
Deze week verscheen dan eindelijk American VI: ain't no grave, het 2e postume album van countrylegende Johnny Cash. En hiermee komt mogelijk een definitief einde aan zijn imposante American Recordings-serie welke hij ongepland in 1994 begon onder productionele leiding van Rick Rubin.
Dat dit album op 26 februari
het licht zag mag geen verwondering wekken, want dit zou de 78e
verjaardag zijn geweest van de in 2003 overleden Cash. De opnames
van dit album behoren tot dezelfde sessies als
waar voorganger American V: Hundred
Highways uit voortkwam en vonden plaats in de periode
2002-2003. Niet zo gek dat men op voorhand enige scepsis had
t.a.v. dit album. De aanname dat het om restmateriaal zou gaan en
dat het beste werk al op V zou zijn verschenen lag immers voor de
hand. In de muziekgeschiedenis liggen gelijksoortige voorbeelden
hiervan immers voor het oprapen. Ik en - getuige de
reacties op diverse sites - velen met mij zijn echter aangenaam
verrast door de hoge kwaliteit van het gebodene.
Ook deze keer wordt het beproefde concept van een groot aantal covers afgewisseld met een enkel eigen nummer gehanteerd. En ook deze keer is de muzikale omlijsting van Cash' breekbare stem ondanks de aanwezigheid van een groot aantal muzikanten -w.o. Benmont Tench en Mike Campbell (Tom Petty), Marty Stuart en Randy Scruggs -, sober en ingetogen. De wetenschap dat hier een man aan het werk is die doordrongen is van zijn naderend einde, maakt de plaat nog intenser dan die al is. Het is nauwelijks te bevatten, de constatering dat een country-icoon van de jaren '60 en '70 na zijn artistieke dip van de jaren '80 met deze American Recordings ineens opnieuw artistiek gezien tot bloei kwam. En dat hij daarmee ook nog eens op een voetstuk zou worden gezet door de serieuze muziekpers, door jonge hedendaagse muzikanten en door muziekliefhebbers van alle leeftijden. Ook Cash was denk ik verbaasd dat zijn traditionele manier van zingen en spelen bij een groot publiek aansloeg. De rol van producer Rubin mag hier natuurlijk ook niet worden vergeten en onderschat. (Getuige ook de hernieuwde populariteit van Neil Diamond die onder zijn leiding door de American Recordings aanpak eveneens weer tot grote artistieke hoogten wist te stijgen.)
Deel VI bevat 9 covers waarvan For the good times van Kris Kristofferson wellicht de meest bekende song is. Voor de overige songs putte Cash uit de rijke Amerikaanse folkcatalogus en koos hij voor wat minder bekende pareltjes als Can't help but wonder van Tom Paxton en het onverslijtbare A satisfied mind (o.a. Joan Baez, Byrds). Maar het is de opener en titelsong Ain't no grave die de luisteraar meteen bij de strot pakt. Deze gospel wordt toegeschreven aan de religieuze singer/songwriter "Brother" Claude Ely (1922-1978) alhoewel deze veel gecoverde song ook vaak als een traditional wordt aangemerkt. Cash slaagt erin om deze toch al niet al te vrolijke song over afscheid nemen van het aardse leven, een nog donkere lading te geven, enkel en alleen door het terugdraaien van het tempo en een sobere muzikale omlijsting. De toon is daarmee meteen gezet en maakt het album tot een hoogtepunt van een toch al imposante reeks platen. Hier past dus niets anders dan een hele diepe buiging. Een grootse afsluiting van een even groots leven.
Tracklist:
- Ain't No Grave (Gonna Hold This Body Down)" (Claude Ely/trad.) – 2:53
- Redemption Day" (Sheryl Crow) – 4:22
- For the Good Times" (Kris Kristofferson) – 3:22
- I Corinthians 15:55" (Johnny Cash) – 3:38
- Can't Help but Wonder Where I'm Bound" (Tom Paxton) – 3:26
- A Satisfied Mind" (Red Hayes, Jack Rhodes) – 2:48
- I Don't Hurt Anymore" (Don Robertson, Walter E. Rollins) – 2:45
- Cool Water" (Bob Nolan) – 2:53
- Last Night I Had the Strangest Dream" (Ed McCurdy) – 3:14
- Aloha Oe" (Queen Lili'uokalani) – 3:00
Ain't No Grave Gonna Hold My Body Down
Beluister hier de indrukwekkende versie van wijlen Johnny
Cash
Maar de meer uptempo versie van de jonge Bostonse bluegrassformatie Crooked Still is eveneens een regelrechte aanrader.
En tenslotte nemen we met het grootste respect onze hoed af voor de oorspronkelijke versie van "Brother" Claude Ely
Vrijdagmorgen duurde mijn ontbijt wat langer dan gewoonlijk. In de Volkskrant Kunstbijlage stond nl. een alleraardigst artikel over de Duitse band Rammstein die dit jaar de hoofdact van Pinkpop is. Daar bleef ik graag een paar minuutjes langer voor zitten.
Aanleiding voor het artikel was het verbod voor minderjarigen dat de Berlijnse rock-band in haar thuisland voor haar jongste album Liebe ist fur alle da heeft gekregen. M.n. de SM-song Ich tuh dir weh kon de goedkeuring van het Ministerie voor Gezinszaken (!) niet echt wegdragen. Dat moest er wel een keer van komen aangezien de band, vernoemd naar de Duitse luchtmachtbasis waar in 1988 tijdens een vliegshow 35 doden vielen, al sinds haar oprichting in 1994 als controversieel geldt.
Hun snoeiharde, strakke rocksongs met de dwingende vocalen van zanger Till Lindemann en teksten handelend over politiek, sex, religie en militairisme maken de band een makkelijk doelwit voor critici. Niet verwonderlijk dat er door hen met enige regelmaat ook een link wordt gelegd met de jaren 1933-1945. Hetgeen door de band zelf altijd met een grimlach werd weerlegd. Slechte reclame is immers ook reclame.
Deze doelbewuste provocaties en dubbelzinnigheid hebben de band echter geen windeieren gelegd. Want niet alleen zijn ze momenteel Duitsland's succesvolste act, ook daarbuiten (o.a. in buurlanden Frankrijk, Belgie en Nederland) trekken ze met hun spectaculaire optredens volle zalen. Ik zal zelf niet zo snel een concert van de band bezoeken, zou me temidden van al die veelal jeugdige fans een kat in een vreemd pakhuis voelen. Maar hun CD's hebben altijd wel op mijn belangstelling mogen rekenen.
Die belangstelling werd gewekt toen ik via de song Engel van hun 2e album Sehnsucht met de band kennismaakte.
Ja, de video is opmerkelijk, maar meer nog moest ik bij deze song onwillekeurig terug denken aan een andere Duitse band waar ik in de jaren '80 een enorm zwak voor had: Kowalski.
Deze uit Wuppertal
afkomstige band bracht eind 1982 haar debuutalbum
Schlagende Wetter uit. Temidden van de veelal
arty-electronica bands van de toen in zwang zijnde Neue Deutsche
Welle viel Kowalski met haar maatschappijkritische teksten
verpakt in zware industriele klanken meteen op. Hun muziek - al
snel Tanzmetall gedoopt - deed het goed in de undergroundscene
maar doordat in tegenstelling tot andere Duitse bands commercieel
succes verder uitbleef bleef het echter bij dit ene album en een
handvol singles. Ook zij werden verdacht van rechtse sympathieen
maar i.t.t. het stillistische verwante Rammstein stoorde de band
zich daar enorm aan.
Ik heb Kowalski in 1984 en
1986 live aan het werk mogen zien in het toenmalige Tilburgse
Noorderligt. De eerdere airplay en aandacht van
VPRO Radio en Muziekkrant OOR wierp haar vruchten af want 2
maal was de zaal afgeladen vol. M.n. de eerste keer was dermate
indrukwekkend dat ik dat optreden met gemak een plaats in
mijn Top 10 van memorabele concerten gun. Het geluid was hard, de
temperatuur hoog, maar de band deelde muzikale mokerslagen aan
het publiek uit. Met als hoogtepunt de slijptol-act van zanger
Uwe Fellensiek die bovenop de P.A. een
vonkenregen op de eerste rijen liet neerdalen. En niet te
vergeten het imponerende beukwerk van drummer Rüdiger
Braune. Daarna rap de LP aangeschaft die tegenwoordig
als een collectors item geldt. De CD-versie - met als bonustrack
de instant classic Der Arbeiter -verscheen zo'n
15 jaar geleden maar is momenteel eveneens moeilijk verkrijgbaar.
En nog steeds kan ik mezelf voor de kop slaan dat ik de
Engelstalige versie van het album vanwege mijn krappe
studenteninkomen in de winkel heb laten staan.
Stomstomstom....Dus mocht u iemand kennen die hem heeft.... u
weet me te vinden.
Toegegeven, ik doe Rammstein te kort als ik ze een hedendaagse Kowalski noem, maar naar mijn idee zijn de overeenkomsten evident aanwezig. En dan bedoel ik echt niet de taal alleen.
Dit live optreden voor het Duitse Beatclub benadert bij lange niet de intensiteit van het optreden in Tilburg, maar aangezien er maar bitter weinig beeldmateriaal van de band bewaard is gebleven, kan ik u deze van harte aanbevelen.
En hier zijn dan de oplossingen van de Covers-quiz van 19.00 uur:
1 Nirvana - Nevermind (1991)
2 AC/DC - For those about to rock we salute you (1981)
3 Snow Patrol - Final Straw (2004)
4 New Order - Movement (1981)
5 Neil Young - On the Beach (1974)
Wat? Alweer een muziekquiz, waarom? Nou, daarom. En het
is u misschien wel ontgaan maar ik heb gisteravond eeuwige roem
verworven door de LP-hoezenquiz van collega Bart te winnen. Iets
waarop ik natuurlijk zeer trots ben. En mocht u het helemaal
niets vinden, doe dan vooral niet mee. Leven en laten leven is
mijn motto. Deze kan ik de azijndrinkers onder ons van harte
aanbevelen.
Dus daarom hier mijn 1e (en wellicht niet mijn laatste) quizbijdrage. Adel verplicht immers. Niet alleen ben ik benieuwd hoe Bart het er zelf af zou brengen, ook moet ik eens kijken of ik na de creaties voor de Stapelgedichtendag en Sleevefaces nu ook zelf een muzikaal quizje kan bedenken. En u mag gerust weten, IRL verdien ik voor een deel mijn brood door het bedenken van allerlei oefenvragen waarmee ik collega's en klanten van mijn organisatie de nodige professionele (zoek)vaardigheden probeer bij te brengen. Leuk toch om van je hobby je werk te kunnen maken (en v.v.), ja ik ben een gezegend mens. En vrees niet, dit alles krijgt u helemaal gratis en voor niets ;-)
Gemakzuchtig als ik ook ben zou ik zo Bart's concept 1 op 1 over kunnen nemen. Maar dat doe ik nu maar even niet, 2 exact dezelfde quizzen binnen 24 uur is wellicht iets teveel van het goede.
Daarom nu 5 essentiële details van 5 bekende en/of succesvolle platenhoezen. Voor muzikale diehards is dit wellicht appeltje eitje, maar goed, voor een een eerste keer maken we het maar niet al te moeilijk.
Het lastige bij een blogquiz is dat je de antwoorden van anderen te zien krijgt. Bij Bart heb ik gisteren daar zo min mogelijk naar gekeken, maar de verleiding is groot, dat geef ik onmiddellijk toe. Enfin, zie maar of u zin heeft om mee te doen, zou ik zeer leuk vinden. Ik heb helaas geen prijzen te vergeven, anders dan de eerder gememoreerde eeuwige roem. De antwoorden volgen om middernacht, maar wellicht zijn die al eerder bekend. Succes!
1
2
3
4
5
COVERS: en nog maar een keertje......
Ellen ten Damme ; Sha la lie ; Giel Beelen
Ik hou het deze keer bijna net zo kort als bij mijn vorige bijdrage, want vanmorgen in de auto werd ik blij verrast met een optreden van de verrukkelijke Ellen ten Damme in Giel Beelen's ochtenshow op 3FM. Ook zij waagde zich aan een coverversie van.....
Enfin, Ellen kan bij mij weinig fout doen, dus u zult begrijpen
dat mijn waardering voor dit liedje bij deze met sprongen is
gestegen
Hehe, eindelijk weer eens een cover die het origineel
weet te overtreffen
:
that's all folks!
Door het overlijden van folkzangeres Kate
McGarrigle heb ik de afgelopen weken met enige regelmaat de
platen die ze samen met haar zus Anna maakte, weer eens van stal
gehaald. Wrang dat dit soort trieste gebeurtenissen vaak
aanleiding zijn om acts en hun platen weer eens voor het
voetlicht te plaatsen. That's life zou ik bijna zeggen
En dat terwijl ik eind jaren '70 hun platen - m.n. het onvolprezen French Record - veelvuldig draaide.Toen sloeg de new wave van de jaren '80 echter keihard toe en liet ik hen vervolgens een tijd lang links liggen. Zij waren overigens niet de enigen die dat overkwam, ook The Eagles (wat was ik daar toen idolaat van) , James Taylor en Linda Ronstadt bleven lange tijd onbespeeld in mijn platenkast staan. Ik maakte toen gelukkig niet de fout om deze platen van de hand te doen waardoor de albums van Echo & the Bunnymen broederlijk naast die van Don Henley c.s. kwamen te staan.
Op de albums van de McGarrigles heb ik altijd een specifieke song gemist, nl. You tell me that I'm falling down dat Anna samen met ene C.S.Holland schreef. Deze song werd in 1975 door Linda Ronstadt opgenomen voor haar album Prisoner in disguise, maar werd nooit door de gezusters op plaat gezet. Ik heb deze vertolking de afgelopen tijd weer eens enkele draaibeurten gegeven en herontdekte en passant het gehele album. Meteen werd we weer duidelijk waarom ik dit ooit Ronstadt's beste album vond. Het bitterzoete You tell me.... is voor mij het absolute hoogtepunt van de plaat. Niet alleen vanwege de smaakvolle begeleiding (o.a. Andrew Gold, James Taylor en David Lindley) maar zeker ook vanwege de hemelse samenzang van Rondstadt en 2e stem Maria Muldaur. Deze laatste was in die jaren een gerespecteerde folk-rock zangeres met een succesvolle solocarriere.
Prisoner in disguise was net als al haar jaren '70 platen een schoolvoorbeeld van wat toen de L.A. MuziekMaffia werd genoemd. Bekende soloartiesten of bandleden waren in die dagen niet te beroerd om hun bevriende collega's in de studio en op het podium van dienst te zijn. Daarnaast was er een groot aantal sessiemuzikanten wiens zang-, gitaar-, bas- of drumpartijen op talloze platen uit die periode zijn terug te vinden: Waddy Wachtel (g), Kenny Edwards (b), Leland Sklar (b) Russ Kunkel (dr) en Dan Dugmore (g) zijn een paar van die usual suspects. Ook deelde men vaak dezelfde labels (Asylum, Warner Bros., CBS), producers (o.a. Peter Asher, Bill Szymczyk, Andrew Gold) en studios (Sound Factory, Record Plant en Sunset Studios). Tevens werden er als vriendendienst carrieres gelanceerd van singer/songwriters als J. D. Souther, Warren Zevon en Karla Bonoff. Deze 3 namen danken hun succes voor een deel aan Linda Ronstadt die in die jaren haar albums samenstelde uit covers van min of meer bekende songs, afgewisseld met nieuw materiaal van relatief onbekende namen. Door het succes van haar albums kregen auteurs een platencontract of kregen hun albums met daarop de oorspronkelijke versies extra media-aandacht.
Kijkt u hieronder maar eens naar de tracklist van Prisoner in disguise en u ziet daar precies wat ik hierboven bedoel: bekende Motown classics als Heatwave en Tracks of my tears naast een minder bekende James Taylor-song en twee tot dan toe onbekende tracks van de hand van J.D. Souther. Alle songs krijgen een softrock/countryrock behandeling waardoor het ondanks de stillistische verschillen van de originele versies een zeer coherent album is geworden. Voorzien van mooie arrangementen (m.n. bij Tracks of my tears dat van een gloedvolle soulballad omgetoverd werd tot een hartverscheurende countryballad) en perfect spel van de diverse muzikanten. En bovenal natuurlijk die mooie herkenbare stem van Ronstadt die mij m.n. bij de wat ingetogenere songs nog steeds zeer kan bekoren.
Kortom, de hernieuwde kennismaking met dit prachtig jaren '70 kleinood is mij bijzonder goed bevallen. Alleen jammer dat de aanleiding daartoe een beetje somber stemde.
Tracklist Prisoner in disguise.
Ik heb een aantal opnames gelinkt aan de covers en originals. Niet noodzakelijk de studioversies, maar in ieder geval uitvoeringen die een goede indruk van de songs geven.
- Love Is a Rose (Neil Young)
- Hey Mister, That's Me Up On the Jukebox (James Taylor)
- Roll Um Easy (Lowell George)
- The Tracks of My Tears (Smokey Robinson, Moore, Talpin)
- Prisoner in Disguise (J. D. Souther)
- (Love Is Like A) Heat Wave (Holland / Dozier / Holland)
- Many Rivers to Cross (Jimmy Cliff)
- The Sweetest Gift (j.B. Coats)
- You Tell Me That I'm Falling Down (C. S. Holland / Anna McGarrigle)*
- I Will Always Love You (Dolly Parton)
- Silver Blue (J.D. Souther)
* Bekijk en beluister hieronder de 2 versies.
De enige opname die ik van de McGarrigles kon vinden is afkomstig van de DVD-versie van The McGarrigle Hour (1998). Op de CD-versie ontbreekt deze track helaas.
Wanneer een begenadigd songwriter als Peter Gabriel zich waagt aan een coveralbum dat heeft deze of last van een writersblock of hij heeft hiermee iets bijzonders voor ogen.
Het is inmiddels alweer 8 jaar geleden dat Gabriel zijn laatste reguliere album, UP getiteld, uitbracht. In 2008 verscheen nog wel onder zijn naam de CD Big Blue Ball, maar dit samenwerkingsproject waarop ook een groot aantal andere acts te horen waren, was eerder een promo voor zijn Real World-label te noemen. De aanname dat zijn creatieve bron al lang droog staat, is daarom niet eens zo'n gekke gedachte. Aan de andere kant is Gabriel wel een artiest die graag zijn eigen gang gaat en zich door niets en niemand iets op laat dringen. Dus als hij meer brood ziet in andere zaken -zoals performen getuige een aantal DVD-releases - dan doet ie dan gewoon.
Ook bij dit coveralbum
Scratch My Back gaat hij nogal
eigenzinnig te werk. Verrassend is nl. zijn songkeuze die
varieerd van beproefd klassiek materiaal van David
Bowie en Paul Simon tot nieuw materiaal
van hedendaagse namen als Bon Iver en
Arcade Fire. Verder heeft Gabriel zijn
vaste begeleiders vrijaf gegeven en ingeruild voor een
strijkorkest.
De oorspronkelijke songs werden met dit gegeven vervolgens door arrangeur John Metcalfe radicaal bewerkt waardoor het origineel soms moeilijk terug te herkennen is. Diens motivatie hiervoor is dat het weinig zinvol is om een song te coveren als het eindresultaat slechts dezelfde song met een andere zanger is.
Hier valt natuurlijk wel wat voor te zeggen, maar dan mag je hopen dat een andere benadering en interpretatie nieuw licht op dat origineel zal werpen. Of dat hier het geval is, daar ben ik nog niet zo zeker van. Mijn eerste indruk is dat de songs weliswaar zeer origineel zijn benaderd, maar dat dit niet altijd een positieve uitwerking heeft. Sterker nog, de covers zijn vrijwel allemaal aan de wat trage, saaie kant en de hele plaat doet door de gekozen aanpak nogal eenvormig aan.
Toch wil ik dit album op basis van de naam Gabriel nog even het voordeel van de twijfel geven. De soms totaal afwijkende versies vergen wellicht iets meer moeite van de luisteraar dan doorsnee covers. Dus we zullen de songs nog maar eens enkele keren gaan beluisteren. Verder ben ik benieuwd naar het vervolg, nl. een album getiteld I'll scratch yours. Hierop zullen de gecoverde acts op hun beurt een song van Gabriel onder handen nemen. Wanneer deze verschijnt heb ik nog niet kunnen achterhalen, maar ik beloof u dat ik daar t.z.t. de nodige aandacht aan zal schenken. Wellicht is dan het moment aangebroken om een definitief oordeel over Scratch My Back te vellen.
(releasedatum: 15 februari 2010)
Peter Gabriel - Scratch my back tracklist
- Heroes (David Bowie)
- The Boy in the Bubble (Paul Simon)
- Mirrorball (Elbow)
- Flume (Bon Iver)
- Listening Wind (Talking Heads)
- The Power of the Heart (Lou Reed)
- My Body Is a Cage (Arcade Fire)
- The Book of Love (Magnetic Fields)
- I Think Its Going to Rain Today (Randy Newman)
- Apres Moi (Regina Spektor / Eartha Kitt)
- Philadelphia (Neil Young)
- Street Spirit -Fade Out (Radiohead)
Sneak prelistening: Heroes dat samen met 9 andere songs momenteel tegen betaling als download verkrijgbaar is bij Musicforrelief. Alle opbrengsten komen ten goede aan de slachtoffers van de aardbeving in Haiti.
COVERS: i.m. Kate McGarrigle
linda ronstadt, anna mcgarrigle, kate mcgarrigle
De Canadese Kate McGarrigle die samen jarenlang met haar 2 jaar oudere zuster Anna een bekend folkduo vormde, is in de nacht van maandag op dinsdag op 63-jarige leeftijd aan kanker overleden. En daarmee heeft ze de twijfelachtige eer dit jaar één van de eerste bekende overledenen van de populaire muziek te zijn.
Kate McGarrigle overleed in haar woning in Montreal,omgeven door haar zusters Jane en Anna, en haar -eveneens musicerende - kinderen Rufus en Martha Wainwright De zangeres streed sinds de zomer van 2006 tegen kanker.
Kate en Anna
McGarrigle begonnen hun muzikale loopbaan al in de jaren
zestig van de vorige eeuw en kregen behoorlijk wat aandacht in de
jaren zeventig, toen Linda Ronstadt hun
"Heart Like a Wheel" coverde. Dit was de versie die ik
zelf als eerste leerde kennen als titelsong van wat in 1974 haar
grote doorbraak album zou worden. Een fraaie ballad met een
ontroerende tekst, prachtig en met de juiste dosis emotie
gezongen. Absoluut hoogtepunt van een verder prima album dat de
opmaat zou vormen voor een trits fraaie countryrock getinte
albums. Haar internationale hit "You're no good" was
trouwens eveneens op dit album uit terug te vinden.
"Heart like a wheel" zou later nog door diverse
acts worden gecoverd w.o. Mary Black en
The Corrs.
De auteursversie van de McGarrigle 's verscheen op hun eerste, titelloze, album uit 1975. Hierop stond ook hun wellicht bekendste song "Complainte pour Ste Catherine". Deze opgewekte song zou ook de Nederlandse Top 40 bereiken (nr. 17 in maart 1976) en vormde met zijn curieuze vocalen en onverstaanbare Frans-Canadese tekst een beetje een vreemde eend in de bijt temidden van de vele disco-hits die toen in zwang waren. Het was deze single die mij het album deed aanschaffen, om er vervolgens achter te komen dat zij de makers van het eerder genoemde "Heart like a wheel" waren. De zusters namen in de jaren erna hun tijd voor het uitbrengen van hun platen. In totaal verschenen er tot hun laatste album Christmas Hour slechts een tiental officiële platen, waarvan 7 hun weg naar mijn platen- en cd-kast hebben weten te vinden.
Niet dat ik ze vaak draai maar die keer dat ik ze weer eens opzet valt mij de tijdloosheid van hun traditionele stijl op. Hun verre van gepolijste manier van zingen, spelen en produceren levert muziek in haar puurste vorm op. Uit ervaring weet ik dat niet iedereen hiervan is gecharmeerd. Hun soms wat schelle en snerpende (samen)zang in combinatie met de Franstalige teksten (naast het volledige Franstalige album French Record (!) bevatten hun albums doorgaans enkele Franstalige songs) vergen soms wat moeite van de gemiddelde luisteraar. Persoonlijk krijg ik van hun platen altijd een warm en melancholisch gevoel. En uit ervaring weet ik dat ook ik geneigd ben na zo'n triest bericht weer eens een duik in mijn collectie te nemen. Met als gevolg een hernieuwde kennismaking met hun werk.
Ondanks hun faam onder mede-muzikanten zijn ze bij het grote publiek altijd een beetje onbekend gebleven. Een groot aantal van hun songs vormde dankbaar materiaal voor anderen, hetgeen altijd een graadmeter is voor kwaliteit. Of er door Kate's overlijden een herwaardering voor hun werk bij het grote publiek zal ontstaan (zie Ramses en Michael Jackson), is nog maar de vraag. Ik betwijfel dat en juich dat om die reden ook niet toe. Maar aan de andere kant is elke vorm van aandacht voor hun bescheiden maar prachtig oeuvre meer dan welkom.
Bekijk en beluister hieronder een live-versie van Heart Like a wheel door La Rondstadt. Op piano ziet u overigens haar toenmalige vaste muzikale partner Andrew Gold.
Hieronder een fraaie live-vertolking door de zusters McGarrigle met Kate achter de piano.
Als bonus nog maar eens hun bekendste song:
....want tijdens een dag als vandaag heb ik weer eens "last" van een gigantische oorwurm, nl. mijn alltime favorite snowsong:
Het Amerikaanse kwartet Fountains of Wayne grossiert sinds 1996 al 4 albums lang in prachtige powerpopsongs. Gitaarmuziek die sterk refereert aan de sixtiessound van bijv. The Byrds, voorzien van ijzersterke melodieën en fraaie close-harmony en vaak overgoten met een punkpopsausje a la Green Day. Andere referenties zijn Big Star en Teenage Fanclub, zodat de liefhebber meteen weet wat voor muzikaal vlees hij in de kuip heeft.
Ik raakte in 1996 verslaafd aan hun titelloze debuutalbum, niet in de laatste plaats dankzij de single Radiation Vibe die indertijd bij onze Zuiderburen van Studio Brussel grijs werd gedraaid.
Maar als straks de sneeuw weer door de zon is verdwenen dan zal ik hun 3e album Welcome Interstate Managers (2003) nog steeds met plezier blijven draaien. Want behalve bovengenoemde Valley winter song staat daar ook het uitermate zomerse Stacy's Mom op. En toegegeven, de bijbehorende ...eh... ondeugende video draagt er in hoge mate aan bij dat dit mijn favoriete FOW-song is. Waarvan akte!
Enne.... volgende keer gaan we weer eens echt coveren, scouts honor.
Heimelijke genoegens, ook ik heb ze uiteraard. Ik zal u daar niet al teveel mee lastig vallen, maar voor muzikale guilty pleasures maak ik graag een uitzondering. En met de jaarlijkse Top 2000 koud achter de rug moet ik toegeven dat ik er meer heb dan ik had gedacht. ABBA, BeeGees, Carpenters, etc. namen te over, met het risico niet meer serieus genomen te worden als serieus liefhebber. Maar aan de andere kant: who cares?
Maar dat wil niet zeggen dat er echt grenzen zijn aan mijn muzikale smaak. Om even bij de Top 2000 te blijven: de zaligverklaring van Ramses Shaffy door 3 nummers in de Top 10 te kiezen vond ik op zijn zachtst gezegd overdreven, om nog maar te zwijgen over de groei van het aandeel Nederlandstalige werk. 19 x Borsato, 14 x Bløf, 9 x Paul de Leeuw, 8 x Hazes, idem Guus Meeuwis, en dan nog een handvol Volendammers. U begrijpt, ik ben geen liefhebber van het Hollandse lied. Telkens wanneer er materiaal uit deze categorie voorbijkomt krijg ik acuut uitslag van muzikale jeuk. Het is me allemaal net wat te gezellig of juist overdreven emotioneel, maar hoe dan ook, wat me het meeste stoort is dat - de 1 wat meer dan de ander - het me vaak ongeloofwaardig overkomt. Mensen als Boudewijn de Groot en ook wel Shaffy kan ik best wel waarderen, juist omdat ik geloof wat ze zingen en uitdragen. En dat ligt echt niet aan de taal.
Want onechtheid stoort me in alle talen. Ook in het Engles zijn er diverse acts die ik om deze reden gewoon niet kan waarderen. Iemand als Mariah Carey (opvallend genoeg slechts 1 x in de Top 2000 met haar kersthit) grossiert wat mij betreft in nep-emoties.
Was het mens al bijna vergeten toen ik werd geattendeerd op de cover die ze recentelijk opnam van Foreigner's eighties mega-hit I want to know what love is.
Het origineel is een powerballad die ik schaar onder de categorie Guilty pleasures. Ik heb er een zwak voor, hardrockbands die het commercieel gezien van hun ballads moesten hebben. Juist iemand als Carey bewijst met haar zouteloze cover dat het overbrengen van emoties niet iedereen gegeven is, hoe goed ze technisch gesproken vocaal ook moge zijn. Vergelijk haar uitvoering maar eens met hetgeen Foreigner's Lou Gramm uit zijn strot weet te persen. I rest my case.
Zo op de valreep van het jaar nog een themadagblog, en wat voor één. Afscheid nemen, ik deed het zo´n 2 jaar geleden al eens, maar het bloed kroop uiteindelijk waar het niet gaan kon. En nu is het onvrijwillig de laatste weken hier op mijn blog redelijk rustig gebleven, een enkele reactie daargelaten.
Onvrijwillig omdat ik, ondanks alle aardige covers die ik de afgelopen tijd tegenkwam, me er niet echt toe kon zetten om hier wat te schrijven. Niet alleen omdat andere werkzaamheden in zowel de echte als virtuele wereld om mijn aandacht vroegen, maar ook omdat ik al weken wat last heb van een zeurderig pijntje in mijn rechterbovenarm. Altijd gedacht dat RSI een modieus en ingebeeld verschijnsel was, ik weet inmiddels helaas wel beter. Niet rampzalig overigens, maar ik moet het wel in de gaten houden en thuis met mate achter het scherm kruipen. Op het werk is mijn werkplek wat aangepast en probeer ik wat meer te bellen en naar collega's toe te gaan i.p.v. ze te mailen of met ze te chatten. Dat biedt niet alleen wat verlichting maar is ook wat gezelliger. En zo kom ik toevallig ook helemaal tegemoet aan de omstreden kerstwens van onze vorstin door meer mensen IRL te ontmoeten i.p.v. via het beeldscherm.
Kortom, ik zal hier pas echt afscheid nemen als de lol van het schrijven helemaal weg is, er geen noemenswaardige covers meer zijn te melden (die kans is dus klein) of wanneer mijn RSI erger wordt (die kans is helaas wat groter). Tot die tijd zult u me hier af en toe weer eens zien. En nu maar hopen dat de Belgische eigenaar van de Volkskrant de stekker van dit VK-blog er nog even in laat zitten.
Voor nu wens ik u allen alvast een voorspoedig en blogrijk 2010 toe.
Eén van de dingen waar ik sinds 5 december veel vrije tijd in heb gestoken ziet u hieronder. RSI-vriendelijker dan typen, aangezien je het drummen en gitaarspelen af kunt wisselen met solo-zang. Nou ja, in ieder geval iets dat op zingen lijkt.
En om nog even on-topic te blijven, 2x Sir Paul die sinds ik hem 9 december jl. in Arnhem zag nauwelijks uit mijn cd-spelers is geweest.
De dames bij mij thuis heb ik de afgelopen weken eerlijk gezegd een beetje geterroriseerd met het veelvuldig draaien van The Beatles. Ook ik ben nl. zo gek geweest om een viertal geremasterde cd's in huis te halen. En door ze veelvuldig te draaien waren verzuchtingen en gefronste wenkbrauwen mijn terechte beloning. Maar helaas voor hen, een logisch gevolg is dat je de serie compleet wilt hebben en voorlopig dus nog niet bent uitverzameld en -gedraaid.
Daar komt nog eens bij dat deze herontdekking - want dat was het in feite voor me - mij op het idee bracht om de talloze covers uit mijn collectie eens op een rijtje te zetten. Da's geen sinecure kan ik u verzekeren. De talloze tribute-cd's waren niet zo moeilijk te vinden, singletjes (zeker de b-kantjes) waren al wat moeilijker te traceren, maar het lastigste waren toch wel afzonderlijke covers als track op reguliere albums. Ik weet dat ik nog lang niet alle covers uit mijn collectie heb gevonden, maar alles bij elkaar kwam ik toch al gauw uit op enkele honderden versies van tientallen Beatles-songs.
Al snel rees hierna het plan om eens te kijken of ik met mijn coverversies alle reguliere Beatles-albums compleet kon reconstrueren. Vraag me niet wat hier de nut en noodzaak van zijn. Die zijn er gewoonweg niet. Beschouw het maar gewoon als onschuldige Spielerei van een ongevaarlijke verzamelaar. Dit project werd zodoende een variant op het verzamelen van bijv. voetbalplaatjes. Eerst alle albums - de reguliere studio-albums en de Past Masters Vol. 1 & 2 - en bijbehorende tracks in de juiste volgorde zetten waarna het grote doorstrepen kon beginnen.
Zoals gezegd, materiaal genoeg.
Rubber Soul, Revolver, Sgt Pepper, White Album
en Abbey Road waren in feite al klaar. Deze zijn
- mede met dank aan het Britse tijdschrift MOJO
- integraal gecovered. En dat de Amerikaanse rockband The
Smithereens 2 albums volledig hebben gewijd aan de
eerste Amerikaanse Beatle-releases tikte ook al lekker aan. En de
voortreffelijke verzamelaar Under the influence
zorgde ervoor dat alle door de Beatles gecoverde songs in de
oorspronkelijke versie aan het overzicht konden worden
toegevoegd.
Daarnaast heb ik diverse verzamelalbums volledig gevuld met coversongs: Motown sings the Beatles, I get no kick about Modern Jazz, A Reggae Tribute to the Beatles, de countryverzamelaar America salutes the Beatles en soundtracks van I am Sam en Across the Universe zijn daar slechts enkele voorbeelden van. Uiteraard leverde dat een enorme berg dubbele exemplaren op. Hey Jude, All you need is love, Yesterday, Let it be, etc. zijn immers talloze malen gecovered. Dus dat werd een kwestie van kiezen voor de mooiste, uniekste of meest opmerkelijke versie.
Dat lijkt simpeler dan het is. Want als je bijvoorbeeld een song als Helter Skelter in de versie van Oasis, U2 en Siouxsie & the Banshees hebt liggen is het moeilijk kiezen. En bij een uitgekauwde songs als Yesterday kon ik kiezen tussen regelrechte kopieën , jazz-bewerkingen, close-harmony, country en pastisches. Hierna bleven een groot aantal songs over die ik echter niet zo 1-2-3 kon terugvinden.
Dus werd het tijd om mijn muzikaal netwerk eens in te schakelen. En zowaar, na enkele dagen kon ik de laatste song op mijn lijstje doorstrepen. Van sommige songs kon ik maar één versie vinden, waardoor sommige vertolkers (o.a. de eerder genoemde Smithereens) meerdere keren in de lijst terugkeren en komen er vertolkingen in voor die alleen maar bij gebrek aan beter zijn geselecteerd.
Als er enig nut aan de lijst valt te ontlenen dan is het wel de bevestiging dat de oorspronkelijke versies zelden worden geëvenaard, laat staan overtroffen. De bekendste Beatlessongs zitten immers zo sterk in je gehoor gegrifd dat een vergelijk bijna altijd nadelig uitpakt voor de coverversie. En dat het geen verschil uitmaakt of het een grote naam of een onbekende singer/songwriter betreft.
Niet zo vreemd dus dat het met name de wat minder bekende tracks zijn die covers opleveren die minstens zo mooi als het origineel zijn. Bijvoorbeeld Yes it is door Don Henley (met Jackson Browne op backingvocals) en I'll be back van Shawn Colvin zijn de spreekwoordelijke uitzonderingen op de regel.
Fase 1 van mijn project is klaar, alle songs (m.u.v. de instrumentale stukken van Yellow Submarine die in feite van producer George Martin zijn). Het resultaat kunt u hieronder bekijken. Fase 2 is een kwestie van fijnslijpen. Eens kijken of we coveraars slechts éénmaal kunnen opvoeren. Ook eens kijken of de complete tribute-albums gedeeltelijk door losse covers kunnen worden vervangen. Ik hoef me voorlopig dus niet te vervelen, maar ik denk dat ik u verder fase 2 zal besparen. De dames bij mij thuis zullen u erom benijden.
Fase 1:
Please, please me
- I Saw Her Standing There – The Smithereens
- Misery - Flamin’ Groovies
- Anna (Go to Him) cover – Arthur Alexander
- Chains cover – The Cookies
- Boys cover – The Shirelles
- Ask Me Why - The Smithereens
- Please Please Me (Tu perds ton temps) – Petula Clark
- Love Me Do – Sandie Shaw
- P.S. I Love You – The Smithereens
- Baby It's You cover – The Shirelles
- Do You Want to Know a Secret – Fairground Attraction
- A Taste of Honey cover – Lenny Welch
- There's a Place - The Smithereens
- Twist and Shout cover – Isley Brothers
With the Beatles
- It Won't Be Long – Franz Ferdinand
- All I've Got to Do – The Smithereens
- All My Loving – Suzy Boguss & Chet Atkins
- Don't Bother Me – The Smithereens
- Little Child - The Smithereens
- Till There Was You cover – Peggy Lee
- Please Mr. Postman cover – The Marvelettes
- Roll over Beethoven cover – Chuck Berry
- Hold Me Tight – The Smithereens
- You've Really Got a Hold on Me cover – Smokey Robinson & the Miracles
- I Wanne Be Your Man – Rolling Stones
- Devil in Her Heart cover – The Donays
- Not a Second Time - The Pretenders
- Money (that’s what I want) cover – Barrett Strong
Hard day’s night
- A Hard Day's Night - The Supremes
- I Should Have Known Better – She & Him
- If I Fell – Sammy Kershaw
- I'm Happy Just to Dance with You – The Smithereens
- And I Love Her – Smokey Robinson & The Miracles
- Tell Me Why – April Wine
- Can't Buy Me Love – Michael Bublé
- Any Time at All – Nils Lofgren
- I'll Cry Instead – Joe Cocker
- Things We Said Today – Cliff Richard
- When I Get Home – Chris Cobb
- You Can't Do That – The Supremes
- I’ll be back – Shawn Colvin
Beatles for sale
- No Reply – Peter Lipa
- I'm a Loser – The Lost Dogs
- Baby's in Black (Wat moet ik doen) - Normaal
- Rock and Roll Music cover – Chuck Berry
- I'll Follow the Sun – Glen Phillips
- Mr. Moonlight cover – Dr. Feelgood & The Interns
- Kansas City / Hey-Hey-Hey-Hey! (Medley) cover – Little Richard
- Eight Days a Week - Libertines
- Words of Love cover – Buddy Holly
- Honey Don’t cover – Carl Perkins
- Every Little Thing - Yes
- I Don't Want to Spoil the Party - Rosanne Cash
- What You're Doing – Lisa Lauren
- Everybody's Trying to Be My Baby cover – Carl Perkins
Help
- Help! – Howie Day
- The Night Before – Restless Heart
- You've Got to Hide Your Love Away – The Silkie
- I Need You – Tom Petty & The Heartbreakers
- Another Girl - Beatlegras
- You're Going Lose That Girl – Bertram Brown
- Ticket to Ride – The Carpenters
- Act Naturally cover – Buck Owens
- It's Only Love - Gary U.S. Bonds
- You Like Me Too Much – Chris Richards
- Tell Me What You See – Jacob’s Trouble
- I've Just Seen a Face - Dillards
- Yesterday – Rijk de Gooyer
- Dizzy miss Lizzy cover – Larry Williams
Rubber Soul
- Drive My Car – The Donnas
- Norwegian Wood (This Bird Has Flown) – PM Dawn
- You Won't See Me – Dar Williams
- Nowhere Man - Low
- Think for Yourself – Yonder Mountain String Band
- The Word – Mindy Smith
- Michelle – Ben Harper & The Innocent Criminals
- What Goes On – Boo Hewerdine
- Girl – Rhett Miller
- I'm Looking Through You – Ted Leo
- In My Life – Bette Midler
- Wait - Ben Kweller
- If I Needed Someone – Nellie McKay
- Run for Your Life – The Cowboy Junkies
Revolver
- Taxman – Catfish Haven
- Eleanor Rigby – Handsome Family
- I'm Only Sleeping – Neal Casal
- Love You To - Sukilove
- Here, There and Everywhere – Emmylou Harris
- Yellow Submarine – Chris Eckman
- She Said, She Said - Mark Mulcahy
- Good Day Sunshine - Lampshade
- And Your Bird Can Sing – The Jam
- For No One – Emmylou Harris
- Doctor Robert – Luke Temple
- I Want to Tell You – Thea Gilmore
- Got to Get You into My Life – Earth, Wind & Fire
- Tomorrow never knows – Jason McNiff
Sgt .Pepper Lonely Hearts Club Band
- Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band – L.A. Workshop
- With a Little Help from My Friends – Joe Cocker
- Lucy in the Sky with Diamonds – Easy All Stars
- Getting Better – Fionn Regan
- Fixing a Hole – 747s
- She's Leaving Home – Billy Bragg
- Being for the Benefit of Mr. Kite - Bikeride
- Within You, Without You – Stephanie Dosen
- When I'm Sixty-Four (As ik 84 bin) – Sjraar Peters
- Lovely Rita – Michelle Shocked
- Good Morning, Good Morning – Paul Nicholas, Peter Frampton & BeeGees
- Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band – Simple Kid
- A day in the life – Neil Young
Magical Mystery Tour
- Magical Mystery Tour – Cheap Trick
- The Fool on the Hill – Björk (11 years old)
- Flying – Secret Machines
- Blue Jay Way - Secret Machines
- Your Mother Should Know – Kenny Ball
- I Am the Walrus – Man Without Hats
- Hello Goodbye – Bud Shank & Chet Baker
- Strawberry Fields Forever - Todd Rundgren
- Penny Lane – Judy Collins
- Baby You're a Rich Man – Fat Boys
- All you need is love – Echo & the Bunnymen
Beatles – White Album
- Back in the U.S.S.R.(Terug in de CCP) – Mal Evans Memoral Band
- Dear Prudence – Siouxsie & the Banshees
- Glass Onion – Big Linda
- Ob-La-Di, Ob-La-Da) – Gabriella Cilmi
- Wild Honey Pie – The Suppliers
- The Continuing Story of Bungalow Bill – Dawn Kinnard & Ron Sexsmith
- While My Guitar Gently Weeps – Virgin Passages
- Happiness Is a Warm Gun – Aidan Smith
- Martha My Dear – Vashti Bunyan & Max Richter
- I'm So Tired – Phil Campbell
- Blackbird – Julie Fowlis
- Piggies - Pumajaw
- Rocky Raccoon - Johnny Flynn
- Don't Pass Me By – Field Music
- Why Don't We Do It in the Road? - Babel
- I Will – Joan As A Police Woman
- Julia – A Girl Called Eddy
- Birthday – Ruby Suns & Esau Mwamwaya
- Yer Blues – Eugene McGuinness
- Mother Nature's Son – Nevill Skelly
- Everybody's Got Something to Hide Except Me and My Monkey – My Brightest Diamond
- Sexy Sadie – Paul Weller
- Helter Skelter - Oasis
- Long, Long, Long – Gemma Ray
- Revolution 1 – Neil Cowley Trio
- Honey Pie – A Cuckoo
- Savoy Truffle – Pete Greenwood
- Cry Baby Cry – Jacob Golden
- Revolution 9 - Neil Cowley Trio
- Good Night - Sarabeth Tucek
Yellow Submarine
- Yellow Submarine (Jelle zal wel zien) – Johnny Hoes
- Only a Northern Song – Jaimie Hoover
- All Together Now – One Groovy Coconut
- Hey Bulldog - The Lackloves
- It's All Too Much - Yukihiro Takahashi
- All You Need Is Love - Jim Sturgess & Dana Fuchs
- Pepperland
- Sea of Time
- Sea of Holes
- Sea of Monsters
- March of the Meanies)
- Pepperland Laid Waste
Abbey Road
- Come Together – Paul Weller
- Something – Leusiure Society
- Maxwell's Silver Hammer – Let’s Wrestle
- Oh! Darling – Huey Lewis
- Octopus's Garden – Jeffrey Lewis
- I Want You (She's So Heavy) – Robyn Hitchcock
- Here Comes the Sun – Charlie Dore
- Because – Elliott Smith
- You Never Give Me Your Money – Glen Tilbrook & Nine Below Zero
- Sun King - Gomez
- Mean Mr. Mustard / Polythene Pam - Cornershop
- She Came in Through the Bathroom Window - Joe Cocker
- Golden Slumbers – Blue Roses
- Carry That Weight – Noah & the Whale
- The End – Loose Salute
- Her Majesty – Low Anthem
Let it be
- Two of Us – Aimee Mann & Michael Penn
- Dig a Pony – Screaming Headless Torso
- Across the Universe - Rufus Wainwright
- I Me Mine – Van Dik Hout
- Dig It - Laibach
- Let It Be – Gladys Knight & the Pips
- Maggie Mae – The Searchers
- I've Got a Feeling – Billy Preston
- One After 909 – Willie Nelson
- The Long and Winding Road – Aretha Franklin
- For You Blue - Laibach
- Get Back – Ike & Tina Turner
Past Masters 1
- Love Me Do – Lisa Lauren
- From Me to You – Bobby McFerrin
- Thank You Girl – The Smithereens
- She Loves You – Peter Sellers
- I'll Get You – The Smithereens
- I Want to Hold Your Hand - The Smithereens
- This Boy – The Smithereens
- Komm, Gib Mir Deine Hand - Florian Ast
- Sie Liebt Dich - Alex Geh
- Long Tall Sally cover – Little Richard
- I Call Your Name – The Mamas & The Papas
- Slow Down cover – Larry Williams
- Matchbox cover – Carl Perkins
- I Feel Fine – Sweethearts of the Rodeo
- She's a Woman - Scritti Politti & Shabba Ranks
- Bad Boy cover – Larry Williams
- Yes It Is – Don Henley
- I’m down – Beastie Boys
Past Masters 2
- Day Tripper – Otis Redding
- We Can Work It Out – Stevie Wonder
- Paperback Writer – Kris Kristofferson
- Rain – Ed Harcourt
- Lady Madonna – Fats Domino
- The Inner Light - Jeff Lynne & Anoushka Shankar
- Hey Jude – Wilson Pickett
- Revolution - Grandaddy
- Get Back – Steve Wariner
- Don't Let Me Down - Bearfoot
- The Ballad of John and Yoko – Teenage Fanclub
- Old Brown Shoe – Leslie West
- Across the Universe – Fiona Apple
- Let It Be – Aretha Franklin
- You know my name (look up my number) – Yellow Matter
Custard
Bonus
1 Free as a bird – King Crimson
3 X-mas time is here again – The Smithereens
Aangezien er al pepernoten en ander Sinterklaasspul in de supermarkt liggen en de eerste 5 december speelgoedfolders inmiddels op de deurmat vallen, wil ik hier even graag de aandacht vestigen op een Kerst-CD die op termijn ongetwijfeld tot de bestlopende platen in het genre zal gaan behoren.
Christmas in the heart is
de naam van het kleinood dat recentelijk het licht zag en het is
daarmee de eerste Kerstplaat die Bob Dylan -
want over hem hebben we het - ooit in zijn lange en respectabele
carriere opnam. Hiermee treedt hij dan eindelijk toe tot de
schier oneindige lijst van grote Amerikaanse namen die een heuse
Kerstplaat opnamen. Want wie gingen hem allemaal al niet voor:
Elvis, James Brown, The Carpenters, Johnny Cash,
John Denver, Barbra Streisand, Beach
Boys, etc.
Allen hebben 1 of meerdere Kerstplaten achter hun naam staan. Het merendeel daarvan is gevuld met beproefd materiaal dat perfect past tussen Bing Crosby's White Christmas en al die andere evergreens als Little Drummer Boy en The Christmas Song. Veelal dus weinig verrassende platen die hun weg naar de fans van de desbetreffende artiest echter wel wisten te vinden.
Ik vrees dat Dylans plaat tot
dezelfde categorie moet worden gerekend. Tuurlijk, het is
verrassend dat Dylan zich nu eindelijk aan een Kerstplaat
heeft gewaagd. Maar gezien zijn legendarische staat van
dienst als componist en tekstschrijver had ik verwacht dat hij op
de proppen zou komen met een aantal nieuwe Kerstklassiekers in
wording.
In plaats daarvan schotelt hij ons een nogal uitgekauwd repertoire voor dat ook nog eens in een traditioneel jasje (zoetgevooisde koortjes, kerstklokken en violen) is gegoten. De Norman Rockwell-achtige hoes deed vantevoren al het ergste vrezen.
En een eerste beluistering rechtvaardigde mijn vrees. Want 's mans toch al niet fraaie stem - ja, het is niet anders beste fans - detoneert regelmatig met het zoete materiaal en dito begeleiding. Op zich zijn een aantal songs nog niet eens zo beroerd, maar dan liever graag met een passendere, fluwelen stem. Kortom, als het dan echt moet, doet u mij dan toch maar (met een echte Rockwell-bewerking op de hoes) The Carpenters.
De Dylanfans die ik ken moesten unaniem bekennen dat ook voor hun het wel ...eh... verrassender had gemogen. Eén hunner voerde zelfs ter verdediging aan dat de opbrengsten van het album ten goed zouden komen aan een voedselhulporganisatie.
Een schrale troost dus dat het album hoogstwaarschijnlijk toch hoge ogen zal gaan gooien. De grote schare diehard fans zullen immers ook dit album, al dan niet tandenknarsend, aan hun collectie toe willen voegen.
Maar diezelfde fans zullen er nu zeker op rekenen dat na dit tussendoortje de meester net als de afgelopen jaren weer met een sterk album op de proppen zal komen. Noblesse oblige tenslotte.
Tracklist:
- Here Comes Santa Claus (2:35)
- Do You Hear What I Hear? (3:02)
- Winter Wonderland (1:52)
- Hark the Herald Angels Sing (2:30)
- I'll Be Home for Christmas (2:54)
- Little Drummer Boy (2:52)
- The Christmas Blues (2:54)
- O' Come All Ye Faithful (2:48)
- Have Yourself a Merry Little Christmas (4:06)
- Must Be Santa (2:48)
- Silver Bells (2:35)
- The First Noel (2:30)
- Christmas Island (2:27)
- The Christmas Song (3:56)
Kleine update: zo'n 10 jaar geleden hadden enkele grapjassen al een vooruitziende blik.
Een beetje geruisloos verscheen in juni het Ray Davies album The Kinks Choral Collection. Zonder al te veel fantasie kunt u al raden wat u hierop mag verwachten: de Kinks-voorman heeft wat oude songs afgestoft en samen met een koor in een nieuw jasje gestoken.
Dit klinkt u wellicht wat
vreemd in de oren en dat is het in feite ook wel. Zeker als u de
hardere kant van deze legendarische band koestert. Maar daarover
verderop wat meer.
Davies heeft op dit album het Noord-Londense 65-koppige The Crouch End Festival Chorus ingeschakeld. Een samenwerking die voortkomt uit een gezamenlijk optreden in 2007 tijdens de Electric Proms. Voor alle deelnemers dus een ervaring die goed beviel en het moet gezegd, het enthousiasme van Davies, band en koor is goed op de plaat terug te horen. Maar de vraag dringt zich op wat je als luisteraar hiermee moet. De tracklist is voorbeeldig en bevat een aardige dwarsdoorsnede van wat deze band ooit legendarisch maakte. En je zou verwachten dat de inzet van het koor een ander, origineel licht op het klassieke materiaal zou werpen. Niets van dit alles, temeer daar het koor een bescheiden rol is toebedeeld en zich vaak moet beperken tot ooeeehhhhs en aaahhs. Dat wreekt zich met name bij You really got me en All day and all of the night, stevige rocksongs die door het koor hun angel verliezen.
De rustigere, melancholische songs zoals Days en Waterloo Sunset kunnen echter deze vocale bijdragen wel goed hebben. Niet dat ze er beter van worden, want dat is immers schier onmogelijk bij dit soort classics. Het eindoordeel luidt wat mij betreft: een sympathiek project maar het idee was beter dan de uitvoering. En dat vind ik wel wat jammer, want het materiaal van The Kinks verdient wel een betere behandeling. En dat de maker van al die mooie songs hier zelf verantwoordelijk voor was, dat maakt het allemaal nog net een beetje erger.
Tracklist:
-
Days (3:43)
-
Waterloo Sunset (3:34)
-
Yoy Really Got Me (3:40)
-
Victoria (3:02)
-
See My Friends (5:20)
-
Celluloid Heroes (3:42)
-
Shangri-La (5:27)
-
Working Man's Cafe (3:59)
-
Village Green (3:23)
-
Picture Book (2:31)
-
Big Sky (3:13)
-
Do You Remember Walter (3:33)
-
Johnny Thunder (2:18)
-
Village Green Preservation Society (2:31)
-
All Day and All of the Night (2:44)
Het moest er ooit eens van komen, de Rotterdamse singer/songwriter Charlie Dée start deze maand een theatertour A Tribute to Joni welke geheel is gewijd aan haar grote muzikale voorbeeld, Joni Mitchell.
Dée, geboren in 1977 als Renee van Dongen, heeft de afgelopen jaren al een behoorlijke naam opgebouwd door in 2004 in de categorie singer/songwriter de Grote Prijs van Nederland te winnen en door haar goed ontvangen albums Where do girls come from (2006) en Love your life (2007). Optredens als voorprogramma van uiteenlopende acts als Josh Groban, Live en Joe Cocker brachten haar onder de aandacht van een breder publiek. Maar haar grootste bereik heeft ze ongetwijfeld gehaald met haar smaakvolle muzikale bijdrage aan een tv-commercial voor een grote uitvaartverzekeraar. Alleen is het nog maar de vraag of de gemiddelde kijker wist dat zij hier achter schuil ging.
In alle artikelen en interviews over Dée
komen naast Mitchell ook haar andere muzikale
voorbeelden zoals Rickie Lee Jones, Fiona Apple
en Jeff Buckley steevast aan de orde. Misschien
wel iets teveel waardoor ze de schijn tegen zou kunnen krijgen
niet over een eigen geluid te beschikken. Iets wat door de
Mitchell-tournee natuurlijk alleen maar wordt vergroot. Dat zou
jammer zijn en zeker niet terecht omdat op haar eigen albums ze
wel degelijk laat horen over een herkenbaar (stem)geluid te
beschikken.
Aan de andere kant hoeft ze zich zeker niet te schamen voor haar voorliefde voor het werk van Mitchell. Er zijn immers beroerdere voorbeelden te bedenken. En de play- en tracklist van de gelijknamige CD (en DVD) geeft aan dat ze gelukkig niet enkel voor de bekendere songs heeft gekozen maar ook aandacht heeft voor de onbekendere pareltjes uit het rijke oeuvre van Mitchell. Persoonlijk juich ik dit initiatief van harte toe, want hoewel ik mezelf niet als een echte Mitchell-fan en -kenner beschouw, beluister ik haar platen (m.n. Blue, Ladies of the canyon en Hissing of summer lawns) nog steeds erg graag. Maar ik merk in mijn omgeving dat de Mitchell-fans dun zijn gezaaid. Elke aanleiding om Mitchell's werk weer eens voor het voetlicht te halen is dus meer dan welkom.
Dée's huidige tribute-theatertour is in feite een voortzetting van de optredens die ze in juni vorig jaar verzorgde tijdens de jaarlijke culturele manifestatie De Parade.
Daar speelde 3x per avond een korte set volledig gevuld met Mitchell-vertolkingen. Degenen die dat toen hebben gemist krijgen nu dus een aardige herkansing. En blijkens de diverse voorproefjes die u her en der op het internet kunt aantreffen zal men geen spijt krijgen van zijn of haar gekochte kaartje.
Tracklist CD
| 1 | Woman Of Heart And Mind | |
| 2 | In France They Kiss On Mainstreet | |
| 3 | You Turn Me On, I'm A Radio | |
| 4 | Little Green | |
| 5 | Edith And The Kingpin | |
| 6 | Cherokee Louise | |
| 7 | Coyote | |
| 8 | Drycleaner From Des Moines | |
| 9 | Blue | |
| 10 | Both Sides Now | |
| 11 | California | |
| 12 | Big Yellow Taxi | |
| 13 | A Case Of You | |
| 14 | Night Ride Home | |
| 15 | Woodstock | |
| 16 | Blue |
Morgen is het dan zover, dan kunnen we met eigen oren gaan horen of alle heisa rondom de geremasterde Beatles-cd's gerechtvaardigd is. Persoonlijk zal het me een worst wezen of dat wel of niet zo is, want elke vorm van aandacht voor 's werelds beste band ooit is immers meer dan welkom. Al was het alleen maar om de jongere generaties er op te wijzen dat er ooit een bandje bestond dat tot op de dag van vandaag een inspiratiebron vormt voor talloze bands en songwriters.
U begrijpt, ik ben een onvoorwaardelijke fan. Echter wel een met een beperkt budget, dus de aanschaf van de complete box moet ik noodgedwongen spreiden over de komende maanden. Ik heb me in ieder voorgenomen om nogmaals het complete oeuvre van de Fab Four aan te schaffen. En ik heb me voorgenomen dat ik de verschillen tussen de oude en nieuwe versies zal horen. Met mijn Energy C-5 speakers denk ik overigens dat ik daar niet zoveel moeite voor hoef te doen. Rubber Soul en Revolver zullen het eerst worden aangeschaft, want die zijn al sinds jaar en dag mijn favoriete albums.
In aanloop naar deze heugelijke
dag heb ik me de afgelopen dagen uitstekend vermaakt met de
Bonus-CD die bij het oktober(!)-nummer van het Britse tijdschrift
MOJO zit bijgesloten. Abbey Road Now is de titel
en bevat een integrale remake van het fameuze album dat
op 26 september a.s. 40 jaar geleden het licht zag.
De 16 tracks worden door evenzoveel acts van een nieuw, passend jasje voorzien. De ene act blijft dicht bij het origineel terwijl de ander nogal eigenzinnig te werk gaat.
Uiteraard is zoals bij zoveel tribute albums hierdoor het resultaat wat wisselvallig maar het eindresultaat is - zeker na een aantal draaibeurten - uitermate genietbaar. Aanschaf van het tijdschrift is altijd al de moeite waard, maar deze editie is voor Beatle-fans verplichte kost.
Voor een complete tracklist kunt u op de MOJO-site terecht alwaar u ook een aantal snippertjes muziek kunt beluisteren. U komt daar ook de naam van oudgediende Glenn Tilbrook die met zijn maatje Chris Difford (en niet te vergeten Jools Holland) het voortreffelijke bandje Squeeze vormde. Niet geheel toevallig een band die ook duidelijk schatplichtig was aan de Lads from Liverpool.
Tilbrooks versie van You never give me your money blijft keurig dicht bij het origineel, maar is daardoor wel meteen mijn favoriete track van dit fraaie tribute-album.
(de foto is afkomstig van een eerdere bijdrage)
Under the covers van het duo Matthew Sweet
(singer/songwriter) en Susanna Hoffs (ex-leadzangeres van The
Bangles) was één van mijn favoriete albums van 2006. De afgelopen
jaren bleek dit coveralbum goed bestand te zijn tegen de tand des
tijds want tot op de dag van vandaag wordt dit kleinood door mij
nog met veel plezier in de cd-speler geschoven. En bij herlezing
van mijn toenmalige blogbijdrage moet ik constateren dat mijn
lofuitingen nog steeds van toepassing zijn.
Deze verzameling sixties covers was bij verschijnen een onverwachte verrassing. De 15 songs waren stuk voor stuk geslaagde covers die niet alleen competent maar ook zeer liefdevol werden vertolkt. En na Gram Parsons en Emmylou Harris en het echtpaar Julie en Buddy Miller was de popmuziek weer een ijzersterk vocaal duo rijker.
De toevoeging Vol.1 deed al vermoeden dat er ooit een vervolg zou komen. En binnenkort is het dan zover. Voor Under the covers. Vol. 2 heeft het duo nu een selectie gemaakt uit bekende en minder bekende songs uit de jaren '70. Op de gastenlijst prijken deze keer namen die ooit aan de originele versie een bijdrage hebben geleverd. Zo komen we Lindsey Buckingham tegen op diens Second Hand News dat hij ooit met Fleetwood Mac opnam voor het legendarische Rumours. En is gitarist Steve Howe aanwezig op de vertolking van I've seen all good people dat hij in 1971 met Yes opnam voor het klassieke The Yes Album. Opvallend is ook de bijdrage van Dhani Harrison op de afsluiter Beware of darkness, een track geschreven door zijn beroemde vader George.
De Yes-song is wellicht de meest vreemde eend in de bijt. Want de uitgesponnen progrock van Jon Anderson en co. lijkt een beetje uit de toon te vallen temidden van namen als Carly Simon, Rod Stewart, Bread en Little Feat. Het was ook niet voor niks dat ik vroeger deze namen kocht en niets moest hebben van het pseudo-intellectuele gefröbel van deze dino's van de popmuziek. Zij waren immers indertijd mede het doelwit van Johnny Rotten en co. die net als ik niets moesten hebben van songs die meer dan 3 minuten duurden.
Eerlijkheidshalve moet ik er wel bij vermelden dat ik in feite een hekel had aan klas- en schoolgenoten die met deze band (met in het kielzog Genesis, Supertramp en Pink Floyd) dweepten. Waarom hielden de meest vervelende lui uitgerekend van deze muziek? Dan kon die muziek zeker niet mijn muziek zijn. Ik ben daar nooit achter gekomen. Maar toen school eenmaal achter me lag heb ik op een gegeven moment wel de moeite genomen om eens naar deze bands te gaan luisteren. En ben enigszins op mijn vooroordelen teruggekomen.
Pink Floyd heb ik al jaren geleden alsnog innig omarmd (ja, ik wil tenslotte als muziekliefhebber wel serieus worden genomen), Genesis met Peter Gabriel kan ik goed aanhoren, met Phil Collins op zang daalt mijn animo meteen. Maar alles beter dan Phil Collins solo tenslotte. En ook Supertramp's Roger Hodgson heeft nog steeds een stem waar ik niet echt goed tegenkan, ondanks een aantal briljante songs.
Maar goed, ik dwaal een beetje af. De tracklist van Under the Covers. Vol. 2 maakt me in ieder geval nieuwsgierig. Een aantal songs zeggen me niets maar zouden me wellicht op het spoor van mooie originals kunnen zetten. En bij Maggie Mae en You're so vain ben ik benieuwd wat Hoffs en Sweet ermee hebben gedaan. De fragmenten die ik zo hier en daar hoorde doen me vermoeden dat ze uiteindelijk niet ver van het origineel zijn gaan zitten, hetgeen artistiek gezien misschien wel een beetje jammer is. Ook maken de productie en arrangementen een ietwat gelikte en gladde indruk. Maar eerlijk gezegd kan ik daar ook niet zo mee zitten. Het speelplezier en de prachige vocalen maken het waarschijnlijk wederom tot een totaal plaatje waar je als coververzamelaar je vingers bij af zult likken.
Tracklist:
- Sugar Magnolia - o: Grateful Dead
- Go All the Way – o: Raspberries
- Second Hand News - o: Fleetwood Mac
- Bell Bottom Blues - o: Derek and the Dominos
- All the Young Dudes - o: Mott the Hoople
- You're So Vain - o: Carly Simon
- Here Comes My Girl - o: Tom Petty and the Heartbreakers
- I've Seen All Good People – o: Yes
- Hello It's Me - o: Todd Rundgren
- Willin' - o: Little Feat
- Back of a Car - o: Big Star
- Couldn't I Just Tell You - o: Todd Rundgren
- Gimme Some Truth - o: John Lennon
- Maggie May - o: Rod Stewart
- Everything I Own – o: Bread
- Beware of Darkness – o: George Harrison
Bell X1 is een fijn Iers Indie-kwartet dat nog niet massaal is opgepikt. Gelukkig maar zou ik bijna zeggen, want het is altijd leuk om iets moois een beetje voor jezelf te bewaren. Maar goed dat niet iederen hier zo over denkt, want anders had mijn collega mij waarschijnlijk nooit op deze band gewezen. Een band die waarschijnlijk altijd gelinkt zal worden aan singer/songwriter Damien Rice, die in hun prenatale fase Juniper nog deel uitmaakte van de groep.
Sinds de oprichting in 1999
heeft de groep, vernoemd naar het vliegtuig dat voor het eerst
door de geluidsbarriere heenbrak, een 3-tal studioplaten
achter haar naam staan. De jongste worp, Blue Lights on
the Runway, verscheen al begin dit jaar en werd me
recentelijk dus onder de neus gewreven door een vrijgezelle
collega die daarom (?) vaker dan ik nieuwe releases vers van
de pers kan kopen.
(Dat zou ik ook wel willen, maar ja, ik ben nu eenmaal geen
single, ik spaar ze alleen maar
!!!).
In het thuisland is de band inmiddels razend populair en ook in de VS heeft ze voet aan de grond gekregen middels tv-optredens bij David Letterman en het gebruik van hun songs in ook hier populaire series als The O.C. en Grey's Anatomy. En Brits succes kan eigenlijk ook niet uitblijven aangezien bands als Snowpatrol en Starsailor ze in hun voorprogramma hebben opgenomen
De referenties met de muziek van Damien Rice zijn bij hen inmiddels ver te zoeken, maar met anderen des te meer. Blue Lights is daardoor een album geworden dat lichtjes ongrijpbaar is te noemen. Indie-rock, een vleugje Americana, het komt allemaal voorbij, maar de grootste overeenkomst valt te maken met een persoonlijke oude favoriet: The Talking Heads. Dat is voor mij de grootste aantrekkingskracht van dit album, zonder dat ik ze in de hoek wil zetten als epigonen of imitators. Integendeel zou ik zelfs willen zeggen. Maar de invloed van David Byrne c.s. is onmiskenbaar.
M.n. het hoogtepunt van het album, de single The great defector, is 100% Talking Heads. Niet alleen in stijl, ook qua zang komt frontman Paul Noonan akelig dicht in de buurt van hun voorbeeld. Om over de cryptische songtekst nog maar te zwijgen.
Ik heb me nog wel even het hoofd gebroken bij welke TH-classic deze song het dichtst komt en ben na eerst Wild Wild Life te hebben beluisterd uiteindelijk uitgekomen bij And She Was.
Okay, ik geef het ruiterlijk toe: ook uw Grandmaster.dj heeft zo zijn guilty pleasures. Voor de ontwetenden: dit zijn songs en artiesten waarvan je in het bijzijn van kenners (?) niet durft toe te geven dat je ze eigenlijk heel graag draait. Je weet immers dat pek en veren je ten deel zullen vallen. In plaats daarvan zeg je dan heel muzikaal correct dat je uiteraard de nieuwe Nick Cave maar zozo vond (en dat vond ik ook echt) en dat de vroege Tom Waits je meer weet te bekoren dat hetgeen hij de laatste jaren op plaat zette (hetgeen ook op waarheid berust). Andersom kan trouwens ook, men zal je daar niet minder om serieus nemen.
Maar ja, ik heb altijd een zwak gehad voor bijvoorbeeld een Olivia (Sam, Sam, you know where I am), een Karen (Every shalalala, every whohohoho...), een Agnetha (Where are those happy days, they seem so hard to find...) en ..... voor de mannen van KISS. De oplettende lezertjes van mijn blog wisten dit natuurlijk allang, want mijn eigen bijdrage aan de VK-Sleevefacedag bestond geheel uit de tronies van Gene, Ace, Paul en Peter.
Met Kiss is iets vreemds aan de hand. De band kon in hun hoogtijdagen - de jaren '70 - wereldwijd rekenen op een enorme aanhang, de KISS-army. Ook Nederland kende jarenlang een grote fanclub. Maar opmerkelijk genoeg zal de gemiddelde Nederlandse muziekliefhebber maar weinig KISS-song bij naam kennen. Ja, I was made for lovin' you en met een beetje geluk Sure know something, maar dan heb je het wel zo'n beetje gehad. KISS is hier altijd een albumband gebleven die door de muzikale koerswijziging op het 7e studioalbum Dynasty (1979) ineens internationale hitsingles op op haar naam kreeg. De voorgaande LP's waren vrijwel allemaal een groot commercieel succes, maar hun over the top optredens en natuurlijk de waanzinnige outfits en dito make-up waren reden genoeg om de band in de serieuze pers af te serveren. Om nog maar te zwijgen over de goedlopende merchandising (poppen, flipperkasten en strips) die de band helemaal verdacht maakte. En dan uitgerekend met een discosong een nummer 1 hit scoren, erger kon haast niet.
Maar in mijn oren kent het KISS-repertoire genoeg hoogtepunten die de band in muzikaal opzicht wel degelijk tot een topact maakte. Maakte, omdat ook wat mij betreft in de jaren na Dynasty de band weinig opzienbarende platen maakte. Of het moet het MTV-Unplugged album uit 1996 zijn waarop de band een aantal eigen klassiekers gestript speelde en daarmee onderstreepte dat ondanks de glitter en bombast de band dus wel degelijk in staat was tot het schrijven van sterke songs: Rock 'n roll all nite, Plaster Caster, Beth en Comin' home. Helaas ontbreekt hierop mijn favoriete KISS-song, Hard Luck Woman. Deze verscheen in 1976 op het album Rock 'n roll over. Zanger/gitarist Paul Stanley schreef de song oorspronkelijk voor Rod Stewart. Diens wereldhit Maggie May diende hiervoor als blauwdruk. Stewart weigerde echter beleefd waarna de band het dus zelf opnam en er vervolgens een vette Amerikaanse hit mee scoorde. Midden jaren '90 werd de song voor het tribute-album KISS my Ass gecoverd door Countryster (!) Garth Brooks. Dat dit in de praktijk minder gek is dan het op papier lijkt kun u hieronder zelf controleren.
De Noorse popzangeres Maria Mena (1986)
was vorig jaar aan alweer haar 4e album toe, Cause and
effect. Hiermee bevestigde zij haar
reputatie als het luchtigere muzikale zusje van
Alanis Morisette. Ook zij grossiert in
persoonlijke teksten die m.n. een jong, vrouwelijk publiek zullen
aanspreken. Maar haar sympathieke verschijning, haar prettig in
het gehoor liggende stem en radiovriendelijke songs maken haar
ook geschikt voor een wat breder publiek. De singles All
this time en I'm
in love zijn aangename popsongs die representatief zijn voor
het gehele album. Het album is -zoals tegenwoordig wel vaker het
geval is - in verschillende versies verkrijgbaar. Met en zonder
bonustrack dus. Die bonustrack betreft een coverversie van
KISS' I was made for lovin'you.
De verguisde discorock van het origineel wordt door Mena volledig terzijde geschoven en maakt plaats voor een midtempo country(!) bewerking. De aangename twangy gitaar en een steelguitaarsolo doen je meer wanen op een Texaanse veranda tijdens een lome, zomerse dag dan in een stampvolle NewYorkse discotheek. Aanvankelijk vond ik deze cover wat tam en ietwat sloom. Maar na diverse draaibeurten vind ik Mena's versie uitermate genietbaar. Zelfs genietbaarder dan de toch ook wel geslaagde Chris Isaak-pastische (let ook op de clip) die de Zeeuwse singer/songwriter Danny Vera er enkele jaren geleden van maakte. Beide versies krijgen van mij dus een thumbs up, hetgeen niet gezegd kan worden van de vreselijke house-disco crap die het Duits Scooter er van bakte. Deze zal ik u besparen, Mena en Vera krijgt u van mij met graagte hieronder kado.

Deelnemers
Mocht uw bijdrage hieronder ontbreken (gezocht via tag
stapelgedicht) en stelt u het op prijs hier opgenomen te
worden, reageer dan via de reactieruimte of via mail.

