
Morgen in de Volkskrant, vandaag al op de website:
Het aantal superrijken is vorig jaar door de crisis wereldwijd met bijna een kwart gedaald tot 8,6 miljoen particulieren. Hun gezamenlijke vermogen slonk met bijna een vijfde tot 32.800 miljard dollar. Dat blijkt uit het woensdag gepresenteerde World Wealth Report van de Amerikaanse bank Merrill Lynch en adviesorganisatie Capgemini.
Superrijken kunnen ten minste 30 miljoen dollar besteden. Het aantal ‘gewone’ rijken, met een vrij besteedbaar bedrag van minimaal 1 miljoen dollar, daalde vorig jaar wereldwijd met 14,9 procent. Nederland telde vorig jaar bijna 106.000 miljonairs, ruim 12 procent minder dan in 2007."
Waar komt zo'n definitie toch vandaan? Is er een objectieve, absolute maat die bepaalt wie er superrijk is? Is er een grens waar niet aan getornd mag worden, of wordt zo'n bedrag van 30 miljoen simpelweg gekozen omdat dat een redelijk overzichtelijk groepje superrijken oplevert? In het laatste geval is er eigenlijk niets aan die superrijken veranderd. Tien jaar geleden zal die grens van 30 miljoen ook wel lager hebben gelegen. Het enige dat er uit dit bericht is af te leiden is dat het besteedbaar inkomen van de rijkste groep mensen door de crisis is teruggelopen. Nauwelijks een krantenbericht waard, zou ik zeggen. Dat hadden we zo ook op onze vingers kunnen uittellen. En die daling met een kwart kunnen we gemakkelijk compenseren door die 30 miljoen tot, zeg 25 miljoen, te verlagen.
ron rozen
25-06-2009 09:08
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).
