
21 januari was een heuglijke dag voor de lobby-firma's op K-Street in de VS. Het Amerikaanse Hooggerechtshof deed namelijk uitspraak in de zaak 'Citizens United versus Federal Election Committee' (pdf). De zaak ging over de vraag of de overheid grenzen mag stellen aan hoezeer bedrijven zich mogen uitspreken voor of tegen een kandidaat tijdens verkiezingen. Tot 21 januari waren er namelijk grenzen: een kandidaat mocht alleen donaties ontvangen van particulieren of van 'Political Action Committees' (PACs). PACs pretenderen vaak namens burgers te spreken, maar die worden zelf vaak weer gefinancierd of organisatorisch ondersteund door grote corporaties. PACs mogen ook direct campagne voeren voor of tegen een kandidaat, en worden dus vaak als spreekbuis gebruikt voor het bedrijfsleven: de 'bezorgde burgers' die zich tegen Obama's gezondheidszorg-voorstellen te weer stelden, werden vaak door farmaceutische bedrijven en zorgverzekeraars gefinancierd.
Die omweg is nu dus overbodig geworden: volgens het Hooggerechtshof mogen bedrijven, maar ook vakbonden, voortaan zelf direct advertenties plaatsen en campagne voeren voor of tegen een bepaalde kandidaat of een bepaald voorstel. Dit omdat bedrijven ook 'personen' zijn en als zodanig ook vrijheid van meningsuiting hebben - een beperking daarvan is ongrondwettelijk en moet dus worden afgeschaft. Wat moeten we hier nu van maken? Is dit de doodsteek voor de Amerikaanse democratie?
Lees de rest hier.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).



Dat gebeurt toch alleen in griezelfilms ?