Yk ver(t)rek
Que la Vie est belle.

Heden middag zat ik bij de politie, dat deed ik niet voor mijn lol,
maar leuk was het wel. Achter de balie stond een dikke meid die me
bij binnenkomst strak aankeek, waarbij haar mond een beetje open
stond. Dat vond ik zo contrasterend dat ik iets te lang zwijgend
naar haar staarde, "ik luister", riep ze streng, om me te
stimuleren. Ik zei waar ik voor kwam en moest vervolgens wachten op
haar collega. Hoe lang het zou gaan duren, wist ze niet, maar ze
stelde dat ik dat vanzelf zou zien. In de centrale hal waren zitjes
gemaakt, doch in tegenstelling tot bij de tandarts, lagen er geen
stapels oude, beduimelde magazines.
Eerst worstelde ik me door de posters met vermiste personen, waar een hele wand mee beplakt was. Er lagen geen bloemen bij of brandende kaarsjes, des te meer werd ik geraakt door al die ouderwets uitziende, glimlachende gezichten. Sommige al decennia betreurd door familie, maar door de rest van de wereld al even zo lang vergeten. Met mijn rug naar de missende-mensen-muur zette ik me neer op een zitje en moest vaststellen dat de dikke meid precies in mijn blikveld lag. Met open mond was ze haar nagels aan het vijlen, terwijl ze af en toe slachtoffers binnenliet door op een knopje te drukken.
Eén van de slachtoffers was een heel oud, dun en gerimpeld vrouwtje, met een bijzonder grote bril op, dat aangifte kwam doen van vernielingen aan haar auto. God, dacht ik, rijdt dat nog auto en het begon onheilspellend te rommelen in mijn fietserbewustzijn. Meteen daarop kwam een donkere achterbuurtgangster binnen met hele wijde kleding en een hele grote pet op zijn dreadlocks. De man was nog niet gaan zitten of hij viel voorover gebogen in slaap, het moest haast wel iets met drugs te maken hebben, dacht ik. Een kwartier later richtte de gangster zich weer op, om uit zijn rugzak chips te gaan eten. Aan een koord om zijn nek hing een rode fopspeen, die hij streelde tijdens het kauwen, maar het was allesbehalve aandoenlijk.
Het zou wat uitlopen, kefte de meid, ze was inmiddels klaar met vijlen en staarde verveeld in de ruimte. Ergens hoorde ik een deur open gaan en uit de slecht verlichte gang kwam Sébastien aanlopen, begin dertig en al een hele kerel. Ik mocht hem volgen, zei hij en in zijn kantoortje mocht ik mijn identiteit bewijzen. Sébastien werd meteen enthousiast bij het zien van mijn kaart, de Nederlanders hadden een goed begin gemaakt met de wedstrijd tegen Italië, vond hij. Vanavond zouden ze van de Fransen winnen, verzekerde ik hem, maar dat was hij niet eens. Ik kan dit gesprek helaas niet voortzetten, lachte Sébastien, u moet eerst maar eens integreren.
Hij kroop achter zijn computer en begon direct een heel verhaal te typen, terwijl ik nog niks had verteld. Achter hem hing een grote kalender van de plaatselijke Chinees, ik kreeg meteen zin in loempia's, het wachten had ook zo lang geduurd. Naast ons mocht het oude vrouwtje haar verhaal doen bij Sébastien's collega, die stelde vast dat ze haar rijbewijs en verzekeringskaart nog niet ondertekend had. Zelf was ze daar ook wat verbaasd over, van schrik viel bijna haar grote bril van d'r neus. Ik deed moeite om zo neutraal mogelijk te kijken, gelukkig ging Sébastien me nu wat vragen stellen.
Ik vertelde hem dat ik die morgen stipt om negen uur de trap afgelopen was van mijn flat. (Ik verzweeg overigens voor mijn aanhoorder dat ik had gezien dat Monsieur Hakim, van de beveiliging, op zijn stoel bij de deur in slaap gevallen was met een lege whiskyfles aan zijn voeten.) De zon had geschenen en ik was klaar voor een mooie fietstocht. Met mijn pasje opende ik de zware deur van het fietsenhokje, toen ik merkte dat er iets niet klopte. Ik hield mijn sleutelbos al in de aanslag, maar er was geen slot om te openen, er was geen fiets voor mij. De plek waar ik de avond tevoren mijn gloednieuwe fiets had neergezet was leeg. Ik had niet gevloekt of gescholden, ik had niet gehuild of tegen de muur gestompt, ik had me net zo leeg gevoeld als daar waar mijn fiets had gestaan en was op een draf naar de metro gerend.
Sébastien tikte het verhaal in zijn computer en maakte er een stapeltje papier van, waarvan alle velletjes ondertekend moesten worden. Na afloop gaf hij me een stevige, on-Franse hand, rechtte zijn rug en riep "dat Frankrijk moge winnen". Het was vrijdag de dertiende, het liep al tegen vijven en het zou mij niks verbazen als hij gelijk ging krijgen.
Eerst worstelde ik me door de posters met vermiste personen, waar een hele wand mee beplakt was. Er lagen geen bloemen bij of brandende kaarsjes, des te meer werd ik geraakt door al die ouderwets uitziende, glimlachende gezichten. Sommige al decennia betreurd door familie, maar door de rest van de wereld al even zo lang vergeten. Met mijn rug naar de missende-mensen-muur zette ik me neer op een zitje en moest vaststellen dat de dikke meid precies in mijn blikveld lag. Met open mond was ze haar nagels aan het vijlen, terwijl ze af en toe slachtoffers binnenliet door op een knopje te drukken.
Eén van de slachtoffers was een heel oud, dun en gerimpeld vrouwtje, met een bijzonder grote bril op, dat aangifte kwam doen van vernielingen aan haar auto. God, dacht ik, rijdt dat nog auto en het begon onheilspellend te rommelen in mijn fietserbewustzijn. Meteen daarop kwam een donkere achterbuurtgangster binnen met hele wijde kleding en een hele grote pet op zijn dreadlocks. De man was nog niet gaan zitten of hij viel voorover gebogen in slaap, het moest haast wel iets met drugs te maken hebben, dacht ik. Een kwartier later richtte de gangster zich weer op, om uit zijn rugzak chips te gaan eten. Aan een koord om zijn nek hing een rode fopspeen, die hij streelde tijdens het kauwen, maar het was allesbehalve aandoenlijk.
Het zou wat uitlopen, kefte de meid, ze was inmiddels klaar met vijlen en staarde verveeld in de ruimte. Ergens hoorde ik een deur open gaan en uit de slecht verlichte gang kwam Sébastien aanlopen, begin dertig en al een hele kerel. Ik mocht hem volgen, zei hij en in zijn kantoortje mocht ik mijn identiteit bewijzen. Sébastien werd meteen enthousiast bij het zien van mijn kaart, de Nederlanders hadden een goed begin gemaakt met de wedstrijd tegen Italië, vond hij. Vanavond zouden ze van de Fransen winnen, verzekerde ik hem, maar dat was hij niet eens. Ik kan dit gesprek helaas niet voortzetten, lachte Sébastien, u moet eerst maar eens integreren.
Hij kroop achter zijn computer en begon direct een heel verhaal te typen, terwijl ik nog niks had verteld. Achter hem hing een grote kalender van de plaatselijke Chinees, ik kreeg meteen zin in loempia's, het wachten had ook zo lang geduurd. Naast ons mocht het oude vrouwtje haar verhaal doen bij Sébastien's collega, die stelde vast dat ze haar rijbewijs en verzekeringskaart nog niet ondertekend had. Zelf was ze daar ook wat verbaasd over, van schrik viel bijna haar grote bril van d'r neus. Ik deed moeite om zo neutraal mogelijk te kijken, gelukkig ging Sébastien me nu wat vragen stellen.
Ik vertelde hem dat ik die morgen stipt om negen uur de trap afgelopen was van mijn flat. (Ik verzweeg overigens voor mijn aanhoorder dat ik had gezien dat Monsieur Hakim, van de beveiliging, op zijn stoel bij de deur in slaap gevallen was met een lege whiskyfles aan zijn voeten.) De zon had geschenen en ik was klaar voor een mooie fietstocht. Met mijn pasje opende ik de zware deur van het fietsenhokje, toen ik merkte dat er iets niet klopte. Ik hield mijn sleutelbos al in de aanslag, maar er was geen slot om te openen, er was geen fiets voor mij. De plek waar ik de avond tevoren mijn gloednieuwe fiets had neergezet was leeg. Ik had niet gevloekt of gescholden, ik had niet gehuild of tegen de muur gestompt, ik had me net zo leeg gevoeld als daar waar mijn fiets had gestaan en was op een draf naar de metro gerend.
Sébastien tikte het verhaal in zijn computer en maakte er een stapeltje papier van, waarvan alle velletjes ondertekend moesten worden. Na afloop gaf hij me een stevige, on-Franse hand, rechtte zijn rug en riep "dat Frankrijk moge winnen". Het was vrijdag de dertiende, het liep al tegen vijven en het zou mij niks verbazen als hij gelijk ging krijgen.
Maria-Dolores
13-06-2008 18:38
jeetje, en waarschijnlijk hadden ook nog àndere mensen een pasje
van dat fietsenhokje.
Dat lege gevoel zal nu wel gevuld zijn met balen lijkt mij, want
wat schiet je op met aangeven! Ja, veel tijd ben je kwijt.
Je hebt het wel smakelijk beschreven!
Je hebt het wel smakelijk beschreven!
Tsja, ik ben er nog steeds vrij koel onder, verzekerd had ik 'm
niet, dus naar de politie had eigenlijk ook geen zin... Ik vind
het toch dom van mezelf dat ik 'm niet op m'n kamer gezet heb,
maar soms wil je gewoon vertrouwen kunnen hebben... Het positieve
eraan is dat het de economie laat draaien; Amélie werkt, koopt
een fiets, laat haar fiets stelen, dief verkoopt fiets, eet elke
avond afhaalchinees, Amélie koopt nieuwe fiets, enz. ;-)
Zoë 13-06-2008
23:00
Há! Maar wij hebben gewonnen.
Sneu van je fiets, maar nu kan je een veel betere aanschaffen.
Hahaha, ik geef aanbeveling 13.
Reactie is geredigeerd
Sneu van je fiets, maar nu kan je een veel betere aanschaffen.
Hahaha, ik geef aanbeveling 13.
Reactie is geredigeerd
Ha Zoë, dat is mooi dat wij, of moet ik nu jullie zeggen,
gewonnen hebben, dan blijft het relatief rustig hier... Oei is
die dertiende van jouw? Ik zou even afkloppen, toch maar...
PACO
PAINTER 14-06-2008 08:15
Goed geschreven.Ik wacht nu toch maar even met naar Frankrijk te
gaan (zou ik morgen doen.toch maar even niet)
Maria-Dolores
14-06-2008 08:39
Amelie,
één troost: ik had een nieuwe fiets (toegegeven, gebruikte hem nooit) en heb die aan iemand uitgeleend die hem even nodig had, kwam op hetzelfde neer als die van jou. hoefde niet naar de politie, dat wel weer...
één troost: ik had een nieuwe fiets (toegegeven, gebruikte hem nooit) en heb die aan iemand uitgeleend die hem even nodig had, kwam op hetzelfde neer als die van jou. hoefde niet naar de politie, dat wel weer...
Balen zeg! Je hebt geen geluk met je fietsen in Frankrijk.
Hartelijke groet, Coby
Hartelijke groet, Coby
kuifje
14-06-2008 12:16
MERDE !!!!!!!
pierre-eric 14-06-2008 14:27
Ik zag dat Jean Reno en Gerard Depardieu tijdelijk de politie
versterken (voor filmopnamen, dat weer wel, en vooraleerst aan
een regenachtige cloteazuur... ver weg van boze parijse
voorsteden... dat ook...)
Je mag mijn fiets wel hebben, maar dat is zo'n goedkope franse...
grappig! vaak is er op vrijdag 13 een grote lottotrekking! nu niets van gehoord?!
Je mag mijn fiets wel hebben, maar dat is zo'n goedkope franse...
grappig! vaak is er op vrijdag 13 een grote lottotrekking! nu niets van gehoord?!
pierre-eric 14-06-2008 14:28
ik gaf de achtiende en negentiende aanbeveling! maar de...
dertiende reactie?!
in het blauw, dat wel!
in het blauw, dat wel!
pierre-eric 14-06-2008 14:30
maargoek: inmiddels zaterdag de veertiende... en dit de
vijftiende reactie... (maar mijn derde...)
Marjelle
14-06-2008 14:34
Weer een fiets minder en ook nog vrijdag de dertiende, Amélie! :(
Je hebt echt geen mazzel op fietsengebied!
Misschien een gebakje als troost? :)
Misschien een gebakje als troost? :)
pierre-eric 14-06-2008 14:48
kwam je nog op tijd op je werk? of was het een ander afspraak
(je)? Want dan heb je wel erg korte werkdagen ;)
Literatuuro vk blog 833 14-06-2008 18:26
en dat net na roger! ga je nu nog wel een nieuwe fiets kopen na
zoveel tegenslagen (de derde op rij)?
en ik die je in een vorig logje 'alle mogelijke avonturen' nog toewenste! ik schaam me diep!
sterkte!
maar die fransman heeft natuurlijk gelijk: intergreren is voor de fransen zijn: want dan is het feest hier! (in fr dus)
en ik die je in een vorig logje 'alle mogelijke avonturen' nog toewenste! ik schaam me diep!
sterkte!
maar die fransman heeft natuurlijk gelijk: intergreren is voor de fransen zijn: want dan is het feest hier! (in fr dus)
Geconfronteerd met diefstal -in welke vorm dan ook- komt er
altijd een gevoel van misselijkheid over mij...
En dan ook nog uit het fietsenhok van je eigen flat... daar word ik echt misselijk van!
En dan ook nog uit het fietsenhok van je eigen flat... daar word ik echt misselijk van!
Allen bedankt voor jullie meelevende woorden!!! Misselijkmakend,
dat is wel een goede benaming, Tom, nu kijk ik wel even anders
naar m'n medebewoners, helaas... Ik ga nu inderdaad een derde
fiets kopen, Pierre, ik neem mijn lot graag in eigen handen...
pierre-eric 15-06-2008
08:45
nou je mag je lot ook op mijn fiets in eigen handen nemen hoor...
Ik weet niet. Een fiets jatten, dat gaat er bij mij niet in. Een
fiets is immers een symbool van bepaalde dingen laten (of je dat
doet voor het milieu of voor de financiën, dat maakt niet uit).
Maar van een fiets moet je dus afblijven. Ga een Porsche jatten
of zo, als je dan toch zo nodig moet.
Aan de andere kant. Ik ken geen Porsche-bezitters die schrijven zoals jij, Amelie. Dus alles heeft z'n voor- en z'n nadelen.
Aan de andere kant. Ik ken geen Porsche-bezitters die schrijven zoals jij, Amelie. Dus alles heeft z'n voor- en z'n nadelen.
pierre-erci 15-06-2008
20:54
ik ben lief... (meestal...)
gala 02-09-2008 21:46
deze had ik gemist, prachtig geschreven amélie!
maar een leven zonder fiets is geen leven!
heb je inmiddels een andere?
maar een leven zonder fiets is geen leven!
heb je inmiddels een andere?
Wat je zegt, Gala, daarom heb ik direct een andere gekocht,
precies dezelfde! ;-)
Trouwens Ron, ik heb ook een Porsche, hoor, maar het is hier zo moeilijk parkeren, dat ik de fiets maar neem om ergens naar toe te gaan...anders kom je steeds zo laat thuis.
Trouwens Ron, ik heb ook een Porsche, hoor, maar het is hier zo moeilijk parkeren, dat ik de fiets maar neem om ergens naar toe te gaan...anders kom je steeds zo laat thuis.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).

Soms heb ik
wel eens dat een blogger zo leuk schrijft, dat ik het liefst alles
van diens hand op m’n gemak zou willen lezen. Echter door
alle kruisingen en paden verdwaal ik op een gegeven moment in het
duistere blogbos en ben vervolgens alleen nog op zoek naar de weg
terug. Zij die dit herkennen kunnen


Straf!!!
Reactie is geredigeerd