
De Griekse boekenlijst op de website ‘Onderweg naar Ithaka’ is flink uitgebreid, er staan nu ruim 600 titels in. Met veel dank aan diverse inzenders van titels, waaronder Willem Weber en Ineke van Wijhe (www.mandi.nl) die beiden hun eigen Griekse boekenlijst naar mij mailden. Het resultaat is een enorme aanvulling, met vooral veel klassieke boeken die zich in de Griekse oudheid afspelen.
En, er waren ook enkele mensen die me mailden dat ze een bepaald boek zoeken, soms compleet met auteur en titel, soms alleen een beschrijving van het verhaal. Van de volgende twee boeken heb ik de titel en auteur niet kunnen achterhalen. Misschien weet iemand anders het?
Boek 1 is een pocket, gelezen rond het jaar 2000. Waarschijnlijk geschreven door een vrouwelijke Engelstalige auteur, eerder Brits dan Amerikaans. Het is een hedendaagse roman: een liefdesgeschiedenis tussen een (Engelse?) toeriste die op de boot naar een eiland verliefd wordt op een Griek uit de makelaarswereld. Ze komt ook zijn grote vijand tegen: burgemeester van dit eiland. Deze laatste probeert een achterbaks project te verhinderen, waardoor er op het eiland veel natuur teloor zou gaan – maar dat kom je pas later te weten. Wie is de boosdoener? Heel spannend verhaal. De kaft: een vage herinnering naar veel (donker)blauw, maar kan een vergissing zijn.
Boek 2 is ook een pocket, gekocht rond 1986. Onbekend of de auteur Grieks was en het boek in het Engels is vertaald, of een Engelstalige auteur die goed op de hoogte was van de geschiedenis van het kolonelsbewind. Het verhaal (thriller? Roman?) speelt zich dus af onder dit bewind: hoofdpersoon wordt gearresteerd. Spannend en zeer geloofwaardig. De kaft: weer een vage herinnering aan een witte achtergrond en een blauwe tekening van een stoel in een cel.
Heeft u een idee om welke titels het gaat en eventueel waar het te koop is? Mail mij even, dan stuur ik het door naar de inzender van deze vraag. Voor alle duidelijkheid, ze heeft zelf al gezocht in de beschrijving van alle titels op de boekenlijst, maar het daar niet in herkend.
Ik ben zelf aan het lezen in ‘De goden gaan naar huis’ van A. den Doolaard. Gedateerd, natuurlijk (ook de schrijfstijl), het speelt in de zestiger jaren, maar o zo leuk en toch zeer herkenbaar. Je waant je in Athene, te gast bij de hoofdpersonen!
Kruiden en specerijen.. meer dan alleen maar lekker!
recept, griekenland, kruiden
Ook altijd gedacht dat kruiden en specerijen vooral voor ‘het lekker’ waren? En oké, dat ze ook wel gezond zijn en vroeger als huismiddeltje werden gebruikt. Maar ja, wat kun je nu eigenlijk van oude huismiddeltjes verwachten? Nu, best veel, geloof ik inmiddels. Een paar weken geleden heb ik een boek gekocht over kruidengeneeskunde. En hoewel ik eigenlijk redelijk wat van kruiden en specerijen afweet inmiddels, was dit boek toch erg verrassend. Ik ben er nu achter dat de kruiden vroeger vaker als geneesmiddel dienden dan als ‘alleen maar lekker’ en dat het in veel maaltijden een belangrijk toevoegsel was om het voedsel gemakkelijker verteerbaar te maken. Niet alleen smaak dus (wat overigens bijna altijd ook heel belangrijk is) maar zeker ook een gezonde toevoeging. Ik kan niet stoppen met lezen in dat boek en kreeg inspiratie voor een serie blogs over kruiden en specerijen. Er zijn onnoemelijk veel kruiden en specerijen bekend, maar ik zal me beperken tot de vaak in de Griekse (Mediterrane) keuken gebruikte. In willekeurige volgorde worden onder meer de volgende kruiden en specerijen belicht: Basilicum, dille, kaneel, laurier, kaneel, karwij, knoflook, munt, oregano, peper, peterselie, rozemarijn, rucola salie en tijm. De serie start met Dille, een kruid dat ik vooral in de zomer heel veel gebruik.
Dille
De naam Dille komt van dilla, een IJslands woord voor
‘rust’. Het is een veel gebruikt tuinkruid in (onder
meer) de Scandinavische en de Griekse keuken. In
Scandinavië vooral in combinatie met vis en kreeft. In
Griekenland is de ‘Marouli’sla, de in Nederland
Romeinse sla genoemde stevige slasoort er bekend. Ze wordt met
bosui, veel verse dille, citroensap en olijfolie
geserveerd. Een heerlijke sla bij alle gerechten.
Kweken en gebruik
Het is een gemakkelijk te kweken eenjarig kruid, dat je
bijvoorbeeld tussen de groenten in de moestuin kunt zaaien. Het
is winterhard en kan 90 cm hoog worden. Dille houdt van een
zonnige, goed afwaterende standplaats, maar moet altijd goed
vochtig gehouden worden. Dille zaait zichzelf met succes uit en
kan in potten gekweekt worden (plant blijft dan wat kleiner).
Dille is een zeer aromatisch kruid en alle delen van de plant kunnen gebruikt worden. Het heeft een zoete anijssmaak, de bladeren zijn subtieler van smaak dan de zaden. Jong dillegroen is heerlijk in de sla, de soep, bij tomaat en komkommer en ook in sauzen bij vis-, vlees- en vegetarische gerechten. Het wordt liefst rauw toegevoegd. Onrijpe zaadschermen kun je gebruiken bij het inmaken van augurken, uitjes en zuurkool. Rijpe zaden bewaren en in melksauzen, prei, ui, aardappelen en appelschotels. Verse dille kun je invriezen, na het ontdooien is het wel wat slapper.
Geneeskracht
Dillewater wordt al generaties lang
gebruikt voor een goede spijsvertering en vergroting van de
eetlust. De zaden hebben een slijmoplossende, krampstillende en
verwarmende werking (niet gebruiken bij nierkwalen). Je kunt er
thee van zetten om goed te slapen, tegen opzettingen, koliek en
andere lichte maagkwalen, tegen verkoudheid en bronchitis.
Recept
Preitaart uit Kozani
Voor zes punten heb je nodig: 6 niet te dikke preistengels
– 100 ml olijfolie – zout, peper – 1 bosje
dille – 2 laurierblaadjes – 50 g grove griesmeel of
couscous – 3 eieren – 100 g geraspte kaas – 2-3
el paneermeel – 200 g feta.
Preistengels halveren, goed schoonspoelen en in stukjes snijden. Goed wassen. De olie in een steelpan verhitten en de prei 5 minuten smoren. Zout en peper erbij. De gehakte dille en de laurierblaadjes toevoegen en 10 minuten roerend garen. De laurierblaadjes eruit halen, de griesmeel (of couscous) erbij doen en doorroeren. De eieren in een schotel doorroeren, en daarna bij de prei doen. Alles goed vermengen en dan de geraspte kaas erbij.
Strooi nu het paneermeel in een lage ovenschaal en gelijkmatig over de bodem verdelen. Lepel voor lepel de groentemassa erop scheppen. Kleine fetablokjes erover verdelen. Dan midden in de oven bij 220 graden een half uur bakken. Warm serveren.
Voor de serie over kruiden en specerijen maak ik gebruik van
informatie uit de volgende boeken:
De kruidenbijbel - Peter Mc Hoy & Pamela Westland
De taal der kruiden - Mellie Uyldert
Kruiden herkennen, kweken en gebruiken in recepten - Susan
Fleming
De recepten zijn allemaal uit de Griekse keuken en uitvoerig
uitgetest...
Alle kruidenblogs wordt bij elkaar gearchiveerd op de website 'Onderweg naar Ithaka'; zie link in de rubriek 'links' rechtsboven (tag: kruiden en specerijen).
...een paar boekjes! Geen boek is leuker dan eentje dat zich afspeelt in het land of de regio waar je op vakantie bent. Over Griekenland zijn tal van leuke en interessante boeken geschreven. Stop er wat van in je koffer. Hieronder enkele tips van boeken die ik heb gelezen en kan aanraden.
Athene
- Onder de Acropolis - Zofka Zienovieff. Boeiend en humoristisch geschreven boek over een leven in Athene.
- Alle boeken van Petros Markaris. Superleuke detectives die zich hoofdzakelijk in Athene afspelen. Geweldige sfeerbeschrijvingen zijn in feite belangrijker dan het verhaal zelf.
- De goden gaan naar huis - A. den Doolaard. Een klassieker maar blijft leuk; speelt zich af in de 50'er jaren in Athene.
Epirus
- Varken in het paleis - Tessa de Loo. Een reisbeschrijving van een avontuurlijke tocht over de grens van Epirus en Albanië.
- Eleni en Eleni's kinderen - beiden van Nicolas Gage. Zeer interessante boeken over de oorlog in Griekenland.
- Ten noorden van Ithaka - Eleni Gage. Eleni, dochter van Nicolas Gage, gaat het huis van grootmoeder Eleni herbouwen en maakt van alles mee in het land van haar grootouders.
Kreta
- Wie betaalt de veerman - Michael Bird. Van de succesvolle TV-serie.
- Het eiland - Victoria Hislop (ook Spinalonga).
- De naam van mijn vader - Nelleke Noordervliet. Zoektocht naar de vader, deels op Kreta.
- Zorba de Griek - Nikos Kazantzakis
Corfu
- Het Venetiaanse huis - Mary Nickson
Peloponnesus
- Mijn huis in Griekenland - Austin Kark
- Mani - Patrick Fermor
Kythira
- Water bij de ouzo - Cathy Lewin. Over haar leven op dit prachtige eiland.
Zo maar even een greep van wat leuke boeken. Meer boeken vind je in de Griekse boekenlijst, zie links aan de rechterzijde van dit blog. En, alle tips zijn welkom!!!
Monemvassia, juni 2009
Snik. Het blik is leeg, echt helemaal leeg. Ik schud de laatste druppels in de trechter en dan houdt het op. Het goede nieuws is, dat ik nu een blik heb om met planten in de tuin te zetten. Hoe afgezaagd, ik weet het. Maar ja, af en toe mag je toegeven aan je nostalgische neigingen en dat heb ik dus met dit blik…
Olijfolie in een prachtig blik. Meegenomen uit Griekenland, hoe kan het anders. Ik ben gek op dat soort blikken, maar houd me altijd in. Meeslepen als je met het vliegtuig gaat is immers geen optie. En het is niet dat ik hier geen olijfolie heb, integendeel. De kast staat vol. Basilicumolie, olijfolie met citroensmaak, een olijfolie met verse oreganotakjes erin die over een dag of 5 een heerlijke oregano-olie moeten opleveren en ook een olie van een kennis met een olijfgaard(je) in Griekenland. De eerste zelf geperste! Althans, van eigen olijven, geperst door de lokale olieperserij en vervolgens meegenomen naar Nederland. Smaakt heerlijk. Dus, zo’n 5-literblik meenemen is geen noodzaak, dit jaar zie ik er ook maar vanaf (vliegtuigweekje voor de boeg, dus ja..)
Olijfolie is voor mij een soort eerste levensbehoefte, ik bak er alles in en mee en giet het royaal over de salades. Maar mijn miniverbruik is nog niets vergeleken bij de gemiddelde Griek; het schijnt dat in Griekse huishoudens zo’n 20 liter per persoon wordt verbruikt! Maar ook in onze contreien neemt de populariteit van deze olie in sneltreinvaart toe. Vooral ook nu steeds vaker naar voren komt dat olijfolie bijdraagt aan een gezonde voeding en hart- en vaatziekten kan helpen voorkomen. Maar goed, smaak boven alles en als het niet lekker zou zijn was het toch gauw bekeken met de olie.
Populair in de Griekse oudheid
In mijn
kast staan diverse olijfolieboekjes. Elke keer weer bezwijk ik
als ik er eentje tegenkom die er mooi uitziet. Ik weet wel dat
uiterlijk geen garantie is voor kwaliteit, maar ja, zo’n
prachtig exemplaar dat je toelacht kan ik toch moeilijk
weerstaan. Het is steeds weer leuk om méér te lezen over olijven,
de olie en de rol die deze speelde door de eeuwen heen. Olijfolie
staat dan ook al sinds de Griekse oudheid centraal in het leven
van alledag. Er zijn ik weet niet hoeveel mythes ontstaan rond de
olijfboom, de olijven en de olie. Athena, de godin van de
wijsheid, zou de eerste olijfboom hebben geschonken aan de stad
Athene (op de Acropolis geplaatst) en won zij van Poseidon om de
stad de hare te mogen noemen. Maar er zijn ook mythes die zeggen
dat de eerste olijfboom ontkiemd zou zijn aan de oevers van de
Alfios, in de Peloponnesus. En godinnen op de Olympos gebruikten
olijfolie, vermengd met allerlei essences, als
schoonheidszalfjes, aldus de overlevering.
Vooral ook uit archeologische vondsten is gebleken hoe belangrijk de olijfboom was in de Griekse oudheid. Rond de boom en zijn producten ontwikkelde zich een hele cultuur die direct verband hield met voeding, gezondheid, dagelijks leven, erediensten en economie. Er was veel kennis over het cultiveren van de olijfboom, ook was men ver gevorderd met het ontwikkelen van methodes voor de productie van olijfolie. Olie was in veel opzichten winstgevend en loste heel wat dagelijkse problemen op. Ten eerste vormde de olie een belangrijk ingrediënt in de keuken, diende het als brandstof voor de olielampen en vormde het een wezenlijk bestanddeel voor de parfumerie. Verder was olijfolie onmisbaar voor de cosmetica, de lichamelijke hygiëne en de geneeskunst. In veel historische overleveringen wordt gesproken over de geneeskrachtige eigenschappen van olijfolie. Het was Hippocratus, de vader van de geneeskunst, die zich als eerste systematisch bezighield met de geneeskrachtige toepassingen van olijfolie. In zijn boek ‘Voedingsleer en Geneeskunst’ verwijst hij ettelijke malen naar olijfolie.
De boom
De olijfboom is tegenwoordig
vrijwel overal te vinden waar het klimaat geschikt is. Het
Middellandse-Zeegebied biedt bijzonder gunstige omstandigheden:
zachte winters, een kort en vochtig voor- en najaar en warme
droge zomers. Er zijn wilde en gekweekte olijfbomen, waarbinnen
weer honderden variëteiten bestaan. De olijfboom is
groenblijvend, de bladeren hangen zo’n 3 jaar aan de boom
voordat ze door nieuw blad worden vervangen. Als de boom 5 jaar
oud is draagt hij voor het eerst vruchten en is pas op z’n
20ste echt volwassen. Hij kan meer dan 100 jaar oud
worden en olijfgaarden staan zijn dan ook in menig erfenis
opgenomen! In het voorjaar bloeit de boom met trosjes witte
bloemetjes. Slechts één op de twintig bloemen ontwikkelt zich tot
een olijf. Tussen juni en september ontwikkelen de vruchten zich
en in de late herfst- en wintermaanden worden de olijven
geoogst, afhankelijk van de variëteit en het doel (ingemaakte
olijven of olie).
Het oogsten gaat tegenwoordig nog maar weinig met de hand, meestal worden netten onder de bomen gespannen en de olijven uit de boom geschud of geslagen. Rijpe olijven vallen vanzelf in de netten. Al naar gelang klimaat, bodemgesteldheid en behoeftes worden in verschillende regio’s verschillende soorten olijfbomen geteeld.
De olijf
Er worden groene, onrijpe,
olijven geoogst en rijpe olijven die langer aan de boom mogen
rijpen en dan verkleuren van roodachtig tot paars, bruin en
zwart. Sommige soorten leveren heerlijke eetbare olijven op,
andere worden speciaal voor de olie geteeld. De kwaliteit van de
olie hangt samen met de wijze van verbouwen, oogsten, persen, het
klimaat, de bodem en de gebruikte olijfsoort.
Behalve de olie vormen ook de olijven een belangrijk onderdeel van de dagelijkse voeding in Griekenland. Ze worden in grote hoeveelheden geconsumeerd en veel Grieken vinden hun maaltijd zonder olijven eigenlijk niet compleet. Olijven kun je, op één uitzondering na (chourmades), niet meteen van de boom eten. Ze moeten eerst een bewerking ondergaan. Ze worden in zout ingelegd of in zout water bewaard tot de bittere smaak is verdwenen. Daarna kunnen ze in water of in olie worden bewaard.
Olijfolie
Na de oogst worden de olijven
die voor olie bedoeld zijn naar de olijfpers vervoerd. Ze moeten
daar enkele uren tot drie dagen rusten waardoor de olie
makkelijker vrij komt. Maar ze mogen ook niet gaan fermenteren,
het moment van persen luistert dus erg nauw. Olijven worden
gewassen en daarna geperst. Dat gebeurt tegenwoordig tussen grote
roestvrijstalen elementen, waarbij ze geplet, doorgesneden en
geperst worden. De pulp wordt dan op vezelmatten uitgespreid, die
op elkaar gestapeld in een verticale pers worden geplaatst. Dan
wordt de olie uit de olijfpulp geperst. Dit wordt de koude
persing genoemd. Het komt ook steeds vaker voor dat er gebruik
wordt gemaakt van een roterende machine, een soort centrifuge
voor olijfpulp. Water en olie worden gescheiden, de olie wordt
overgedaan in grote vaten en moet enkele maanden rusten. Naar
mate de temperatuur stijgt in het voorjaar wordt de olie dunner
en ontstaat op de bodem een bezinksel. Na het filteren heb je de
beste olie, die ‘extra vierge’ wordt genoemd.
Lekker
Nog enkele weetjes: Een olijf barst van de goede eigenschappen.
Zo komen er veel verschillende vitamines in olijven voor (A, B1,
B2, C, E en K) en vele mineralen (Ca, CI, Cu, Fe, Mg, P, S en
Si). Bij inwendig gebruik ontspant het, je krijgt er energie van
en het vochtafdrijvend en laxerend. Olijfolie werkt zuiverend op
de lever en is vaatverwijdend. Bij uitwendig gebruik werkt
olijfolie goed op de huid voor mensen met eczeem, allergieën en
huidverhardingen. Het is geschikt voor alle huidtypen. Er zijn
dan ook veel cosmetische producten op basis van olijfolie; deze
maken de huid zacht en soepel en zorgen voor een goede
vochtbalans. Olijfolie beschermt tegen vroegtijdige veroudering.
Leuk om te weten allemaal, maar waar het om gaat is dat olijfolie behalve gezond gewoon erg lekker is. Mediterrane gerechten worden gewoonlijk met olijfolie bereidt maar ook veel Hollandse recepten zijn prima met olijfolie te doen. Uitproberen levert gewoonlijk veel verrassingen op. Tot slot een lekker vegetarisch recept voor warme dagen en weinig tijd:
Spaghetti met kerstomaten
Voor 2 personen: 200 g spaghetti – zout –
knoflookteentje – 1 tl kappertjes – 1 el olijfolie
– 200 g gele en rode kerstomaatjes – 100 ml groente-
of kruidenbouillon – peper, suiker – twee handenvol
rucola – 40 g Parmezaanse kaas.
Spaghetti volgens gebruiksaanwijzing in water met weinig zout koken. Knoflook en kappertjes fijnhakken. Olie in een pan verhitten. Tomaten roerend 1-2 minuten bakken. Knoflook, kappertjes en bouillon toevoegen en 1-2 min laten koken. Met zout, peper en suiker op smaak brengen.
Rucola grof hakken, Parmezaanse kaas schaven. Spaghetti met de tomatensaus vermengen, rucola en de helft van de kaas ermee vermengen. Verdelen over twee borden en bestrooien met de rest van de kaas.
Ca 500 calorieën p.p. Bereidingstijd ca 20 minuten.
Bronnen van het artikel: Koken met olijfolie – Louise Pickford en Olijfolie, de weg naar een lang leven – Stella Kalogeraki.
Een droom van Hellas
Om het blauw van de lucht
wat minder ondraaglijk mooi te maken
waren de straten stoffig gelaten.
Ik had geen moeite met gids na
vrolijke gids daar tijdelijk en
voorgoed thuis te geraken.
Eén leidde mij naar de plek
waar de hiel van de herder
de hyacint had verplet.
Purper de bloem naast mijn
vergrijsde schoen. Heel veel
tegoed had ik nog van het leven.
Wel zocht ik voortdurend naar water
dat er moest zijn. In de hitte
voelde ik koelte al nader.
Stembussen werden gelost
uit een trein. Het leken
te grote zoetekoeksdozen.
Een kolonel in zwarte kledij
ging stil en treurig voorbij.
Ik had een soort meelij met hem.
Maar niet naar wat voorbijgaat
was ik zoekend. Pas toen wij een
bocht omgingen was daar water.
Er was althans een uitgeslepen
bedding van rode steen met
onderin een murmelende stroom.
Er zat een wending in als van
een wielerbaan, een wervelende rok.
Beweging die blijft voortbestaan
als alles is gestokt.
J. Eijkelboom
Gelezen in de gedichtenbundel 'De spiegel van de Nederlandse poëzie' die ik vorige week kocht. Ik bladerde het even door en mijn oog viel meteen op dit gedicht. Geeft het eigene van Griekenland mooi weer.
Middelburg kleurt dit weekend roze. Giro-roze om precies te zijn. Morgen is hier de finish van de laatste Nederlandse etappe en de hele stad is in een roze mood. Zo roze dat het me gisteren verbaasde dat er geen roze tomaten, paprika’s en komkommers in de groentekraam op de markt lagen… Maar er lag wel iets paars! Een bak vol aubergines. En omdat dat tenslotte toch een zeer donkere variant van roze is leek het me wel passend om ’s avonds iets met aubergine te koken.
Het meest bekende Griekse gerecht is zonder twijfel moussaka. Vrijwel iedere Griekenlandganger zal dit wel een keer gegeten hebben. In Griekenland, of in een Grieks restaurant in Nederland. Tenzij je niet van aubergines houdt natuurlijk. Waar ik me niets bij kan voorstellen, ik vind het een heerlijke groente. In Griekenland zijn er veel gerechten waar aubergine in verwerkt wordt. Behalve de overbekende moussaka (laagjes aubergine, gehakt/tomaat/ui-mengsel, aardappel en overgoten met kaas-bechamelsaus) heb je bijvoorbeeld Papoutsakia, gevulde aubergines met een kruidig gehaktmengsel of Imam Bayeldi, gevuld met een tomaal-uimengsel. Heel erg lekker zijn ook gegrilde plakken aubergine overgoten met een warme tomatensalsa en verkruimelde feta (die warm wordt na vermengen met de tomatensaus, waardoor ook ik het heerlijk vind…). De allerlekkerste at ik een paar jaar geleden in Iria, een klein dorp in Argolida, Peloponnesus. Op het dorpsplein, in een taverna waar de hele boerenbevolking en de gasten uit het kustdorpje samen aten en kletsten. Ik heb er de meest wonderlijke vervoermiddelen gezien, van een oeroude mini-pickup tot een tractor die gewoon voor het dagelijks vervoer werd gebruikt. Iria is trouwens een echt ‘Anginari-dorp’, een dorp waar een groot deel van de artisjokken in Europa vandaan komen heb ik mij laten vertellen, maar daarover later meer. Lees eventueel het verslag van de vakantie in Iria in 2006.
De aubergine komt oorspronkelijk uit India en de Arabieren brachten hem in de 13e eeuw naar Europa. Tot voor kort werd hij alleen in de landen rond de Middellandse zee verbouwd, maar nu ook weer al jaren in Nederland, met dank aan de vele kassen in ons land. Er zijn veel soorten en kleuren, maar wij kennen vooral de donkerpaarse, vrij dikke variant. In Griekenland zie je de zogenaamde Langada, kleiner dan de bij ons bekende soort en ook langer van vorm. Je zou het niet zo zeggen maar de aubergine bestaat voor ruim 90% uit water; dat betekent dat er in Griekenland problemen ontstaan bij langdurige droogte, de vrucht droogt dan namelijk uit en smaakt niet meer echt. Dé streek van de aubergine is de regio rond Leonidio, op de Pelopponesus. Hier worden naar het schijnt de meeste aubergines van Griekenland geteeld. Deze zeer vruchtbare regio, met in de oudheid al een overvloed aan eetbare producten, werd om die reden de ‘tuin van Dionysus’ genoemd. Klinkt niet onaardig. Tenslotte is Dionyssus de god van de wijn… Overigens een schitterende regio!
Lezen over Leonidio? Ik was er in mei 2006 en heb daarover een stukje geschreven.
En… dit stond dus gisteravond op het menu:
Pasta met aubergine en courgette
(vegetarisch)
Voor 2 personen: 4 lente-uitjes of 1 kleine ui, klein gesneden – 1 teentje knoflook, geperst – 1 el olijfolie – 1 kleine aubergine, in stukjes – 1 kleine courgette, in stukjes – ˝ blik tomatenblokjes – 2 takjes verse oregano of 1 tl gedroogde – zout, peper – 1 tl pittig kruidenmengsel (bijvoorbeeld Dipper Siciliana van Oil & Vinegar) – Parmezaanse kaas – 1 el verse peterselie.
Doe de in stukjes gesneden aubergine in een vergiet en strooi er zout over. Laat 20 minuten staan, spoel af en droog de blokjes wat met keukenpapier. Verhit de olijfolie in een hapjespan of kleine braadpan, fruit de ui met het teentje knoflook op zacht vuur tot het begint te geuren. Doe de aubergine en courgette in de pan, zet het vuur hoger en roerbak de groenten zo’n 10 minuten. Doe de tomatenblokjes erbij en breng aan de kook. Zet het vuur zachter, voeg het pittige kruidenmengsel toe en laat het 10 minuten stoven. Doe de oregano erbij en voeg zout en peper naar smaak toe en stoof nog een paar minuten.
Serveer deze pastasaus op een pasta naar keuze en met de Parmezaanse kaas en de verse peterselie.
Meer recepten met aubergine op de receptenpagina.
Ik heb net met verbijstering naar het nieuws gekeken, waar beelden vanuit Griekenland het ergste deden vermoeden. Dat er vandaag stakingen zouden zijn, op zich al een klein drama zo zachtjes aan, was bekend. Ook dat er gedemonstreerd zou worden tegen de enorme bezuinigingsoperatie die de Griekse regering heeft afgekondigd. Maar dat dit op een kleine stadsoorlog uit zou lopen had ik toch niet verwacht. De gebruikelijke groep anarchisten heeft de dag van demonstraties aangegrepen om weer eens hard om zich heen te grijpen. Het wild optreden tegen politie, banken, overheidsinstellingen en luxe winkels en winkelketens lijkt meer en meer een doel op zich te worden.
Maar nu is er toch weer een grens overschreden. Er i s onder meer een brandbom in een bankfiliaal gegooid waar mensen gewoon hun werk deden. Met drie doden en vele gewonden als gevolg. En een hoop verdriet voor veel mensen. Ik moet zeggen, dat ik echt geschokt ben. En verontwaardigd. En teleurgesteld. En verdrietig. Ik hou van het land, van de mensen, van de doorgaans optimistische aard en luchtige manier van leven. Maar dit is een zwarte plek in een groen-blauw land. Deze relatief kleine groep extremen weet ook nu weer de aandacht op een negatieve kant van Griekenland te vestigen. De beelden gaan de wereld over en doen de beeldvorming natuurlijk geen goed.
Ik weet het. Het valt vast niet mee om alle maatregelen die over ze uitgestort worden te accepteren. Met de mensen die het niet zo makkelijk hebben in dit economisch zwaar weer leef ik mee (uiteraard niet met de zich steeds meer verrijkende supergraaiers onder hen..) en ik snap dat het zwaar is om een andere toekomst in te kijken. Maar als nuchtere Nederlandse (niet rijk, niet arm, heel gemiddeld) denk ik dan, kop op, kijk naar de kansen en niet alleen naar wat minder wordt. Ook al is de verdeling van de lasten vast onrechtvaardig (is dat niet vaak zo?), accepteer het nu even en doe daar dan vervolgens iets aan. En wetend dat in veel beroepsgroepen de pensioengerechtigde leeftijd al begint wanneer wij nog een carričreswitch overwegen, denk ik, mwah, 65 is toch niet zo verkeerd? Ook de 13e en 14e maand is moeilijk uit te leggen, al heeft iemand dat geprobeerd. Want je moet die maanden verdelen over de overige twaalf om tot een fatsoenlijk salaris te komen. Tja, ik blijf dat lastig vinden om te beoordelen. De berichten zijn té verschillend, volgens de een verdienen ambtenaren per maand netto zo’n 1400 euro (+ 2800 per jaar extra denk ik dan nu), volgens anderen minder. Ook weet ik dat veel salarissen in de privésector de 900 euro nauwelijks halen, zeker voor starters. En dat is natuurlijk niet echt te veel. Maar goed, starters bij ons beginnen ook in veel branches met het minimumloon. Wel is in Griekenland grote werkloosheid, waardoor veel afgestudeerden geen rooskleurig toekomstbeeld zien.
Al met al hoop ik oprecht dat er toch op de een of andere manier een omslag in denken komt bij grotere groepen Grieken. En dat zij met elkaar dit door weten te zetten en toch iets in beweging kunnen brengen dat de weg naar boven betekent. Weg uit deze negatieve spiraal. Wat dan ook betekent dat men een aantal op z’n zachtst gezegd ongezonde gewoonten (corruptie, massale belastingontduiking, fraude met regelgeving) probeert aan te pakken. En zo ook de rechtvaardigheid weer wat terugbrengt in het land. Want volgens mij is dan de bereidheid om met z’n allen te werken aan verbetering van het land ook vele malen groter. En kan ook wat succesvoller opgetreden worden tegen de groep anarchisten die steeds maar weer voor problemen zorgt en het leven in Athene een stuk minder aangenaam maakt.
Tja, ik weet dat ik ook de oplossing niet heb, wie wel. Iemand vroeg me laatst waarom ik niet vaker schrijf over de maatschappelijke situatie in Griekenland, terwijl ik zoveel over het land lees en er regelmatig doorheen reis. Het antwoord is dat ik daar gewoon veel te weinig van weet. Ik lees graag het weblog van Bruno Tersago, die vrijwel dagelijks verslag doet van werk en leven in Athene en van alle maatschappelijk en politieke beroering die er speelt. Ik kan mensen die meer willen weten over deze situatie alleen maar adviseren om dat blog te raadplegen. Ik heb daar niets aan toe te voegen.
Vandaag, op de dag van de vrijheid in Nederland, wilde ik alleen even mijn hart luchten!
Vandaag 6 mei in de Volkskrant een achtergrondartikel van Marcel van Dam.
Vakantie, eindelijk rust en tijd om te genieten van de zon, het buiten zijn, leuke gesprekken en lekker eten. Smullen van de vele heerlijke gerechten die de Griekse keuken kent. Je laten verrassen door wat de kok en het seizoen samenbrengt. Jammie, jammie. Ik herinner me nog goed het plaatsje Afissos, in de Pilion, in het voorseizoen. Rustig, heel rustig was het er aan de boulevard toen we ’s avonds op zoek gingen naar een leuk eettentje. En toegegeven, leuk was het, die kleine taverne direct aan het water. En stil. Maar het rook er heerlijk! Nee, een menukaart was er niet. We konden kiezen uit drie gerechten ‘van het seizoen’ en als we wilden ook nog wel wat anders als we even in de keuken zouden aanwijzen welke ingrediënten we lekker vonden. Het werd een superlekker stuk kalfsvlees in tomatensaus met pasta en gegrilde courgettes. Mmmm, buikje rond! Helaas, een toetje zat er niet meer in…
Dat koken met seizoensproducten heeft er altijd ingezeten in Griekenland. Ik heb me laten vertellen dat de Griekse keuken eigenlijk al zo’n 25 eeuwen oud is en dat ze zelfs toen al diverse ingrediënten en specerijen mengden om het lekkerste resultaat te krijgen! En dat terwijl de rest van Europa zich voornamelijk voedde met geroosterd vlees! De belangstelling voor koken en eten is altijd gebleven in Griekenland. Zelfs beroemde schrijvers en filosofen hielden zich bezig met het uitproberen van verschillende combinaties om hun gasten te verrassen. Vanaf de tijd van Alexander de Grote werd het koken tot kunst verheven. Professionele en duurbetaalde koks deden hun intrede en de eerste kookscholen werden opgericht. De koks verwierven met de jaren een steeds grotere reputatie en werden qua naam zelfs vergeleken met grote wijsgeren in die tijd. Maar ja, ze werden duurder en duurder tot op een moment een slimme rijkaard z’n kok een keukenmaatje aanbood. Om de kok te ondersteunen en de rotklusjes op te knappen. Ja, ja. Leuk aangeboden, maar ondertussen kreeg deze slaaf de opdracht om de kunst flink af te kijken. En zodra hij het vak genoeg beheerste, vloog de opperkok eruit en kreeg de kokslaaf allerlei privileges om hem gemotiveerd te houden…
De Griekse keuken berustte altijd al op vier pijlers: verse ingrediënten, vitamines, eenvoud en afwisseling. Steeds weer werden en worden allerlei ingrediënten en specerijen verrassend met elkaar gecombineerd. Vlees en vis samen in een pan, een schotel van noten, rijst en fruit, diverse groenten met pasta, het kan allemaal. Een supergezonde keuken, gebaseerd op oude tradities en de verkrijgbaarheid van genoeg verse producten in de diverse seizoenen. Ik heb al eerder geschreven over het mediterrane dieet als een gezonde en lekkere levenswijze. Nu nog maar eens een passend recept erbij, gebaseerd op het gerecht dat ik in Afissos heb gegeten in de taverne aan het water. En, het is planttijd (en heeft genoeg geregend..), zet wat verse mediterrane kruiden in de tuin: rozemarijn, tijm, oregano, salie en liefst ook een laurierboom. Deze laatste groeit weliswaar langzaam maar dan heb je ook levenslang elke dag verse laurierblaadjes binnen handbereik. Heerlijk!
Gestoofd rundvlees (of kalfsvlees) in tomatensaus
Nodig voor 4 personen: 600 g magere runderlappen (of kalfslappen), in stukken – 2 el olijfolie (of half olijfolie/half boter) – 1 ui, gesnipperd – 1 teentje knoflook, geperst – peper en zout – ˝ tl kaneel – 1 blik gepelde tomaten (400 g) – 1 laurierblaadje.
Verhit de olijfolie en bak de stukken vlees lichtbruin. Strooi er ondertussen zout en peper over. Voeg de ui, de knoflook en de kaneel toe en zet het vuur laag. Bak een paar minuten tot de ui zacht is. Voeg de tomaten met het vocht toe. Prak de tomaten wat kleiner en roer alles goed door elkaar. Breng aan de kook, zet het vuur dan zacht en laat het vlees in ca. 2,5 uur gaar sudderen. Serveer met pasta of nieuwe aardappelen en groene groente zoals courgetteblokjes, broccoli, snijbonen, sperziebonen of groene kool. Een groene salade smaakt ook prima. Ik had geen peterselie in huis (en tuin), anders had ik er zeker nog wat overheen gestrooid!
Twijfels over een bezoek aan een bijna failliet land dat ons misschien wel met de euro de afgrond intrekt? Geen trek in een torenhoge terrasrekening, een halfleeg hotel of een chagrijnige taxichauffeur? Lees verder!! Tien redenen om toch te gaan…
1. Griekenland, land van zon, blauwe lucht en een diep turquoise zee. Een koel briesje door je haar, terwijl je geniet van een spectaculaire zonsopgang. Het strand ligt er nog verlaten bij, de zee kabbelt, in de verte komt een boot dichterbij. De hoorn klinkt, hij kondigt zich aan en op de kade begint het geroezemoes van reizigers, brommers, auto’s en verkopers. Op het terras tegenover de haven bestel je een eerste frappé en luister je naar het Grieks gekeuvel van de eerste andere gasten en besef je weer dat het nergens zo is als hier.
2. Het overweldigende licht, de groene velden, het ruisen van het riet. Het getwitter van de cicaden, het ritselen van een schildpad en het gemekker van de geiten. Bergen in stilte, overal groen en kleuren van het voorjaar. Je ruikt de kruiden, je kijkt om je heen en vraagt je af of hier echt niemand woont.
3. De smaak van Griekenland. De koulouri’s die zo lekker zijn als ontbijt, de supergrote en sappige perziken en watermeloenen, de zoete kersen, overal vers water uit de bronnen, de vijgen en citroenen aan de bomen. De markt met z’n grote torens groene bonen, aubergines en tomaten. Paprika’s in alle kleuren, verse knoflook en okra’s, bietjes en wilde groenten.
4. De masten van de bootjes in de haven tikkend in de wind, de vissers die elke ochtend hun avondmaal bij elkaar vangen, de oude mannen die een visje halen bij een van de vissersboten die ’s nachts een dagopbrengst bijeen hebben gevangen.
5. Het indrukwekkende schouwspel van zon tussen de zuilen, het nietig voelen naast de grootsheid, het besef dat er eeuwen aan dit moment vooraf zijn gegaan. Eeuwen van leven in allerlei gedaanten, de bakermat van onze beschaving. Een prachtig uitzicht te midden van culturele rijkom en niet uitwisbare sporen. Voelen aan het verleden en ruiken aan de toekomst.
6. Kinderen die luid gillend over het plein rennen, brommers die te hard scheuren en overal neer worden gesmeten en auto’s die met luide radio en een te grote uitlaat de smalle straatjes proberen door te komen. De lotenverkoper die schuifelend langs de terrassen gaat, de Griekse vrouwen die beladen met pakjes en kinderen met veel kabaal bij zitten te praten met hun vriendinnen, de ober die niet altijd even vrolijk vraagt of je soms iets drinken wilt. De langsrijdende auto die dan met gierende banden in de remmen gaat, stil wordt gezet voor de ingang, waarna alle inzittenden voorzien van mobiel en sigaretten op het terras neer ploffen.
7. Het geschreeuw van de families tijdens het gezamenlijke eten op zondagmiddag, de vrouwen in bonbonverpakking en behangen met veel geglitter, het gezoen en gesmak en de veldslag die er achterblijft als ze weggaan. Maar ook het heerlijke rustige tafeltje voor de kleine taverna in het dorp, waar niemand zit behalve de eigenaar die persoonlijk komt vragen wat hij voor je zal klaarmaken. Een kaart is er niet, maar er zijn lekkere courgettes, zoete tomaten, mooi lamsvlees en heerlijke aardappelen. De huiswijn is er onovertroffen en de zaziki smaakt wéér anders dan die van gisteren.
8. Zondagmiddag op het strand. Grieks gekwetter om je heen, grote tassen worden uitgeladen, het geurt naar zonnebrandcrčme, kinderen gillen als ze (niet zachtzinnig) worden ingesmeerd. Het eerste gespetter in zee, vaders leren hun kinderen zwemmen (waarom altijd de vaders??) en de moeders diepen koek, snoep en limonade uit de tassen op. Vriendelijke mensen die vragen of ze bij je mogen komen zitten en je vervolgens uithoren over je land, je echtgenoot, je kinderen en je salaris. Vragen naar de prijs van benzine en sinaasappelen en vertellen dat Goelit, Croijf en Ten Cate toppers zijn.
9. Wachten op de ferry, de bus, de taxi, de ober, de ambtenaar, de … Wachten, wachten, wachten. Siga, siga, waarom zoveel ongeduld. De boot komt heus wel een keer. Straks. Of vanavond. En anders toch wel morgen.
10. De laatste dag, nog even naar de bakker, de supermarkt, het tuincentrum. Wat gaat er mee naar huis? Baklava of walnotengebak. Koekjes, heel veel verschillende koekjes. Gedroogde oregano en knoflookpeper. Kruidenblokjes, blikjes inktvis en dolmades. Ouzo, wijn, olijfolie, olijven. En als je met de auto bent ook nog een nieuwe terracotta pot. En al het voorgaande in grotere hoeveelheden.
Wie vult aan???
Ithomi - Peloponnesus; mei 2009
Koroni - Peloponnesus; mei 2009
Milopotamos - Kythira; juni 2009
Monemvassia - Peloponnesus; juni 2009
Meer foto's (klik op de foto's in de gallery voor een vergroting)
Twijfels over een bezoek aan een bijna failliet land dat ons misschien wel met de euro de afgrond intrekt? Geen trek in een torenhoge terrasrekening, een halfleeg hotel of een chagrijnige taxichauffeur? Lees verder!! Tien redenen om toch te gaan…
1. Griekenland, land van zon, blauwe lucht en een diep turquoise zee. Een koel briesje door je haar, terwijl je geniet van een spectaculaire zonsopgang. Het strand ligt er nog verlaten bij, de zee kabbelt, in de verte komt een boot dichterbij. De hoorn klinkt, hij kondigt zich aan en op de kade begint het geroezemoes van reizigers, brommers, auto’s en verkopers. Op het terras tegenover de haven bestel je een eerste frappé en luister je naar het Grieks gekeuvel van de eerste andere gasten en besef je weer dat het nergens zo is als hier.
2. Het overweldigende licht, de groene velden, het ruisen van het riet. Het getwitter van de cicaden, het ritselen van een schildpad en het gemekker van de geiten. Bergen in stilte, overal groen en kleuren van het voorjaar. Je ruikt de kruiden, je kijkt om je heen en vraagt je af of hier echt niemand woont.
3. De smaak van Griekenland. De koulouri’s die zo lekker zijn als ontbijt, de supergrote en sappige perziken en watermeloenen, de zoete kersen, overal vers water uit de bronnen, de vijgen en citroenen aan de bomen. De markt met z’n grote torens groene bonen, aubergines en tomaten. Paprika’s in alle kleuren, verse knoflook en okra’s, bietjes en wilde groenten.
4. De masten van de bootjes in de haven tikkend in de wind, de vissers die elke ochtend hun avondmaal bij elkaar vangen, de oude mannen die een visje halen bij een van de vissersboten die ’s nachts een dagopbrengst bijeen hebben gevangen.
5. Het indrukwekkende schouwspel van zon tussen de zuilen, het nietig voelen naast de grootsheid, het besef dat er eeuwen aan dit moment vooraf zijn gegaan. Eeuwen van leven in allerlei gedaanten. Een prachtig uitzicht te midden van culturele rijkom en niet uitwisbare sporen. Voelen aan het verleden en ruiken aan de toekomst.
6. Kinderen die luid gillend over het plein rennen, brommers die te hard scheuren en overal neer worden gesmeten en auto’s die met luide radio en een te grote uitlaat de smalle straatjes proberen door te komen. De lotenverkoper die schuifelend langs de terrassen gaat, de Griekse vrouwen die beladen met pakjes en kinderen met veel kabaal bij zitten te praten met hun vriendinnen, de ober die niet altijd even vrolijk vraagt of je soms iets drinken wilt. De langsrijdende auto die dan met gierende banden in de remmen gaat, stil wordt gezet voor de ingang, waarna alle inzittenden voorzien van mobiel en sigaretten op het terras neer ploffen.
7. Het geschreeuw van de families tijdens het gezamenlijke eten op zondagmiddag, de vrouwen in bonbonverpakking en behangen met veel geglitter, het gezoen en gesmak en de veldslag die er achterblijft als ze weggaan. Maar ook het heerlijke rustige tafeltje voor de kleine taverna in het dorp, waar niemand zit behalve de eigenaar die persoonlijk komt vragen wat hij voor je zal klaarmaken. Een kaart is er niet, maar er zijn lekkere courgettes, zoete tomaten, mooi lamsvlees en heerlijke aardappelen. De huiswijn is er onovertroffen en de zaziki smaakt wéér anders dan die van gisteren.
8. Zondagmiddag op het strand. Grieks gekwetter om je heen, grote tassen worden uitgeladen, het geurt naar zonnebrandcrčme, kinderen gillen als ze (niet zachtzinnig) worden ingesmeerd. Het eerste gespetter in zee, vaders leren hun kinderen zwemmen (waarom altijd de vaders??) en de moeders diepen koek, snoep en limonade uit de tassen op. Vriendelijke mensen die vragen of ze bij je mogen komen zitten en je vervolgens uithoren over je land, je echtgenoot, je kinderen en je salaris. Vragen naar de prijs van benzine en sinaasappelen en vertellen dat Goelit, Croijf en Ten Cate toppers zijn.
9. Wachten op de ferry, de bus, de taxi, de ober, de ambtenaar, de … Wachten, wachten, wachten. Siga, siga, waarom zoveel ongeduld. De boot komt heus wel een keer. Straks. Of vanavond. En anders toch wel morgen.
10. De laatste dag, nog even naar de bakker, de supermarkt, het tuincentrum. Wat gaat er mee naar huis? Baklava of walnotengebak. Koekjes, heel veel verschillende koekjes. Gedroogde oregano en knoflookpeper. Kruidenblokjes, blikjes inktvis en dolmades. Ouzo, wijn, olijfolie, olijven. En als je met de auto bent ook nog een nieuwe terracotta pot. En al het voorgaande in grotere hoeveelheden.
Wie vult aan???
Steeds vaker lees en hoor je dat de Griekse wijn aan een opmars bezig is. De kwaliteit wordt steeds beter en de verkrijgbaarheid in Nederland groter. Ik vond het daarom leuk om eens in de geschiedenis van de wijn te duiken. Naar het schijnt hebben de Grieken een belangrijk aandeel gehad in het doorontwikkelen en verspreiden van de wijnbouw…
Zeewater
Wijnranken bestonden
waarschijnlijk al in de tijd dat er nog dinosaurussen rondliepen
op onze aardbol, zo’n slordige zestig miljoen jaar geleden.
Alleen werd er toen nog geen wijn gemaakt.. Het schijnt dat het
ontstaan van wijn toegeschreven mag worden aan de aapmensen, die
ontdekten dat gegiste druiven een bijzondere drank opleverden.
Het oudste bewijs van het gebruik van wijn is ruim 7000 jaar oud.
In Noord-Iran is een pot gevonden, waarvan na de analyse met
zekerheid gezegd kon worden (vraag me niet hoe..) dat er wijn in
heeft gezeten. Daarom wordt de Kaukasus de bakermat van de wijn
genoemd. Zo rond 4000 voor Christus maakte het kweken van druiven
een grote ontwikkeling door in wat wij nu het Midden-Oosten
noemen. In Syrië is de oudste wijnpers gevonden. Vanuit het
Midden-Oosten is de kennis over het maken van wijn onze kant op
gekomen, met name door de Grieken en Romeinen. In het oude
Griekenland waren Mycene en Sparta de centra voor wijnbouw.
Vroeger mengden de Grieken de wijn geregeld met zout zeewater,
naar het schijnt om hem soepeler te maken. En wanneer wijn zuur
geworden was, mengden ze er nootmuskaat, kaneel, koriander en
honing doorheen. Grieken waren liefhebbers en kenners, die hun
god van de wijn Dionysus volop eerden!
Zuipschuiten
De Grieken droegen hun kennis
over aan de Romeinen en noemden Italië zelfs Oinotria, wijnland.
Ze introduceerden de wijnbouw ook in Frankrijk, nog voordat de
Romeinen die kant opgingen. Het zijn vervolgens wel de Romeinen
geweest die voor verdere verspreiding noordwaarts zorgden,
waardoor met name Frankrijk en Duitsland echte wijnlanden werden.
In de Middeleeuwen waren het vooral de monniken die het
pionierswerk verrichtten op het gebied van wijn. Vooral Karel de
Grote was een belangrijke aanjager (en liefhebber!). Hij beval
dat op de koninklijke wijngoederen ook kroegen voor het volk
moesten worden opgericht. Wijn en wijnbouw werden steeds meer
onderdeel van het kerkelijk leven. Worden kloosters in België
tegenwoordig vooral geassocieerd met bier, in die tijd was dat
wijn! Het wijnverbruik schijnt destijds zo’n 200 liter per
jaar geweest te zijn. Tegenwoordig is dat in Nederland bijna 22
liter… Zuipschuiten dus, die Middeleeuwers. Maar ja, water
was toen meestal niet te drinken en veel andere dranken bestonden
nog niet.
Meer wijn
Nu, vele eeuwen later, is wijn
niet meer weg te denken uit ons leven. Men name in de landen rond
de Middellandse Zee staat er iedere dag wel wijn op tafel bij de
maaltijd. Maar ook in Nederland stijgt de consumptie van wijn ten
koste van die van bier. Nederlanders drinken vooral Franse wijn,
deze heeft een marktaandeel van 36%, gevolgd door Zuid-Afrikaanse
wijn (22%) en Duitse wijn (11%). We drinken vooral graag rode
wijn, deze mag steeds duurder zijn en wordt vooral ook steeds
vaker thuis genuttigd. Volgens onderzoeksbureau Trendbox liggen
er nu ruim 70 miljoen flessen wijn bij mensen thuis in de
wijnrekken.
Bronnen: Een boekje over een Zeeuwse wijnroute (niet meer verkrijgbaar) en internet. Informatie over Griekse wijnen: Voorbeeld 1 en voorbeeld 2). Maar er zijn uiteraard meer bronnen; even googelen!
Griekenland kent veel soorten (vooral zoet) gebak, vaak gekoppeld aan diverse gebeurtenissen die zo door het jaar plaats kunnen vinden. Kerst, Nieuwjaar, Pasen, huwelijk, naamdag, geboorte of een sterfgeval zijn daar zo wat voorbeelden van. Elk moment z’n eigen taart of koek. Maar daarnaast zijn er nog heeeeeeeeeeeeeeel veel andere soorten lekkers waar ik soms toch lastig weerstand aan kan bieden als ik o zo toevallig ergens op een bakker stuit. Natúúrlijk zegt dat stemmetje in mijn hoofd dat ik er niet in moet trappen, dat de groenteboer een betere optie is, maar ondertussen hoor ik mezelf zeggen ‘doe maar vijf van die, acht van deze, tien van…’. Tja. In zo’n koekwalhalla valt het niet mee sterk in je schoenen te staan!
Een paar van die lekkere dingen bak ik ook regelmatig zelf. Zoals Revani, een overheerlijke griesmeelcake, of Baklava, het bekende noten-honing gebak, of bijvoorbeeld Galaktoboureko, een puddinggebakje in bladerdeeg. Jammie, jammie… En érrug lekker is ook de Karidopitta, de walnotentaart die je in oneindige hoeveelheden kunt bakken. Je hoeft daarvoor niet te wachten tot je naamdag (op veel Griekse eilanden wordt deze taart dan gebakken). Zet hem je collega’s voor en de stukjes verdwijnen als sneeuw voor de zon! Ik weet dit uit ervaring… Voor de liefhebbers hierbij het recept:
Karidopitta
Nodig voor 10-12 stukken*: 150
g ongezouten boter/margarine – 115 g poedersuiker – 4
eieren, gesplitst – 4 el cognac – 1 tl kaneel –
300 g gepelde walnoten – 150 g zelfrijzend bakmeel –
2 tl bakpoeder – zout.
Voor de siroop: 250 g poedersuiker – 2 el cognac –
2-3 reepjes sinaasappelschil – 2 kaneelstokjes.
Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een bakvorm van 35 x 23
cm en minstens 5 cm diep* in. Klop de boter zacht in een grote
kom. Voeg de suiker toe en blijf kloppen tot het mengsel licht en
luchtig is.
Voeg de eierdooiers een voor een toe en klop het mengsel telkens
even door. Roer de cognac en kaneel erdoor. Hak de walnoten grof
met de keukenmachine of staafmixer en roer de stukjes met een
houten lepel door het mengsel.
Meng de bloem goed met het bakpoeder. Doe een snufje zout in het
eiwit en klop dit stijf. Schep het eiwitschuim, afgewisseld met
het meel lepel voor lepel door het beslag.
Schep het beslag dan in de bakvorm (of ovenschaal). Strijk het
uit en zorg dat het zo’n 4 cm diep staat. Bak de taart ca
40 minuten, tot hij bovenop goudbruin is en van binnen gaar.
Controleer met een erin geprikte pen. Haal de taart uit de oven
maar laat deze in de vorm.
Maak nu de siroop: Roer in een steelpan de suiker door 3 dl
water. Zet op een laag vuur en verwarm alles al roerend tot de
suiker is opgelost. Breng dan aan de kook. Draai het vuur weer
lager en voeg de cognac, reepjes sinaasappelschil en
kaneelstokjes toe. Laat deze 10 min trekken op laag vuur.
Haal de walnotentaart uit de vorm. Snijd de nog warme taart in
stukken. Schenk de siroop er langzaam over. Laat de stukken taart
minimaal 20 minuten de siroop opzuigen vóór het serveren. Deze
taart smaakt de volgende dag vaak nóg lekkerder!
* Wanneer de vorm groter is wordt
de taart lager, maar kunnen er meer (kleinere) stukjes uit
gesneden worden.
Gezond
De walnoot staat in het Latijn
bekend onder de naam Juglans regia. Mocht je denken dat er maar
één walnoot is, dan heb je het mis hoor. Er zijn honderden
varianten! Walnoten, noten in het algemeen trouwens, zijn
supergezond. Wel hebben ze vrij veel calorieën, walnoten
zo’n 700 per 100 gram, dus beetje oppassen geblazen. Maar,
er zitten ook veel voedingsstoffen in zoals calcium, kalium,
vezels, vitamine 3, foliumzuur, magnesium. plantaardig eiwit en
veel Omega-3 vetzuren. Een handje per dag kun je dus gerust eten.
Misschien niet elke dag walnoten, ook amandelen, hazelnoten en
pinda’s zijn gezond. In veel landen worden noten volop
meegenomen bij het bereiden van de maaltijd, ze zijn een goede
vleesvervanger en erg lekker in diverse hartige en zoete
gerechten.
In de kerkdienst op zaterdagochtend gaat het er al opgewekter aan toe, de opstanding begint. Die dag wordt ook het paaslam geslacht en vinden de laatste andere voorbereidingen voor het paasfeest plaats. Bij de bakkers is het druk, overal in de straten is beweging en iedereen houdt zich maar bezig met één ding: hoe zorgen we ervoor dat ons paasfeest dit jaar weer onvergetelijk wordt. De kinderen pakken hun paaskaars vast uit en verheugen zich op een lange avond. Om 23.00 uur gaan de meesten dan naar de kerk, voorzien van een kaars. Kort voor middernacht gaat het licht overal uit en brandt alleen nog het ‘eeuwige licht’. Dan steekt de priester zijn de witte kaars aan bij het eeuwige licht en zegt ‘Kom en ontvang het eeuwige licht’. De gelovigen steken hun kaars aan bij de priester en geven het licht vervolgens ook aan elkaar door. Zo verspreidt het eeuwige licht zich onder alle gelovigen, terwijl ze tegen elkaar zeggen ‘Christus is opgestaan. Hij is waarlijk opgestaan’. Dan volgt klokkengelui, vuurwerk en soms ook allerlei ander lawaai. Bedoeld om de demonen te verdrijven.
Vervolgens gaat iedereen naar huis om zich tegoed te doen aan de traditionele Paassoep, de majiritsa. Ook worden de eerste rode eieren getikt.
Legende van de rode eieren
Waarom rode eieren? Een legende verklaart het als volgt. Toen
verschillende vrouwen naar het graf van Jezus kwamen om zijn
lichaam te wassen en te zalven met welriekende olie, was het graf
leeg. Een engel verscheen en vertelde hen van de opstanding van
Jezus. Opgewonden liepen de vrouwen naar huis en vertelden aan
iedereen die ze onderweg tegenkwamen over de opstanding van
Jezus.
Een oude boerenvrouw, die juist uit het kippenhok kwam, hoorde
hen en zei vol ongeloof: ‘Als dat waar is, dan worden de
eieren in mijn schort rood.’ En de eieren werden rood.
(Ds. Anki Peper).
Meer algemeen zegt men wel dat het rood van de geverfde eieren het bloed van Jezus verbeeldt.
De zondag is de dag van het lam. Het is een echte feestdag, waarop men volgens traditie voor het eerst weer vlees eet. Overal wordt dan ook de barbecue aangestoken en wordt het paaslam aan het spit geregen. In alle straten verspreidt zich de geur van geroosterd vlees en overal klinkt muziek. Dit is een onafscheidelijke combinatie op Paaszondag. Hetzij vanuit huis, vanuit een in de tuin geďnstalleerde gettoblaster of met behulp van de autoradio, muziek zal er zijn!
Geen paaslam, maar een lamsspies
Om een beetje in de sfeer te blijven staat er vanavond (eigenlijk paar dagen te vroeg dus) een lamsspies op het menu.
Voor 2 personen heb je nodig: 250 g lamsschouder (zonder bot) in niet te kleine stukjes – 2 el olijfolie – 1 el citroensap, 1 teentje knoflook, geperst – oregano, tijm, zout, peper – ˝ rode paprika 1 grote of 2 kleine rode uien.
Maak een marinade van olie, citroensap, knoflook, oregano en tijm en laat de stukken vlees hierin minimaal 4 uur marineren.
Haal de blokjes uit de marinade, bewaar deze. Rijg het vlees, de paprika en de ui om en om aan de spiesen. Leg ze op een rooster of bakplaat en bestrijk met marinade. Rooster ze (niet té dicht bij de hittebron) 10 minuten tot het vlees begint te schroeien. Draai om en bestrijk opnieuw met marinade en grill nog 10-15 minuten. Goed opletten of het niet te hard gaat. Serveer meteen, bijvoorbeeld met tomatenpilav of frietjes/gebakken aardappelen met wat oregano erover. Een tomatensalade smaakt er heerlijk bij.
Goed Pasen gewenst!
Ik ben aan het opruimen. Althans ik doe een poging. Om de een of andere reden schiet het niet echt op. Ik pak op, bekijk, leg neer, verplaats, lees wat, zet weer neer, bedenk me en zet ze ergens anders, enzovoort. Tja. Mijn boekenkasten boven puilen uit. En dat moet anders. Ik kijk naar de overloop, daar staan tig kleurige kratten met boeken me toe te smilen. Wat ben ik blij dat ik vanaf april weer met een hele voorraad naar de boekenmarkten kan! Daarvoor zijn de afgelopen maanden weer heeeel veel boeken ingekocht, uitgezocht, verzameld, geordend en van labels voorzien in kratten en dozen gegaan. Nu mijn eigen boekenkasten nog. Daar moet ik streng zijn voor mezelf, er moet wat weg…! Het wordt te veel, ik blijf nieuwe kopen en er is geen plaats meer.
Mijn Griekenlandverzameling groeit ook de planken af. Aan dat soort boeken kan ik natuurlijk helemaal geen weerstand bieden als ik door de Kringloopwinkel loop. Of op Marktplaats aan het rondstruinen ben. Gisteren nog een verhalen- en gedichtenbundel gescoord, met verzamelde Griekse verhalen en gedichten, vertaald door Mario Molegraaf en Hans Warren. Het was bovendien een titel die nog niet op de boekenlijst stond. Ook weer leuk als aanvulling. De afgelopen weken zijn er weer 12 titels bijgekomen, na wat speurtochten op internet. De spoeling wordt dunner natuurlijk. Maar toch hoop ik de volgende keer boven de 300 uit te komen! Wie dus nog een boekje heeft/kent dat er nog niet opstaat, MAIL MIJ!
En voor wie het interesseert, de boekenlijsten zijn weer ververst. Ze zijn nog niet heringedeeld, dat komt de volgende keer.
Lezen over Griekenland; een duik in het (nog redelijk recente) verleden
Als ik eind jaren dertig al op de wereld geweest was, had ik
Arthur Staal wel willen zijn. Z'n boek ‘Hellas’ geeft
een boeiend verslag van zijn reis door Griekenland in 1939.
Vooropgesteld dat ik liever niet in dat tijdperk geleefd had, zo
aan de vooravond van de 2e Wereldoorlog, is het
interessant om je via zijn verhalen een beeld te vormen van het
Griekenland van toen. Het eerste hoofdstuk heb ik net uit en gaat
over zijn tijd in Athene. Hij verblijft in een hotel in Faliro,
en schrijft: “Spiegelglad is de zee en seringen-blauw. Na
het ontbijt rijd ik op de motor naar Athene, ongeveer 6 km
van de kust gelegen. Langs de vliegtuigfabrieken en het
hippodrome, dan landinwaarts de kaarsrechte Leoforos Singron op,
langzaam stijgend recht naar het Olympion toe”. Grappig als
je bedenkt dat Faliro en Athene nu naadloos in elkaar overgaan en
er geen ‘landwegen vol stof in een prachtig
landschap’ meer zijn tussen deze plaatsen. Hij meldt
ook nog dat ‘de kranten uit Europa drie dagen oud
zijn’.
Een aanrader! In de Pandorapocket ‘Reisverhalen
Griekenland’ is het eerste hoofdstuk van dit boek
opgenomen. In het boek 'Hellas' reist hij ook nog naar Kreta,
Cycladen, Peloponnesos, Thessalië, Epiros en Macedonië.
Bij de Nederlanders die zich in de jaren 80 en 90 de Griekse taal probeerden eigen te maken gaat vast een lampje van herkenning branden als zij de naam Van Dijk – Wittop Koning lezen. Schrijfster van volgens mij het meest gebruikte lesboek Nieuwgrieks (Levend Grieks), in elk geval in gebruik op vele volksuniversiteiten. Ooit geweten dat ze ook een boek over Griekenland heeft geschreven? Ik kwam het tegen op een boekenmarkt, ‘Aegaeon; het geheim van de moderne Griek’. Waarbij je je dan wel moet realiseren dat moderne de Griek uit de jaren 60 is. Toch alweer zo’n 50 jaar geleden…
Niettemin, het is erg leuk om te lezen en de vele (gedateerde) foto’s te zien. Verhalen over hoe de Griek tegen zijn verleden aankijkt (dat er véél meer leeft dan hier in Nederland ons eigen verleden), typische gebruiken in de jaren 60, hoe kerk en klooster een belangrijke rol spelen, wat men in z’n vrije tijd graag doet (is nog niet veranderd: picknicken!), bijgeloof, folklore, muziek/zang/dans en de Griekse vrouw in de maatschappij.
Tip:
Veel boeken van de lijst zijn niet meer in de boekhandel
verkrijgbaar maar enkel nog in het 2ehands
circuit. Zelf koop ik regelmatig in via www.Bol.com die steeds meer
2e handsaanbieders heeft en via www.boekwinkeltjes.nl.
Maar uiteraard ook op de vele boekenmarkten en in
Kringloopwinkels in het hele land.
Vandaag aandacht voor een van de leukste dingen in het leven. Namelijk eten. Of eigenlijk, koken en eten. Of dit allebei tot de leukste dingen van het leven hoort, daarover zullen de meningen misschien verschillen… Maar voor mij wel, koken is voorpret, tussentijds proeven is dan ook geoorloofd en lekker. Ik hou er van om een zaterdag in de keuken te rommelen en uur na uur allerlei lekkers van het fornuis of uit de oven te halen, als voorbereiding op een smakelijk etentje met vrienden/familie. Of, zoals in Griekenland traditie is, alles op zondagmiddag op te smullen met z’n allen. Heerlijk eten en kletsen van twee tot zes.
Dat ik daarbij regelmatig Grieks kook zal niemand verbazen. De Griekse keuken is gevarieerder dan menig Griekenlandbezoeker (of Griekse restaurantbezoeker) denkt. Nee, het is niet alleen veel vlees, lauwe rijst en friet. Echt niet. Ik heb al eerder op dit weblog iets geschreven over de variëteit aan groenten en fruit die beschikbaar is. Over de vele stoofgerechten met mals vlees en vooral ook veel groenten. Over vegetarische gerechten met kikkererwten en andere peulvruchten en tal van heerlijke visschotels. Het is werkelijk smullen geblazen als je een beetje oplet waar en wat je gaat eten.
Wie thuis wat klaar wil maken heeft natuurlijk de regie in eigen hand. Er zijn veel Griekse recepten op internet te vinden en ook de boekwinkel heeft aardig wat keus. In mijn kast staat inmiddels een leuke collectie Griekse kookboeken. Na jaren van verzamelen en toch weer wegdoen is er inmiddels een aantal geweldige boeken overgebleven. Als ik namelijk merk dat ik uit een kookboek toch niet zoveel kook en de recepten steeds ergens anders beter in staan, dan gaat het onherroepelijk weg. Gelukkig sta ik in de zomer met 2e handsboeken op de markt, zodat ik zonder wroeging ook de duurste exemplaren weer in de verkoop doe. Na soms nog even een of enkele recepten te hebben overgetypt..
Wat zijn nu de beste, leukste en/of meest gebruikte Griekse kookboeken? De volgende staan nog steeds in mijn kast (in volgorde van meest gebruikt):
Het beste boek over de Griekse kookkunst –
Chrissa Paradissis
Dit is met recht het beste Griekse kookboek en daarnaast ook nog
eens goedkoop. Het is voor zover ik weet nog steeds in allerlei
talen te koop in Griekenland en in Nederland soms in het
2e hands circuit. Een topper met de originele recepten
van tal van Griekse gerechten. Het is even wennen, omdat je werkt
met ‘kopje olijfolie en ˝ kopje peterselie’ etc. Maar
daarvan leer je intuďtief koken; gewoon een beetje schatten
wat je lekker zou vinden. Ik doe standaard minder olijfolie
dan er in de recepten staat en dat bevalt prima. Toprecepten kan
ik niet noemen, zijn er gewoon té veel. Mijn eerste exemplaar van
dit boek kocht ik op Rhodos in 1982…! Vorig jaar heb ik
het boekje, totaal versleten en uit elkaar gevallen, weggegooid
omdat ik een vrijwel nieuw exemplaar vond voor één (!) euro op
een boekenmarkt in Delft.
De Griekse keuken thuis – Rena
Salaman
Geweldig kookboek met authentieke recepten, gerangschikt naar
(Grieks) seizoen. Prachtige kleurenfoto’s waardoor je
helemáál gaat watertanden. Ook uit dit boek haal ik veel
recepten, onder andere: Griekse gehaktballetjes (keftedes) en de
walnotentaart.
Lekker Grieks koken – Wiebe Andringa
Een compact kookboekje uit de serie hobbygidsen, met makkelijke
en lekkere recepten. Geen afbeeldingen. Toprecepten: Gestoofde
vis op wijze van Spetses (met tomatensaus) en koekjes met ouzo
(zie onderaan).
Lekker Griekenland – Han en Wina
Born
Eigenlijk een reis- en kookboekje ineen. De vele spetters in het
boekje tonen aan dat hier veel uit gekookt wordt, een vast aantal
recepten die hier lekker en makkelijk beschreven staan. Er staan
geen afbeeldingen in. Topper: Jouvetsi (stoofgerecht van vlees
met tomatensaus).
Culinaria Griekenland
Niet zo zeer om uit te koken (enkele uitzonderingen daargelaten)
maar vooral om veel te lezen over de Griekse keuken,
ingrediënten, feesten en gebruiken. Recept: aubergineschotel.
Griekenland thuis – Theodore Kyriakou en
Charles Campion
Dit boek heb ik sinds een paar dagen. Ondanks dat ik streng voor
mezelf ben wat de aanschaf van wéér een nieuw kookboek betreft
(
), kon ik deze (in de
aanbieding) niet weerstaan. Mooie foto’s, lekkere recepten
(althans dat vermoed ik..) en diverse verhalen die de gerechten
in de tijd of het seizoen plaatsen.
Tot slot een tweetal kookboeken die ik voor de volledigheid vermeld, maar die niet iedereen zal kunnen/willen lezen:
Griechenland, mediterrane köstlichkeiten –
Könemann
Lekkere recepten uit diverse regio’s; boek is in het Duits.
Toprecept: Preitaart uit Kozani.
9 april: Ik zag net in de boekwinkel dat het er ook in het
Nederlands is!
De smaken van alfa tot omega – Diana
Kogila
Een boek dat ik in 2006 gratis bij de krant Ta Nea kreeg; in het
Grieks. Ik heb soms nog een woordenboek erbij nodig, maar over
het algemeen gaat het prima. Ik moet ook zeggen dat ik gewoonlijk
alles over eten in welke taal dan ook spelenderwijs al snel onder
de knie krijg… Toprecept: groentestoofschotel.
Als toetje: een recept van overheerlijke Griekse koekjes.

Kourabiedes
250 g boter – 150 g
fijne kristalsuiker – 2 eierdooiers – 2 tl
vanille-essence – 3 el cognac of ouzo (doe ik meestal)
– 500 g bloem (gezeefd) met een snufje zout – 1 ˝ tl
bakpoeder – 150 g gepelde amandelen, geroosterd en grof
gehakt – 300 g poedersuiker.
Mix de boter romig en klop de kristalsuiker er in gedeelten door tot het mengsel licht en luchtig is. Klop de eidooiers en een voor een door en voeg de vanille-essence toe. Doe de cognac er door. Roer het bakpoeder door de bloem. Voeg de bloem in gedeelten toe en kneed tot een stevig deeg. Kneed de amandelen erdoor.
Verwarm de oven voor op 180 graden. Leg de helft van het deeg afgedekt met cellofaan opzij. Rol de andere helft uit tot een 2,5 cm dikke plak. Steek met een deegvorm koekjes uit (of maak met je handen balletjes die je plat drukt). Eigenlijk moeten het halve maantjes zijn, maar dat doe ik nooit. Bak ze op de bakplaat in 20-25 minuten goudgeel (niet te bruin laten worden!).
Zeef een kwart van de poedersuiker op een bord(en). Bestuif de nog hete koekjes royaal met poedersuiker. Laat ze enkele minuten afkoelen en leg ze dan op het bord(en) met poedersuiker.
De Griekse boekenlijsten zijn weer geactualiseerd, met dank aan diverse inzenders en de maandelijkse speurtocht op internet. Maar ik heb zelfs nog twee exemplaren toegevoegd die in mijn eigen boekenkast stonden! Zijn toch even aan de aandacht ontsnapt. Meestal check ik bij aankoop van een boek even op het al op de lijst staat. Maar goed, is bij deze hersteld. En, heel leuk, in een oud boekje vond ik een boekenlijstje van de uitgever, met 9 titels uit een serie!
Klik op de links in de rechterkolom om de boekenlijst te raadplegen. Ik denk dat ik de lijst volgende maand in drieën of zelfs vieren splits (op alfabet). Het zijn inmiddels wel erg lange lijsten geworden als je ze wilt printen.
Toegevoegd 12 april: de lijst is verhuisd naar de website Onderweg naar Ithaka. Je kunt ook op de link aan de rechterkant klikken. Alle boeken zijn nu in een database gezet, waardoor zoeken op titel, schrijver of onderwerp een stuk gemakkelijker is!
We wisten dat we naar de Cycladen wilden gaan, die eerste Island-hop vakantie in 1990, maar naar welke eilanden? Naxos, Andros, Paros stonden wel op ons lijstje. Uiteindelijk besloten we in het vliegtuig om te starten op Andros en dan naar beneden af te zakken. Maar eenmaal in Athene ontdekten we dat de boot naar Andros niet dagelijks ging en we de volgende dag wel naar Naxos konden. Tja, het was de tijd zonder internet, dus dit soort dingen moest je ter plekke nog uitzoeken..!
Om 7.00 uur ’s morgens vertrokken we met de boot naar Naxos, de eerste reis van vele die nog zouden volgen. Destijds deed je er 7 tot 8 uur over, nu gaat er een supersnelle Highspeed boot van Minoan, die er zo’n 4 uur over doet. Veel sneller en comfortabeler maar stiekem heb ik toch nog wel heimwee naar de heerlijk relaxte boottocht op het dek, in de zon, in de jaren 90. Wind in je haar, de zon op je huid, je blik ‘ins blaue hinein’ en genieten van uitzicht op eilanden, bergen en collega boten. Heerlijk ontspannend en op en top vakantie!
Varen vanuit Pireaus
Een keer zijn we gevlogen, vanuit Athene. Met zo’n klein propellorvliegtuigje waar 20 mensen in konden. Wij, nog twee Naxosbezoekers en 16 Amerikanen die naar Mykonos gingen… De tussenlanding kregen we er dus gratis bij. Op Naxos landden we in een soort weiland met een asfaltweg in het midden. Een bouwkeet diende als aankomst/vertrekhal. Je koffer nam je zelf mee uit het ruim. En dan met de taxi naar de stad… Leuk, maar geef mij toch maar een boottochtje!
Naxos is het grootste en groenste eiland van de Cycladen. Een heerlijk eiland, dat hoewel behoorlijk toeristisch in de zomer, toch nog niet verpest is door de massa. Ik vind het eigenlijk alleen in juli en augustus te druk, mei, juni en september zijn supermaanden om erheen te gaan. Het eiland heeft prima openbaar vervoer, een goed wegennet en veel wandelmogelijkheden. Er zijn tal van wandelroutes, zie bijvoorbeeld www.cycladen.be. Wij logeren altijd in de hoofdstad, in Chora, in het kleine familiehotel Sanoudos (www.sanoudos.com). Ligt aan de rand van het stadje, zo’n 50 meter van het Agios Georgios strand en in een rustige straat. Je loopt de straat uit, linksaf zie je strand en zee al liggen, ga je rechtsaf dan zie je na 50 meter de haven in zicht komen. Na een leuke wandeling van 5 minuten ben je op de boulevard met de vele terrassen. Er zijn veel lekkere restaurants, kijk gewoon altijd waar je Grieken ziet zitten (vanaf een uur of 9 ’s avonds). Irini’s bijvoorbeeld, maar er zijn er meer die goed eten hebben. Ook leuk is om eens in Prokopios (klein dorpje net achter het vliegveld bij het strand) te eten. Het restaurant op de hoek tegenover de bushalte (aan het strand) kookt heel authentiek en heerlijk! Wij aten er zeer regelmatig tijdens een dagje strand.
Waarom Naxos? Tja, goeie vraag. Natuurlijk vanwege het bovenstaande, de vele mogelijkheden van toch een betrekkelijk klein eiland. Ook vanwege de centrale ligging in de eilandengroep. En misschien ook wel vanwege de nostalgie. Al bij het eerst bezoek in 1990 werden we supergastvrij ontvangen in ‘ons’ hotelletje, op diverse terrassen en in de dorpen die we in het binnenland bezochten. We hebben er tal van barre voettochten gelopen (waarom verdwaal ik toch altijd..?), heel veel kilometers met de bus gereisd, ontelbare frappés gedronken, geflirt met onweerstaanbare krullebollen, erg veel foto’s gemaakt van de meest spectaculaire zonsondergangen aan de haven, heerlijke wijn en ouzo gedronken en meer glaasjes lekkers cadeau gekregen in de kroeg dan goed voor ons was… Ik denk dat ik door de jaren heen zo'n 10 x geweest ben en altijd zijn er weer nieuwe dingen te ontdekken. Of niet, een weekje strand is ook gewoon wel lekker!
Ik stop er mee, want kan met gemak een paar bladzijden vol schrijven. Maar er staat al genoeg op dit weblog. Meer lezen? Kijk even in het archief; ik was op Naxos in juli 2006 en juni 2007. Beetje voorpret levert ook een boek dat op Naxos afspeelt: De schaakspeelster - Bertine Henrichs. Tot slot nog enkele foto’s.
Zicht op de kade vanaf de havenpier.
Een terrasje aan de boulevard.
Onderweg naar Chalki
Klooster aan de Noordkust
Idem
Zonsondergang aan de haven
Het is me een weekje wel, Griekenland is dagelijks nieuws. Of eigenlijk, de financiële situatie in Griekenland, de (on)mogelijkheden om daar iets aan te doen en de wijze waarop 'Europa' hier mee om moet gaan, om het eigen hachje (lees: de euro) te redden. Nieuws- en opiniesites staan er vol van, ik ga dat hier niet herhalen.
Ik vraag me oprecht af of de ongetwijfeld goede bedoelingen van zowel de minister van Financiën in Griekenland als ook de gehele EU-ministerraad een kans van slagen hebben om van Griekenland een 'braaf' Europees land te maken. Inkomsten en uitgaven zijn er lastig in balans te krijgen, al was het alleen al door de bijna maffiaans in het land ingewortelde volkssport nummer 1: belastingontduiking. Het land schijnt daardoor alleen al zo'n 20 miljard aan inkomsten mis te lopen. Alle Grieken zijn dan ook voortdurend in de weer om hoe dan ook zo weinig mogelijk 'aan te staat' te betalen. Vriend en vijand zijn het erover eens dat je alles moet doen om dat te voorkomen.
De economie is er beperkt, de export kleiner dan de import, het
onderwijs-, zorg-, maatschappelijk- en overheidssysteem werken
matig en in de cultuur van de Griek is een overheersende
onbezorgdheid ingebakken. No problem! Komt allemaal goed. Morgen
misschien. Alles met mate, behalve genieten. Kijk naar de zee,
voel de zon en maak je niet druk
Op het weblog 'Het andere Griekenland' en het blog van Bruno Tersago lees je veel over de achtergronden van deze actuele situatie. Klik op de link in de rechter kolom om meer te weten!
Zojuist belde ze weer. Een kennis van mij die ieder jaar weer twijfelt of ze nu naar Thailand of naar Griekenland op vakantie zullen gaan. En als het Griekenland wordt, naar welk eiland dan? Kun je in april beter naar Samos of naar Kreta, of moeten ze misschien toch maar in juni gaan, en naar welk eiland dan?
Zucht, denk ik, helpdesk Griekse eilanden. Hoe vaak heb ik haar
al niet verteld dat Samos echt klein is, super leuk, maar niet te
vergelijken met Kreta. Dat je bij Kreta veel keuzes hebt maar
vooral niet naar Chersonissos moet gaan. Tenminste, als je geen
18 bent, strandfanaat en een zuipvakantie voor ogen hebt. En
toch, ze heeft inmiddels al behoorlijk vaak een vakantie in
Griekse sferen doorgebracht, dus op de een of andere manier
blijken mijn argumenten toch doorslaggevend. Ahum…dat neem
ik nu dus maar aan.
Als ik de telefoon neerleg, vraag ik me ineens af hoeveel Griekse
eilanden ik inmiddels heb bezocht. Ik zou het echt niet weten,
maar wel heel veel. Oké, het ene eiland bij elkaar wel een week
of 10, het andere eiland 2 minuten! Maar toch. Ik ben trouwens
nog steeds nieuwsgierig naar het eiland van de 2 minuten…
Het was een van de eerste keren dat we gingen eilandhoppen. Na
een lange uitputtende boottocht van Athene naar Santorini waar we
tig eilanden afgingen, zouden we ’s avonds laat op
Santorini aankomen. We waren moe, het was inmiddels donker en we
gingen tegen de tijd dat we aan zouden komen alvast naar beneden.
We legden aan, de klep ging neer en wij als eersten (en naar
later bleek vrijwel als enigen) van boord. Terwijl we toch wat
aarzelend wegliepen vroeg ik ineens ‘gaat er dan echt
niemand naar Santorini?’ Waarop we ons ineens realiseerden
dat dit Santorini niet kón zijn! Wij terug aan boord… En
geen mens die ons vroeg waarom we in hemelsnaam terugkwamen
. Enfin, zo brachten we dus 2 minuten
door op het grondgebied van Sikinos.
21 eilanden
Maar, waar ben ik iets langer geweest? Van boven naar beneden en
van links naar rechts (min of meer): Skiathos, Skopelos, Evia,
Samos, Corfu, Paxos, Lefkas, Aegina, Hydra, Poros, Spetses,
Sifnos, Mykonos, Paros, Naxos, Santorini, Kos, Kalymnos, Rhodos,
Kreta, Kythira. Best een redelijk aantal. En dat terwijl ik
steeds meer van mening ben dat het echte Griekenland toch echt
alleen op het vaste land te vinden is. De ruige natuur van Epirus
(nee, ik ben er nog geen beer tegen gekomen, maar toch..), het
afwisselende landschap van Sterea Ellanda met het schitterende
gebied rond Delphi, de superafwisselende Peloponnesus, het
tropisch regenwoud van de Pilion en ga zo maar door. Geweldig om
met de auto op je gemakje te verkennen en op die manier echt in
contact te komen met het land en de Grieken. Niettemin, er
zijn toch wel een paar eilanden die boven de anderen uitsteken
naar mijn mening. Op de een of andere manier wil je er steeds
naar terug
. Ik zal er de komende weken
enkele de revue laten passeren.
Kythira
Ik begin met Kythira. Dit eiland is sinds vorig jaar mijn grote liefde. Ik ging er heen voor een dag of vijf en ik bleef bijna twee weken! Ik kwam aan in Diakofto, met de boot vanuit Neapolis. De eerste 10 kilometer dacht ik, help, waar ben ik nu toch beland. Via een lange weg de berg op klimmend, in een lange rij auto’s die van de boot kwamen, had ik alle tijd om goed om me heen te kijken. En daar was vrijwel niets te zien. Ik reed door een soort Teletubbie-landschap met geel-groen gekleurde struiken, groene vlakten, en hier en daar een huis. Als iemand zegt, zo ziet het er op de maan ook uit als het er gaat regenen, geloof ik dat meteen. Maar goed, ik volgde de kudde en vertrouwde erop dat ik dan wel in de bewoonde wereld zou komen. En zo was het, op enig moment kon ik uit wat dorpen gaan kiezen en reed naar Agia Pelagia. Vanaf dat moment begon het eiland kleur en gezicht te krijgen. Ik werd nieuwsgierig…
Kythira bleek Griekenland in het klein te zijn. Een soort madurodam in volwassen afmetingen, zeg maar. Veel dorpen, veel wegen, alle kleuren groen en geel (en af en toe iets anders..) heel afwisselend. Vanuit Agia Pelagia rij je in een goed half uur naar de andere kant van het eiland en kun je op de terugweg op je gemak links en rechts wat dorpen en stranden bekijken. En er is zoveel te bezoeken dat je dagen tekort komt. Milopotamos, Kapsali, Avlemonas, Mitata en oja, de bakker in Livadi, mmmmm. Ik vond het er geweldig en het eiland staat nu hoog op de ‘terug-ga-lijst’; ik hoop nog dit jaar!
Hieronder wat Kythira-foto’s. Wil je meer lezen, kijk dan in het archief van 2009; van 4 – 16 juni verbleef ik in Agia Pelagia. Er zijn ook een aantal leuke sites over kythira, even googelen en je komt ze tegen. Volgende keer schrijf ik wat over het grootste eiland van de Cycladen: Naxos.
Tot slot, een boek dat op Kythira afspeelt: Water bij de ouzo - Cathy Lewin
Kapsali
Milopotamos
Pitsinianika
Uitzicht vanuit Mitata
Vandaag is het er dan toch eindelijk van gekomen. Ik heb een stoofschotel gemaakt met zwart-oogboontjes. Gecombineerd met lamsvlees, een runderworstje en tomatenblokjes een heerlijk gerecht.
Het is van oorsprong een Turks recept, dat ik een beetje heb aangepast. Ik maak het nu als volgt:
Nodig: 250 g zwart-oogboontjes, eventueel een uurtje geweekt in koud water (heb ik gedaan) – 250 g lamsbout zonder been, in blokjes – ca. 100 g runderbraadworst, in plakjes – 2 uien, gesnipperd – 2 teentjes knoflook, gesnipperd – 4 takjes peterselie, fijngeknipt – 1,5 el olijfolie – 1 gedroogd chilipepertje, verkruimeld – 3 theelepels paprikapoeder – 1,5 theelepel kaneelpoeder – 1 blikje tomatenpuree (70 g) – ruim ˝ blik tomatenblokjes (ŕ 400 g) – zout en peper.
Spoel de boontjes af en breng ze met ruim vers water aan de kook. Laat ze ca een uurtje zachtjes gaar koken. Giet ze af en vang het kookvocht op.
Verhit de olie in een braadpan en fruit de ui met de knoflook ca 2 min. Vlees er worst toevoegen en 5 min omscheppend bakken. Voeg dan chilipepertje, paprikapoeder, kaneelpoeder en tomatenpuree toe en meng het goed door het vlees. Laat het 3 minuten bakken om de geuren zich te laten ontwikkelen. Doe bonen en 1,5 dl van het kookvocht erbij. Breng het aan de kook, zet dan het vuur lager en laat het gerecht in 45 min zachtjes gaar stoven. Breng het op smaak met peper en zout en strooi de peterselie erover.
Lekker met een frisse salade.
Ik ben helaas helemaal vergeten een foto te maken! Doe ik de volgende keer, als ik de overgebleven boontjes uit de vriezer ga eten…
Driekoningen
Vandaag is het 6 januari, driekoningen. In Griekenland wordt dan
de doop van Jezus in de Jordaan gevierd. Dit feest heet Epifania
of Theofánia (Godsverschijning) of yortí ton fóton (feest van de
lichten). Het belangrijkste symbool van Epifanie is de ster van
Bethlehem, als teken dat het Licht in de duisternis gekomen is.
Epifanie verwijst naar de verschijning van God in de wereld.
Jezus goddelijkheid wordt herdacht: de geboorte uit de Maagd
Maria, het bezoek van de Wijzen uit het Oosten, en de doop van
Jezus door Johannes de Doper.
De priester houdt op 5 januari een zegeninggebed over het water.
Dan bekruist de priester het water en zegent de mensen op hun
voorhoofd met een in het water gedoopt bosje basilicum. In de
loop van de dag komen de kinderen voor de derde en laatste keer
aan de deur kálanda zingen, nu over het licht en de zegening. Op
6 januari worden 's ochtends de ochtenddienst en een liturgie
gevierd. Vervolgens gaan de mensen met de icoon van Jezus' doop
in de Jordaan naar de rivier, het strand, de beek of de haven. De
priester zegent het water en gooit er vervolgens, als symbool van
de doop van Jezus, een kruis in. Hierna duiken de grootste
durfals het (koude!) water in om het kruis naar boven te halen en
terug te brengen. De winnaar wordt geëerd. Op plaatsen waar het
water te diep is of vervuild heeft de priester het kruis aan een
kettinkje gebonden en kan hij het direct weer naar boven halen.
Bron: Griekse Gids.
Ook in Nederland kennen we Driekoningen, met andere gebruiken. Driekoningen, Epifanie of Openbaring van de Heer (Sollemnitas Epiphaniae Domini in het Latijn) is een christelijke feestdag die elk jaar op 6 januari wordt gevierd en waarop men de bijbelse gebeurtenis herdenkt van de wijzen die een ster in het oosten zagen staan en deze volgden tot in Bethlehem, om Jezus te begroeten als de pasgeboren koning der joden. Dat deze wijzen uit het oosten kwamen, gaat terug op Mattheüs 2:1. Dat de wijzen de ster (van Bethlehem) "in het oosten" gezien hebben, moet in dit verband dus betekenen dat zij de ster zagen terwijl ze in het oosten waren - en niet dat de ster aan de (voor hen) oostelijke hemel verscheen.
Kinderen lopen de avond voor Driekoningen in groepjes van drie verkleed met een kroon langs de deuren, één van hen heeft een zwartgemaakt gezicht. Ze dragen daarbij lampionnen en zingen de volgende woorden:
Drie koooningen, drie koooningen,
geef mij nen nieuwen (h)oed.
Mijnen ouwen is verslee-eeten,
mijn moeder mag 't nie wee-eeten.
Mijn vader heeft het geld,
op de toonbank neergeteld.
Als beloning voor het zingen krijgen ze eten, snoep en geld. De lampionnen zijn een overblijfsel van een oude heidense gewoonte, waarin men fakkels droeg om boze geesten te verjagen. Het snoepgoed dat werd uitgedeeld stamt van heidense offermalen. De boon in de koek en het kaarsjespringen zijn ook afgeleid van heidense gebruiken. De Germanen mochten in de twaalf nachten van de nieuwjaarsfeesten geen peulvruchten (hun hoofdvoedsel) eten en de 'heilige boon' betekende het einde van die vasten.
In huis werd Driekoningen met eten, drank en gezang gevierd. Bekend is het Koningsbrood of koningentaart die men bakt: er wordt een bruine boon of een muntstuk in verstopt en degene die hem vindt is die dag "koning(in)".
Bron: Wikipedia
Hier in mijn stad gaan de kinderen niet langs de deuren. Drie koningen leeft hier niet zo, al hoor je nog wel eens zeggen dat ‘de kerstboom toch echt weg moet zijn voordat het Driekoningen is!’
De mijne is weg…

