Damnieuws

Bijna zestig jaar geleden publiceerde de Fransman Pierre Ghestem
een intrigerend boek onder de titel Comment je suis devenu
champion du monde. Hoewel(?) ik inmiddels redelijk vertrouwd
ben met de inhoud ervan, zie ik er bij vakantiereizen altijd
nauwlettend op toe dat Comment je suis devenu champion du
monde, evenals het monumentale boek dat Ghestems opvolger Piet
Roozenburg over het WK 1948 schreef, deel uitmaakt van mijn bagage.
Met een knipoog naar dat boek van Ghestem, dat overigens - naar ik
vrees - door slechts weinig hedendaagse dammers zal zijn gelezen,
hàd ik Waarom ik nooit meer wereldkampioen zal worden als
kop boven het onderhavige artikel kunnen zetten, maar een serieuze
optie was dat natuurlijk niet. Tenslotte zou de lezer eruit kunnen
afleiden dat ik mijzelf nog altijd als een potentiële kandidaat
voor de hoogste titel zag, terwijl daar in werkelijkheid al
jarenlang geen sprake meer van was. Ik bedoel: ik denk dat ik al
vanaf het moment dat ik in de slotpartij van de WK-match tegen
Tsjizjow (Amersfoort, maart 1990) de winst, en daarmee de titel uit
handen gaf, moet hebben geweten dat het nooit meer tot een
herhaling van 1972 en 1973 zou komen. Natuurlijk ben ik het na die
dramatische ontknoping nog wel even blijven proberen (en insiders
weten hoe weinig het scheelde in het WK-toernooi dat datzelfde
najaar in Groningen werd gehouden: met nog twee ronden te gaan, en
bovendien de partijen Clerc-Tsjizjow en Sijbrands-Souleymane Ba op
het programma, gingen Tsjizjow en ik gezamenlijk aan de
leiding…), maar er echt in geloven deed ik toen
waarschijnlijk al niet meer.
Maar nu is het dan helemaal zeker, zij het om een andere, nog veel concretere reden: ik stop ermee. Die beslissing, die ik uiteraard niet zonder slag of stoot genomen heb, is het resultaat van een niet eens zo heel erg moeilijke optelsom. Enerzijds is er namelijk het leeftijdsaspect (ik word over enkele maanden 57), de daarmee gepaard gaande angst voor teruglopende prestaties èn de vrees onvoldoende tijd over te houden voor het schrijven van mijn (dam-technische) autobiografie. Anderzijds is er het deprimerende besef dat er weinig of geen toekomst meer is voor dammers die de opvatting huldigen dat het prachtige spel dat wij van onze voorouders hebben mogen beërven, niet op essentiële punten mag worden gewijzigd, en dat het geen pas geeft een nieuwe damspel-variëteit in het leven te roepen die het ‘echte’ damspel (1885 - 2004?) onvermijdelijk tot zoiets als een dode taal zal reduceren. Niet dat ik denk dat ik de enige ben die er zo over denkt; tenslotte is het nog geen drie jaar geleden dat een enquête uitwees dat de overgrote meerderheid van de - naar ik meen - tweehonderd sterkste Nederlandse dammers niets moest hebben van zaken als ‘plusremises’ of ‘puntenoverwinningen’. Maar in drie jaar tijd kan er veel veranderen. En het is hoe dan ook zonneklaar dat zij die nog altijd bereid zijn om voor het ‘echte’ spel in de bres te springen, niet of onvoldoende vertegenwoordigd zijn in dìe organen waar de beleidsbeslissingen worden genomen.
Ten slotte is er dan nog dat lachwekkende, maar daarom niet minder principiële punt van dopingcontrole-voor-denksporters, een onderwerp waarover Hans Ree - als altijd trouwens - zo mooi heeft geschreven in New in Chess (1999, nr. 7). Ook op dit punt belooft de toekomst weinig goeds voor dammers die er niet voor voelen om zich - letterlijk! (en met excuses aan de fijngevoeligen onder de lezers) - ‘voor lul’ te laten zetten.
Maar misschien kan ik, in plaats van naar nieuwe formuleringen voor dezelfde overwegingen te zoeken, het beste de integrale tekst overnemen van de brief waaraan ik drie weken geleden begon en die ik, om te voorkomen dat ik op sommige punten wat al te hard van stapel zou lopen, pas vijf dagen later voltooide. Die brief, gericht aan Henk Boers, secretaris van de stichting WK Dammen Hardenberg 2007, luidde aldus:
“Beste Henk,
Hierbij deel ik je mede dat ik, na kennis te hebben genomen van de antwoorden op de drie vragen die ik je een week geleden stelde en die antwoorden (waarvoor overigens nogmaals mijn dank) gedurende enige dagen te hebben laten bezinken, besloten heb niet deel te nemen aan het Wereldkampioenschap 2007. Ik zal die beslissing proberen toe te lichten.
In het leven van iedere denksporter dient zich een moment aan waarop hij, hoeveel moeite dit hem ook kost en met hoeveel pijn-in-het-hart dit ook gepaard gaat, er het verstandigst aan doet een punt achter zijn carrière te zetten. Alleen al mijn leeftijd dwingt mij de vraag te stellen of dat moment zo langzamerhand niet ook voor mij is aangebroken, en ik ben geneigd die vraag bevestigend te beantwoorden. Immers: het lijkt mij beter te stoppen op een punt in mijn carrière waarop ik - ofschoon uiteraard niet meer zo gemotiveerd en slagvaardig als in vroeger dagen - qua speelsterkte nog altijd gerespecteerd word door zelfs de allergrootsten van ons tijdsgewricht, in plaats van net zo lang dóór te gaan tot de concurrentie - met recht! - meent dat de “houdbaarheidsdatum” van mijn loopbaan inmiddels is overschreden en mij achter het bord als aangeschoten wild gaat behandelen. Ik noem geen namen, maar te vaak heb ik gezien hoe - figuurlijk gesproken natuurlijk - voormalige reuzen, die in hun glorietijd de meest stoutmoedige concepten bedachten en hun opponenten de stuipen op het lijf joegen, in de nadagen van hun carrière als het ware ineenschrompelden tot kleine, bange mannetjes die zelfs met een puntendeling tegen middelmatige tegenstanders al dik tevreden waren. Dat is geen prettig gezicht, en ik zou ervoor willen passen zelf óók zo te eindigen.
Daar komt in mijn geval nog bij dat ik - hoe onzinnig andere dammers (een enkeling als Sjtsjogoljew uitgezonderd) dit wellicht ook vinden; maar dat is dan eerder hun probleem dan het mijne - een “missie” te volbrengen heb waarvoor de tijd inmiddels aardig begint te dringen: het in boekvorm vastleggen en - vooral - becommentariëren van althans de beste, interessantste of anderszins meest gedenkwaardige van de ruim 2000 partijen (simultaan-, kloksimultaan- en blindpartijen niet eens meegerekend!) die ik in mijn leven gespeeld heb. Dat “megaproject” gaat in het gunstigste geval 10 à 15 jaar vergen, en men hoeft de overlijdensberichten in de dagbladen er maar op na te slaan om te weten dat het allerminst vanzelf spreekt dat een dergelijke tijd-van-leven een mens ook daadwerkelijk vergund is… Voorbereiding, deelname en “herstellen” van het WK 2007 zou algauw een klein jaar van die resterende tijd afknibbelen.
Niettemin - en ik zou je willen verzoeken hiervan nota te nemen! - zou ik de uitnodiging om aan het WK 2007 deel te nemen (en daarmee de uitdaging om mij nog één laatste maal in het avontuur te storten), wel degelijk hebben aangenomen wanneer er niet een drietal wedstrijdvoorwaarden waren geweest die voor mij domweg onacceptabel zijn: de mogelijkheid van “doping”controles, het werken met zogeheten plusremises en het (al dan niet veredelde) “uitvluggeren” van een partij wanneer die na 6 uur spelen nog niet mocht zijn afgelopen.
Van die drie bezwaren is het laatste wellicht niet geheel onoverkomelijk, om de simpele reden dat partijen van langer dan 6 uur slechts bij hoge uitzondering vóórkomen. (Van mijn eigen partijen uit “Zwartsluis 2003” herinner ik mij alleen die tegen Milsjien.) Ik zou mij dus op het standpunt kunnen stellen dat we hier met een bepaling te maken hebben die voornamelijk van theoretisch belang is. Maar daarmee zou ik ongewild wèl instemmen met een in mijn ogen negatieve tendens in de damwereld, te weten de neiging om het eindspel als een minder essentieel, eigenlijk te verwaarlozen onderdeel van een partij te zien. Bovendien: welke noodzaak, of zelfs maar wenselijkheid, kan er in vredesnaam zijn om het zevende en de eventueel daarop volgende speeluren af te schaffen? Bij een toernooi waarbij men twee ronden op een en dezelfde dag afwerkt (zoals in het Bijlmer-toernooi of in het tot dusver laatste, eveneens in de Bijlmer gehouden WK-toernooi), kan ik mij voorstellen dat er op dit punt een bepaalde regeling dient te worden getroffen. Maar bij een “normaal” toernooi, met maximaal één partij per dag, is daar toch geen sprake van? Of zou het dan werkelijk tòch zo zijn dat, zoals een voormalig FMJD-voorzitter mij eens in alle ernst zei, de duur van een dampartij gelimiteerd dient te worden omdat het anders allemaal te lang duurt voor de sponsors en - met name - hun vrouwen? Dat zou natuurlijk te-gek-voor-woorden zijn (in mijn ogen althans), maar kennelijk denkt men daar bij de FMJD anders over.
Maar goed. Met het afschaffen van het zevende speeluur zou ik, zij het met de hierboven geformuleerde kanttekening, desnoods nog wel kunnen leven: de invloed van deze bepaling op het verloop van het toernooi zal vermoedelijk (uiterst) gering zijn. Dit geldt echter nìet voor het werken met plusremises, een andere “verworvenheid” van dat armzalige toernooi dat voor het WK 2005 dóór moest gaan. Ik begrijp - of meen te begrijpen - dat die plusremises in eerste instantie bedoeld zijn om vonnis te wijzen ingeval twee of meer spelers op hetzelfde aantal wedstrijdpunten eindigen. “Vroeger” - wat heet: tot voor zeer kort zelfs - bestond daar een andere, naar mijn overtuiging heel wat geschiktere oplossing voor: als het om een belangrijke klassering ging werd er, in de vorm van een barrage of herkamp, gewoon om gespeeld. (Zoals ook een partij die na 6 uur nog niet beslist was, gewoon werd uitgespeeld.) Dat is misschien wat onbevredigend voor organisatoren die - om het wat oneerbiedig te formuleren - bij de prijsuitreiking zo snel mogelijk van de aangeschafte bekers af willen, maar uit sportief oogpunt is het de enige juiste handelwijze.
De huidige mode om eventuele herkampen (en dus ook het zevende speeluur) rigoureus af te schaffen, doet mij sterk denken aan de toernooien die in de tweede helft van de jaren zestig in (Noord-)Italië werden gehouden, waarbij vaak twee partijen per dag werden gespeeld en waarbij zelfs voor de verdeling van de allerhoogste plaatsen het SB-systeem werd toegepast. (Nog zie en hoor ik wijlen R.C. Keller, die een of twee dagen na aanvang van het WK 1968 in Bolzano arriveerde en Harm en mij vroeg waarom wij bij de opening in vredesnaam niet geprotesteerd hadden tegen de toepassing van het SB-systeem.) In de loop der jaren heeft het FMJD-bestuur aan zowel het één (het toestaan van twee partijen per dag) als het ander (het SB-systeem) de oorlog verklaard, maar helaas lijkt er sinds enige tijd - en dàt onder het mom van “vernieuwing”! - van een regelrechte restauratie sprake.
Hoe dan ook - ik moet er niet aan denken dat straks, wanneer in het WK 2007 twee of meer spelers op de eerste plaats mochten eindigen, de titel zonder verdere strijd zou worden toegewezen aan dìe speler die de meeste “plusjes” achter zijn naam heeft staan. Dat hoeft namelijk helemaal niet de sterkste dammer te zijn; evengoed kan het degene zijn die het handigst heeft weten in te spelen op de nieuwe, verzonnen spelregels die van het damspel een karikatuur maken en die alleen maar afleiden van waar het in het damspel al eeuwenlang werkelijk om gaat: winnen of remise spelen. Een schemergebied van kunstmatig in het leven geroepen “halve winst” of “half verlies” hoort er naar mijn overtuiging domweg niet te zijn, en zal ìk in elk geval nooit erkennen. Dit temeer daar er niet veel voorstellingsvermogen voor nodig is om te begrijpen dat het hanteren van “plusremises” slechts een (voorlaatste?) halte is op de weg naar invoering van de zogeheten “puntenoverwinning” (Delftse Telling enz.), wat in mijn optiek helemaal de barbarij ten top zou zijn: het zou het damspel radicaal en definitief van zijn wortels afsnijden!
Ik zal niet ontkennen dat ik, zoekende naar mogelijkheden om mijn deelname aan het WK 2007 desondanks doorgang te laten vinden, de afgelopen maanden serieus gespeeld heb met de gedachte om dan in vredesnaam maar bij aanvang van het toernooi een schriftelijke verklaring te overleggen waarin ik uitleg dat ik de “plusremise” niet erken en, ingeval van een puntendeling, op voorhand instem met een “minremise”; mijn tegenstanders en ik zouden ons dan in elk geval niet het hoofd hoeven te breken over allerlei onzin die met dammen niets te maken heeft. Maar het behoeft nauwelijks betoog dat ook dàt geen bevredigende oplossing zou zijn. Tenslotte zou ik mijzelf daarmee ernstig benadelen, en dat niet alleen: het zou - voor àlle betrokkenen! - een constante bron van onrust, of op z’n minst discussie of gekrakeel betekenen, en daarmee een smet werpen op het toernooi (en mijn deelname daaraan) nog voordat het goed en wel begonnen is.
Ten slotte het derde obstakel dat mijn deelname aan het WK 2007 in de weg staat: dopingcontroles voor dammers. Het is een onderwerp waar doorgaans lacherig over wordt gedaan, en ik herinner mij nog goed de algemene hilariteit die het veroorzaakte toen, in september 1999 (het was aan de vooravond van het EK-toernooi in Hoogezand), de mogelijkheid van dopingcontroles voor denksporters voor het eerst ter sprake kwam. Maar hoe onzinnig men het ook vond (zelfs toenmalig bondsdirecteur Johan Haijtink noemde het in een interview “pure werkverschaffing”, en voegde daaraan toe: “In principe is het onzin, die controle, want het probleem bestaat gewoon niet”) - de dambond, die overheidsgelden niet in de waagschaal wilde stellen, durfde er géén stelling tegen te nemen, waarna de dopingcontroleurs daadwerkelijk ten tonele verschenen. En tot mijn teleurstelling bleken er - voor zover mij bekend - evenmin spelers te zijn (dammers althans; gelukkig hielden sommige topschakers hun rug wèl recht) die de zinloze en vernederende gang naar het plashokje weigerden te maken.
Maar hoezeer ik er mijzelf ook mee in de vingers moge snijden: ik zal nimmer vóór, tijdens of na afloop van een dampartij in opdracht van de een of andere nitwit van de WADA (of hoe die instituten ook mogen heten) in een potje staan gaan pissen. Misschien vinden sommigen dat dit bewijst dat ik het “te hoog in de bol” heb, maar dat moet dan maar: zonder een minimum aan zelfrespect kan en wil ik niet door het leven. Bovendien weet ik wel zeker dat wanneer men iemand als Keller een dergelijke vraag had voorgelegd, hij categorisch zou hebben geweigerd. Met betrekking tot Henk Smit, mijn andere leermeester, durf ik dezelfde stelling aan. En ik twijfel er al helemaal niet aan dat mijn vader, ware hij dammer geweest en met deze kwestie geconfronteerd, de desbetreffende controleurs op z’n minst verbaal alle hoeken van het podium had laten zien. Hoe zou ik ooit anders kunnen handelen dan in de geest van hen die mij gevormd hebben?
Kortom: organisatoren van damtoernooien waarop - in de woorden van FMJD-voorzitter Hildering (zie diens antwoord op jouw mail van 13 september) - “het dopingreglement van toepassing” is, kunnen zich eigenlijk net zo goed de moeite besparen mij voor hun toernooi uit te nodigen. (Dat ik, zoals ik ook in mijn brief van 11 mei schreef, die uitnodiging op zich - sportief en menselijk gezien - wel degelijk op prijs stel, spreekt voor zich, maar is helaas een heel andere zaak.) Er lijkt immers sprake te zijn van een schier onoplosbaar probleem. Nu is als eventuele “oplossing” voor het gerezen probleem wel de mogelijkheid geopperd (meestal slechts in informele zin, al deinsde KNDB-secretaris Marcel Kosters - zie diens mail van 13 september - er niet voor terug die gedachte ook aan het papier toe te vertrouwen) om het WK 2007 domweg nìet aan te melden bij de bevoegde(?) dopinginstanties, bijvoorbeeld door die aanmelding te “vergeten”. Maar een bevredigende of werkbare oplossing kan dit mijns inziens nooit zijn. Nog afgezien namelijk van het opportunistische en weinig principiële karakter ervan, lijdt het voor mij nauwelijks twijfel dat daar allerlei narigheid van komt: die dopingcontroleurs zijn - hoewel hun “beroep” misschien anders doet vermoeden - óók niet achterlijk; ook zij lezen kranten, met als gevolg dat zij zich binnen de kortste keren bij de receptie van Theater De Voorveghter zullen melden…
Nee - de enige werkelijke oplossing voor dit probleem (dat overigens niet door mìj in de wereld is gebracht) zou bestaan uit een principiële stellingname van het organisatiecomité tegen dat belachelijke en weerzinwekkende fenomeen “dopingcontrole-voor-dammers”. Als men werkelijk de mening is toegedaan (en kennelijk ìs men dat, getuige de vorige alinea) dat het hier om een zinloze actie gaat die evengoed achterwege kan blijven, dan zou het zowel de bestuurders van de KNDB als de organisatoren van het WK 2007 sieren wanneer zij die mening ook in woord en daad tot uitdrukking zouden brengen door de dopingcontroleurs te laten weten dat deze in Hardenberg niet welkom zijn (behalve natuurlijk als, liefst betalend, toeschouwer). Het organisatiecomité hééft mij echter al in een eerdere brief laten weten dat het zich, waar het de reglementen betreft, conformeert aan de richtlijnen van de FMJD. Op zich heb ik daar best begrip voor: formeel bezien, en onder ‘normale’ omstandigheden (ik denk bijvoorbeeld aan de tijd dat de FMJD onder voorzitterschap van oud-wereldkampioen Roozenburg stond), lijkt het mij zelfs het enige juiste standpunt. Maar ik zou mij óók kunnen voorstellen dat men, zodra er door de top van de FMJD beslissingen worden genomen die evident strijdig zijn met de belangen van het spel en de spelers, als lid van het organisatiecomité naar zijn eigen stem en geweten luistert en dienovereenkomstig handelt, alles met de bedoeling een zo mooi mogelijk WK-toernooi van de grond te krijgen. Tegelijkertijd echter ben ik realistisch genoeg om te beseffen dat een dergelijke “autonome” opstelling van de leden van het organisatiecomité wel erg veel gevraagd is; de - schriftelijke zowel als mondelinge - contacten die er tot dusver over deze beide reglementenkwesties zijn geweest, laten mij weinig of geen hoop.
Ziedaar dus de redenen waarom ik, tenzij er een wonder gebeurt (maar dat zal dan van jullie kant moeten komen), nìet aan het WK 2007 zal deelnemen. Nogmaals: mocht het organisatiecomité besluiten niet langer vast te houden aan de directieven van de FMJD en een eigen koers te varen waar het de “plusremises” en de dopingcontroles betreft, dan zou ik mij, in weerwil van de overpeinzingen uit de tweede en derde alinea van deze brief, alsnog vol overgave op de voorbereiding storten van wat in dat geval mijn laatste WK-toernooi zou worden. Maar ik voel aan alles dat de kans op een dergelijk wonder uiterst gering is, om niet te zeggen nihil. Ik vrees dan ook dat het hoofdstuk “WK 2007” hiermee voor mij is afgesloten. Dat zou dan tevens inhouden (maar die constatering is vooral bedoeld om voor mijzelf duidelijkheid omtrent de verdere invulling van mijn leven te krijgen) dat mijn damcarrière ten einde is, dat mijn optreden in het WK 2003 en het Bijlmer-toernooi van datzelfde jaar géén vervolg meer krijgt en dat ik mij - géén straf, overigens - aan het schrijven van mijn “memoires” kan gaan wijden.
Met vriendelijke groet,
Ton Sijbrands”
In de tweede alinea van dit artikel had ik het over het “deprimerende besef” dat er vrijwel geen toekomst meer is voor dammers met opvattingen zoals ik die huldig. Wie meent dat ik de situatie te pessimistisch beoordeel, zou ik het antwoord willen voorleggen dat ik op bovenstaande brief kreeg. Dat bestond namelijk, als we in- en uitleiding even niet meerekenen, uit een mantra van welgeteld drie zinnen, te weten:
1) “Het Dagelijks Bestuur van de stichting WK Dammen Hardenberg 2007 deelt jou hierbij mee dat wij ons conformeren aan de reglementen die opgesteld zijn door de FMJD”;
2) “Het WK Dammen Hardenberg 2007 vindt immers plaats onder auspiciën van de FMJD”;
en
3) “De FMJD heeft het WK Dammen 2007 op voordracht van de KNDB in november 2005 officieel aan Hardenberg toegewezen.”
En daar bleef het bij: op geen van de punten die ik in mijn brief had aangesneden, werd inhoudelijk gereageerd! Misschien was dat ook teveel gevraagd. Maar als zelfs zij die mij, getuige de keuzeplaats die mij in hun toernooi was aangeboden, in principe toch goed gezind zijn, zich zo verschrikkelijk doof houden voor mijn argumenten - wat zou ik (en voor eventuele 'geestverwanten' geldt natuurlijk hetzelfde) dan in vredesnaam nog te verwachten hebben van instanties waarmee géén vriendschappelijke banden worden onderhouden?
Tot slot dit. In mijn brief aan Henk Boers refereerde ik aan een paar mensen die mij, op welke wijze dan ook, “gevormd” hebben en die, ook al zijn zij al lang geleden gestorven, mijn denken en handelen nog altijd beïnvloeden. Ook Pierre Ghestem, de Fransman met wie dit artikel opende, is niet meer onder ons: hij overleed in maart 2000. In zekere zin is Ghestem zelfs nooit ‘onder ons’ geweest, want na een bliksemcarrière die hem twee achtereenvolgende wereldtitels bracht (in matches met Raichenbach en Keller liet hij geen spaan van zijn tegenstanders heel), trok hij zich in 1948 uit de damwereld terug, om zich vervolgens op de bridgesport te storten. Er zullen dus niet veel hedendaagse (Nederlandse) dammers zijn die Ghestem ooit ontmoet hebben.
Zelf heb ik de ‘aartsvader van het klassieke spel’, zoals zijn bijnaam luidde, ook maar sporadisch mogen meemaken. Ik geloof dat ik Ghestem tweemaal - met tussenpozen overigens van ongeveer twintig jaar! - in het Scheveningse Kurhaus ben wezen opzoeken toen hij daar aan een bridgetoernooi deelnam, met toenmalig Parool-journalist Jan Wielaard ben ik ooit (1988) naar Lille afgereisd om hem te interviewen, en bij een simultaan in Noord-Frankrijk kwam Ghestem wel eens kijken. Misschien - maar waarom zouden we dat ook van onze medemens verlangen? - was niet alles aan deze man even verheffend; in sommige opzichten deed hij mij althans aan Bep van Mokum denken (zij het zonder diens cognacglas ter grootte van een vissekom). Maar wàt een karakter! Geen denken aan dat die zich na een partij gedwee naar de dopingcontrole zou hebben laten dirigeren.
Toen ik onlangs wat zat te googlen, stuitte ik op een site waarop Ghestems lof gezongen werd als bedenker van een bepaald biedsysteem. Ik wist wel dat Ghestem het ook bij bridge tot wereldkampioen had geschopt, maar dat hij er in twee takken van (denk)sport in geslaagd was zijn naam blijvend aan een speelwijze te verbinden, was eigenlijk nooit echt tot mij doorgedrongen. De ontdekking vervulde mij op een vreemde manier met trots, en het scheelde niet veel (eigenlijk niets) of de tranen waren mij in de ogen gesprongen.
Misschien moest ik, bij leven en welzijn, óók dat boek over Ghestem maar eens schrijven!
Maar nu is het dan helemaal zeker, zij het om een andere, nog veel concretere reden: ik stop ermee. Die beslissing, die ik uiteraard niet zonder slag of stoot genomen heb, is het resultaat van een niet eens zo heel erg moeilijke optelsom. Enerzijds is er namelijk het leeftijdsaspect (ik word over enkele maanden 57), de daarmee gepaard gaande angst voor teruglopende prestaties èn de vrees onvoldoende tijd over te houden voor het schrijven van mijn (dam-technische) autobiografie. Anderzijds is er het deprimerende besef dat er weinig of geen toekomst meer is voor dammers die de opvatting huldigen dat het prachtige spel dat wij van onze voorouders hebben mogen beërven, niet op essentiële punten mag worden gewijzigd, en dat het geen pas geeft een nieuwe damspel-variëteit in het leven te roepen die het ‘echte’ damspel (1885 - 2004?) onvermijdelijk tot zoiets als een dode taal zal reduceren. Niet dat ik denk dat ik de enige ben die er zo over denkt; tenslotte is het nog geen drie jaar geleden dat een enquête uitwees dat de overgrote meerderheid van de - naar ik meen - tweehonderd sterkste Nederlandse dammers niets moest hebben van zaken als ‘plusremises’ of ‘puntenoverwinningen’. Maar in drie jaar tijd kan er veel veranderen. En het is hoe dan ook zonneklaar dat zij die nog altijd bereid zijn om voor het ‘echte’ spel in de bres te springen, niet of onvoldoende vertegenwoordigd zijn in dìe organen waar de beleidsbeslissingen worden genomen.
Ten slotte is er dan nog dat lachwekkende, maar daarom niet minder principiële punt van dopingcontrole-voor-denksporters, een onderwerp waarover Hans Ree - als altijd trouwens - zo mooi heeft geschreven in New in Chess (1999, nr. 7). Ook op dit punt belooft de toekomst weinig goeds voor dammers die er niet voor voelen om zich - letterlijk! (en met excuses aan de fijngevoeligen onder de lezers) - ‘voor lul’ te laten zetten.
Maar misschien kan ik, in plaats van naar nieuwe formuleringen voor dezelfde overwegingen te zoeken, het beste de integrale tekst overnemen van de brief waaraan ik drie weken geleden begon en die ik, om te voorkomen dat ik op sommige punten wat al te hard van stapel zou lopen, pas vijf dagen later voltooide. Die brief, gericht aan Henk Boers, secretaris van de stichting WK Dammen Hardenberg 2007, luidde aldus:
“Beste Henk,
Hierbij deel ik je mede dat ik, na kennis te hebben genomen van de antwoorden op de drie vragen die ik je een week geleden stelde en die antwoorden (waarvoor overigens nogmaals mijn dank) gedurende enige dagen te hebben laten bezinken, besloten heb niet deel te nemen aan het Wereldkampioenschap 2007. Ik zal die beslissing proberen toe te lichten.
In het leven van iedere denksporter dient zich een moment aan waarop hij, hoeveel moeite dit hem ook kost en met hoeveel pijn-in-het-hart dit ook gepaard gaat, er het verstandigst aan doet een punt achter zijn carrière te zetten. Alleen al mijn leeftijd dwingt mij de vraag te stellen of dat moment zo langzamerhand niet ook voor mij is aangebroken, en ik ben geneigd die vraag bevestigend te beantwoorden. Immers: het lijkt mij beter te stoppen op een punt in mijn carrière waarop ik - ofschoon uiteraard niet meer zo gemotiveerd en slagvaardig als in vroeger dagen - qua speelsterkte nog altijd gerespecteerd word door zelfs de allergrootsten van ons tijdsgewricht, in plaats van net zo lang dóór te gaan tot de concurrentie - met recht! - meent dat de “houdbaarheidsdatum” van mijn loopbaan inmiddels is overschreden en mij achter het bord als aangeschoten wild gaat behandelen. Ik noem geen namen, maar te vaak heb ik gezien hoe - figuurlijk gesproken natuurlijk - voormalige reuzen, die in hun glorietijd de meest stoutmoedige concepten bedachten en hun opponenten de stuipen op het lijf joegen, in de nadagen van hun carrière als het ware ineenschrompelden tot kleine, bange mannetjes die zelfs met een puntendeling tegen middelmatige tegenstanders al dik tevreden waren. Dat is geen prettig gezicht, en ik zou ervoor willen passen zelf óók zo te eindigen.
Daar komt in mijn geval nog bij dat ik - hoe onzinnig andere dammers (een enkeling als Sjtsjogoljew uitgezonderd) dit wellicht ook vinden; maar dat is dan eerder hun probleem dan het mijne - een “missie” te volbrengen heb waarvoor de tijd inmiddels aardig begint te dringen: het in boekvorm vastleggen en - vooral - becommentariëren van althans de beste, interessantste of anderszins meest gedenkwaardige van de ruim 2000 partijen (simultaan-, kloksimultaan- en blindpartijen niet eens meegerekend!) die ik in mijn leven gespeeld heb. Dat “megaproject” gaat in het gunstigste geval 10 à 15 jaar vergen, en men hoeft de overlijdensberichten in de dagbladen er maar op na te slaan om te weten dat het allerminst vanzelf spreekt dat een dergelijke tijd-van-leven een mens ook daadwerkelijk vergund is… Voorbereiding, deelname en “herstellen” van het WK 2007 zou algauw een klein jaar van die resterende tijd afknibbelen.
Niettemin - en ik zou je willen verzoeken hiervan nota te nemen! - zou ik de uitnodiging om aan het WK 2007 deel te nemen (en daarmee de uitdaging om mij nog één laatste maal in het avontuur te storten), wel degelijk hebben aangenomen wanneer er niet een drietal wedstrijdvoorwaarden waren geweest die voor mij domweg onacceptabel zijn: de mogelijkheid van “doping”controles, het werken met zogeheten plusremises en het (al dan niet veredelde) “uitvluggeren” van een partij wanneer die na 6 uur spelen nog niet mocht zijn afgelopen.
Van die drie bezwaren is het laatste wellicht niet geheel onoverkomelijk, om de simpele reden dat partijen van langer dan 6 uur slechts bij hoge uitzondering vóórkomen. (Van mijn eigen partijen uit “Zwartsluis 2003” herinner ik mij alleen die tegen Milsjien.) Ik zou mij dus op het standpunt kunnen stellen dat we hier met een bepaling te maken hebben die voornamelijk van theoretisch belang is. Maar daarmee zou ik ongewild wèl instemmen met een in mijn ogen negatieve tendens in de damwereld, te weten de neiging om het eindspel als een minder essentieel, eigenlijk te verwaarlozen onderdeel van een partij te zien. Bovendien: welke noodzaak, of zelfs maar wenselijkheid, kan er in vredesnaam zijn om het zevende en de eventueel daarop volgende speeluren af te schaffen? Bij een toernooi waarbij men twee ronden op een en dezelfde dag afwerkt (zoals in het Bijlmer-toernooi of in het tot dusver laatste, eveneens in de Bijlmer gehouden WK-toernooi), kan ik mij voorstellen dat er op dit punt een bepaalde regeling dient te worden getroffen. Maar bij een “normaal” toernooi, met maximaal één partij per dag, is daar toch geen sprake van? Of zou het dan werkelijk tòch zo zijn dat, zoals een voormalig FMJD-voorzitter mij eens in alle ernst zei, de duur van een dampartij gelimiteerd dient te worden omdat het anders allemaal te lang duurt voor de sponsors en - met name - hun vrouwen? Dat zou natuurlijk te-gek-voor-woorden zijn (in mijn ogen althans), maar kennelijk denkt men daar bij de FMJD anders over.
Maar goed. Met het afschaffen van het zevende speeluur zou ik, zij het met de hierboven geformuleerde kanttekening, desnoods nog wel kunnen leven: de invloed van deze bepaling op het verloop van het toernooi zal vermoedelijk (uiterst) gering zijn. Dit geldt echter nìet voor het werken met plusremises, een andere “verworvenheid” van dat armzalige toernooi dat voor het WK 2005 dóór moest gaan. Ik begrijp - of meen te begrijpen - dat die plusremises in eerste instantie bedoeld zijn om vonnis te wijzen ingeval twee of meer spelers op hetzelfde aantal wedstrijdpunten eindigen. “Vroeger” - wat heet: tot voor zeer kort zelfs - bestond daar een andere, naar mijn overtuiging heel wat geschiktere oplossing voor: als het om een belangrijke klassering ging werd er, in de vorm van een barrage of herkamp, gewoon om gespeeld. (Zoals ook een partij die na 6 uur nog niet beslist was, gewoon werd uitgespeeld.) Dat is misschien wat onbevredigend voor organisatoren die - om het wat oneerbiedig te formuleren - bij de prijsuitreiking zo snel mogelijk van de aangeschafte bekers af willen, maar uit sportief oogpunt is het de enige juiste handelwijze.
De huidige mode om eventuele herkampen (en dus ook het zevende speeluur) rigoureus af te schaffen, doet mij sterk denken aan de toernooien die in de tweede helft van de jaren zestig in (Noord-)Italië werden gehouden, waarbij vaak twee partijen per dag werden gespeeld en waarbij zelfs voor de verdeling van de allerhoogste plaatsen het SB-systeem werd toegepast. (Nog zie en hoor ik wijlen R.C. Keller, die een of twee dagen na aanvang van het WK 1968 in Bolzano arriveerde en Harm en mij vroeg waarom wij bij de opening in vredesnaam niet geprotesteerd hadden tegen de toepassing van het SB-systeem.) In de loop der jaren heeft het FMJD-bestuur aan zowel het één (het toestaan van twee partijen per dag) als het ander (het SB-systeem) de oorlog verklaard, maar helaas lijkt er sinds enige tijd - en dàt onder het mom van “vernieuwing”! - van een regelrechte restauratie sprake.
Hoe dan ook - ik moet er niet aan denken dat straks, wanneer in het WK 2007 twee of meer spelers op de eerste plaats mochten eindigen, de titel zonder verdere strijd zou worden toegewezen aan dìe speler die de meeste “plusjes” achter zijn naam heeft staan. Dat hoeft namelijk helemaal niet de sterkste dammer te zijn; evengoed kan het degene zijn die het handigst heeft weten in te spelen op de nieuwe, verzonnen spelregels die van het damspel een karikatuur maken en die alleen maar afleiden van waar het in het damspel al eeuwenlang werkelijk om gaat: winnen of remise spelen. Een schemergebied van kunstmatig in het leven geroepen “halve winst” of “half verlies” hoort er naar mijn overtuiging domweg niet te zijn, en zal ìk in elk geval nooit erkennen. Dit temeer daar er niet veel voorstellingsvermogen voor nodig is om te begrijpen dat het hanteren van “plusremises” slechts een (voorlaatste?) halte is op de weg naar invoering van de zogeheten “puntenoverwinning” (Delftse Telling enz.), wat in mijn optiek helemaal de barbarij ten top zou zijn: het zou het damspel radicaal en definitief van zijn wortels afsnijden!
Ik zal niet ontkennen dat ik, zoekende naar mogelijkheden om mijn deelname aan het WK 2007 desondanks doorgang te laten vinden, de afgelopen maanden serieus gespeeld heb met de gedachte om dan in vredesnaam maar bij aanvang van het toernooi een schriftelijke verklaring te overleggen waarin ik uitleg dat ik de “plusremise” niet erken en, ingeval van een puntendeling, op voorhand instem met een “minremise”; mijn tegenstanders en ik zouden ons dan in elk geval niet het hoofd hoeven te breken over allerlei onzin die met dammen niets te maken heeft. Maar het behoeft nauwelijks betoog dat ook dàt geen bevredigende oplossing zou zijn. Tenslotte zou ik mijzelf daarmee ernstig benadelen, en dat niet alleen: het zou - voor àlle betrokkenen! - een constante bron van onrust, of op z’n minst discussie of gekrakeel betekenen, en daarmee een smet werpen op het toernooi (en mijn deelname daaraan) nog voordat het goed en wel begonnen is.
Ten slotte het derde obstakel dat mijn deelname aan het WK 2007 in de weg staat: dopingcontroles voor dammers. Het is een onderwerp waar doorgaans lacherig over wordt gedaan, en ik herinner mij nog goed de algemene hilariteit die het veroorzaakte toen, in september 1999 (het was aan de vooravond van het EK-toernooi in Hoogezand), de mogelijkheid van dopingcontroles voor denksporters voor het eerst ter sprake kwam. Maar hoe onzinnig men het ook vond (zelfs toenmalig bondsdirecteur Johan Haijtink noemde het in een interview “pure werkverschaffing”, en voegde daaraan toe: “In principe is het onzin, die controle, want het probleem bestaat gewoon niet”) - de dambond, die overheidsgelden niet in de waagschaal wilde stellen, durfde er géén stelling tegen te nemen, waarna de dopingcontroleurs daadwerkelijk ten tonele verschenen. En tot mijn teleurstelling bleken er - voor zover mij bekend - evenmin spelers te zijn (dammers althans; gelukkig hielden sommige topschakers hun rug wèl recht) die de zinloze en vernederende gang naar het plashokje weigerden te maken.
Maar hoezeer ik er mijzelf ook mee in de vingers moge snijden: ik zal nimmer vóór, tijdens of na afloop van een dampartij in opdracht van de een of andere nitwit van de WADA (of hoe die instituten ook mogen heten) in een potje staan gaan pissen. Misschien vinden sommigen dat dit bewijst dat ik het “te hoog in de bol” heb, maar dat moet dan maar: zonder een minimum aan zelfrespect kan en wil ik niet door het leven. Bovendien weet ik wel zeker dat wanneer men iemand als Keller een dergelijke vraag had voorgelegd, hij categorisch zou hebben geweigerd. Met betrekking tot Henk Smit, mijn andere leermeester, durf ik dezelfde stelling aan. En ik twijfel er al helemaal niet aan dat mijn vader, ware hij dammer geweest en met deze kwestie geconfronteerd, de desbetreffende controleurs op z’n minst verbaal alle hoeken van het podium had laten zien. Hoe zou ik ooit anders kunnen handelen dan in de geest van hen die mij gevormd hebben?
Kortom: organisatoren van damtoernooien waarop - in de woorden van FMJD-voorzitter Hildering (zie diens antwoord op jouw mail van 13 september) - “het dopingreglement van toepassing” is, kunnen zich eigenlijk net zo goed de moeite besparen mij voor hun toernooi uit te nodigen. (Dat ik, zoals ik ook in mijn brief van 11 mei schreef, die uitnodiging op zich - sportief en menselijk gezien - wel degelijk op prijs stel, spreekt voor zich, maar is helaas een heel andere zaak.) Er lijkt immers sprake te zijn van een schier onoplosbaar probleem. Nu is als eventuele “oplossing” voor het gerezen probleem wel de mogelijkheid geopperd (meestal slechts in informele zin, al deinsde KNDB-secretaris Marcel Kosters - zie diens mail van 13 september - er niet voor terug die gedachte ook aan het papier toe te vertrouwen) om het WK 2007 domweg nìet aan te melden bij de bevoegde(?) dopinginstanties, bijvoorbeeld door die aanmelding te “vergeten”. Maar een bevredigende of werkbare oplossing kan dit mijns inziens nooit zijn. Nog afgezien namelijk van het opportunistische en weinig principiële karakter ervan, lijdt het voor mij nauwelijks twijfel dat daar allerlei narigheid van komt: die dopingcontroleurs zijn - hoewel hun “beroep” misschien anders doet vermoeden - óók niet achterlijk; ook zij lezen kranten, met als gevolg dat zij zich binnen de kortste keren bij de receptie van Theater De Voorveghter zullen melden…
Nee - de enige werkelijke oplossing voor dit probleem (dat overigens niet door mìj in de wereld is gebracht) zou bestaan uit een principiële stellingname van het organisatiecomité tegen dat belachelijke en weerzinwekkende fenomeen “dopingcontrole-voor-dammers”. Als men werkelijk de mening is toegedaan (en kennelijk ìs men dat, getuige de vorige alinea) dat het hier om een zinloze actie gaat die evengoed achterwege kan blijven, dan zou het zowel de bestuurders van de KNDB als de organisatoren van het WK 2007 sieren wanneer zij die mening ook in woord en daad tot uitdrukking zouden brengen door de dopingcontroleurs te laten weten dat deze in Hardenberg niet welkom zijn (behalve natuurlijk als, liefst betalend, toeschouwer). Het organisatiecomité hééft mij echter al in een eerdere brief laten weten dat het zich, waar het de reglementen betreft, conformeert aan de richtlijnen van de FMJD. Op zich heb ik daar best begrip voor: formeel bezien, en onder ‘normale’ omstandigheden (ik denk bijvoorbeeld aan de tijd dat de FMJD onder voorzitterschap van oud-wereldkampioen Roozenburg stond), lijkt het mij zelfs het enige juiste standpunt. Maar ik zou mij óók kunnen voorstellen dat men, zodra er door de top van de FMJD beslissingen worden genomen die evident strijdig zijn met de belangen van het spel en de spelers, als lid van het organisatiecomité naar zijn eigen stem en geweten luistert en dienovereenkomstig handelt, alles met de bedoeling een zo mooi mogelijk WK-toernooi van de grond te krijgen. Tegelijkertijd echter ben ik realistisch genoeg om te beseffen dat een dergelijke “autonome” opstelling van de leden van het organisatiecomité wel erg veel gevraagd is; de - schriftelijke zowel als mondelinge - contacten die er tot dusver over deze beide reglementenkwesties zijn geweest, laten mij weinig of geen hoop.
Ziedaar dus de redenen waarom ik, tenzij er een wonder gebeurt (maar dat zal dan van jullie kant moeten komen), nìet aan het WK 2007 zal deelnemen. Nogmaals: mocht het organisatiecomité besluiten niet langer vast te houden aan de directieven van de FMJD en een eigen koers te varen waar het de “plusremises” en de dopingcontroles betreft, dan zou ik mij, in weerwil van de overpeinzingen uit de tweede en derde alinea van deze brief, alsnog vol overgave op de voorbereiding storten van wat in dat geval mijn laatste WK-toernooi zou worden. Maar ik voel aan alles dat de kans op een dergelijk wonder uiterst gering is, om niet te zeggen nihil. Ik vrees dan ook dat het hoofdstuk “WK 2007” hiermee voor mij is afgesloten. Dat zou dan tevens inhouden (maar die constatering is vooral bedoeld om voor mijzelf duidelijkheid omtrent de verdere invulling van mijn leven te krijgen) dat mijn damcarrière ten einde is, dat mijn optreden in het WK 2003 en het Bijlmer-toernooi van datzelfde jaar géén vervolg meer krijgt en dat ik mij - géén straf, overigens - aan het schrijven van mijn “memoires” kan gaan wijden.
Met vriendelijke groet,
Ton Sijbrands”
In de tweede alinea van dit artikel had ik het over het “deprimerende besef” dat er vrijwel geen toekomst meer is voor dammers met opvattingen zoals ik die huldig. Wie meent dat ik de situatie te pessimistisch beoordeel, zou ik het antwoord willen voorleggen dat ik op bovenstaande brief kreeg. Dat bestond namelijk, als we in- en uitleiding even niet meerekenen, uit een mantra van welgeteld drie zinnen, te weten:
1) “Het Dagelijks Bestuur van de stichting WK Dammen Hardenberg 2007 deelt jou hierbij mee dat wij ons conformeren aan de reglementen die opgesteld zijn door de FMJD”;
2) “Het WK Dammen Hardenberg 2007 vindt immers plaats onder auspiciën van de FMJD”;
en
3) “De FMJD heeft het WK Dammen 2007 op voordracht van de KNDB in november 2005 officieel aan Hardenberg toegewezen.”
En daar bleef het bij: op geen van de punten die ik in mijn brief had aangesneden, werd inhoudelijk gereageerd! Misschien was dat ook teveel gevraagd. Maar als zelfs zij die mij, getuige de keuzeplaats die mij in hun toernooi was aangeboden, in principe toch goed gezind zijn, zich zo verschrikkelijk doof houden voor mijn argumenten - wat zou ik (en voor eventuele 'geestverwanten' geldt natuurlijk hetzelfde) dan in vredesnaam nog te verwachten hebben van instanties waarmee géén vriendschappelijke banden worden onderhouden?
Tot slot dit. In mijn brief aan Henk Boers refereerde ik aan een paar mensen die mij, op welke wijze dan ook, “gevormd” hebben en die, ook al zijn zij al lang geleden gestorven, mijn denken en handelen nog altijd beïnvloeden. Ook Pierre Ghestem, de Fransman met wie dit artikel opende, is niet meer onder ons: hij overleed in maart 2000. In zekere zin is Ghestem zelfs nooit ‘onder ons’ geweest, want na een bliksemcarrière die hem twee achtereenvolgende wereldtitels bracht (in matches met Raichenbach en Keller liet hij geen spaan van zijn tegenstanders heel), trok hij zich in 1948 uit de damwereld terug, om zich vervolgens op de bridgesport te storten. Er zullen dus niet veel hedendaagse (Nederlandse) dammers zijn die Ghestem ooit ontmoet hebben.
Zelf heb ik de ‘aartsvader van het klassieke spel’, zoals zijn bijnaam luidde, ook maar sporadisch mogen meemaken. Ik geloof dat ik Ghestem tweemaal - met tussenpozen overigens van ongeveer twintig jaar! - in het Scheveningse Kurhaus ben wezen opzoeken toen hij daar aan een bridgetoernooi deelnam, met toenmalig Parool-journalist Jan Wielaard ben ik ooit (1988) naar Lille afgereisd om hem te interviewen, en bij een simultaan in Noord-Frankrijk kwam Ghestem wel eens kijken. Misschien - maar waarom zouden we dat ook van onze medemens verlangen? - was niet alles aan deze man even verheffend; in sommige opzichten deed hij mij althans aan Bep van Mokum denken (zij het zonder diens cognacglas ter grootte van een vissekom). Maar wàt een karakter! Geen denken aan dat die zich na een partij gedwee naar de dopingcontrole zou hebben laten dirigeren.
Toen ik onlangs wat zat te googlen, stuitte ik op een site waarop Ghestems lof gezongen werd als bedenker van een bepaald biedsysteem. Ik wist wel dat Ghestem het ook bij bridge tot wereldkampioen had geschopt, maar dat hij er in twee takken van (denk)sport in geslaagd was zijn naam blijvend aan een speelwijze te verbinden, was eigenlijk nooit echt tot mij doorgedrongen. De ontdekking vervulde mij op een vreemde manier met trots, en het scheelde niet veel (eigenlijk niets) of de tranen waren mij in de ogen gesprongen.
Misschien moest ik, bij leven en welzijn, óók dat boek over Ghestem maar eens schrijven!
TrapArecev 09-10-2006
10:10
:-(
Jan
Weerheijm 09-10-2006 10:42
Ton,
mijn zus belde mij op, ze had het schokkende nieuws via de radio gehoord.
Geweldige tekst, ik ben het er voor 100% mee eens!
Groeten van Jan Weerheijm
mijn zus belde mij op, ze had het schokkende nieuws via de radio gehoord.
Geweldige tekst, ik ben het er voor 100% mee eens!
Groeten van Jan Weerheijm
P.A.
Goossens 09-10-2006 10:59
Ton, erg jammer dat je op deze manier afscheid van
denksport-minnend Nederland (en wereld) moet nemen.
Succes met je volgende klus. Weet ik alvast een verjaardagscadeau voor mijn 55e of 60e verjaardag. (in 2022 of 2027)
Succes met je volgende klus. Weet ik alvast een verjaardagscadeau voor mijn 55e of 60e verjaardag. (in 2022 of 2027)
Jan de
Zeeuw 09-10-2006 11:11
Ton, je artikel ontroert me en ik begrijp je volledig. Ik ben een
schaker, geen dammer. Maar ik lees altijd vol onbegrip jouw
analyses in De Volkskrant. Met alle repect voor Gert Ligterink,
het verschil in kwaliteit is overduidelijk. Heel soms heb ik het
om die betreurd geen dammer te zijn, een spel zoveel moeilijker
dan schaken (ik heb het kort geprobeerd).
Ik heb je carriere steeds gevolgd, voor zover mogelijk (ik ben iets jonger dan jij). Ik was piepjong toen jij wereldkampioen werd, maar wat was ik trots! Dank je wel.
Schrijf je dat boek over Ghestem nog? Ik hoop het, ik ben de eerste die het koopt.
Ik heb je carriere steeds gevolgd, voor zover mogelijk (ik ben iets jonger dan jij). Ik was piepjong toen jij wereldkampioen werd, maar wat was ik trots! Dank je wel.
Schrijf je dat boek over Ghestem nog? Ik hoop het, ik ben de eerste die het koopt.
Mark
Thiele 09-10-2006 11:29
Hoi Ton,
Ikzelf ben ook denksporter, zei het schaken en bridgen. Ik ben destijds wel in zwartsluis wezen kijken samen met cees varkevisser.
Ik ben het roerend met je eens, het draait zoals bijna altijd, alleen maar om geld.
Gelukkig zijn er nog wel mensen met principes, veel succes met het schrijven van je boek(en).
Groeten,
Mark Thiele
Ikzelf ben ook denksporter, zei het schaken en bridgen. Ik ben destijds wel in zwartsluis wezen kijken samen met cees varkevisser.
Ik ben het roerend met je eens, het draait zoals bijna altijd, alleen maar om geld.
Gelukkig zijn er nog wel mensen met principes, veel succes met het schrijven van je boek(en).
Groeten,
Mark Thiele
Meneer Sijbrands(Ton), Dit is een stevig en weemoedig verhaal. Ik
ben geen echte dammer, leerde het een beetje met zwarte en witte
knopen op een op karton getekend bord in de oorlogsjaren. Ooit
zag ik je( mag ik wel zeggem, toch) als jongentje van een jaar of
12 simultaan spelen tegen de damvereniging in Hoogezand
Sappemeer, dat zie ik nog scherp voor me:een hartelijke groet Cor
Dieter
van Gortel 09-10-2006 11:58
Verschrikkelijk jammer dat het gevolg van de vernieuwingsdrang
dit tot gevolg heeft. Natuurlijk is het niet zo dat rampspoed
over een WK komt als Ton Sijbrands van deelname afziet, en het
was wallicht het laatste kunstje geweest maar de essentie van het
verhaal daar zit de echte dramatiek in. Het oude spel wordt door
vernieuwers bij het grof vuil gezet dat is waar het echt om gaat
en jij Ton laat weten dat je dat niet kunt accepteren. Een
geweldig gebaar dat naar ik hoop de bestuurders toch nog eens
heel goed aan het denken zal zetten. Zelf heb ik met
overeenkomstige kijk op de zaak in elk geval geprobeerd te doen
wat in mijn mogelijkheden lag maar helaas het was onvoldoende,
sorry Ton, sorry dat ik de damwereld niet heb kunnen overtuigen
van het onrecht dat onze sport wordt aangedaan.
Succes met alles wat je nog gaat doen en dank voor de trouw aan het oude spel.
Succes met alles wat je nog gaat doen en dank voor de trouw aan het oude spel.
anton
janssen 09-10-2006 12:12
Ton
Mijn eerste reactie: dit kan en mag niet waar zijn. Wanneer je dan je gedachten laat gaan, besef je dat je er toch mee kapt. En dat is ontzettend jammer. De damwereld verliest een legende. Een voorbeeld voor veel (jeugd)spelers en iemand die publicitair veel heeft betekend. Ik hoop nog steeds dat er een moment komt waarop je toch weer tijd zoekt en vindt voor het wedstrijdspel. Ik zie dat als de basis voor het beleven van de damsport. Veel genoegen en succes met je autobiografie overigens.
Eén van je vele bewonderaars, Anton Janssen uit Wamel.
Mijn eerste reactie: dit kan en mag niet waar zijn. Wanneer je dan je gedachten laat gaan, besef je dat je er toch mee kapt. En dat is ontzettend jammer. De damwereld verliest een legende. Een voorbeeld voor veel (jeugd)spelers en iemand die publicitair veel heeft betekend. Ik hoop nog steeds dat er een moment komt waarop je toch weer tijd zoekt en vindt voor het wedstrijdspel. Ik zie dat als de basis voor het beleven van de damsport. Veel genoegen en succes met je autobiografie overigens.
Eén van je vele bewonderaars, Anton Janssen uit Wamel.
Hans
Bomgaars 09-10-2006 12:43
Beste Ton,
je beslissing vervult me met trots en verdriet.
Trots dat je zo principieel bent en deze beslissing durft te nemen.
Verdriet, omdat de damwereld je op topniveau nu voorgoed verliest.
Ik hoop je toch nog vele jaren achter het bord te mogen zien in de landelijke competities en nog vele jaren te mogen genieten van je prachtige partijanalyses.
je beslissing vervult me met trots en verdriet.
Trots dat je zo principieel bent en deze beslissing durft te nemen.
Verdriet, omdat de damwereld je op topniveau nu voorgoed verliest.
Ik hoop je toch nog vele jaren achter het bord te mogen zien in de landelijke competities en nog vele jaren te mogen genieten van je prachtige partijanalyses.
Bernard
Post 09-10-2006 13:08
Ton,
een gemis, mijn vakantieboeken zijn nog altijd jouw Andreiko memorial en Ton Sijbrands dammer...
Jammer dat doorslaggevend is de dopingcontrole, de wereld veranderd. Ook de medische voortgang, wie kan ons zeggen dat in de toekomst niet iets gevonden wordt waardoor je hersenen 'sneller' gaan draaien. Harder lopen kan ook al.
Betreffende de eerste twee punten daar ben ik volledig met je eens. Met als kanttekening dat ik in andere wedstrijden (dus de niet persoonlijke wedstrijden voor WK en de aanloop daartoe) een ander speltempo niet uitsluit.
Vol verwachting ben ik op jouw boek, waarschijnlijk te laat voor mij. Eigenlijk zou iedereen dit boek al wel willen zien.
En inderdaad Gesthem is een leuke uitstap, een onwaarschijnlijke kampioen, net zo als Baba Sy.
groeten Bernard Post
een gemis, mijn vakantieboeken zijn nog altijd jouw Andreiko memorial en Ton Sijbrands dammer...
Jammer dat doorslaggevend is de dopingcontrole, de wereld veranderd. Ook de medische voortgang, wie kan ons zeggen dat in de toekomst niet iets gevonden wordt waardoor je hersenen 'sneller' gaan draaien. Harder lopen kan ook al.
Betreffende de eerste twee punten daar ben ik volledig met je eens. Met als kanttekening dat ik in andere wedstrijden (dus de niet persoonlijke wedstrijden voor WK en de aanloop daartoe) een ander speltempo niet uitsluit.
Vol verwachting ben ik op jouw boek, waarschijnlijk te laat voor mij. Eigenlijk zou iedereen dit boek al wel willen zien.
En inderdaad Gesthem is een leuke uitstap, een onwaarschijnlijke kampioen, net zo als Baba Sy.
groeten Bernard Post
Bennie
Hiddink 09-10-2006 13:36
Ton,
Een moedige beslissing, veel plezier met het schrijven van dat boek.
Was't nou links of rechts af bij het D.A.kanaal? in ieder geval Harry Muskee was geweldig!
Een moedige beslissing, veel plezier met het schrijven van dat boek.
Was't nou links of rechts af bij het D.A.kanaal? in ieder geval Harry Muskee was geweldig!
Henk
Doedens 09-10-2006 14:17
Beste Ton,
Jammer dat je stopt met topdammen. De argumenten heb je duidelijk uiteengezet. Ik ben het er helemaal mee eens. Met name de doping controle is een vreemde zaak. Doping zal volgens mij alleen maar in het nadeel van een dammer werken.
Het is uiteraard wat voorbarig om nu al de genoemde boeken te bestellen, maar t.z.t. zal ik dat zeker doen.
Met vriendelijke groet,
Henk Doedens
Jammer dat je stopt met topdammen. De argumenten heb je duidelijk uiteengezet. Ik ben het er helemaal mee eens. Met name de doping controle is een vreemde zaak. Doping zal volgens mij alleen maar in het nadeel van een dammer werken.
Het is uiteraard wat voorbarig om nu al de genoemde boeken te bestellen, maar t.z.t. zal ik dat zeker doen.
Met vriendelijke groet,
Henk Doedens
Martijn
Vissers 09-10-2006 14:35
Ton,
Ik las het bericht enkele uren geleden en heb het even op me laten inwerken. Ik kreeg er een triest gevoel van. Triest omdat een groot dammer stopt en triest omdat het niet gaat op een wijze die jij mijns inziens verdient.
Het kan niet anders dan dat dit een zeer moeilijke en pijnlijke beslissing is geweest; dat is vaak zo bij moedige beslissingen. Hoezeer ik het ook betreur, ik begrijp het wel. Hopelijk veranderen de beleidsmakers nog van gedachten. De kans daarop schat ik helaas zeer laag in.
Veel succes en plezier met het schrijven van de “memoires”. Ik kijk er reikhalzend naar uit.
Ik las het bericht enkele uren geleden en heb het even op me laten inwerken. Ik kreeg er een triest gevoel van. Triest omdat een groot dammer stopt en triest omdat het niet gaat op een wijze die jij mijns inziens verdient.
Het kan niet anders dan dat dit een zeer moeilijke en pijnlijke beslissing is geweest; dat is vaak zo bij moedige beslissingen. Hoezeer ik het ook betreur, ik begrijp het wel. Hopelijk veranderen de beleidsmakers nog van gedachten. De kans daarop schat ik helaas zeer laag in.
Veel succes en plezier met het schrijven van de “memoires”. Ik kijk er reikhalzend naar uit.
Hanco
Elenbaas 09-10-2006 14:50
Beste Ton,
Wat een nare verrassing!
Misschien is afscheid nemen met een match Sijbrands-Wiersma toch mooier. Tijdens het slotdiner van de match zouden alle damliefhebbers "Vaarwel!" tegen je kunnen zeggen. En om de feestelijkheden nog wat extra vreugde mee te geven, zouden we in de pauze die dronkaard van de Delftse telling weer eens kunnen kielhalen in het IJ.
Ik verheug me nu op je komende boek over Henk Smit.
Hartelijke groet,
Hanco Elenbaas
Reactie is geredigeerd
Wat een nare verrassing!
Misschien is afscheid nemen met een match Sijbrands-Wiersma toch mooier. Tijdens het slotdiner van de match zouden alle damliefhebbers "Vaarwel!" tegen je kunnen zeggen. En om de feestelijkheden nog wat extra vreugde mee te geven, zouden we in de pauze die dronkaard van de Delftse telling weer eens kunnen kielhalen in het IJ.
Ik verheug me nu op je komende boek over Henk Smit.
Hartelijke groet,
Hanco Elenbaas
Reactie is geredigeerd
Martijn
van Gortel 09-10-2006 15:04
Ton,
Helaas dat je deze beslissing moet nemen, maar wel volledig terecht. Hierin zullen vele mensen je steunen!
Er zijn helaas mensen die jou en andere topdamers het leven zuur maken.
Ik ben blij nog tegen je gespeeld te hebben.
Groeten, Martijn.
Helaas dat je deze beslissing moet nemen, maar wel volledig terecht. Hierin zullen vele mensen je steunen!
Er zijn helaas mensen die jou en andere topdamers het leven zuur maken.
Ik ben blij nog tegen je gespeeld te hebben.
Groeten, Martijn.
Frits
Boerwinkel 09-10-2006 15:49
Stel voor aan alle deelnemers, die gaan behoren tot de top van de
eerste 10 winnars van het Wereldkampioenschap 2007, om als die
geheel is uitgespeeld allen, maar dan ook allen te weigeren om in
het potje te gaan plassen, om vervolgens de 11e en 12e en verdere
winnaars te vragen de uitreiking van de bekers aan hun te
weigeren. Ik wil dan wel eens kijken of er nog wat komt van de
overheid die dat potjepissen door wil blijven drukken.
Of denk je dat er onder de 25 eersten van de damsport op die wereldkampioensdag wel één zal bevinden die de boel erin luist en toch pist in de pot of toch als loser een winnaarsbeker aan neemt.
Ik heb verder geen verstand van dammen.
Jammer van het onder druk staande einde van jouw loopbaan.
Met veel feitengericht schrijfsucces en weinig innerlijke wrok toegewenst op je 57-plus bestaan.
Frits Boerwinkel (59)
Of denk je dat er onder de 25 eersten van de damsport op die wereldkampioensdag wel één zal bevinden die de boel erin luist en toch pist in de pot of toch als loser een winnaarsbeker aan neemt.
Ik heb verder geen verstand van dammen.
Jammer van het onder druk staande einde van jouw loopbaan.
Met veel feitengericht schrijfsucces en weinig innerlijke wrok toegewenst op je 57-plus bestaan.
Frits Boerwinkel (59)
Aard
Daanen 09-10-2006 16:04
Ton, waarom ga je niet correspondentiedammen, bijvoorbeeld via de
Mindsports Arena?
Geen dopingcontroles, geen wedstrijdleiders, geen blunders, alle tijd voor het eindspel, etc.
Geen dopingcontroles, geen wedstrijdleiders, geen blunders, alle tijd voor het eindspel, etc.
Rob van
Kleef 09-10-2006 17:30
Beste Ton,
Zelf ben ik maar een recreatief schaker maar volg ook graag de damsport, (ik kan mij helemaal verdrinken in de analyses). Ik vind dat je duidelijke punten hebt en daar terecht je rug rechthoudt. Misschien moet er gedacht worden aan een nieuwe dambond voor het klassieke damspel!
Zelf ben ik maar een recreatief schaker maar volg ook graag de damsport, (ik kan mij helemaal verdrinken in de analyses). Ik vind dat je duidelijke punten hebt en daar terecht je rug rechthoudt. Misschien moet er gedacht worden aan een nieuwe dambond voor het klassieke damspel!
Gerhard
Bakker 09-10-2006 18:08
Ik hoorde via het NOS-nieuws dat Sijbrands is gestopt met dammen.
Maar dat is zeker een misverstand? Als hij niet meer aan de
damsport meedoet, dan is hij toch niet voor het dammen verloren?
Partijen analyseren, damstudies publiceren is toch ook dammen? En
ik steun hem in zijn radicale afwijzing van nieuwe
eindspel-regels, van meerderheidsremises en zo, uitvindingen van
cultuurbarbaren die het aloude dammen als denksport willen
omturnen tot een voor het grote publiek interessante kijksport.
wim
martin 09-10-2006 19:56
Waarde Ton,
Ik begrijp het. (En ben het met je eens)
Vriendelijke groet,
Wim Martin
Ik begrijp het. (En ben het met je eens)
Vriendelijke groet,
Wim Martin
albert van der vliet 09-10-2006 20:16
Beste Ton,
Ghestem kon dammen en bridgen. Jij kunt dammen en schrijven. Ga maar een mooi boek schrijven over die remarquabele Ghestem. Doe onderzoek en breng de Fransman tot leven. En dan ook nog een boek met je beste partijen plus commentaar.
Vriendelijke groet,
Albert van der Vliet (ook van 1949).
Ghestem kon dammen en bridgen. Jij kunt dammen en schrijven. Ga maar een mooi boek schrijven over die remarquabele Ghestem. Doe onderzoek en breng de Fransman tot leven. En dan ook nog een boek met je beste partijen plus commentaar.
Vriendelijke groet,
Albert van der Vliet (ook van 1949).
Govert
Westerveld 10-10-2006 00:05
Een logische gedachtegang van Ton Sijbrands. Ik geef hier altijd
de raad aan de mensen zich terug te trekken wanneer ze op hun
hoogtepunt staan van hun carriére. Op die manier blijf je
legendarisch.
Ton de
Haas 10-10-2006 00:23
Beste Ton,
Dit was te verwachten. Jammer!! Maar ik deel je argumenten. Ik denk overigens met veel plezier terug aan ons gezamenlijk en korte bezoek aan Ghestem in Lille in 1981. Met als tastbare herinnering zijn boek met handtekening.
Tot ziens.
Ton de Haas
Dit was te verwachten. Jammer!! Maar ik deel je argumenten. Ik denk overigens met veel plezier terug aan ons gezamenlijk en korte bezoek aan Ghestem in Lille in 1981. Met als tastbare herinnering zijn boek met handtekening.
Tot ziens.
Ton de Haas
Grutte
Pier 10-10-2006 01:04
Dag Ton,
Ik denk dat je een zeer wijs besluit hebt genomen. Ik kijk echt uit naar je biografie.
(Je hebt blijkbaar ook de nodige 'russische' fans zie ik. Ook het 'bloggen' is tegenwoordig een denksport volgens sommigen...)
Ik denk dat je een zeer wijs besluit hebt genomen. Ik kijk echt uit naar je biografie.
(Je hebt blijkbaar ook de nodige 'russische' fans zie ik. Ook het 'bloggen' is tegenwoordig een denksport volgens sommigen...)
K 10-10-2006 01:53
Meer dan tien jaar geleden leerden we een dammer kennen die in
onze woonplaats deelnam aan een damtoernooi. Alexej Tjitjov, Rus
en toendertijd 6-voudig Wereldkampioen. We gingen een avondje met
hem stappen; het was zaterdag en zondag hoefde hij niet te
spelen. In dammen zijn we niet speciaal geïnteresseerd maar hij
deelde een andere passie met ons: wereldmuziek. In de volgende
jaren kwam hij vaker op bezoek en de laatste keer dat we hem
zagen nam hij een deel van onze LP-collectie (hij had tenminste
een pick-up)mee naar huis. Toen we hem leerden kennen viel meteen
iets op. Hij sprak Nederlands! Had hij zich zelf geleerd. Waarom
in Godsnaam, vroeg ik, het Nederlands taalgebied is zo klein.
Voor het dammen, zei hij. Om te winnen. De nederlandse dammers
schrijven damboeken en die lees ik. Als ik weet hoe ze dammen kan
ik winnen. Ik vond het wel slim van hem. Of de Nederlandse
dammers daarmee rekening hielden? In ieder geval heeft Alexej
menig toernooi gewonnen.
Julius
van Gelder 10-10-2006 11:51
Hoe zit het met de geemancipeerde vrouw Anno 2006?
Arno
Bloks 10-10-2006 12:38
Beste Ton
Ik vind het verschrikkelijk jammer dat er op deze wijze een einde moet komen aan een mooie carriere en een nog mooier palmares. Met de stelling zoals door jou geponeerd ben ik het volkomen eens. Ik kijk uit naar het boekwerk dat je in het verschiet hebt gesteld. Het gaat je goed !
Ik vind het verschrikkelijk jammer dat er op deze wijze een einde moet komen aan een mooie carriere en een nog mooier palmares. Met de stelling zoals door jou geponeerd ben ik het volkomen eens. Ik kijk uit naar het boekwerk dat je in het verschiet hebt gesteld. Het gaat je goed !
Bob
Kersten 10-10-2006 13:35
Ton
Bedankt voor al het moois dat je ons hebt laten zien.
En misschien nog wel laat zien in een van de damrubrieken.
Veel succes verder
Bob Kersten
Bedankt voor al het moois dat je ons hebt laten zien.
En misschien nog wel laat zien in een van de damrubrieken.
Veel succes verder
Bob Kersten
Hans
van den Heuvel 10-10-2006
14:09
Beste Ton,
Ik deel je mening. Het ontbreekt de damsport aan management en visie, vandaar dat veel mensen – ongetwijfeld met goede bedoelingen – de damsport zelf proberen te "vermarkten". Deze mensen realiseren zich niet dat door het aanbrengen van toeters en bellen (lees:puntentellingen) en het vergroten van de acceleratie (uitvluggeren) een Lada echt niet beter verkoopt (sponsoring). Als ik de damsport met een product vergelijk (en waarom niet…) dan schiet mij dit automobieltje spontaan te binnen. Een oubollig wagentje weliswaar maar door zijn eenvoud een waanzinnig populaire auto, in het bijzonder onder jongeren. Kortom, een ijzersterk A-merk waarvan de schoonheid van binnen zit en waaraan je beslist niet moet sleutelen. Ik wens je nog veel inhoudsrijke partijen toe.
Hartelijke groeten, Hans van den Heuvel
Ik deel je mening. Het ontbreekt de damsport aan management en visie, vandaar dat veel mensen – ongetwijfeld met goede bedoelingen – de damsport zelf proberen te "vermarkten". Deze mensen realiseren zich niet dat door het aanbrengen van toeters en bellen (lees:puntentellingen) en het vergroten van de acceleratie (uitvluggeren) een Lada echt niet beter verkoopt (sponsoring). Als ik de damsport met een product vergelijk (en waarom niet…) dan schiet mij dit automobieltje spontaan te binnen. Een oubollig wagentje weliswaar maar door zijn eenvoud een waanzinnig populaire auto, in het bijzonder onder jongeren. Kortom, een ijzersterk A-merk waarvan de schoonheid van binnen zit en waaraan je beslist niet moet sleutelen. Ik wens je nog veel inhoudsrijke partijen toe.
Hartelijke groeten, Hans van den Heuvel
Klaas
van der Laan 10-10-2006 17:53
Beste Ton,
Ik deel je gevoelens, zowel inhoudelijk als in het licht van H.M. van Randwijk.
Mvrgr. Klaas.
Ik deel je gevoelens, zowel inhoudelijk als in het licht van H.M. van Randwijk.
Mvrgr. Klaas.
arie te
lindert 10-10-2006 18:03
hallo ton.
Jij hebt precies zo gereageerd zo als ik je ken mijn complimenten voor het verhaal en een besluit die alleen jij kan nemen.
veel succes met de strijd
Jij hebt precies zo gereageerd zo als ik je ken mijn complimenten voor het verhaal en een besluit die alleen jij kan nemen.
veel succes met de strijd
Ferry
Kemperman 10-10-2006 18:55
Beste Ton,
De manier van je afscheid is treurig en je persoon niet waardig, maar je timing is perfect. Alle respect voor je beslissing. Ik ben het roerend met je eens. Dambestuurders en zogenaamde "vernieuwers" moeten eens wakker worden. Waarom wordt er niet geluisterd naar mensen als jou en Harm? Jouw boeken, analyses en demonstraties zijn van onschatbare waarde voor het dammen en een lichtend voorbeeld voor generaties dammers die komen. Succes met alles wat je nog gaat doen!
Ferry Kemperman
De manier van je afscheid is treurig en je persoon niet waardig, maar je timing is perfect. Alle respect voor je beslissing. Ik ben het roerend met je eens. Dambestuurders en zogenaamde "vernieuwers" moeten eens wakker worden. Waarom wordt er niet geluisterd naar mensen als jou en Harm? Jouw boeken, analyses en demonstraties zijn van onschatbare waarde voor het dammen en een lichtend voorbeeld voor generaties dammers die komen. Succes met alles wat je nog gaat doen!
Ferry Kemperman
C. M.
Koene 10-10-2006 19:59
Ton Sijbrands verdient op zijn minst een uitvoerig antwoord van
de momenteel belangrijkste dambestuursinstanties op zijn
schrijven aan de secretaris van de stichting WK Dammen Hardenberg
2007. Het kan niet zo zijn dat het afgedaan wordt met de
mededeling 'dat men zich conformeert aan de reglementen van de
FMJD'.
anton
janssen 10-10-2006 20:35
Beste Ton
Wij hebben de ontwikkelingen in de damsport van de laatste dagen aandachtig gevolgd en hebben begrip voor je standpunt. Wij weten hoe professioneel jij altijd de damsport hebt benaderd. Tegen die achtergrond hebben wij weinig waardering voor de reacties en stellingen die nu links en rechts worden betrokken. Wordt daarmee onze mooie sport een dienst bewezen? Vanuit onze optiek geredeneerd, nee!! In zo'n klein landje en in zo' n beperkt kringetje als de georganiseerde dammers mag je toch wat meer wederzijds respect verwachten?
Na deze inleidende beschouwingen. Jij bent volgende week als speler of als eregast welkom op ons toernooi Plusminus 55. Het wordt van dinsdag t/m vrijdag in ons fraaie nieuwe clublokaal 't Klaverblad op sportpark Vossenpels in Lent gehouden. Dinsdag om 9.30 uur wordt verzameld voor de loting. De eerste ronde begint om 10.00 uur.
Verdere bijzonderheden: Het Plusminus 55 toernooi valt buiten de dopingcontrole, een puntendeling levert exact één punt op (geen plusremises of alternatieve puntentellingen) en het speeltempo is afgestemd op de 2 partijen per dag.
Ons toernooi is een mix van wedstrijd- en recreatiedammers. De 'beste' heeft een rating van dik 1300, de op papier laagste moet het met circa 650 doen...Plm. 55 is een combinatie van presteren en gezelligheid.
O ja, je zult oude strijdmakkers als Ad van Tilborg, Theo Dijkstra, Ruud Palmer en Herman van Westerloo als spelers ontmoeten. Het heeft dus iets van het vroegere Nieland toernooi in Apeldoorn, een plaats waar NK - deelnemers speelden.
Wij hopen van harte dat je het kunt opbrengen op onze invitatie in te gaan. Wanneer dat niet zo is, volgend jaar ben je even zo hartelijk welkom. Net als de andere deelnemers hoef je geen vormbehoud te tonen.
Wij zijn ontzettend benieuwd naar je antwoord.
Namens DC Lent, Lianne van Ampting voorzitter, Jos Janssen secretaris en Anton Janssen toernooileider. Reageer via E-mail naar aaa.janssen@wanadoo.nl
Wij hebben de ontwikkelingen in de damsport van de laatste dagen aandachtig gevolgd en hebben begrip voor je standpunt. Wij weten hoe professioneel jij altijd de damsport hebt benaderd. Tegen die achtergrond hebben wij weinig waardering voor de reacties en stellingen die nu links en rechts worden betrokken. Wordt daarmee onze mooie sport een dienst bewezen? Vanuit onze optiek geredeneerd, nee!! In zo'n klein landje en in zo' n beperkt kringetje als de georganiseerde dammers mag je toch wat meer wederzijds respect verwachten?
Na deze inleidende beschouwingen. Jij bent volgende week als speler of als eregast welkom op ons toernooi Plusminus 55. Het wordt van dinsdag t/m vrijdag in ons fraaie nieuwe clublokaal 't Klaverblad op sportpark Vossenpels in Lent gehouden. Dinsdag om 9.30 uur wordt verzameld voor de loting. De eerste ronde begint om 10.00 uur.
Verdere bijzonderheden: Het Plusminus 55 toernooi valt buiten de dopingcontrole, een puntendeling levert exact één punt op (geen plusremises of alternatieve puntentellingen) en het speeltempo is afgestemd op de 2 partijen per dag.
Ons toernooi is een mix van wedstrijd- en recreatiedammers. De 'beste' heeft een rating van dik 1300, de op papier laagste moet het met circa 650 doen...Plm. 55 is een combinatie van presteren en gezelligheid.
O ja, je zult oude strijdmakkers als Ad van Tilborg, Theo Dijkstra, Ruud Palmer en Herman van Westerloo als spelers ontmoeten. Het heeft dus iets van het vroegere Nieland toernooi in Apeldoorn, een plaats waar NK - deelnemers speelden.
Wij hopen van harte dat je het kunt opbrengen op onze invitatie in te gaan. Wanneer dat niet zo is, volgend jaar ben je even zo hartelijk welkom. Net als de andere deelnemers hoef je geen vormbehoud te tonen.
Wij zijn ontzettend benieuwd naar je antwoord.
Namens DC Lent, Lianne van Ampting voorzitter, Jos Janssen secretaris en Anton Janssen toernooileider. Reageer via E-mail naar aaa.janssen@wanadoo.nl
wsteenkamer 11-10-2006
10:48
Ha ton ook uit Lelystad van spoorcond die u ontmoette in 1972 in
eerste klasse van Rotterd naan Dordt doei
steenkamer 11-10-2006
10:55
nu ik mijn stukje zie is het maar heel klei dus nog een stukje
erbij op Plaza in Lelystad met onze Damclub Lelystad Het was
Pinkstermaandag dat ik U ontmoette doei
wsteenkamer 11-10-2006
11:00
Heb ik goed gegokt dat je in 1972 toen ik je met je vriendin in
de eerste klasse ontmoette dat je toen aan het begin van je
damsccessen begon successes doei
Mark
Kemperman 11-10-2006 14:36
Stelling 1:
Het stoppen van Ton Sijbrands leidt tot een definitieve tweedeling in de damsport. Dit zal leiden tot twee dambonden met als gevolg dat we ons nooit professioneel kunnen profileren naar de buitenwereld.
Stelling 2:
We maken zelf onze mooie sport kapot, omdat we zo bang zijn dat we anders geen sponsors meer krijgen. We verliezen onze eigenwaarde.
Ton,
Het feit dat er voor gekozen hebben te stoppen, moet een duidelijk signaal zijn voor de ontwikkelingen in de damsport.
Ik betreur je beslissing, maar ik begrijp het volledig.
Mark Kemperman
Het stoppen van Ton Sijbrands leidt tot een definitieve tweedeling in de damsport. Dit zal leiden tot twee dambonden met als gevolg dat we ons nooit professioneel kunnen profileren naar de buitenwereld.
Stelling 2:
We maken zelf onze mooie sport kapot, omdat we zo bang zijn dat we anders geen sponsors meer krijgen. We verliezen onze eigenwaarde.
Ton,
Het feit dat er voor gekozen hebben te stoppen, moet een duidelijk signaal zijn voor de ontwikkelingen in de damsport.
Ik betreur je beslissing, maar ik begrijp het volledig.
Mark Kemperman
Harry
Velraeds 12-10-2006 15:42
Beste Ton,
Als één van je allergrootste fans betreur ik het uiteraard ten zeerste dat je een punt zet achter je carrière. Het WK dammen is voor mij niet meer de moeite waard zonder mijn "oude" held... en ik vraag me altijd af of je niet zelf de meeste pijn zult hebben van je eigen beslissing. Want laten we wel zijn : ze doen het toch nog een beetje in hun broek voor jou ; de Tsjizjovjes, Georgievjes, Valnerisjes en Schwarzmannetjes en dat vond (en vind) ik toch nog altijd heel leuk. En leeftijd ? Tja... mag ik daarover van mening verschillen met je ?
Als één van je allergrootste fans betreur ik het uiteraard ten zeerste dat je een punt zet achter je carrière. Het WK dammen is voor mij niet meer de moeite waard zonder mijn "oude" held... en ik vraag me altijd af of je niet zelf de meeste pijn zult hebben van je eigen beslissing. Want laten we wel zijn : ze doen het toch nog een beetje in hun broek voor jou ; de Tsjizjovjes, Georgievjes, Valnerisjes en Schwarzmannetjes en dat vond (en vind) ik toch nog altijd heel leuk. En leeftijd ? Tja... mag ik daarover van mening verschillen met je ?
Rob
13-10-2006 11:32
Ton,
het gaat je goed. We zullen je missen. Ik ben blij dat ik ooit nog tegen je heb mogen spelen tijdens een gezellig simultaan op een familiedag in Eindhoven van het bedrijf waar ik werk.
Ik zie uit naar jouw prachtige boeken die je voor ons damliefhebbers en de aankomende damjeugd gaat schrijven.
Met vriendelijke groet,
Rob.
het gaat je goed. We zullen je missen. Ik ben blij dat ik ooit nog tegen je heb mogen spelen tijdens een gezellig simultaan op een familiedag in Eindhoven van het bedrijf waar ik werk.
Ik zie uit naar jouw prachtige boeken die je voor ons damliefhebbers en de aankomende damjeugd gaat schrijven.
Met vriendelijke groet,
Rob.
HENK
13-10-2006 13:26
GA MORGEN POTJE DAMMEN MET ME OPA
BEDANKT TON
BEDANKT TON
Frits
Zegelink 15-10-2006 00:21
Dit lijkt mij het moment voor de sponsoren van het WK in
Hardenberg om alsnog voorwaarden te stellen aan hun bijdrage. Een
sport die zo onzorgvuldig omgaat met haar kampioenen en zich zo
gedwee opstelt richting beleidsbepalers zal nooit professioneel
worden. Ton, de zaken die jij aanhaalt lijken mij eenvoudig
'overkoombaar'. Hierbij het verzoek aan WK organisatie, bestuur
en directie van de KNDB en de FMJD te staan voor de kerntaak: de
professionele ontwikkeling van de damsport, beginnend met zorg
voor de toppers. En daarbij horen geen plusremises, uitvluggeren
en dopingcontroles. Heren bestuurders, het is nog niet te laat.
Neem actie of schaam u eeuwig. Als echte liefhebber van het
'oorspronkelijke' damspel, zou ik het einde van de damcarrière
van Ton Sijbrands niet op mijn geweten willen hebben.
Met vriendelijke groet,
Frits Zegelink
Met vriendelijke groet,
Frits Zegelink
L. Peters
17-10-2006 10:58
Beste Ton,
Ik ben het helemaal met je standpunten eens.
Wel betekent je besluit een enorm verlies voor de damsport.Persoonlijk had ik me enorm verheugd op eindelijk weer eens een WK met onze Ton.Ik hoop dat de heren beleidsmakers zich beseffen wat ze door hun veranderingen teweeg hebben gebracht. Succes met alles wat je verder nog gaat doen.
Met vriendelijke groet,
Leo Peters
Ik ben het helemaal met je standpunten eens.
Wel betekent je besluit een enorm verlies voor de damsport.Persoonlijk had ik me enorm verheugd op eindelijk weer eens een WK met onze Ton.Ik hoop dat de heren beleidsmakers zich beseffen wat ze door hun veranderingen teweeg hebben gebracht. Succes met alles wat je verder nog gaat doen.
Met vriendelijke groet,
Leo Peters
roy
20-10-2006 20:22
Hallo ik zal me eerst even voorstellen ik ben natuurlijk niet
bekend op deze website ik ben roycoster ik zit op damlcub SNA ik
ben 14 en en dam nog maar 2 jaar ik train wel hard elke dag en
doe er veel aan ik vind het jammer dat ton stop met dammen wat
maakt het nou uit dat er nieuwe regels zijn als ik ton was zou ik
gewoon doorgaan maar nog Succes ton!!!!!!!11
marc
17-11-2006 12:38
Ground Control To Major Tom ,
ik wacht nog steeds op : Ton S.dammer prisma deel 2 1975-1990 /en ton S. dammer prisma deel 3 1991-2006,
mvg Marc,
ik wacht nog steeds op : Ton S.dammer prisma deel 2 1975-1990 /en ton S. dammer prisma deel 3 1991-2006,
mvg Marc,
hblock
29-11-2006 13:35
Wat baat de kostprijs in de hand van de bond om kennis te kopen?
als je er geen verstand van heeft.
Inloggen is niet verplicht om je commentaar achter te laten.
Beperkt HTML (<b>vet</b>, <i>cursief</i> en <u>onderstreept</u> toegestaan; webadressen worden automatisch omgezet in werkende links).
