Cuba
Mensenrechten

1968: Den Uyl wil geen Castro-portret in 1 Meistoet (2)
zondag 30 april 2006 20:26 door Kees van Kortenhof
W. Polak, voorzitter van de Federatie Amsterdam van de PvdA
meent dat groepen jongeren als Rode Jeugd, Vondelparkjeugd,
CS-Jeugd een groot deel van de rellen hebben veroorzaakt door zich
in de 1 Mei stoet in te dringen en onder meer Stalin ten tonele te
voeren.
‘Hoe men ook over de jongerengroepen mag denken - als wij ze niet de hand reiken, dan worden zij in het isolement gejaagd- Wij willen het contact met hen niet verliezen zoals in Duitsland bij de SPD gebeurt.’
En - als je Castro aanbid, kun je toch nog wel aan de goede kant staan, meent de heer Polak.

Regtien schreef een boek over Che Guevara
Ton Regtien, studentenleider van de SVB, verwijt de Amsterdamse socialisten dat zij niet massaal zijn gekomen, dan was dit niet gebeurd. FJG-ers en SJ-ers renden zich in de RAI een ongeluk om rookbommen te doven en vechtpartijen te voorkomen. ‘Het probleem van de Rode Jeugd is, dat de mensen niet politiek ageren en politiek zo slecht zijn geďnformeerd. Waarom is het niet tot een debat met hen gekomen?(...)Regtien kan een portret van Castro in een PvdA-demonstratie best accepteren.

1968: De West-Duitse studentenleider Rudi Dutschke tijdens een demostratie
Guus Markman - Socialistische jeugd- zegt: ‘Links is nu duidelijk te voorschijn gekomen, daar zijn we blij mee. Nu wordt door de partijleiding tegen een linkse concentratie geageerd, men is geschrokken.’ Van borden met de kop van Mao en Castro hoef je niet te schrikken, meent Markman, van Stalin wel.’
Bron: Het Vrije Volk, 11 mei 1968
‘Hoe men ook over de jongerengroepen mag denken - als wij ze niet de hand reiken, dan worden zij in het isolement gejaagd- Wij willen het contact met hen niet verliezen zoals in Duitsland bij de SPD gebeurt.’
En - als je Castro aanbid, kun je toch nog wel aan de goede kant staan, meent de heer Polak.

Regtien schreef een boek over Che Guevara
Ton Regtien, studentenleider van de SVB, verwijt de Amsterdamse socialisten dat zij niet massaal zijn gekomen, dan was dit niet gebeurd. FJG-ers en SJ-ers renden zich in de RAI een ongeluk om rookbommen te doven en vechtpartijen te voorkomen. ‘Het probleem van de Rode Jeugd is, dat de mensen niet politiek ageren en politiek zo slecht zijn geďnformeerd. Waarom is het niet tot een debat met hen gekomen?(...)Regtien kan een portret van Castro in een PvdA-demonstratie best accepteren.

1968: De West-Duitse studentenleider Rudi Dutschke tijdens een demostratie
Guus Markman - Socialistische jeugd- zegt: ‘Links is nu duidelijk te voorschijn gekomen, daar zijn we blij mee. Nu wordt door de partijleiding tegen een linkse concentratie geageerd, men is geschrokken.’ Van borden met de kop van Mao en Castro hoef je niet te schrikken, meent Markman, van Stalin wel.’
Bron: Het Vrije Volk, 11 mei 1968
Anno
Zijlstra 30-04-2006 21:06
Het is te hopen dat ze Castro snel wippen, deze laatste rode
dictator van Zuid Amerika.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).

In De
ontdekking van de Hemel(1992) gaan Max Delius en Onno Quist
naar Cuba zoals Mulisch zelf in 1967 Cuba bezocht. Vandaar dat zijn
Cubaanse verleden ook nu nog aan de schrijver kleeft. Mulisch in
een interview: ‘In het algemeen geldt dat je in een rechts
fascistisch land niet geweest hoeft te zijn om te kunnen zeggen hoe
het er is, terwijl je in een links kommunistisch land geweest moet
zijn om te kunnen zeggen hoe het er is.’ (De tekening is
van Joost Veerkamp )
De Zuid
Afrikaanse zangeres Miriam Makeba zei in 2005 tijdens een bezoek
aan Havana: ‘Ik had het geluk dat hij een van mijn
concerten in 1972 bijwoonde, toen ik Cuba voor de eerste maal
bezocht. Ik zong voor president Fidel Castro (…) hij is een
van mijn sterren.’
Ariel
Hidalgo, universitair docent werd in 1980 gearresteerd toen men een
manuscript van hem in beslag nam met de titel Cuba, de marxistische
Staat en de nieuwe Klasse. Hij werd veroordeeld wegen
‘vijandige propaganda’en zat korte tijd in het
Psychiatrisch Ziekenhuis van Havana opgesloten tussen zieken,
geestelijke gestoorden en zware criminelen. ‘Ik was
socialist. Ik geloofde – en ik geloof - in de oorspronkelijke
doelen van de revolutie. Waar ik niet meer geloof is in het
leiderschap van de revolutie.’(…) ‘Veel
gevangenen zaten om veel onschuldiger dingen in de cel. Er zat een
marineofficier Francisco Benites Ferrer bij mij in de cel omdat hij
deze uitspraak van José Martí op een muur gekalkt had:
‘Iedere keer als een mens wordt beperkt in zijn recht om vrij
te denken, lijkt het alsof een van mijn kinderen wordt
gedood’.
'Een
katholiek vervolgen omdat hij katholiek is, een protestant
vervolgen omdat hij protestant is, een vrijmetselaar vervolgen
omdat hij vrijmetselaar is, de rotary vervolgen omdat iemand lid
van rotary is, La Marina (een groot Cubaans ochtendblad) vervolgen
omdat het een rechtse krantis, iemand vervolgen omdat hij links is,
een ander omdat hij radicaal ter linker of ter rechterzijde is, dat
kan ik me niet voorstellen en dat zal de Revolutie nooit doen......
Wij doen wat democratisch is; alle ideeen respecteren. Als iemand
begint met de sluiting van een krant, kan geen krant zich meer
veilig voelen. Als men een mens vervolgt vanwege zijn politieke
opvattingen, kan niemand zich meer veilig voelen.'
De Franse
filosoof en schrijver Sartre bezocht Cuba in 1960 en was verrukt
van de zogeheten ‘directe democratie’ die Fidel en Che
Guevara daar praktiseerden tijdens bijeenkomsten met tienduizenden
Cubanen. Carlos Franqui, toen nog eindredacteur van het blad
Revolución probeerde Sartre uit te leggen dat ‘hier sprake
was van een voorbijgaand fenomeen dat volledig afhankelijk was van
Fidel Castro, dat geen enkele organische of structurele basis
‘bezat maar puur revolutionair theater was, dat in de
dagelijks praktijk niet functioneerde.’
'In naam
van het anti-amerikanisme hebben velen een van de langst- durende
dictaturen gesteund.Die mensen zullen zich straks moeten
verantwoorden; Ignacio Ramonet, hoofdredacteur van Le Monde
Diplomatique, Gerard Depardieu, Daniele Mitterand en Christian
Poncelet, de voorzitter van de Franse senaat. Ik heb ze nog nooit
de repressie horen veroordelen die de tegenstanders van Fidel heeft
getroffen.' De Cubaanse schrijver Jacobo Machover vorig
jaar in L'Expresse

