
Veeltaligheid brengt een bijzondere wijsheid met zich mee en dat is de kracht van Europa
De kop boven deze blog staat in een inleidende tekst bij een uitvoerig artikel van Ger Groot in de NRC H van afgelopen zaterdag: 'Wat veel Nederlandse studenten missen: zelfkennis door studeren in een vreemde taal in een ander Europees land. ... Veeltaligheid brengt een bijzondere wijsheid met zich mee en dat is de kracht van Europa. Wie nooit gedwongen wordt de wereld te bekijken door de bril van een andere taal, zal de beperkingen van zijn visie moeilijker inzien. Waar de taal niet meer vervreemdt, wordt het eigen wereldbeeld het enige natuurlijke. Ga dus elders studeren.'
Ik ben het daar natuurlijk van harte mee eens. Maar ik heb een kanttekening en een aanvulling. De kanttekening is dat het artikel wat betreft studenten voornamelijk gaat over Nederlandse studenten die naar het buitenland (moeten) gaan. Maar de andere kant van het verhaal is dat buitenlandse studenten hier (moeten) komen (en dat doen ze ook!) – en dat heeft soms curieuze gevolgen. Ik schreef daarover zaterdag 18 april 2009 09:51: 'Letterlijk te gek voor woorden: Duitse studenten filosofie moeten hier Kant in het Engels lezen. ... Duitse studenten die aan een Nederlandse universiteit een masteropleiding filosofie volgen, krijgen Kant, Hegel, Schelling, Fichte e tutti quanti in het Engels geserveerd - domweg omdat masteropleidingen in het engels moeten en de docenten alleen nog in hun steenkolen-engels kunnen communiceren.' Daarover lees ik niks bij Ger Groot. Hoe zou hij daarover denken?
Belangrijker dan zijn betoog over in het buitenland studeren vind ik wat hij over zijn persoonlijke studeer-geschiedenis schrijft: 'In 1979, halverwege mijn studie filosofie, ben ik uit Nederland vertrokken naar Parijs. ... ik ben dat altijd als een van de belangrijkste stappen in mijn leven blijven beschouwen. Dat jaar heeft van mij een Europeaan gemaakt, ... vooral omdat ik ontdekte dat er andere talen bestaan waarin je daadwerkelijk leven kunt, en je je daarbij ongemerkt voelt transformeren. ... Als iets zich sinds 1979 in mijn bewustzijn veranderd heeft, dan ligt dat wel in het besef burger te zijn van Europa. Dat zich langzaamaan aaneensluitende werelddeel is een vertrouwd middenveld geworden tussen de gedachtenloze identiteit die ik achter mij liet en de onmetelijkheid van het ‘andere’ dat ik leerde ontdekken. In de eerste ‘besta’ je niet omdat je daarin als vanzelf samenvalt met nationale vanzelfsprekendheden. En in de tweede dreig je teloor te gaan omdat ‘de wereld’ voor een dergelijke ervaring al snel te groot en te breed is.'
Europa ... Een andere auteur, nu veel minder bekend dan Ger Groot, heeft een halve eeuw geleden in deels dezelfde geest als Ger Groot, deels in een ander perspectief over Europa geschreven – Willem Zeylmans van Emmichoven. Ik citeer:
'Voor de verdere ontwikkeling van het Christendom, zoals het hier wordt bedoeld is het van beslissende betekenis of Europa zijn plaats in de wereld niet alleen zal handhaven maar in dat verband zelfs een nieuwe geboorte zal doormaken, een wedergeboorte in de geest van een universeel, spiritueel Christendom. Alleen daardoor zal het zijn betekenis voor de wereld kunnen behouden.'
En citeert Zeylmans de Duitse dichter Novalis (begin 19'de eeuw) “Es waren schöne, glänzende Zeiten, wo Europa ein Christliches Land war, wo eine Christenheit diesen menschlich gestalteten Weltteil bewohnte; ein grosses gemeinschaftliches Interesse verband die entlegensten Provinzen dieses weiten geistlichen Reichs“, en vervolgt: 'De tijden waarover Novalis hier spreekt zijn sinds lang voorbij en zullen in die vorm zeker niet terugkeren. Wij leven in een periode waarin het zelfs moeilijk is aan het woord Europa een reële inhoud te geven. Nog geen vijftig jaar geleden was Europa in ieders voorstelling een werelddeel dat hoewel klein van oppervlakte, een groot deel van de aardbodem beheerste; ondanks alle tegenstellingen was het een eenheid die zowel politiek, als economisch en cultureel aan de wereldgeschiedenis leiding gaf. Wat blijft er over? Een stervend werelddeel met een groots verleden? Of een nieuwe gemeenschap van mensen die weliswaar in een levenscrisis verkeert, maar naar nieuwe bestaansvormen zoekt? Salvador de Madariaga, met zijn grote geloof aan Europa's betekenis, beschrijft de eigenaardige positie waarin het zich tussen oost en west bevindt.' Zeylmans citeert:
“Less spiritual than the Asiatics, the Europeans are more spiritual than the Americans. Less idealistic and theoretical than the Indians, they are less empirical and positive than the Americans. Coming from the West, one is apt to find that Europe is the land of general ideals. Coming from the East, one is apt to think of it as the land of hard facts. It seems as if, set between America where the will prevails over the mind, and India where the mind prevails over the will, the chief European feature might be a balance of will and mind“.
Deze tegenstelling tussen `will' and `mind' komt elders in zijn werk nog sterker tot uitdrukking:
“The mind of the Indian, for instance, is apt to be purely contemplative. The mind of the American is apt to be immediately empirical. The former tends to dwell on general ideas; the latter, to ignore them altogether. The former is above the will, the latter below the will. With the European, the mind is level with the will; indeed often one with it. This explains the active quality of the European mind. It does not just watch the object, leaving it there; it goes at the object and takes possession of it, grasps it. The mind of the European is acquisitive. Knowledge for him is a way of taking possession of nature. It will be seen that it lies mid-way between American knowledge, which is a tool for action, and Indian knowledge which is a way to selfliberation.“ Voor De Madariaga is een van de wezenlijke kenmerken van Europa juist gelegen in de mogelijkheid om door een actief rhythme de tegenstellingen tussen oost en west te verbinden.
Ook Karl Jaspers wijst op de voor de ontwikkeling van Europa kenmerkende polariteit der krachten: “Europa hat zu jeder Position selber die Gegenposition entwickelt. Es ist eigen vielleicht nur dadurch dass es der Möglichkeit nach alles ist.“ Jaspers karakteriseert een aantal van zulke tegenstellingen die voortdurend werkzaam zijn geweest, zoals de onrust der revoluties tegenover grootse allesomvattende ordeningen, het respect voor het persoonlijk eigene, tegenover het bewustzijn van een omvattende totaliteit; voorts een aantal antithesen, zoals Christendom en antieke wereld, kerk en staat, katholicisme en protestantisme, wetenschap en geloof ...'.
Zo staat het in 'De werkelijkheid waarin wij leven – een inleiding tot Rudolf Steiner's antroposofie ...', De Haan, Zeist, 1959.
Opus#3
28-10-2009 12:42
Petra vd
Geest 28-10-2009 12:47
Op de één of andere manier beleef ik Europa als veelkleurig tussen de polen van licht en donker met elk land of volk in een eigen kleur. Je hoeft maar de grens over te gaan en onmiddellijk waan je jezelf in een andere cultuur. Dat zie je aan de architectuur van de huizen, de taal en kleuren op de verkeersborden, de opschriftyen op winkels, de taal die men spreekt en het lied dat men zingt.
Heel anders is dat in de VS. Als je daar een grens overgaat van een staat, verandert er amper iets. De huizen zijn van eenzelfde bouw en kleur, de reclames overal zijn identiek, de taal is steeds dezelfde. Van een Verenigde Staten van Europa spreken, ervaar ik dan altijd als iets onwerkelijks, terwijl ik dat in de VS heel vanzelfsprekend vind.
Het ideaal van een Verenigd Europa heeft daarom nog een lange weg te gaan. Je kan het tussen je oren denken, de realiteit is weerbarstiger, ook al kun je steeds beter communiceren met Franse, Engelsen, Duitsers en zelfs met mensen vanuit het voormailge Oostblok. Ze luisteren overwegend naar dezelfde muziek, dragen dezelfde soort kleding, krijgen hetzelfde wereldnieuws op hetzelfde moment te zien als wij hier, bellen met dezelfde gsm's etc.
Acties van politici om een meer en meer centralistisch Europees bestuur te bewerkstelligen (waarin ze mijns inziens teveel voorbijgaan aan het tempo van de burgers om daarin mee te groeien) krijgen dan ook in mijn ogen terechte weerstand. Desondanks denk ik kosmopolitisch en zijn in principe alle Europeanen me even lief. Ik zeg 'Europeanen' en ik bedoel hiermee niet alleen de optelsom van afzonderlijke Franse, Belgische, Italiaanse, Poolse en al die andere burgers die op weg zijn naar 'vereniging'. Het is een weg van 'lange adem'.
Opus#3
28-10-2009 19:40
Meesterzusje
28-10-2009 21:39
Ja, een titel die begint met 'Echte mannen neuken niet' trekt wel de aandacht, ook de mijne. En over het celibaat kunnen we (= ik, een niet-celibataire vrouw en jij, een man - neem ik aan - die evenmin celibatair is - neem ik voor het gemak even aan, en alle anderen die zich met het onderwerp bezighielden gisteren) vrijelijk speculeren.
Het onderwerp van vandaag zet me aan het denken. Maar ik heb niet de behoefte er direct op te reageren, en ik heb ook niet het idee dat ik er iets bijzonders aan toe te voegen heb.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).


