlyk vind alles te schryven aan een meisje... zo als gy zyt, helaas!
Maar als ge 't toch wilt weten – meisjes zyn zo – dan kunt ge 't nalezen in het dikke boek, dat ik u zend, en waaruit veel kan geleerd worden, door iemand die weten wil wat niet waar is. Is 't u nu en dan om de waarheid te doen, lees dan Bernstein "Boven lucht en wolken", of koop Strootman, De Gelder of Van Swinden, schoon ge ook met die heren voorzichtig moet zyn. Want het is niet waar dat een rechte lyn de kortste afstand is tussen twee punten, zoals ze leerden aan my, toen ik een kleine jongen was, en nog niet mocht tegenspreken...
– Daar staat het, zeide men... Gezag!
– Een kind vraagt niet naar de oorzaak of reden... Gezag!
– Een kind gehoorzaamt... Gezag!
---------
*) Dit is een excerpt uit Minnebrieven van Multatuli, deel II Multatuli Volledige Werken, Amsterdam 1973.
De roeping van den mens is mens te zijn.*)
.
Is die conclusie u te eenvoudig? O, ik bid u,wantrouw alle slotsommen die niet eenvoudig zyn.
Zou de wysheid die de mens behoeft, niet eenvoudig wezen? Zou ze moeilijker te vatten zyn, dan de reuk der spyzen, zo gemakkelyk op te vangen met onzen neus, dien toch de lieve natuur heel eenvoudig boven den mond plaatste? Ik geloof zeker dat de godsdienst-uitvinders dat orgaan een plaatsje zouden hebben gegeven aan den linkerhiel, als zy geraadpleegd waren... wat gelukkig niet gebeurd is. Alles wil omslag.
– Doodt de zinnen! roepen zy die God menen te dienen, door den mens te verdraaien, als die boer.
– Doodt de zinnen! roepen zy die gaarne wat willen genieten met hun zinnen, en de slimme berekening maken dat er meer zou overschieten, naarmate er minder gebruikt werd.
– Doodt de zinnen! werpt weg wat u behagen zou! riepen te allen tyde de vromen, die met veel graagte aasden op alles, wat er werd weggeworpen door de onnozele zielen, die hen geloofden. Wat zoudt gy zeggen van een kind, Fancy, dat zyn vader zou menen te vereren door iets anders te zyn dan een... kind?
En wát van de oudere broeders, die aan zulk kind trachten te beduiden dat het zich inkrimpe, en weinig behoort te eten: ad majorem patris gloriam?
Zoudt ge niet op 't denkbeeld komen, dat die oudere broeders begeerte voelden naar wat ruimte en wat spys?
Wie u zelfvernedering voorstelt als deugd, is een bedrieger.
Genot is deugd.
---------
*) Dit is een excerpt uit Minnebrieven van Multatuli, deel II Multatuli Volledige Werken, Amsterdam 1973.
Van Fancy*)
.
Lieve Max! Hu!... Hoe langer hoe erger! Nu vorderen ze van my een belydenis, dat ik allerlei dingen geloof, die gebeurd zyn voor achttienhonderd jaar! Ik weet er niets van. En als ik 't niet belyd, worden zy boos, en zeggen dat ik een slecht meisje ben, dat toch niet waar is.
Ik heb in lang niet van u gehoord. Zoudt gy ziek wezen?Dat zou my zeer spijten. Ik had juist nodig van u te weten, hoe ik my zal afhelpen van die belydenis. 't Komiekste is, dat ik ook belyden moet, dat ik altyd de waarheid zal zeggen. Dat klopt niet! Ik stel my voor, hoe 'k het aanleggen zou, om een wilde aan 't verstand te brengen – ik leer myn examen voor sekondante – het volgend theorema:
"Om gelukkig te wezen na je dood, moet je geloven dat er allerlei dingen die niet gebeuren kunnen, gebeurd zyn voor je geboorte" Ik denk dat zo'n wilde den samenhang niet zou begrypen en ik ben vreselijk wild op dat punt.
Lieve Max, tóch kan ik niet alles wegwerpen wat daar staat in dien Bybel. Ik vind het Hooglied schoon – ach, ik zou wel willen trouwen! – Sommige Psalmen ook. En 't boek van de Makkabeeën... dat's een waar heldendicht. En ik dweep met Job! Job is myn man! Maar niet om zyn geduld, neen... om de flinkheid waarmee hy opstond tegen den god die hem overleverde in de handen van Satan. – Nog-al vals, vind ik. –
Ik heb veel gelezen in dien Bybel, nadat ge my geschreven hadt, dat er zoveel in stond wat een fatsoenlyk meisje niet weten mag. Die geschiedenis van Sinson heeft me byzonder getroffen, omdat er iets dergelyks heeft plaatsgehad met myzelve. Neen, ik heb geen Philistynen doodgeslagen... en met een leeuw gevochten ook niet, maar mijn haren!... 't Is een malle geschiedenis. Verbeeld u dat er op myn zesde jaar voorspeld is dat een lok van myn haar – op nieuwmaansdag geknipt – kracht geven zou... Ik word geroepen, Max. Morgen meer. Dan is 't knipdag. Ik zal u dan meteen die historie vertellen. Ik begryp 't nu beter, door Simson... Ik word geroepen om te rekken... Morgen!... Wanneer krijg ik die tiende geschiedenis van gezag?...
---------
*) Dit is een excerpt uit Minnebrieven van Multatuli, deel II Multatuli Volledige Werken, Amsterdam 1973.
Pierre Vinken over geloof
.
Pierre Vinken (1927)
was neuroloog en directeur/redacteur van de Medische Uitgeverij
Excerpta Medica, waaraan hij met de van hem bekende vooruitziende
blik een succesvolle databank heeft toegevoegd, en welk bedrijf
hij vervolgens heeft verkocht aan Uitgeverij Elsevier, het latere
Reed Elsevier, om daar van 1979 tot 1995 directeur te zijn en het
bedrijf te doen uitgroeien tot de grootste wetenschappelijke
uitgeverij ter wereld. Naar aanleiding van het verschijnen
van Paul Frentrop’s biografie Tegen het Idealisme |
over leven en werken van Pierre Vinken had Max Pam in de
Volksrant van 22 september 2007 een interessant interview
met Vinken, waaruit ik hieronder een klein stuk laat
volgen.
- Als je terugkijkt op de jaren uit je jeugd, beschouw je dan
het katholicisme als een achterlijke godsdienst?
“Ik beschouw alle godsdiensten als achterlijk. Op mijn
school heerste in de jaren dertig een fundamentalistisch regiem,
en het leven in de Limburgse dorpen leek meer op dat van de
middeleeuwen dan op dat van nu. Er zijn natuurlijk verschillende
graden van achterlijkheid, maar het blijven tenslotte allemaal
dwalingen, producten van een verkeerd gebruik van de
hersenfunctie.”
- God wordt dus in ons hoofd gecreëerd, omdat er in onze
hersenen allerlei wissels verkeerd staan. Bedoel je
zoiets?
“Zo zou je het ook kunnen zeggen. Evenals de andere organen
kunnen de hersenen meer dan nodig is, het is een soort klier met
overcapaciteit. Daardoor kun je denken wat onbestaanbaar is. Die
overcapaciteit op zichzelf is wel goed, want doordat je verder
kunt denken dan de werkelijkheid, kun je nieuwe inzichten krijgen
en kun je nieuwe voorwerpen en situaties laten ontstaan. Dat is
vooruitgang. Maar je mag natuurlijk niet voetstoots iets blijven
aannemen wat niet kan worden aangetoond of wat onwaarschijnlijk
is. Een zekere scepsis is noodzakelijk voor de geestelijke
hygiëne.”
- Ergert het je als de terugkeer van religie en
spiritualiteit wordt geclaimd?
“Ik betwijfel of die claim juist is. De evolutie verloopt
in tegengestelde richting. Maar ook als het aantal gelovigen zou
toenemen, raakt mij dat niet. Ik heb niet de behoefte mij te
verdiepen in wat hen beweegt, zolang ze mijn vrijheid niet
beperken.”
- Ben je niet bang dat je vrijheid van denken wordt bedreigd
door de opkomst van de islam, of denk je dat het niet zo’n
vaart zal lopen. In de biografie wijs je op de demografische
factor, die niet bepaald in het voordeel wijst van het vrije
westen.
“Mijn vrijheid van denken kan niemand beperken, maar mijn
vrijheid van handelen en van meningsuiting natuurlijk wel. Het
zou wel eens slecht af kunnen lopen met onze Europese cultuur. De
primitieve bevolkingsgroepen vermenigvuldigen zich sneller dat de
beschaafde, en ze zullen al een meerderheid vormen lang voordat
ze zich aan onze cultuur hebben kunnen aanpassen, - als ze dat al
zouden willen. Ik vrees een parallel met de val van het Romeinse
rijk en de daarop volgende donkere eeuwen met hun terroristische
brandstapels.
“Ik denk dat onze cultuur van binnenuit islamiseert; de
meeste stemmen gelden. De christelijke kerken houden daar
duidelijk rekening mee: er is een nieuwe, invloedrijke godsdienst
verschenen in de arena waarin zij al heel lang aan de verliezende
hand zijn. Je had laatst die bisschop die voorstelde om God maar
Allah te noemen. Godsdienst komt het gezag altijd goed van pas.
Denk aan minister Donner van Justitie, die meteen na de moord op
Theo van Gogh voorstelde om de vrijheid van meningsuiting te
beknotten. Maar of we een knieval maken voor de islam of niet,
het zal geen verschil maken”.
.
Laatste reacties
PWA leert het nooit, à bas Oranje, à bas PWA!
F.Frenkel leest Multatuli weer !!!: Dit vin ik zo wonderbaarlijk schoon:
.
Zy schryft dat ik …
“Ik mag al niets en dit ga ik gewoon doen”
Kappelman: Bericht uit de Volkskrant-online van vanmorgen:
Prins Willem-Alexander heeft tijdens een …
“Ik mag al niets en dit ga ik gewoon doen”
Fleur: Bedenk uit wat voor soort familie Max afkomstig is.
Mini ster …
“Ik mag al niets en dit ga ik gewoon doen”
Fleur: An,ik kwam ten val,
terwijl ik die eigenschap
die jij zo schamper …
“Ik mag al niets en dit ga ik gewoon doen”
Fleur: Weg met die twee hierboven!
F en A zijn twee ongeloofwaardigen. …
Archief / RSS
Bekijk het hele archief van Kappelman, of klik op een van de jaren hieronder om een deel van het archief te ontsluiten.
Zoek in het archief
Abonnementen
| Alle blogs |
|
| |
| Deze gebruiker |
|
|
Laatste berichten op vkblog.nl
De dag des waarheid ?! (inleiding)
Drie
ik ben
! NEURALE SIGNALEN
Trots op Nederland
Gaan CDA en VVD discriminatie toestaan?
BMW Blij Met Wattikheb
LRCN CLUBDAG 3 OKTOBER 2010
Trekpleister
Mijn politieke begin.
RECENSIE (KOKEN MET PACO 8)
Foxy baby!
God of het ei.
Het is jammer dat Radio 2 dit soort nummers altijd helemaal kapot draait
Ja ! U heeft eerstkoffie gevonden
Amsterdam bereid je maar voor
EN DE WINNAAR IS....VERHAGEN.
Dood door eigen vuur (2)
Gouden toren Groninger Museum
RSS
Nieuwsalerts
Nieuwe media
Service
Abonnementen
de Volkskrant
