
Katholiek fundamentalisme en op ‘wij-zij-denken’ gebaseerde selectieve verontwaardiging.
islam, ploumen, communie, katholieke kerk, absolutisme, wij-zij-denken, kuitert, cliteur
De
theoloog Kuitert schreef een
behartenswaardig boekje: ‘Dat moet ik van mijn
geloof’, met als ondertitel: ‘godsdienst als
troublemaker in het publieke domein’. Zijn betoog wijkt
niet zo veel af van dat van Cliteur die het
verschijnsel ‘Abrahamisme’ noemt:
god heeft het zo bevolen en zo moet het in overgave en zonder na
te denken worden uitgevoerd.
Het ter communie gaan in de katholieke kerk was lang overgelaten aan de gelovige zelf. Wie meende dat hij een nog niet opgebiechte en vergeven doodzonde op zijn kerfstok had, werd geacht niet ‘aan tafel’ te gaan. De katholieke kerk heeft het beroep op het individueel geweten verlaten en identificeert overeenkomstig de Vaticaanse richtlijnen weer mensen die niet in staat van genade leven. Ze weigert de communie aan praktizerende homo’s, opnieuw getrouwden en provocateurs.
‘Ik moet dat van mijn geloof’, zeggen achtereenvolgens de pastor en zijn bisschop. Ze zijn er zich kennelijk niet van bewust dat het een vorm van totalitair denken is die eenzijdig mensen verdeelt tussen goed en fout, tussen volgzaam en zelfdenkend en tussen gehoorzaam en eigenwijs. De Vaticaanse richtlijn sorteert mensen voor op de toegang naar de hel en de hemel. Ze doet dat uit naam van een god die de wereld geschapen zou hebben en die dus ook homo’s en provocateurs geschapen heeft.
Omdat het een religie betreft, ontstaat er de merkwaardige situatie dat in dit geval discriminatie wettelijk is toegestaan en tegelijk maatschappelijk wordt afgewezen. Een club mag in Nederland zijn eigen grenzen bepalen en vaststellen wie er wel of niet bij de club hoort. Wie het marxisme fanatiek uitdraagt in een liberale partij die het kapitalisme omarmt, kan waarschijnlijk ook rekenen op ex-communicatie. De ‘zuiverheid op de graat’ bepaalt of je ergens bij hoort of niet.
Er is echter een verschil tussen de ballotage in een politieke partij en een religie. De laatste beroept zich op haar waarneming van de wensen van een god en geeft zich over een het soort absolutisme waar sommige politieke stromingen met een gebrek aan zelfrelativering in het verleden ook knap last van hebben gehad.
Er kan geen twijfel bestaan over de vraag hoe het optreden van de Katholieke kerk moet worden beoordeeld. Volstrekt fout! Het primaat dient te liggen bij het individueel geweten en dat dient in alle gevallen te worden gerespecteerd. Iedere vorm van gecanoniseerd moeten, dient te worden afgewezen als een vorm van gewetensslavernij die geen recht doet aan het recht op de vrijheid van geweten. Het doet ook geen recht aan het verstand. De recent overleden Edward Schillebeeckx liet optekenen dat zelfs alle religies samen nog maar een beetje van god begrijpen. Een verstandige uitspraak die voor religies tot bescheidenheid zou moeten leiden en hen zo buiten de gevarenzone van het absolutisme kunnen houden.
Er zijn geen absolute waarheden. Er zijn alleen opvattingen die absoluut kunnen worden gemaakt. Absolutisme bestaat bij de gratie van de verbanning van iedere vorm van twijfel. Iedere vorm van absolutisme leidt vroeg of laat tot fanatisme en als het zo ver is, is ook de executie van de twijfelaar of afwijkende niet ver meer.
Mevrouw Ploumen, de voorzitster van een grote linkse partij, heeft aangekondigd zondag samen met de homo’s in den Bosch ter kerke te willen gaan om uiting te geven aan haar afschuw over dit soort vormen van uitsluiting en absolutisme. Een prijzenswaardige geste, zelfs in verkiezingstijd.
Er zit echter een valse toon in haar oordeel die er niet geweest zou zijn als ze om dezelfde redenen de afgelopen zesenvijftig vrijdagen zich om dezelfde redenen tijdens de gebedsuren in moskeeën had vertoond. Provocerend als vrouw tussen de mannen en in solidariteit getooid met een roze driehoekje. Dat we languit over het katholieke fundamentalisme vallen is een goede en terechte zaak. Dat er tegelijkertijd heel wat omzichtiger wordt omgesprongen met de islam is echter onvergeeflijk. Het is een verborgen vorm van ‘wij-zij denken’. Die katholieke kerk hoort bij ons, daar mogen we dus wat over zeggen. De islam is echter van ‘hun’ en dan beginnen we ineens zachtjes te praten en vermijden we harde woorden of provocerende acties.
De islam en de moslims horen echter net zo bij ons als de katholieke kerk en haar gelovigen. Het maken van enig onderscheid is volkomen onjuist. Ook moslims dienen te worden beschermd tegen absolutistische denkbeelden binnen hun religie die afbreuk doen aan het menszijn en die in feite gebaseerd zijn op een onverzoenlijkheid met aspecten van de menselijke natuur waar een redelijk denkend mens geen enkel probleem mee kan hebben.
Humanisme van het slechte nieuws
ánti-liberaal links, anti-totalitair links, andré glucksmann, ayaan hirsi ali, verzet, collaboratie, albayrak, van der laan, amnesty, islam
Wie even aan Amnesty
International denkt, weet meteen wat er bedoeld wordt wanneer er
wordt gesproken over het ‘Humanisme van het slechte
nieuws’. De term is bedacht door de Franse Filosoof
André Glucksman, een filosoof uit de linkse
anti-totalitaire traditie die niet moet worden verward met het
linkse anti-liberalisme.
Amnesty is misschien wel het meest ideale voorbeeld van ‘humanisme van het slechte nieuws’. Amnesty werkt consequent vanuit een anti-totalitaire opvattingen en vanuit haar keuze voor respect voor de individuele vrijheid. Ze doet dat zonder onderscheid. In haar overzichten zijn bijvoorbeeld zowel voorbeelden uit Israël als Palestina te vinden en ook in Nederland heeft Amnesty wel situaties aangetroffen die wat haar betreft niet door de beugel kunnen.
‘Humanisme van het slechte nieuws’ is een vorm van bestrijding van onrecht die is voortgekomen uit de reactie op totalitaire systemen als het nationaal socialisme en het communisme. Systemen waarin kritische dissidenten worden onderdrukt en vervolgd. Amnesty verleent steun aan slachtoffers door aandacht te vragen voor hun situatie. Op die wijze brengt ze autoritaire en totalitaire regimes in verlegenheid. Amnesty creëert door haar werkwijze ook risico’s voor de mensen waar ze op steunt.
Mensenrechtenactivisten staan in een aantal landen eveneens bloot aan vervolging.
Slecht nieuws brengen is een daad van verzet en een weigering om weg te kijken of te collaboreren. Verzet schept risico’s. Het maakt gebruik van de vrijheid van meningsuiting om situaties aan de orde te stellen waarin mensen en meningen worden onderdrukt en vervolgd. Degene die zich daartegen verzet identificeert zich in feite met de vervolgde en loopt kans zelf ook vervolgd te worden.
Ayaan Hirsi Ali is een goed voorbeeld van hedendaags verzet tegen totalitaire opvattingen van de islam en meer in het bijzonder van de vrouwen die daar het slachtoffer van worden. Het is dan ook niet eens zo bijzonder dat de wet -dat degene die het voor slachtoffers opneemt, zelf ook vervolgd wordt- op haar van toepassing is. Vanuit islamitische kringen werd ze zodanig bedreigd dat ze beveiligd moest worden.
Het bijzondere aan de situatie van Hirsi Ali is dat ze in Nederland onvoldoende steun kreeg in haar strijd tegen de vernederende positie van een aantal moslimvrouwen. Nog bijzonderder is dat vooral in linkse kringen ijverig werd meegedaan met het ‘Hirsi-Ali-bashen’ onder andere door de huidige staatssecretaris voor de PvdA, Albayrak.
Ik kan dat alleen verklaren vanuit de optie dat links in Nederland overwegend anti-liberaal links betreft en dat het anti-totalitair links nagenoeg is verdwenen. Steunend bewijs voor die optie is ook het anti-Amerikanisme dat zo kenmerkend is voor links in Nederland.
Het is ook de enige verklaring voor het feit dat ‘links’ in feite collaboreert met de islam dat zichtbaar wordt in haar gebrek aan stellingname tegen de totalitaire constructies en tendensen binnen de islam. In de laatste integratiebrief van minister van der Laan wordt negatief integratiegedrag aan de orde gesteld. De islam is disponerende factor bij achterblijvende integratie en onderdrukking van vrouwen is welbekend, maar komt als onderwerp voor verzet niet aan de orde.
Wat in dit verband over ‘links’ wordt gezegd, geldt eveneens voor de vrouwenbeweging in Nederland. Menig schrijver heeft al verzucht waar de feministen blijven om het voor hun islamitische zusters op te nemen.
Anti-totalitair links bestaat nauwelijks meer in Nederland. Ze piept nog, maar wordt royaal overstemt door het anti-liberale links dat moslims wenst te zien als slachtoffers van het kapitalisme, imperialisme en kolonialisme. Dat ze daardoor volop collaboreert met de totalitaire islam, kan ze in haar anti-liberale tunneldenken niet meer ontwaren.
Liever maakt ze zich druk over mensen die verzet blijven plegen tegen de totalitaire islam.
Vanuit de islam weet men dat soort steun te waarderen en te gebruiken.
Het ‘humanisme’ van anti-liberaal links is 'slecht nieuws' geworden.
Nee, ik ben niet terug. in mijn vertekblog heb ik gezegd dat ik misschien zo nu en dan nog een blog zou publiceren. Dit is er een van.
Ik vertrek en laat een blogtestament na
ik vertrek, imperialisme, islam, integratiebeleid, migratiebeleid, islamologie, bassam tibi, hirsi ali, blogtestament
Nee, het is geen weloverwogen
besluit. Gewoon intuïtief tot stand gekomen en in feite
getriggerd door het thema ‘afscheidsblog’ bij Thera
en ‘Iris kijkt’. Anders zou er binnenkort wel een
andere trigger zijn geweest. Ik merk dat de animo er niet meer
is.
Het past bij me. Ik heb een natuurlijke cyclus van drie tot vier jaar waarin ik me intensief met iets bezig houd en daarna komt er weer iets anders dat ik als een uitdaging zie. Wat het deze keer is, weet ik nog niet. Misschien ga ik een boek schrijven, ga ik schilderen, de geschiedenis van mijn familie verder uitwerken, cursussen geven of een maatjesproject opzetten voor mensen met een chronische psychiatrische aandoening.
Het zou gemakkelijk zijn om mijn ervaringen met het bloggen als reden te kiezen. Die spelen ook wel een rol, maar niet in de mate als je dat zou verwachten. Ik ga er dan ook niet dramatisch over doen. De uitdaging die ik nodig heb om met iets bezig te zijn, is er niet meer bij het bloggen. Dat speelt al een maand of twee. Mijn verhaal is verteld en mijn zoektocht is geëindigd.
Ik laat wel mijn blogtestament achter:
Zijn naam heb ik al meerdere keren genoemd: Bassam Tibi, moslim en cultuurfilosoof die de voorspelling deed dat Europa zal islamiseren of dat de islam Europees zal worden.
Bassam Tibi wordt wel gezien als de stichter van de islamologie als wetenschap. Beide hier geplaatste links bevatten veel informatie voor iedereen die de islam in al haar hoedanigheden beter wil leren kennen.
Wie de Europese ontwikkelingen over de laatste dertig jaar overziet, kan constateren dat er geen tekenen zijn die er op wijzen dat de islam Europees zal worden. Liberale islamitische denkers zijn niet in tel, critici van de orthodoxe islam worden gedemoniseerd en Europese moslimgemeenschappen worden net als elders in de wereld orthodoxer.
Wil dat zeggen dat Europa gaat islamiseren? Het lijkt me nog te vroeg voor zo’n conclusie. Maar als het niet lukt om de islam Europees te maken, zal een islamisering van Europa onvermijdelijk zijn. Mensen als Bassam Tibi en bijvoorbeeld Hirsi Ali, die de islam van binnenuit kennen, laten niet na te waarschuwen voor een onderschatting van de islam. In Nederland kan een man als Frits Bolkestein worden gezien als een man die het werk van Tibi goed kent en zijn waarschuwingen daarop baseert.
In Europa wordt Tariq Ramadan wel als liberaal gezien. Dat is hij slechts voor zover hij de islam wil ontdoen van de cultuur van de thuislanden. Van een liberalisering van de islam zelf, moet hij niets hebben. In tegendeel, hij meent dat de beschikbare kennis moet worden ingezet voor de zuivere islam zoals die kort na de profeet Mohammed zou hebben bestaan.
Als religie is de islam imperialistischer dan alle andere. In de vijftienhonderd jaar van haar bestaan heeft ze alle filosofische stromingen weten te weerstaan en aanvallers weten te islamiseren. De islam wijst de resultaten van de Verlichting en van het socialisme af. Coalities met andere stromingen worden om opportunistische redenen wel aangegaan. Khomeiny kwam bijvoorbeeld aan de macht met behulp van Iraanse socialisten en communisten. Zodra hij aan de macht was heeft hij ze vervolgd op een wijze waarbij het McCarthyisme volkomen verbleekte. Er zijn tienduizenden slachtoffers bij gevallen.
In Europa is er alle reden voor harde kritiek op de orthodoxe islam. Een studie van de wijze waarop de islam in andere landen zich van een minderheid zich ontwikkelde tot een dominante meerderheid, kan helpen om uit te zoeken hoe de islam te werk gaat in gebieden die ze aanduidt als ‘het huis van oorlog’. Het zelfde geldt voor de vraag hoe de islam haar aanhangers door sociale contole aan zich bindt. Een verder studie naar dat fenomeen kan leren hoe de ‘ontbinding’kan worden aangepakt. Heel veel moslims zullen dat soort ondersteuning zeer waarderen.
red moslims van de kwade versies van de islam
Er zijn al meer dan voldoende gevaarsignalen. Recent vertelde bijvoorbeeld Jack Spijkerman nog in gesprek met Jeroen Pauw dat hij zich welbewust inhoudt als het om moslims of de islam gaat. Datzelfde geldt al langere tijd voor andere podiumkunstenaars, beeldende kunstenaars en schrijvende kunstenaars. Kritiek is gevaarlijk zoals ook bijvoorbeeld de cartoontekenaar Kurt Westergaard ervoer. Bekende islamcritici als Hirsi Ali en Geert Wilders moeten worden beveiligd.
Het migratiebeleid en het integratiebeleid beginnen steeds realistischer te worden. Wat dat betreft is er veel veranderd. Er blijft nog één probleempunt over. Hoe bevrijden we moslims van de orthodoxe islam. Hoe roepen we een halt toe aan de ambities van de islam. Hoe krijgen we een gevoel van urgentie tot stand en een voldoende bewustzijn van de gevaren.
Ik stop met waarschuwen. Er zijn anderen op het blog die daarmee wel zullen doorgaan.
Rest mij de vele bloggers waarmee ik plezierige en stimulerende contacten mee had, te bedanken, ook voor de steun die ik vaak zeer heb gewaardeerd.
Morgen geen harde woorden meer, overmorgen ook niet. Misschien dat ik af en toe nog eens een blog maak, maar het bloggen zal voor lange tijd geen prominente plaats meer in mijn leven innemen.
Het ga jullie allemaal goed en voor 2010 wens ik iedereen voorspoed en gezondheid.
Ps. Vergeet je vitamine D3 niet.
Eberhard van der Laan kiest de verkeerde oplossing bij bestrijding taalachterstand
taalachterstand, van der laan, sancties, korting op uitkering
Met van der Laan zou ik wel
eens een lang gesprek willen hebben. Met de benen op tafel en
zonder tijdslimiet. Goeie fles wijn er bij en dan brainstormen
hoe we onder andere de Turken en Marokkanen aan de Nederlandse
taal krijgen. Zodat hun kinderen niet met een al forse
taalachterstand aan hun schoolcarrière beginnen.
Wat dat betreft zijn goed plannen hard nodig. Het barst inmiddels van de jongeren die op zoek naar een baan gestuit worden door hun gebrekkige beheersing van het Nederlands. In de kinderopvang wordt aan bijscholing gedaan omdat veel leidsters hun gebrekkige beheersing van het Nederlands doorgeven aan de kinderen die aan hen zijn toevertrouwd.
Veel werkgevers hebben al voldoende leergeld betaald. In hun advertenties komt tegenwoordig steeds vaker een rare tekst voor. ‘Goede beheersing van het Nederlands is een vereiste’. Wie de moeite neemt om eens rond te kijken op de HBO-opleidingen in Nederland, slaat de schrik om het hart. Zelfs op zeer taalgevoelige opleidingen als ‘sociaal-juridisch’ barst het van de studenten die het Nederlands onvoldoende beheersen.
Met een Irakese Vader heb ik ooit een taaladvies opgesteld. We hadden een lijstje gemaakt van alle kinderprogramma’s op televisie en adviseerden de ouders hun kinderen daar naar te laten kijken. Verder stelden we voor om de kinderen in het gezin onderling Nederlands te laten praten. In die Irakese familie is het wel goed gekomen. Bij heel veel andere gezinnen niet. De thuislandzenders (heimweezenders?) staan van de vroege morgen tot de late avond aan. Thuis moeten de kinderen de taal van het geboorteland spreken. Voor veel ouders is het Nederlands te moeilijk.
Mijn Koerdische vriend had een ondeugender plan. Hij stelde voor om migranten voor twee jaar verplicht met een autochtone Nederlander te laten samenwonen. Daarbij keek hij meestal uitdagend naar zijn vrouw die overigens niet voor een kleintje vervaard was. Met mij wilde ze wel een tijdje samenwonen. Dat liet echter weer de wenkbrauwen bij mijn vrouw rijzen, alhoewel ze de vermoedelijke effectiviteit van het plan bevestigde.
Dat van der Laan de problematiek eindelijk grondig wil aanpakken is te prijzen. Maar zijn aanpak lijkt me echter weinig effectief. Ik ken genoeg migranten die twee jaar op school hebben gezeten om Nederlands te leren en er nog steeds niks van bakken omdat het volstrekt geen prioriteit krijgt. Het gevoel van urgentie ontbreekt.
Daar ligt wat mij betreft dan ook het scharnierpunt voor effectieve actie. Er moet een gevoel van urgentie onder migranten groeien. Dat gevoel van urgentie bestaat nu alleen onder autochtonen die met de gebrekkige taalbeheersing geconfronteerd worden.
In een uitzending van de EO zag ik een dominee op bezoek bij emigranten in Canada. De eerste generatie spreekt nog Nederlands doorspekt met Engelse stopwoordjes. Met de tweede generatie kon de dominee geen Nederlands spreken. Daar leefde dus wel gevoel van urgentie en de vraag is of dat te maken heeft met de aanwezigheid en de omvang van een financieel vangnet.
Daar zou ik dus met van der Laan over willen praten. Hoe krijg je het voor elkaar dat het gevoel van urgentie verschuift van autochtonen naar allochtonen. Zonder financiële sancties zal dat niet lukken. Mijn voorstel zou dan ook zijn om alle uitkeringen te korten bij ontvangers van uitkeringen die het Nederlands onvoldoende beheersen. Daar is ook wel een juridische reden bij voorhanden, want mensen die slecht Nederlands spreken zijn maar in beperkte mate geschikt voor de arbeidsmarkt.
Koppels van de eerste generatie mag hij wat mij betreft ontzien. Maar de tweede generatie en de kettingmigranten hoeven niet te worden ontzien. Als ze voor Nederland kiezen, moeten ze maar laten zien dat ze er iets aan gelegen is om de taal fatsoenlijk te leren beheersen.
Zachte leermeesters zullen het bij dit taalprobleem niet redden. Daar is genoeg ervaring mee opgebouwd. Het wordt tijd voor harde woorden en harde daden.
Yahia Bouyafa, Ahmed Marcough, Tariq Ramadan en de Moslim broederschap
ahmed marcough, ed van thijn, qatar, al-qaradawi, moslim broederschap, tariq ramadan, yahia bouyafa, slotervaartmoskee, opus dei
Het artikel vandaag in de VK
over Yahia
Bouyafa mag gerust opmerkelijk worden genoemd. Bij een
vergelijkbaar artikel in de Telegraaf in 2007, dwong Bouyafa via
de voorzieningenrechter een rectificatie
af. De door de Telegraaf gelegde relatie tussen zijn persoon en
de Moslim Broederschap moest worden gerectificeerd omdat er geen
hard bewijs voor werd aangevoerd. De
Volkskrant moet dus wel zeker zijn van haar bronnen om die
relatie opnieuw onder de aandacht te brengen.
Over de oorsprong en geschiedenis van de Moslim Broederschap is veel bekend. Dat geldt echter nauwelijks voor haar aanwezigheid in Europa en Nederland. Daar leidt ze een schimmig bestaan onder allerlei dekmantels en degenen die geacht worden lid te zijn van de beweging, ontkennen dat categorisch. Voor een vergelijking zou verwezen kunnen worden naar de beruchte ‘Opus Dei’, waarmee de salafistische Moslim Broederschap alleen al in doelstelling en tactieken wel het een en ander gemeen heeft.
Tariq Ramadan die onlangs werd ontslagen bij de gemeente Rotterdam en bij de Erasmus Universiteit wordt er al heel lang van verdacht een van de leidende figuren te zijn in de Moslim Broederschap. Zijn vader Said Ramadan wordt geacht de oprichter te zijn van de beweging in Europa en Tariq Ramadans moeder was een dochter van een van de oprichters van de Moslim Broederschap: Hassan al Banna. Het is aannemelijk dat Tariq Ramadan tot de adel van de Moslim Broederschap behoort. Ook hij ontkent dat categorisch.
Veel meer dan indirect bewijs is er niet om TR aan de Broederschap te linken, maar dat bewijs is omstandig genoeg voor een zware verdenking. Die verdenking geldt ook voor Ahmed Marcough. Samen met Bouyafa is hij betrokken bij de bouw van een nieuwe moskee in Slotervaart. Deze wordt met geld uit Qatar gefinancierd. Samen ook met Bouyafa nam Ahmed Marcough het initiatief om de omstreden Sheik al-Qaradawi, een geleerde uit Qatar die bekend staat als de ideoloog van de Moslim Broederschap, uit te nodigen naar Nederland.
Bouyafa en Marcough namen ook het initiatief om Tariq Ramadan voor te dragen voor de leerstoel over de islam aan de Universiteit van Leiden die eveneens wordt gefinancierd met fondsen uit Qatar. Tariwq Ramadan wees deze uitnodiging af. Zijn leerstoel in Oxford wordt ook echter gefinancierd met fondsen uit Qatar. Ahmed Marcough staat bekend als een fan van Tariq Ramadan.
Carel Brendel, de schrijver van ‘Het verraad van links’ heeft veel tijd gestoken in de ontrafeling van de betrekkingen tussen Marcough en Bouyafa. Een zeer uitgebreide lichting van de doopceel van Bouyafa is te vinden in het rapport van de NEFA Foundation over de Europese en Nederlandse vertakking van de Moslim Broederschap.
De Moslim Broederschap moet als een gevaarlijke beweging worden beschouwd. Haar tactiek berust op drie uitgangspunten.
De eerste is het ontwikkelen van organisaties met een sterke islamitische identiteit die zich langs juridische weg bezig houden om met beroep op wetgeving de islamisering van samenlevingen te bevorderen.
De tweede tactiek bestaat uit het opbouwen van een netwerk van moslims op strategische plekken bij de overheid, particulier initiatief en het bedrijfsleven.
De derde taktiek bestaat uit het ontwikkelen van mantelorganisaties die in samenwerking met bekende Nederlanders of Nederlandse instellingen islamkritiek bestrijden en pro-islam standpunten ondersteunen. Ook wordt samengewerkt met allerlei organisaties waarmee een gezamenlijk belang bestaat. Een voorbeeld daarvan is hoe Ed van Thijn zich liet strikken bij zijn Kristallnacht-rede. Maar ook bij Dries van Agt kan men zich afvragen in hoeverre zijn pro-Palestina-activiteiten worden beïnvloed door informatie die hij vanuit een bepaalde hoek krijgt.
Zo langzamerhand mogen partijen als de PvdA en GroenLinks zich wel eens afvragen in hoeverre ze geïnfiltreerd zijn door stromannen van de Moslim Broederschap. Het is meer dan aannemelijk dat bijvoorbeeld Ahmed Marcough daar bij hoort gezien zijn vele en langdurige banden met Bouyafa
Trend voor 2010: Eerlijke voeding en waarschijnlijk nieuwe oneerlijkheden van Oxfam/Novib
oneerlijke informatie, trends 2010, rainforest alliance, utz certified, paasei, chocoladeletter, cacao, oxfam novib, max havelaar
Op vijf december nam Oxfam/Novib afscheid van het Nederlandse publiek met een advertentie waarin ze trots terugkijkt op haar actie tegen ‘foute’ chocoladeletters. In de advertentie belooft ze in het voorjaar weer terug te komen. Ik ga er maar van uit dat ze dan actie gaat voeren tegen ‘foute’ paaseitjes.
De actie van Oxfam/Novib is echter zelf zo bedenkelijk dat de term ‘fout’ alleszins van toepassing is. De actie geeft geen eerlijke informatie over wat er aan de hand is in cacao-land. De verduurzaming van de cacao-productie is een al langer lopend internationaal proces, waarin Nederland een belangrijke rol speelt. Ook door de Nederlandse regering wordt het proces ondersteund.
Oxfam/Novib claimt dat dankzij haar actie Lidl, Jamin, HEMA,
V&D,
Albert
Heyn, Kruidvat en Plus voortaan eerlijke
chocolade gaan verkopen. Niets is minder waar. De meeste van deze
retailers zijn al langere tijd betrokken bij het verduurzamen van
de productie van en handel in cacao. De terughoudendheid van deze
ondernemingen heeft vooral te maken met het besef dat het nog
jaren vergt om het hele traject op orde te krijgen. Dit heeft
vooral te maken met het feit dat de cacao-productie overwegend
door
kleine boeren gebeurt. Met de teelt van cacao is nog heel veel mis en dat vergt opleidingen. De neiging tot samenwerken in coöperaties is onder cacaoboeren niet groot en dient ontwikkeld te worden. De verwachting is dat het tot 2020 zal duren voordat er sprake is van een gezonde keten van teelt tot product in de winkel.
Het door Oxfam/Novib ondersteunde keurmerk ‘Max Havelaar’ is maar een kleine speler op de markt en omvat niet meer dan 1% van de verkochte chocolade. Niettemin heeft Oxfam/Novib de traditionele chocoladeletter aangegrepen om uitsluitend haar eigen keurmerk ‘Max Havelaar’ te promoten.
Er zijn echter nog twee andere keurmerken die een veel groter deel van de teelt, handel en chocoladeproductie omvatten. UTZ Certified en Rainforest Alliance zijn internationale keurmerken die wereldwijd streven naar verantwoorde teelt en eerlijke handel in tropische producten, waaronder cacao. Albert Heyn is bijvoorbeeld een van de grote retailers die bij hun inkoop naar UTZ-certificering streeft en daar zelfs in 2002 het initiatief voor heeft genomen. Mars is in antwoord op de agressieve actie van Oxfam/Novib een advertentiecampagne begonnen voor het keurmerk ‘Solidaridad’, een keurmerk dat is aangesloten bij de Rainforest Alliance.
Oxfam/Novib, belooft in haar laatste advertentie om in het voorjaar weer terug te komen. Vermoedelijk met een ‘groene paashaas’ in plaats van een ‘groene sint’. Als ze dan weer uitsluitend het keurmerk van Max Havelaar promoot, weet u dat u voor het lapje wordt gehouden. Het is een agressieve promotie van het eigen keurmerk dat beroep doet op sentimenten. Het grootste deel van de realiteit in cacao-land wordt u onthouden.
Oxfam/Novib onthoudt u ook het feit dat ze absoluut niet kan garanderen dat producten met haar keurmerk ook echt voor 100% ‘eerlijk’ zijn. Ze verzwijgt er ook bij dat op de teeltmethoden van de cacao voor Max Havelaar chocolade uit milieutechnische en ecologische overwegingen nog heel veel valt aan te merken.
Oxfam/Novib gaat niet voor het eerst in de fout bij de wijze waarop ze haar doeleinden nastreeft. Ik neem aan dat haar acties tegen de ‘foute chocoladeletter’ bij veel cacao verwerkende bedrijven heel slecht is gevallen omdat de voorlichting buitengewoon eenzijdig en voor een belangrijk deel onjuist is. Mars is al een campagne begonnen om het veel omvangrijkere keurmerk ‘Solidaridad’ onder de aandacht te brengen. Ook een grote producent als Cote d’Or heeft voor het keurmerk van Rainforest Alliance gekozen. Te verwachten is dat meer bedrijven die cacao verhandelen of chocoladeproducten maken in actie zullen komen tegen de oneerlijke methoden van Oxfam/Novib.
Uit een breed Amerikaans onderzoek voor de voedselindustrie blijkt dat eerlijke voeding in 2010 de belangrijkste trend zal worden bij de productie van voedingsmiddelen. Dat is het verheugende nieuws. Terecht wordt in het artikel gewaarschuwd voor namaak. Het gaat niet om de ‘illusie’ van eerlijkheid, maar om de eerlijkheid zelf. In dat opzicht heeft Oxfam/Novib laakbaar gehandeld door de publieke opinie te manipuleren met onvolledige en onjuiste informatie en daarmee retailers onder druk gezet om voor haar keurmerk te kiezen.
Tariq Ramadan wordt volkomen ten onrechte als ‘liberaal’ aangeduid
islam hervormingen, liberaal, tariq ramadan, salafisme, neo-salafisme. hassan al banna, sayyid qutb, renteverbod
Het aanprijzen van de denkbeelden van TR als ‘liberaal’ is een propagandistische activiteit die iedere keer weer mijn verontwaardiging opwekt. Die verontwaardiging geldt niet voor mensen die slechts een oppervlakkige kennis van zijn werk hebben. Die verontwaardiging geldt met name die mensen die geacht worden voldoende kennis van zaken te hebben. Hun voortdurende aanduiding van TR als ‘liberaal’ moet worden gezien als misleiding met propagandistische motieven. TR is allesbehalve ‘liberaal’. Dat valt gemakkelijk aan te tonen.
In feite wijst TR het liberale denken volstrekt af. In zijn typologie van denkrichtingen binnen de islam schrijft hij over ‘De ‘liberale’ of ‘rationalistische’ hervomingsgezinden: “De reformistische school, die vooral is ontstaan onder invloed van het westerse denken in de koloniale tijd en zichzelf ziet als liberaal of rationalistisch, is er voorstander van in de islamitische wereld het sociale en politieke systeem in te voeren dat is voortgekomen uit het secularisatieproces dat zich in Europa heeft voltrokken….Zij houden rekening met de evolutie van de samenleving, vinden dat de koran en de soenna niet langer de referentie kunnen vormen voor een gedragsnorm en dat het de toegepaste rede moet zijn die voortaan de criteria van het maatschappelijk gedrag bepaalt. De term liberaal verwijst hier dus naar de betekenis die het woord in het Westen heeft gekregen, waar de rede en het individu van groot belang zijn’ (Westerse moslims en de toekomst van de islam pagina 45-46). In een voetnoot bij deze passage schildert hij de populariteit van de ‘liberalen’ af als te danken aan het feit dat hun redenaties goed klinken in westerse oren, omdat ze passen bij de criteria die noorderlingen gewend zijn. Verder verwijt hij de ‘liberalen’ steun aan dictatoriale regimes zoals in Syrië, Tunesië of Algerije. De scheiding van kerk en staat in Turkije overeenkomstig de leer van Atatürk ziet TR ook als een uitvloeisel van het westerse denken in de koloniale tijd.
TR noemt zichzelf niet liberaal. Hij rekent zichzelf tot de ‘hervormingsgezinde salafieten’. Salafisten zoeken verbinding met de oorspronkelijke islam van de eerste generaties en weigeren elke betrokkenheid op een plek die wordt beschouwd als islamitisch. De Koranteksten dienen wat hen betreft zo letterlijk als mogelijk te worden genomen.
De hervormingsgezinde salafisten, waaronder TR, kiezen eveneens voor de zuivere islam van de eerste generaties, nemen de Koranteksten e.d. evenzo letterlijk, maar kiezen voor een juridische uitleg van de teksten om het gat tussen het verleden en de moderne tijd te overbruggen. De hervormingen zoeken zij in de islamitische wet (fikh) in getrouwheid aan de bronteksten. Het is neo-salafisme.
Bij Tariq Ramadan leidt dit tot verzet tegen de culturele aanhangsel die moslims in het westen vanuit hun geboorteland in hun religie hebben meegenomen. Hij kan zich behoorlijk boos maken over moslims die hier leven alsof ze nog daar zijn. De modernisering van de aanwezigheid van moslims die hij nastreeft heeft niets met liberalisering te maken. Wat hij nastreeft is ook geen Europese islam. Hij streeft voor moslims Europees gedrag na met behoud van de zuivere islam als vormgeving op hun betrokkenheid op de hen omringende samenleving.
Zijn positie kan goed worden gekenschetst aan de hand van zijn standpunt over het ‘renteverbod’ in de koran. In zijn boek dat ik eerder noemde maakt hij zich boos over het geknoei en gerommel met fatwa’s die het moslims mogelijk moeten maken om geld te lenen voor een huis of bedrijf en rente te betalen over het geleende geld. Dit soort aanpassingen zijn hem een gruwel en hij roept moslims dan ook op terug te keren naar de zuivere islam die het betalen van rente verbiedt. Om er een oplossing voor te vinden moeten moslims slechts lenen bij instellingen die het renteverbod eerbiedigen en moeten ze zich inspannen om dat soort instellingen van de grond te krijgen. Als de wetten van een land dat niet toestaan, moeten moslims zich inspannen voor wetswijziging.
De liberaliteit van TR is een mythe. Zijn boodschap is in feite anti-liberaal en religieus-conservatief waar het de zuivere islam betreft. Zijn acceptatie van westerse wetgeving gaat niet verder dan: “Beginnen met het vaststellen van alle aspecten die in het westers leven al een islamitisch fundament hebben en dus volledig de onze zijn.” Zijn herhaalde boodschap is dan ook dat slechts datgene aanvaard kan worden wat niet in strijd is met de opvattingen van de islam.
Onder zijn wollige teksten zit een onverzettelijke propagandist voor de ‘zuivere’ islam, zoals die de eerste drie generaties zou hebben bestaan. In zijn opvatting past de islam zich niet aan in het Westen, maar integreert ze het Westen in de universele waarden van de islam.
Zijn verwijzingen naar hervormingsgezinde denkers als Hassan al Banna (zijn grootvader) en Sayyid Qutb, laten er verder geen enkel misverstand over bestaan waar TR voor staat.
nb. dit blog is geschreven in reactie op wat Johanna Nouri schreef onder mijn voorlaatste blog:" Ramadan wordt niet ten onrechte voor liberaal aangezien."
Vergelijkbare informatie over het onderwerp:
De Engelse Workersliberty over het islamisme van Tariq Ramadan
Carel Brendel over Tariq Ramadan
Mohammed Enait is nog maar de voorhoede.
mohammed enait, famile arslan, ali eddaoudi, tariq ramadan, v.s. naipaul, islam, recht.iran, voorhoede
Wie Mohammed Enait beter wil leren kennen, zou het beste het boek ‘Among the Believers’ van V.S. Naipaul kunnen lezen of herlezen. Op zijn reis rond 1980 door Iran, Pakistan, Maleisië en Indonesië komt Naipaul voortdurend types tegen die net als Enait hebben gekozen voor de islamisering van hun bestaan. Ze kleden zich, voeden zich en denken als hun grote voorbeeld, de profeet Mohammed, volgen nauwgezet alle regels die de islam voor het dagelijks leven geeft en menen dat het volgen van die weg door iedereen de oplossing vormt voor alle problemen die de wereld teisteren.
Wie de reis van Naipaul nu, dertig jaar later, zou maken, kan constateren dat de fundamentalistische islam in de door hem bezochte landen alleen maar groter en sterker is geworden en tegenwoordig van grote invloed is op het politieke klimaat en de wetgeving in die landen.
Enait en met hem een aantal andere moslims en moslima’s vormend de voorhoede van een nieuwe generatie die door opleiding, kennis en agressieve aanpak de islam in Nederland en Europa een ander aanzien gaat geven dan de voorgaande generatie deed. De voorlieden van de eerste generatie waren vooral subsidiejunks die geld binnensleepten voor hun eigen organisaties, de problemen binnen eigen groep wilden oplossen en kritische opmerkingen afweerden als islamofoob of xenofoob.
De nieuwe generatie, waarvan Enait met een aantal anderen de voorhoede vormt, houdt de hand niet meer op, maar grijpt het bestaande rechtssysteem aan om rechten op te eisen voor de islam als religie. De vrijheid van religie als individueel recht benutten ze als legitimatie van vrijheid voor een groepsrecht.
De generatie die Naipaul dertig jaar geleden ontmoette vertoont overeenkomsten met het beeld dat Enait en anderen van de islam uitdragen. Ze waren afkomstig uit die klasse die niet tot de traditionele macht behoorde, waren vaak de eersten in hun familie die een hogere opleiding konden volgen en zagen in de islam het middel om onrechtvaardigheid in hun samenleving op te lossen. Sociaal waren ze radicaal-links, maar de door hen gehanteerde ideologie was van fundamentalistische religieuze snit.
De voorhoede waar Enait, naast bijvoorbeeld de advocate Famile Arslan en de huidige leger-imam Ali Eddaoudi, deel van uit maakt, kan het best gezien worden als een politieke voorhoede. Hun doel is niet langer de acceptatie van de islam. Ze vertegenwoordigen een nieuwe aanpak die het recht op een islamitisch leven in rechte afdwingen. Ze rekenen niet langer op tolerantie maar dringen hun eigenheid op en vestigen die met behulp van rechtsmiddelen in het publieke domein. Ze scheppen daarmee ruimte voor andere moslims en moslima’s die dezelfde weg willen gaan. Ze scheppen zo echter ook ruimte voor de sociale druk op geloofsgenoten om dezelfde weg te volgen.
De aanpak en het doel van deze islamitische beweging kan nauwgezet worden teruggevonden bij Tariq Ramadan in zijn boek ‘Westerse moslims en de toekomst van de islam’. Hij beschrijft de taak van goed opgeleide jongeren, het bestaande recht als breekijzer en het doel van de islam in Europa. Ramadan ziet de strijd tegen sociale onrechtvaardigheid (“tegen een sociale politiek die de rijken en hun privileges beschermt”, pag. 223) als middel om de universele waarden van de islam uit te dragen.
Het model daarvan kunnen we onder meer terugvinden in de geschiedenis van Iran. Als Naipaul daar arriveert is de Khomeiny-revolutie net achter de rug. De opstand tegen het bewind van de Sjah was succesvol door de samenwerking van twee verschillende stromingen binnen de samenleving die de sociale onrechtvaardigheid als strijdpunt hadden. Dat was enerzijds de socialistische stroming die in die tijd sterk was in islamitische landen en daarnaast de fundamentalistische stroming van de islam die terugkeer naar islamitische waarden predikte. Zodra Khomeiny aan de macht was keerde zijn regime zich tegen de leden van de socialistische stroming op de manier waarmee McCarthy Amerika in de jaren vijftig aan het sidderen bracht. Ze waren niet meer dan een voertuig naar de macht.
Het Nederlandse rechtssysteem is niet voorbereid op de aanwezigheid van een politiek-religieuze stroming die de acceptatie van haar aanwezigheid en manifestatie in het publieke domein op eist met politieke en rechtsmiddelen. Dat rechtssysteem is gebouwd op de moeizaam verworven vrijheid van religie en meningsuiting en de afspraak om verschillen in de neutrale openbare ruimte niet te benadrukken.
Enait en de zijnen hebben daar lak aan. Daar krijgen we in de komende jaren nog heel veel problemen mee als de groeiende groep van jonge, goed opgeleide, fundamentalistische moslims het maatschappelijk strijdperk gaat betreden. We krijgen daar onze handen vol aan.
Vooral als er door fundamentalistische moslims wordt samengewerkt met radicaal-linkse groeperingen zoals die van René Daanen die een greep naar macht bij GroenLinks heeft proberen te doen.
Het toenemend gebruik van rechtsmiddelen wordt door islam-kenners de 'legal jihad' genoemd. We mogen verwachten dat naarmate het aantal goed opgeleide moslims groeit het beroep op rechtsmiddelen zal groeien om ruimte te maken voor de orthodoxe islam en om islamcritici de mond te snoeren.
George Knight over gedwongen islamisering en het publieke debat (gastblog)
anti-racisme, immigratiestop, gastarbeiders, minderheden, migratiebeleid, migratie, islamdebat, islamisering
I. Ik verbaas me al jaren over twee aspecten rond integratie in Nederland. Namelijk dat termen als migranten, allochtonen, moslims, achterstandsgroepen en minderheden door elkaar heen worden gebruikt. Dat belooft weinig scherpte, nauwkeurigheid, realisme en verklarend inzicht. En dat de schatting van het aantal moslims in Nederland onnauwkeurig is en steeds bijgesteld dient te worden.
II. De respondente heeft gelijk dat moslims in Nederland in het debat gediscrimineerd worden. Maar anders dan zij vermoedt. Het publieke debat is niet slecht, maar verre van ideaal. Dus de arena waar burgers elkaar in het openbaar treffen: op politieke bijeenkomsten, hier op het VK-blog, in gebedshuizen of scholen, op de markt of in de media. Goed dat burgers zich een mening vormen, met elkaar in debat gaan en zich uitspreken. Voorwaarde is dat allen met gelijke wapens aan dat debat mogen meedoen. Jammergenoeg ontbreekt die gelijkheid. Het christendom heeft als vanouds een streepje voor. Op die gewoonte lift de islam mee.
Allerlei gedachtenuitwisselingen liggen in elkaars verlengde of staan haaks op elkaar. Ze vormen gezamenlijk een weefsel van draden die gehecht worden tot een landelijk debat. Opvallende draden domineren zoals de uitspraken van Geert Wilders over hoofddoekjes of de PvdA-top die zich eenzijdig uitspreekt voor Ahmed Marcouch. Burgers zien Wouter Bos of Geert Wilders als belangrijke opiniemakers en richten zich naar hun uitspraken. Zo neemt de eigen draad de kleur van Bos of Wilders aan. Programma's als Pauw & Witteman of Nova vertolken de mening van Bos en kritische site's de mening van Wilders. We menen een objectief medium te ontmoeten, maar horen een gepolitiseerd medium dat zich eenzijdig opstelt.
III. Een zijstap geeft aan dat de meeste landen die immigranten ontvangen beperkingen stellen. Een Palestijnse of Thaise gastarbeider kan niet zomaar in Koeweit, de Golfstaten of Saoedi-Arabië aan de slag. De werkvergunning is een tijdelijk contract en er is doorgaans een verbod op gezinshereniging. Bij politieke of economische calamiteiten worden ze weer het land uitgeschopt. Het is dus aan de centrale overheid om voorwaarden te stellen. Traditionele immigratielanden als Australië, Canada en Nieuw-Zeeland werken met vergunningen, gaan uit van de arbeidsmarkt en stellen eisen aan de vakbekwaamheid van immigranten.
Er was een alternatief. Regelingen voor werk, vestiging en integratie hadden anders ingericht kunnen worden. Eerder gericht op actief burgerschap, integratie, volledige participatie aan de arbeidsmarkt, individualisering en een geleidelijk kwalitatieve instroom van een hogergeschoolde migranten. Want al vanaf midden jaren '70 (vdve) was duidelijk dat Nederland niet op ongeschoolden zat te wachten.
De draden van Wilders worden steeds kleurrijker en begeven zich op het randje van de goede smaak. Maar Wilders heeft het recht om te beledigen en een religie die hij niet ziet zitten stelselmatig te bekritiseren. Zoals in 1925 het SGP-parlementslid ds. G.H. Kersten succesvol een amendement indiende om de financiering van het gezantschap bij de paus in Vaticaanstad te schrappen. Het is het prerogatief van parlementsleden om door politieke uitspraken oordelen te geven en besluiten te vragen om een als vijandig ervaren ideologie te attaqueren en te verzwakken. Vaticaanstad of Mekka. Deze duidelijkheid en de kanalisering van maatschappelijke meningen is een functie van politiek. Een scherp debat is beter dan het ontwijken ervan.
Conclusie. Een en ander verklaart vermoed ik het misverstand, de fantasie en de waarheid dat er in geen enkel land meer anti-moslim propaganda wordt bedreven dan in Nederland. Het is de jarenlange overheidspropaganda die samen met een conglomeraat aan belangen en partijen het open publieke debat weliswaar niet heeft geblokkeerd, maar toch aardig heeft vertekend. Zodat we onderhand de inslag van een bepaalde kleurrijke draad meer als werkelijkheid zijn gaan zien dan de basis van de schering waarin die draad een weefsel vindt. De omgekeerde wereld bestaat vanuit het eigen perspectief.
In Nederland vermijdt bijna elke gesprekspartner een zakelijke discussie over immigratie en integratie. Zo ontstaat er nooit een publiek dabat dat uitgaat van het belang van Nederland. Ik zou zo'n open zakelijk debat graag van de grond zien komen. Het moet toch niet zo lastig zijn om op een zakelijke manier naar het integratiedossier te kijken, zoals in volwassen landen gebeurt? Informatie en debat zijn het beste medicijn tegen propaganda
Comfortdiefstal is legaal omdat we nog steeds te goedgelovig zijn.
confortdiefstal, diefstal van comfort, eindbetaler, graaien, ontwikkelingssamenwerking, links, rechts, politiek, eigenbelang
In de nasleep van het communisme waren het de partijbonzen die er met de economische buit vandoor gingen. Ze zijn de nieuwe kapitalisten van het voormalige Oostblok. Hun misdaad als communist en kapitalist is een en dezelfde: comfortdiefstal. Comfortdiefstal betekent dat je je eigen comfort vergroot ten koste van anderen. Gewone misdadigers doen er niet moeilijk over. Hun boodschap is: als je niet oplet, steel ik van je. Dat is tegen de wet, maar die houdt financiële adviseurs weer niet tegen die hetzelfde doen. Linkse en rechtse ‘misdadigers’ zijn echter uitgekookter. Ze gebruiken politiek en beleidsformules als dekmantel voor zelfbevoordeling.
Marx heeft maar de helft van het probleem benoemd. Hij meende dat alleen kapitalisten aan uitbuiting deden. Als hij de evaluatie van het communistisch avontuur zou hebben mogen schrijven, zou hij hebben geschreven dat iedereen die daarvoor in de positie verkeert zijn eigen belang behartigt en dat linkse mensen daar heel wat meer hypocrisie bij gebruiken dan rechtse mensen. Veel vijandschap tegen het kapitalisme was in feite niet meer dan een vocale projectie van niet gestilde verlangens.
Het demasqué van sociale bolwerken als woningbouwverenigingen en zorginstellingen onthult dat graaien een menselijke eigenschap is en dat links te achten mensen daar net zo hard aan mee doen als ze daarvoor in de gelegenheid zijn. Zodra dat mogelijk was begonnen ze te roepen dat hun salarissen ‘marktconform’ dienden te zijn. In de publieke sector is het al niet anders. Menig ambtenaar verdient meer dan de ‘Balkenende-norm’. Politiecommissarissen lopen nauwelijks weg. Maar nu hun gesjoemel en gegraai aan het licht is gekomen, heet het ineens dat hun salarissen niet marktconform zijn. Een andere smoes om comfortdiefstal aan het zicht te onttrekken.
Het de markt opduwen van semi-publieke instellingen heeft het mechanisme van comfortdiefstal heel zichtbaar gemaakt. De omvang van directies en staven en het daarmee gepaard gaande loonbeslag steeg ten koste van de beschikbare ruimte voor uitvoerenden en cliënten. Een deel van het voor hen beschikbare comfort werd overgeheveld naar boven.
Gek genoeg was de reden om die instellingen de markt op te duwen ook al de grootscheepse comfortdiefstal. Ook onderpresteren is immers een vorm van diefstal. Door minder te presteren dan je geacht werd te doen vergroot je je comfort ten koste van anderen die op je diensten zijn aangewezen.
Comfortdiefstal is niets anders dan een grotere taartpunt voor jezelf opeisen ten koste van anderen of anderen een kleinere taartpunt te geven dan je geacht werd te doen.
De essentie van comfortdiefstal door links en rechts is het verhaal. De beste verhalenvertellers verdienen het meest of verdienen hun inkomen met de minste inspanning. De beste verhalenvertellers hebben het geloofwaardigste verhaal, scheppen veel verwachtingen en komen er mee weg. We geloven ze. Voor hun verhalen krijgen ze subsidie, bonussen, toeslagen en erkenning.
Er zijn nauwelijks mensen die zich toeleggen op het doorprikken van die verhalen. Dat bonusjagers weglopen als ze ergens anders meer kunnen verdienen is geen verhaal, het is waar. Dat ze recht hebben op een astronomisch inkomen is echter gebaseerd op een verhaal. Als niemand dat meer zou geloven, is het verhaal weg en krijgen de financiële goochelaars niet meer dan gewoon een prima betaling voor hun inspanning.
De verhalen vormen het mechanisme om je verdiencapaciteit uit te tillen boven een normale vergoeding voor de geleverde diensten. Maar al die verhalen worden aangedreven door de behoefte het eigen belang te dienen.
De optelsom van alle verhalen, de optelsom van alle diefstal, komt terecht bij de eindbetaler. Via belastingen of de prijs voor goederen en diensten betaalt hij het bovenmatig comfort van anderen en levert daarvoor noodgedwongen een stuk van het eigen comfort in. De eindbetaler kan het nergens verhalen.
Links en rechts zijn niet veel meer dan manieren om een verhaal te vertellen dat het eigen belang moet verhullen. Politieke partijen beschermen die belangen als groepsbelangen.
Het verhaal van ons ‘koninkelijk huis’ en het verhaal van organisaties op het terrein van ontwikkelingssamenwerking noem ik als de eerst in aanmerking komende verhalen om comfortdiefstal aan de kaak te stellen. Maar dat is natuurlijk maar een begin.
Stilleven met breidel, een eigentijds commentaar
radicaal links, islamisten, islam, intolerantie, tolerantie, vervolging, zbigniew herbert, stilleven met breidel, torrentius
“Drinkgerei op een plank, een paardenbreidel, twee stenen pijpjes en enkele regels muziek. Het lijkt of de voorwerpen op een plankje staan, dat hoog aan een muur hangt. Het glas werpt een schaduw op het papiertje met de muzieknoten, dat om lijkt te krullen. Op het muziekblad staat: 'Wat buten maat bestaat, int onmaats q[w]aat vergaat'. Het is een waarschuwing om maat te houden in het leven, net als bij het musiceren. De breidel was een aanmaning om verlangens in toom te houden. Het stilleven is een lofzang op de matigheid geschilderd door Johannes Torrentius, die eigenlijk Jan Simonsz. van der Beeck heette.” (Tekst van het Rijksmuseum)
De beschrijving van de zeventiende eeuw in Holland, kan je niet aan de Nederlanders overlaten, schreef een Amerikaans historicus. Ik meen dat het Jonathan Israël was, maar het kan ook iemand anders zijn geweest.
Een van de buitenlandse auteurs die een boeiend en bevlogen portret van onze ‘gouden eeuw’ hebben gemaakt, is de Poolse poëet Zbigniew Herbert. Herbert is gefascineerd door die opmerkelijke periode in onze geschiedenis en beziet die vooral vanuit zijn kennis van de schilderkunst. Een van de essays in zijn boek dat in Amerika is uitgegeven onder de titel ‘Stillife with a bridle’ is gewijd aan de weinig bekende Haarlemse schilder Torrentius. Herbert kiest een andere uitleg dan het Rijksmuseum.
Torrentius hield er volgens de overlevering een nogal losse levensstijl op na. Hij organiseerde scrabeuze feesten, maakte veel schulden en liet veel vrouwen in verdriet achter. Hij had ook veel vijanden. Die kregen de vroede vaderen van Haarlem zo ver om hem tot de doodstraf te veroordelen wegens ketterij en blasfemie. De pijnbank kwam er aan te pas om hem te laten bekennen, maar Torrentius gaf geen krimp. Onder invloed van veel protesten, onder andere van Frans Hals, werd de doodstraf omgezet in levenslang. Torrentius moet ook veel hooggeplaatste vrienden hebben gehad. Via een internationaal diplomatiek spel wist Karel I van Engeland hem in 1630 vrij te krijgen en lijfde hem in als hofschilder.
Ondanks het verbod om terug te keren, dook Torrentius in 1642 weer op in Holland. Opnieuw werd er een zaak tegen hem aangespannen en werd hij gemarteld om een bekentenis van hem los te krijgen dat hij een Rozenkruizer zou zijn. Als een gebroken man stierf hij in 1644. In het Rijksmuseum hangt waarschijnlijk het enige schilderij van zijn hand dat alles heeft overleefd: het stilleven met breidel.
Theun de Vries schreef een boek over Torrentius. "Hij schetst het portret van een joyeuze schilder, die het met huwelijkstrouw niet zo uw neemt. Torrentius krijgen we te zien als een vrije geest, die spot met theologische dogma's, maar die tegelijkertijd een grote sensibiliteit voor de mystiek van de natuur bezit."(zie boekbespreking)
De breidel in het stilleven van Torrentius vat ik op als een verwijzing naar het feit dat de vrijheid en tolerantie in de tijd van de ‘gouden eeuw’ niet zonder beperkingen waren.
De dominees en fanatieke gelovigen van de gereformeerde kerk waakten over de zeden van het volk en over de macht van de kerk en schuwden het niet om zo nu en dan de burgerlijke overheid over te halen om, bij wijze van voorbeeld, burgers te veroordelen die openlijk het gezag van de kerk tartten.
De tolerantie waar Holland in die tijd zijn onder meer zijn faam aan dankt, was niet zonder grenzen. Het openlijk belijden van een overtuiging die afweek van de dominante religie viel buiten de tolerantie. Torrentius was dan ook bepaald niet het enige slachtoffer van de dominees en hun fanatieke volgelingen.
Wie leefde met een breidel liet zich sturen en trok geen aandacht van de kerkelijke autoriteiten.
Het stilleven met breidel van Torrentius heeft actualiteitswaarde. Veel kunstenaars leven tegenwoordig weer met een breidel en beperken hun uitingen om niet te hoeven te worden geconfronteerd met de woede van de islamisten die tegenwoordig de plaats in hebben genomen van de intolerante dominees en hun fanatieke volgelingen. De Deense spotprenttekenaar Kurt Westergaard moet zelfs worden beveiligd. Ook Jos Collignon werd bijvoorbeeld bedreigd.
Islamcritici worden niet alleen vervolgd door islamisten. Radicaal links steunt de islamtische intolerantie door iedereen die kritiek heeft als fout aan te merken. Wie niet tolerant is, kan rekenen op hun intolerante vervolging.
Tolerantie vindt echter zijn grenzen waar het intolerantie ontmoet. Daar dient tolerantie op te houden. Torrentius moest zijn commentaar verstoppen in een schilderij om het politiek correcte denken van zijn tijd op de hak te nemen. De pijnbank werd zijn deel. Tegenwoordig zijn we wat beschaafder, maar de veroordelingen zijn er niet minder om.
Als kritiek las intolerant wordt bestempeld wordt het tijd om naar de vermaning van Torrentius te luisteren:
'Wat buten maat bestaat, int onmaats q[w]aat vergaat
De psychologie van het ‘Wilders haten’
oorlog tegen het kapitalisme, marxisme, politiek coreect denken, extreem-links, islam, haten, wilders, bolkestein, fortuyn
Of van het Bolkestein haten, het Fortuyn haten, het Hirsi Ali haten, het Paul Scheffer haten. Het is voer voor psychologen. Van alle kwesties die de Nederlandse samenleving beroeren is er geen waarbij zo veel polarisatie en haat, gericht tegen personen, wordt aangetroffen dan juist bij het integratie- en islamdebat. Die polarisatie en haat is te wijten aan de vertegenwoordigers van de islam en radicaal-linksen.
Maar eerst een bekentenis. Ik
was ooit een Bolkestein-hater'. God, wat heb ik die man gehaat!
Hoewel tegenwoordig bijna iedereen vindt dat hij indertijd gelijk
had, was hij na zijn problematisering van de integratie en de
islam, voor even de meest gehate man van Nederland. De rechtse
zak. Eerst met al zijn industriële vriendjes gastarbeiders hier
naar toe halen. En daarna, als ze niet meer nodig zijn, ze
stigmatiseren en in feite als ongewenst verklaren.
Ik weet dus wat haten is. Moeilijker is het te achterhalen waarom ik hem toen haatte. Ik bevond me destijds in overheids- en welzijnskringen, waar die haat werd gedeeld. In die kringen werd helemaal niet in problemen gedacht. De komst van ‘vreemdelingen’ was juist een uitdaging om onze gastvrijheid en tolerantie te laten zien. Natuurlijk waren er wel een paar problemen. Maar we dachten vooral in oplossingen. En achteraf gezien beseften we volstrekt niet hoe naïef we bezig waren. Omdat we bezig waren vanuit de beste bedoelingen, omdat we bezig waren nieuwelingen te verwelkomen, was Bolkestein een soort boze fee die onze nog onverstoorde dromen voor lichtzinnigheid verklaarde. Op de mesthoop met die man en we noemden hem bij voorkeur ‘von Bolkestein’.
Ik heb aan het begin gestaan waar het haten begon. Het is niet meer opgehouden. Mensen die op problemen wezen en vragen stelden werden verdacht gemaakt. Bewoners van oude wijken die aan de bel trokken werden al snel als xenofoob en islamofoob gezien en werden consequent geassocieerd met extreem-rechtse kaalkopjes en onderbuikgevoelens. Daar begonnen bij mij de haarscheurtjes in mijn haat en die werden allengs groter.
Wat we plegen aan te duiden als ‘politiek correct denken’, was vaak een eufemisme voor een heksenjacht op dissidenten die de droom niet deelden. Fortuyn is zo op het bot gedemoniseerd dat tegenwoordige parlementariërs terughoudend zijn geworden om dat nog eens te laten gebeuren.
Het mechanisme achter de haat is de identificatie met het slachtoffer en het delen van diens standpunten. Het mechanisme van de solidariteit. De sociaal-psychologische context is dat afwijkende meningen met geweld worden buitengesloten. De zondebokken vertegenwoordigen het ultieme kwaad, het afschrikwekkende lot dat hen treft, houdt de overigen binnen de groep en de tucht van het politiek-correct spreken, bewaart hen voor een vergelijkbaar lot.
Het solidariteitsmechanisme leidt tot tunneldenken. Eenmaal in die tunnel wordt het eenvoudig om alles wat migranten doen en laten in hun voordeel uit te leggen en alles wat critici doen en laten in hun nadeel te verklaren.
Vanuit de islam (en bijvoorbeeld niet vanuit de Antilliaanse gemeenschap) wordt het slachtoffermodel actief geëxploiteerd. Moslimse voorlieden gebruiken graag termen als islamofoob, xenofoob, fascistisch en belediging om kritiek buiten gevecht te stellen. Ze voeden de groep die zich met hen gesolidariseerd heeft en het zijn vooral de linkse en radicaal-linkse lieden die daar gevoelig voor zijn. Met de restanten van hun marxistisch denken zijn ze gevoelig voor het slachtofferdenken.
Activistische groepen, van radicaal linkse aard zijn in de samenleving actief om de opinies te beïnvloeden, zondebokken te creëren en het anders denken als fout te bestempelen, liefst met behulp van aan WOII ontleend jargon. Series van drogredenen moeten helpen om ieder gesignaleerd probleem te verwateren en te bagatelliseren.
Het is vooral de islam die van de op die wijze geschapen ruimte profiteert en rechten claimt die dubieus zijn. Het recht op individuele godsdienstvrijheid, een van de fraaiste rechten die uit de strijd om de Verlichting te voorschijn is gekomen, wordt misbruikt om het recht van een specifieke godsdienst op te eisen. Dat ze dat individuele recht intern niet erkent, moeten we maar voor lief nemen.
De haat van radicaal-links is in dit verband het meest te duchten. Het is in feite haat tegen onze samenleving en haat tegen de normen en waarden die het samenleven dragen. Het is een pure haat tegen een economisch systeem waarin ze ieder die het minder heeft, ziet als een slachtoffer van dit systeem. Daar ligt dan ook de basis voor de solidarisering met het deel van de islam dat dezelfde denkbeelden koestert. Tariq Ramadan is daar een van de vertolkers van. Op dit punt heeft hij het Westen de oorlog verklaard. Niet meer en niet minder.
De boodschap is dat u uzelf dient te haten voor wat u 'slachtoffers' gewild en ongewild aandoet en vergeving krijgt als u zich solidariseert met de opvattingen van radicaal-links en de militante islam. Uw zelfhaat kunt u dan vervangen door het haten van anderen.
Niet dar er niets op Wilders en de PVV aan te merken zou zijn. Maar haten?
Het Zwitserse referendum en de betekenis voor de discussie over de islam in Europa
zwitserland, referendum, minaretten, islam, moslims, islam discussie, pvv, kritiek, politieke correctheid
“Och ze hebben daar maar vier minaretten, waar maken ze zich druk om.” “Nou zo aardig waren de Zwitsers tijdens WOII ook al niet voor joden.” “Wist je dat ze in Zwitserland nog maar pas vrouwenkiesrecht hebben.”
Ook leuk, de reacties uit Zwitserland.
“We zijn niet allemaal zo.” “Wat gaat dit voor onze economie betekenen?”
Of de reacties uit islamitische landen.
“Zijn ze nou helemaal van de pot gerukt in Zwitserland, dit is een belediging van de islam!”
Met dit soort commentaren schieten we niet veel op.
Tot nog toe is Zwitserland het
enige land in Europa dat zijn inwoners politiek serieus neemt.
Dat menigeen zijn twijfel uitdrukt over de uitslag van het
‘minarettenreferendum’, is in feite twijfel aan het
recht van een bevolking om zijn stem te verheffen. Twijfel omdat
men de uitslag voor verkeerd houdt. Twijfel omdat men vindt dat
de ja-stemmers een ‘verkeerde mening’ hebben. Twijfel
omdat de Zwitsers iets gezegd hebben, dat ze eigenlijk niet
mochten zeggen”. In principe gaat die twijfel terug op de
twijfel van onze vroegere regenten die lang bleven menen dat het
volk nog niet rijp was voor algemeen kiesrecht.
Het grote verschil tussen de verwachte uitkomst van het referendum (37,5% ja-stemmers) en de feitelijke uitkomst (57,5% ja-stemmers), heeft betekenis. Menig opinie-onderzoeker heeft er op gewezen dat bij dit soort opinie-onderzoek de uitslag niet betrouwbaar is omdat er bij het onderzoek veel politiek correcte antwoorden worden gegeven. Om de betekenis voor bijvoorbeeld Nederland door te trekken, zou men zich af kunnen vragen of het voor de PVV geprognotiseerde uitslag van 28 zetels niet met vijftig procent zou moeten worden verhoogd tot 42.
De betekenis van het referendum heeft, naar mijn opinie, helemaal niets met minaretten te maken. Die functioneerden slechts als symbool voor iets wat zich kennelijk niet gemakkelijk laat benoemen. Dat bijna zestig procent van de Zwitsers niet meer bedoelen dan: dat er geen minaretten meer bij moeten komen, heeft weinig geloofwaardigheid. Een correspondente van NOS vertelde gisteren bij P&W dat de uitslag mede beïnvloed kan zijn door een bekende Zwitserse feministe die fel stelling heeft genomen tegen de positie van de vrouw in de islam. Dat lijkt me geloofwaardiger, al blijft het speculatie.
De duiding van de uitslag van het referendum is echter van groot belang. De uitslag verwijst niet alleen naar opinies binnen Zwitserland. Het is niet onwaarschijnlijk te achten dat ook in veel Europese landen een vergelijkbaar referendum tot eenzelfde resultaat zal leiden. Ik zou dat overigens geenszins betreuren.
De moslims in Zwitserland hebben gemiddeld een goed leven en ik ga er van uit dat de Zwitsers heel goed het onderscheid weten te maken tussen moslims en de leer en de praktijken van de orthodoxe islam. De discussies over de islam worden nogal eens vervalst door de aanname dat kritiek op de islam hetzelfde is als kritiek op moslims. Niet alleen multiculturalistische denkers hebben die neiging, ook moslims zelf uiten zich regelmatig in die richting. Uit dat type denken komen kwalificaties als xenofoob, islamofoob en dergelijke te voorschijn. Dat duwt de discussie de verkeerde kant op. Dat leidt alleen maar tot kiezers die dan in hemelsnaam maar tegen minaretten stemmen of op de PVV.
Het probleem is dat het lastig is om te formuleren waar de broodnodige discussie wel over zou moeten gaan. Minaretten, hoofddoekjes en Wilders zijn niet meer dan symbolen en verschijnselen die gretig voor de discussie worden benut. Maar dat is maar bij gebrek aan een duidelijke focus waar de discussie dan wel over zou moeten gaan. Zo lang die discussie niet op een heldere manier wordt gevoerd en afgerond, zullen symbolen en verschijnselen telkens opnieuw worden gebruikt om uiting te geven aan het levend onbehagen dat ook ongewenste vormen kan aannemen.
Het zoeken en benoemen van een heldere focus voor de discussie lijkt me de belangrijkste opdracht voor degenen die al denkend en beschouwend aan het debat deelnemen. Dat geldt wat mij betreft ook uitdrukkelijk voor politici. De in Europa levende moslims zijn daar meer bij gebaat dan in bescherming te worden genomen.
Pascal Bruckner, de filosoof die zich stevig in het Franse islamdebat mengt, is overigens een andere mening toegedaan. Het ziet het als een gebrek aan moed. "Onder de hoeders van onze gewetens ontbreekt voor alles misschien wel een gebrek aan moed"
Het zou kunnen. Maar ik ben vooral van mening dat het zicht op de ware betekenis van het idee van 'vrijheid van godsdienst' als recht van het individu, in het gedrang aan het raken is.
‘Islamisering’ volgens het recept van Tariq Ramadan
keppel, tariq ramadan, islamisering, koran, renteverbod in koran, erfrecht, islam, openbare ruimte, minaretten, symbool
Er is een tijd geweest, zo aan het einde van de zeventiende eeuw, dat de toen bestaande ‘gereformeerde’ kerk aardig op weg was om Nederland te ‘reformatiseren’. Publieke uitingen die hun ongenoegen opwekten, werden met behulp van de publieke overheid onderdrukt. Tegelijk was er tolerantie. Alles mocht van de overheden. Zo lang het maar niet zichtbaar werd in de openbare ruimte, want dan kregen ze de dominees weer op het spreekuur met het verzoek om die of die te vervolgen wegens een gevaarlijke afwijkende mening.
Vergelijkingen gaan altijd mank, maar er zijn genoeg overeenkomsten. Het is ook de ambitie van de islam om de openbare ruimte te beheersen. Niet om ons te ‘islamiseren’, dat is een nog ver weg gelegen doel. De opdracht die ze zich heeft gesteld is om volop ruimte te scheppen voor haar volgelingen om te kunnen leven overeenkomstig de regels van de islam. Alles wat daarbij in de weg staat moet worden opgeruimd.
Tariq Ramadan wijst het geweld daarbij af. In zijn boek: ‘Westerse moslims en de toekomst van de islam’ ontvouwt hij op eigen wijze hoe de ook door hem voorgestane islamisering zich dient te voltrekken.
De sleutelzin van het boek is te vinden op pagina 43. Hier omschrijft Ramadan zich als een 'hervormingsgezinde salafist'. Het doel van dier beweging wordt omschreven als: Ze beschouwen de praktijk van de idjtihaad als een objectief, noodzakelijk en constant gegeven ten einde de fikh overal en altijd te kunnen toepassen. Idtjihaad betekent in dit verband het werk van islamitische juristen om uit de koran en hadith's wetten nen voorschriften af te leiden. Fikh omvat de islamtische wetgeving en jurisprudentie omtrent geboden en verboden voor eredienst, persoonlijk leven en maatschappelijke aangelegenheden.
Vanuit deze sleutelzin gebruikt Ramadan westerse begrippen als pionnen, paarden en lopers om een plan uiteen te zetten waarin de doelstelling voor een islamitisch leven en een islamitische omgeving voor moslims stap voor stap wordt gerealiseerd.
De eerste hap die hij neemt, is al een hele grote. In zijn boek verklaart hij dat alle wetgeving en regels, die niet in strijd zijn met de voorschriften van de islam, in feite al islamitisch zijn (bijvoorbeeld pag 184). Daar hoeven moslims zich dan ook geen zorgen over te maken.
Die zorgen gelden wel de wetten en regels die in strijd zijn met de opvattingen van de islam. De hypotheekrente bijvoorbeeld. Voor moslims is het verboden om rente te betalen. In zijn boek gaat hij behoorlijk te keer tegen fatwa’s die beogen het betalen van rente in een Europese omgeving te gedogen. Dat is geen islam, betoogt Ramadan, sjoemelen met de regels is on-islamitisch. Ramadan’s oplossing is dat er overheidsregels moeten komen die islamitisch bankieren toestaan en dat moslims daar voor moeten strijden. Die strijd geldt voor alle onderdelen van het leven die in strijd zijn met de islamitische leefregels.
Voor een aantal problemen kun je gewoon praktische oplossingen zoeken, meent Ramadan verder. In Nederland zijn de gebruikelijke erfrechtregels bijvoorbeeld in strijd met de koran. Er is echter ook de mogelijkheid om per testament van die gebruikelijke regels af te wijken. De praktische oplossing is in dit geval dus dat moslims gebruik maken van het recht om per testament af te wijken van het in Nederland geldende algemeen recht. Ramadan spoort islamitische deskundigen dan ook aan om in alle vergelijkbare gevallen te onderzoeken of er praktische oplossingen mogelijk zijn.
Waar dat niet het geval is moeten de wetsregels en voorschriften worden gewijzigd. Daar hebben moslims gewoon recht op, claimt hij. Ze hebben het recht om overeenkomstig de eigen regels te kunnen leven. In Nederland heerst immers godsdienstvrijheid. Hij spoort moslims dan ook aan om van die vrijheid gebruik te maken.
Moslims dienen in het openbare leven zichtbaar te zijn en actief van zich te laten horen om te strijden voor de regels die de koran geeft. Zo schrijft hij: “Hun aanwezigheid in moskeeén, op conferenties en seminars, in islamitische organisaties, in het openbaar, op universiteiten, op de werkvloer is steeds massaler geworden, en deze zichtbaarheid is een duidelijke eis van hun recht om zowel te bestaan, er te zijn, als om zich uit te drukken” (pagina 187).
Een duidelijker aanval op de stilzwijgende overeenkomst om de openbare ruimte zo veel mogelijk neutraal te houden, lijkt me niet denkbaar.
In zijn grote finale kiest Ramadan voor een frontale aanval (pagina 254-260). Nadat hij eerst heeft betoogt dat de islamitische regel: -dat moslims in Europa in ‘het huis van oorlog’ leven-, beter kan worden vervangen door het ‘huis van getuigenis’, kiest hij tegen het einde van zijn boek (Economisch verzet) toch weer voor oorlog. Oorlog tegen het kapitalistisch systeem met rente. Dat dient volledig te verdwijnen. Geen moslim kan dat tolereren. De wereld zal islamitisch zijn, uiteindelijk.
Islamisering (het islamitisch maken van…) is een teken van de onwil van de orthodoxe islam om het pad te volgen dat andere religies kozen. Het toelaten van onderzoek en discussie over de eigen bronnen. Tariq Ramadan is daar heel duidelijk in. De leefregels en opdrachten die uit de koran voor moslims volgen, dienen letterlijk te worden genomen en in de wereld te worden doorgezet.
Ik weet nog niet wat ik
morgen aantrek. Misschien zet ik wel een mijter op, met kruis
natuurlijk. Maar kijk ook niet vreemd op als ik met een keppeltje
op voorbij kom wandelen. Misschien ga ik wel met een homovriend
hand in hand wandelen. En dan zeggen we de moslim, die zich op
staat te winden over een reclame voor lingerie, vriendelijk
gedag.
Wat haram is, maak ik zelf wel uit.
Als de islam begint om de openbare ruimte te gebruiken om ruimte te maken voor haar religie, moesten we dat allemaal maar gaan doen.
Koop een keppel.
actualisering: Rechterhand Paus waarschuwt tegen islamisering in de Süddeutsche Zeitung
Graaiende politiecommissarissen en het gebrek aan schaamte.
bonussen, bedrijfsleven, comfortdiefstal, graaien aan de top, graaien, theodore dalrymple, politiecommissarissen
Ook politiecommissarissen weten heel goed hoe ze hun inkomen moeten ‘pimpen’. Ze hebben al een uitstekend salaris dat hen royaal in staat stelt om representatief voor de dag te komen. Daarboven ontvangen ze echter nog een royale representatietoelage. Voor een aantal is dat kennelijk nauwelijks voldoende. Daarnaast blijken ze ook nog van alles apart te declareren. Zo kwam er op het RTL-nieuws als voorbeeld een leesbril en een pakje sigaretten voorbij.
Hoewel de kwestie nog niet in de schaduw kan staan van het declaratiegedrag van Britse parlementsleden, is het bepaald niet plezierig om te moeten vast stellen dat het normbesef bij een aantal commissarissen achter blijft bij wat we juist van hen zouden mogen verwachten.
De onthullingen op dit terrein beginnen zo langzamerhand een regelmatig terugkerende soap te vormen. Dat lijkt me eigenlijk het goede nieuws. Kennelijk is er een klimaat aan het ontstaan waarin dit soort gedrag gemakkelijker aan de kaak kan worden gesteld dan eerder mogelijk was.
De zonnebril van Wouter Bos was al een voorbeeld waarbij de grens werd getrokken op de plaats waar die hoort te liggen. Directeuren van woningbouwcorporaties zijn in dit verband publiekelijk gewogen en te licht bevonden en er is geen enkele reden om aan te nemen dat in andere sectoren met publieke financiering er een heel ander patroon zou bestaan. Burgemeesters, notarissen, frauderende artsen, omroepfunctionarissen en corrupte dienders, staan al in de belangstelling. De rest zal nog wel volgen.
Veel lastiger is het om het bedrijfsleven wat dit betreft op de korrel te nemen. Wat daar verdiend en gedeclareerd wordt, betalen in principe de afnemers van goederen en diensten. De bonussen worden betaald door de consumenten die gemaand worden te geloven dat het uiteindelijk in hun belang is. Ik geloof er niks van.
Het graaien reken ik tot ‘comfortdiefstal’. Je laat anderen een hogere prijs of meer belasting betalen om je comfort te vergroten en dat gaat ten koste van het comfort van degenen die er voor opdraaien.
Theodore Dalrymple, de Britse psychiater die regelmatig de samenleving op zijn therapeutische divan legt, beschrijft in de NRC het verschijnsel als gebrek aan schaamte. Ik kan dat wel met hem eens zijn, maar het is een analyse die de dader, en dat kunnen we allemaal zijn, als uitgangspunt neemt.
Schaamte is echter gebonden aan een relatie met de omgeving. Een gedogende omgeving draagt bij aan de inflatie van schaamte en dat geldt evenzeer voor de goedgelovigheid bij alle rationele verhalen die worden verteld om het graaien te rechtvaardigen. Als niemand meer bereid is om normen aan de orde te stellen, of als het gevoel heerst dat dit nauwelijks meer mogelijk is, vervagen de grenzen die acceptabel gedrag bewaken. Het gebrek aan schaamte is recht evenredig aan het gebrek aan de bewaking van grenzen.
In de samenleving wordt zichtbaar dat die grenzen gewenst worden. Ik verwacht daarom dat het nieuws over ‘graaigedrag’ nog wel een poosje zal aanhouden. De beelden die we zien, wijzen niet op een verrotte samenleving. De beelden wijzen op een schoonmaakproces. Het is een signaal dat ‘comfortdiefstal’ niet meer wordt gepikt.
Rekening rijden, waarom een bestaand en goed systeem moet worden vervangen.
rekening-rijden, spitsheffing, voordelen, nadelen, priavacy en geheimhouding, overheid, belastingbetaler, gps, bezineprijs
Alle informatie en discussies
over het ‘rekening rijden’ heb ik met een gevoel van
ongemak over me heen laten komen. Ik zie de voordelen wel en kan
me niet altijd inleven in de nadelen die er regelmatig worden
genoemd. Op de achtergrond bleef echter de vraag bij me
rondzingen: waarom zou je een goed systeem
willen vervangen. Inmiddels heb ik een antwoord gevonden op de
vraag wie er nu echt profiteert van de invoering van
'rekeningrijden.'
U niet, ik niet, de buurman niet, maar de overheid wel.
Een goed systeem
Autorijden kost geld en veroorzaakt kosten voor anderen. Daarom betalen we een prijs voor benzine die veel hoger is dan de kostprijs. Alle externe kosten die worden veroorzaakt, zoals het gebruik van wegen, betalen we in principe via de belasting op de benzine, inclusief het kwartje aan Kok. Wie veel rijdt, gebruikt veel brandstof en betaalt dus veel belasting. Daar lijkt me niks mis mee. Ook de belasting op auto’s lijkt me eerlijk. Dure auto, veel belasting. Goedkope auto, weinig belasting. Energiezuinige en milieuvriendelijk auto, nog minder belasting. Aan dat systeem zitten weinig mankementen, dus waarom houden we het niet in ere?
De nadelen van rekening rijden
Het systeem van rekening rijden vergt een kostbare extra infrastructuur. Ga maar na: er moet satellietruimte worden gehuurd, er moet een landelijk waarnemingssysteem worden geïnstalleerd, er moeten miljoenen signaalkastjes worden aangemaakt en in auto’s worden geïnstalleerd, er moeten rekeningen worden aangemaakt, verstuurd en de betaling moet worden gecontroleerd. Dat is allemaal goed voor de economie en de werkgelegenheid, maar waarom zouden we het leven duurder maken dan het al is. Techniek is bovendien kwetsbaar.
Over de privacy gevoeligheid die wel wordt aangevoerd als argument tegen rekeningrijden, heb ik minder bezwaar. Die gevoeligheid is er, er zal heus wel eens wat vervelends mee gebeuren, maar de maatschappelijke discussie over dit onderwerp vormt een voldoende barrière tegen het uit de hand lopen van dat soort dingen. Ik ben er niet echt bang voor. Iedereen kan slachtoffer worden van misbruik en criminele activiteiten. Mensen die iets te verbergen hebben, hebben echter het meest te vrezen.
De voordelen van rekeningrijden
Hier heb ik toch wel even heel diep moeten nadenken. Zijn er eigenlijk wel voordelen. Ik heb er één gevonden. Dat is niet het rekening rijden zelf, maar het betalen voor spitsrijden. Doorgaande wegen zijn tijdens de spitstijden een schaars goed. Wie er gebruik van moet maken, betaalt er maar voor. Voor een aantal mensen die de kosten niet kunnen declareren, is het eigenlijk een nadeel. Voor de zakelijke rijders telt dat niet. Die krijgen het wel vergoed van hun baas. Uiteindelijk zijn wij het die daar voor opdraaien want het zit straks in de prijs die we voor goederen en diensten betalen. Misschien is ‘rekeningrijden’ minder fraudegevoelig, maar dat weet ik niet zeker.
Een voordeel is dat de BMP verdwijnt zodat de auto's goedkoper worden. Maar is het wel een voordeel? het feitelijke effect is dat investeren goedkoper wordt, maar exploiteren duurder. Het niet meer betalen van de eenmalige BMP, vinden we straks in een ander jasje terug op de maandelijkse afrekening. De problemen met de afschaffing van de BMP zijn trouwens niet opgelost. Wie vlak voor de invoering van de regeling een auto koopt betaalt mogelijk de BMP uiteindelijk twee keer.
De afschaffing van de wegenbelasting zou beslist een voordeel zijn als de provincies al niet hadden aangekondigd een vervangende belasting in te voeren om hun verlies aan inkomsten te compenseren.
De voordelen voor de overheid
Waarom zou de overheid het graag willen? Ik heb er twee redenen voor gevonden die nog nauwelijks aan de orde zijn gekomen. Europa is bezig om een eigen GPS-systeem te ontwikkelen en zal daarvoor een aantal satellieten de ruimte in sturen om minder afhankelijk te zijn van het Amerikaanse systeem. Dat moet natuurlijk betaald worden en rekeningrijden leent er zich uitstekend voor om een deel van die kosten daar op af te wentelen. Dan is er nog een voordeel. De prijs voor autobrandstoffen kan niet onbeperkt worden verhoogd. De prijs mag bijvoorbeeld niet te ver afwijken van die van Duitsland of België. Als die dat wel doet gaan veel mensen uit regio’s die aan die landen grenzen, de grens over om daar te tanken. Dan vloeit de belasting in de zakken van een vreemde mogendheid. Rekeningrijden lost dat perfect op. Reken er al vast maar op dat de ‘kostenneutrale’ invoering alleen voor het moment van invoering geldt. Het rekeningrijden wordt de nieuwe melkkoe omdat het uitmelken van de brandstofprijs zijn beperkingen kent.
Conclusie
Er is een prima werkend systeem. Alleen de overheid heeft baat bij een nieuw systeem, de belastingbetaler niet. De voordelen van het belasten van ‘spitsrijden’ zijn wat mij betreft redelijk te noemen, maar daar kleven voldoende bezwaren aan om daar nog eens heel goed over na te denken.
Een alternatief zou zijn om bedrijven naar de omvang van hun personeel een spitsbelasting op te leggen. Die zullen we uiteindelijk in de prijs voor hun goederen en diensten betalen, maar dat zullen we met rekening rijden ook doen. Die belasting voor bedrijven kan gemodereerd worden voor zover ze aantonen dat er buiten de spits wordt gereden. Wedden dat het beter werkt dan dat hele systeem van ‘rekeningrijden’ dat de overheid wil invoeren?
Om over na te denken:
De overheid: dat zijn wij
Onze auto straks: investeren wordt goedkoper, de maandelijkse exploitatie duurder
Mijn beste advies: doe de auto weg
(Aanvulling: in zijn reactie hieronder wijst Rikus er op dat de zuiniger wordende auto's tot minder inkomsten voor de overheid leiden en dat rekening rijden dat probleem in feite oplost. Achteraf had ik dat graag als argument in dit blog verwerkt)
Peter Louter is een leugenaar en dat is raar, maar waar! (een megametablog)
Althans volgens Mihai Ticu, die
inmiddels op het blog enige bekendheid heeft verworven als iemand
die altijd gelijk heeft, althans nooit zal toegeven dat hij dat
niet heeft. En daar zit meteen een probleem.
Ooit schreef ik een blog over Tariq Ramadan waarin de volgende zinsnede voorkwam:
"De islamitische juristen moeten manieren bedenken waar deze verbeteringen (islamisering) stapsgewijs kunnen worden doorgevoerd op de diverse gebieden van het recht: van het huwelijkscontract tot het erfrecht, tot het gebied van financiën en handel"
Wat tussen haakjes staat (islamisering) is door mij aan het citaat toegevoegd om aan te geven wat Ramadan onder ‘verbetering’ verstaat.
Mihai Ticu heeft zich daar vreselijk over opgewonden. Hij heeft een apart blog geschreven om mij aan de kaak te stellen als leugenaar. Zijn eigen redeneertrant volgend, waarbij hij altijd beroep doet op de logica, zou nooit meer op hebben kunnen leveren dan de conclusie: “Peter Louter heeft in dit geval gelogen”
Maar zelfs die conclusie is gemakkelijk te weerleggen.
Mihai plaatst als bewijs een ruimer citaat dan ik gaf en concludeert daar uit dat: “Het is evident is dat Ramadan op zoek is naar manieren om de islam aan te passen aan de wetten van de landen waar de moslims wonen. Hij heeft het in dit stukje absoluut niet over een islamisering van het Westen.
Maar daar had ik het helemaal niet over. Het islamisering verwijst naar de ‘verbeteringen’ in het citaat. De context lijkt me dus duidelijk genoeg. Het enige dat Mihai me kan verwijten, is dat ik die toevoeging niet duidelijker gemarkeerd heb.
Het woord zelf acht ik nog steeds goed gekozen. Ramadan is er helemaal niet op uit om de islam aan te passen aan de wetten van het land waar moslims wonen. Integendeel, hij zoekt alle mogelijkheden om islamitische wetgeving binnen het raam van de wetten van het land mogelijk te maken. Dit is bijvoorbeeld goed te zien bij het afwijkend erfrecht. Moslims kunnen van het in Nederland geldend erfrecht afwijken door een testament te maken met afwijkende bepalingen.
De islamisering van het Westen komt in andere blogs van mijn hand over Tariq Ramadan aan de orde. Zoals bijvoorbeeld het feit dat hij vind dat moslims de bestaande economische orde moeten veranderen waardoor de rente (riba) verdwijnt.
Het lezen van Tarig Ramadan’s teksten is niet simpel. Ik heb er zelf lang over gedaan om hem te leren lezen. Er staat zelden wat er staat en teksten moet je vaak lezen vanuit de betekenissen die weer elders in zijn boek te vinden zijn. Maar zijn werk ken ik inmiddels door en door. In een aantal blogs heb ik dat ook laten zien.
Maar goed, Ticu vond dat hij me hiermee als leugenaar kon ontmaskeren. En dezelfde procedure heeft hij al meerdere keren op mijn blogs toegepast, tot vervelens toe. Ik heb weinig energie gestoken in mijn verdediging. Maar de laatste tijd loopt het zo de spuitgaten uit dat ik het gevoel heb dat ik er maar weer eens wat aan moet doen.
Niet alleen Ticu, ook anderen passen dezelfde tactiek toe, waardoor ik het gevoel had dat er sprake was van een gezamenlijke aanpak. Dat bleek nog waar te zijn ook. Blogger Wiljan bracht in een van die ellenlange discussies waar het met Ticu altijd op uit loopt de volgende tekst van Ticu aan het licht waardoor alles op zijn plaats viel:
"Dat is het probleem juist. VK kijkt naar de schendingen van
de regels en in de regels staat niet dat je niet mag liegen. X is
zo gelukt om onder de radar te blijven. Zijn stukken blijven
voldoen aan de regels van de VK, maar inmiddels zaaien ze haat,
angst en manipuleren psychologisch. Twee voorbeelden:
Als je de Marokkanen een misdadige groep zou noemen, zou je boven
de radar kunnen komen. Maar als je dat slechts veronderstelt in
je stuk, als ongesproken premisse, kan niemand je iets aan doen.
Je hebt het immers nooit gezegd. En het manipuleert de lezer in
het geloven van deze premisse.
Neem bijvoorbeeld het epigeneticaverhaal. Door het lezen van een
dergelijk verhaal wordt de lezer gedwongen in een
sociaaldarwinistisch argument, zonder dat dit argument is
verwoord in het stuk.
Uiteindelijk hoeft men op deze manier niet over
gaskamers/deportaties te spreken, maar slechts de noodzakelijke
angst en haat te scheppen. Op het moment dat er
voldoende mensen voldoende angst en haat hebben, kan men het idee
van gaskamers/deportaties introduceren. En zelfs
introduceert men dat zelf niet, in een atmosfeer van grote angst
en haat, komen die gaskamers/deportaties als vanzelfsprekend
middel naar voren.
Als X ontkent dat dat zijn doel is, dan moet ie de
argumentatieregels volgen. Want X kan de lezer tot
gaskamers/deportaties manipuleren en tegelijkertijd zich aan de
VK-regels houden, maar het zal dat hem nooit lukken als hij zich
aan de argumentatieregels houdt.
Mijn advies aan de anti-X gasten is het volgende: verenig jezelf
en controleer elk woord dat X spreekt. Zodra hij met boeken en
rapporten sjoemelt, schrijf een tegenblog waar je dat ontmaskert.
Als je hem een paar keer op leugens betrapt, wordt zijn
geloofwaardigheid nul. Kijk bijvoorbeeld naar Y, die haar hele
blog heeft opgedoekt, na slechts één enkele ontmaskering van een
zware leugen.'
Ineens wordt duidelijk waarom Ticu doet wat hij doet en wordt duidelijk hoe hij anderen probeert aan te zetten (advies) om hetzelfde te doen.
Hij en degenen die met hem mee doen zien me als een gevaarlijk sujet dat angst zaait om de geesten rijp te maken om hen aan het idee van gaskamers (voor moslims? p.l.) te laten wennen. Want ik ben X in dit v erhaal.
Een obsessieve gedachte ligt ten grondslag aan de dwangmatige behoefte om me als leugenaar te ontmaskeren in de hoop dat ik het net als genoemde Y mijn blog zal opdoeken. Mij moet het leven zuur worden gemaakt en u moet er van overtuigd worden dat ik niet geloofwaardig ben
Mocht Ticu of anderen weer eens de behoefte hebben om me als leugenaar neer te zetten, dan hoop ik dat u een lichtje zal opgaan.
Zowel de methode als het doel deugen niet, ook al denken ze daar
zelf héél anders over.
nb. de verbazende tekst van het door Ticu geschreven
advies wordt door hem in de discussies geenzins ontkent.
De Haagse armoedepas, een moreel dilemma.
pechtold, anton smitshuis, stichting leergeld, zwemclub, den haag, armoede
Als je een discussie over integratie begint, kun je de klok er op gelijk zetten dat er iemand zal opstaan die plechtig verklaart dat hij tegen assimilatie is. Zo'n woord –assimilatie- werkt als een signaalvlag en betekent –we zitten hier toch geen verboden dingen te doen-. Het is een taboewoord. De signaalvlag brengt deelnemers aan de discussie in verwarring. De signaalvlag betekent dat ze op hun woorden moeten letten. Er zal dan altijd wel iemand zijn die, welke uitgesproken zin dan ook, kan ontmaskeren als een pleidooi voor assimilatie.
In de Tweede Kamer zijn ze er gisteren kennelijk in geslaagd om aan de dictatuur van ‘verboden gedachten’ te ontkomen. De parlementsleden hebben vrijuit gediscussieerd over de integratiebrief van Minister van der Laan. Als ik het verslag van de discussie in de VK van vandaag goed interpreteer stemt de Kamer in met de brief, maar wenst vooral dat woorden worden omgezet in daden. Merkwaardig detail in het verslag is dat Boris van der Ham zijn fractievoorzitter Pechtold moest verdedigen omdat die nauwelijks een taak ziet voor de overheid op het terrein van integratie.
Dijsselbloem (PvdA) verweet D’66 een ‘er-zijn-geen-problemen-houding’. Je zou dat op twee manieren kunnen uitleggen. ‘Er zijn geen of nauwelijks problemen met de integratie’ is de eerste. Het is een visie waarvoor ook ik argumenten kan aandragen. De tweede uitleg ‘er zijn in de samenleving geen problemen met het verloop van de integratie’, kan echter niet worden genegeerd. Wie een antwoord wil vinden op de vraag of er voor de eerste uitleg voldoende argumenten zijn, doet er goed aan om zijn oor te luisteren te leggen in de samenleving.
Naast het verslag van de kamerdiscussie, staat er in de VK een artikel over een Haagse zwemclub die de hulp aan andere kinderen dwarsboomt. De opstelling van de betrokken zwemclub is op te vatten als een signaal uit de samenleving.
Naar verhouding doen allochtone gezinnen veel vaker een beroep op armoederegelingen dan vergelijkbare autochtone gezinnen. De verklaring daarvoor is vrij eenvoudig. In de omgeving van autochtone gezinnen wordt een beroep op de bijzondere bijstand om kinderen te kunnen laten sporten of naar de muziekschool te laten gaan, weinig geapprecieerd. Daaruit volgt een overigens onterechte schaamte om een beroep op de regeling te doen. In de omgeving van allochtone gezinnen is het beroep op de bijzondere bijstand volkomen geaccepteerd. Je hoeft je daar niet voor te schamen, het wordt zelfs als ‘stom’ aangemerkt als je er geen gebruik van maakt.
Anton Smithuis, de coördinator van de Haagse regeling doet de kritiek op de regeling weliswaar af als ‘flauwekul’, hij weet echter evenals iedere deskundige op dit terrein dat de regeling vooral wordt gebruikt door allochtone gezinnen en veel minder door autochtone gezinnen die daar wel voor in aanmerking zouden komen.
Ik ben een voorstander van dit soort armoedebeleid. De gemeente den Haag vormt daar geen uitzondering in. De meeste gemeenten hebben een vergelijkbare regeling en soms ook een pasjesbeleid.
I s die zwemclub nu helemaal op zijn achterhoofd gevallen? Wat mij betreft niet. In zo’n zwemvereniging komen mensen aan het woord die in het dagelijks leven zien hoe zo’n regeling uitwerkt en op grond daarvan kritiek hebben. Die verdienen een aandachtig oor, ook al is dat lastiger dan hun kritiek weg te zetten.
Vooral het gegeven dat nogal wat allochtone gezinnen op van alles en nog wat besparen om te kunnen investeren in bezit of vakanties in hun thuisland, werpt vragen op over de werkzaamheid van armoederegelingen voor dit soort gezinnen. De regeling is dan een compensatie voor een budgetbesteding die nogal wat vragen op roept.
Er is immers al kinderbijslag om gezinnen te compenseren voor de extra kosten van kinderen. Als dat niet wordt besteed voor dat doel, levert een nog verdere compensatie voor de kosten van kinderen een moreel dilemma op. Dat kan immers een legitimatie van de onjuiste besteding van kinderbijslaggelden inhouden.
Er is wat mij betreft geen sprake van dat de regeling daarom maar zou moeten worden opgeheven. Een nauwkeuriger toepassing ligt eerder voor de hand. Een gezin dat een al redelijk te achten, op het kind gerichte, budgetbesteding heeft, zou voor de regeling in aanmerking moeten komen als aanmoediging en beloning.
Zo zou je het morele dilemma op kunnen lossen. Aanpassing van de regeling in die zin, zou een van de daden kunnen zijn die de Tweede Kamer van van der Laan verwacht.
De psychiatrische aandoening ‘borderline’ blijkt niet hopeloos ongeneeslijk te zijn.
borderline, schematherapie, jeugdzorg, wajong, vu medisch centrum, ggz, gezondheidszorg, bezuinigingen
‘Schematherapie’ geneest 42 procent van de lijders aan 'borderline'en bij nog eens 56 procent is er sprake van een aanzienlijke verbetering. Één op de vijftig mensen (twee procent) zou aan borderline lijden. De therapie verandert aangeleerde gedragspatronen. Als dat allemaal klopt is er sprake van een grote doorbraak waar heel veel mensen baat bij kunnen hebben. Niet alleen de borderliner lijdt onder zijn ziekte, dat geldt evenzeer voor zijn omgeving. In een artikel in de NRC van 19 november j.l. wordt verslag gedaan van de conclusies uit onderzoek door het VU Medisch Centrum. Enige voorzichtigheid lijkt me geboden bij de conclusies. Voor zover ik de gegevens kan overzien is er nog geen zicht op de duurzaamheid van de genezing na bijvoorbeeld twee of vijf jaar.
“Borderline is een psychiatrische stoornis met een breed spectrum aan symptomen. Patiënten zijn geestelijk erg instabiel: ze zijn impulsief en kunnen slecht tegen stress, hun emoties vliegen heen en weer en ze hebben vaak identiteitsproblemen en verlatingsangst. Veel patiënten doen zichzelf pijn en hebben zelfmoordneigingen”
Borderline geldt in de psychiatrie als de moeilijkst te behandelen stoornis, medicijnen hebben nauwelijks vat op de aandoening en de patiënten vertonen ook nog al eens voor de behandelaar lastig gedrag. ‘Schematherapie’ zou een oplossing bieden om de aandoening behandelbaar te maken.
“Schematherapie is een vorm van cognitieve therapie. De patiënt werkt intensief samen met een therapeut die optreedt als rolmodel. In de schematherapie neemt de therapeut als het ware de rol van ‘goede ouder’ op zich, en geeft adviezen en structuur. Daardoor leert de patiënt anders en positiever naar zichzelf en naar het leven te kijken. Dat vertaalt zich op den duur in ‘gezonde’ gedragspatronen. Schematherapie is erg intensief, vooral voor de therapeuten. Ze zijn emotioneel erg bij hun patiënten betrokken. In principe zijn ze 24 uur per dag telefonisch bereikbaar”
Borderline wordt gezien als een persoonlijkheidsstoornis en valt daarmee in een andere categorie van psychiatrische aandoeningen dan die waar sprake is van een aantoonbaar neurochemische dysfunctie.
Of dat helemaal juist is valt nog te bezien. Brein en lichaam zijn op zo’n complexe wijze met elkaar verbonden dat lang niet altijd duidelijk is wat oorzaak is en wat het gevolg. Wat het onderzoek duidelijk maakt is dat cognitieve therapie, net als bij een aantal andere aandoeningen, werkt. De onwerkzaamheid van de therapie in het verleden lijkt dan ook vooral te wijzen op de toediening van een te lage ‘dosis’. Een beetje therapie werkt niet, heel veel therapie in de vorm van persoonlijke aandacht, werkt kennelijk wel.
Gezien de werkzaamheid van een intensieve therapie zou aangenomen kunnen worden dat de stoornis voortkomt uit een instabiel geworden en daardoor fluctuerende hormoonbalans die voortkomt uit een adaptieve (‘aangeleerde’) stoornis in plaats van een functionele stoornis. Het hormoonsysteem dat ondermeer de stressbestendigheid regelt, weet als het ware niet meer hoe het op signalen moet reageren en moet opnieuw ‘ingeregeld’ worden. Daar is in ieder geval een veilige en volkomen betrouwbare omgeving voor nodig.
Veel kinderen met een ‘borderline’ diagnose komen in de jeugdzorg terecht en de resultaten die daar worden geboekt wijzen niet op een groot succes bij de heersende aanpak. Veel van dat soort kinderen komt later in de WAJONG terecht en begint daar aan een carrière als arbeidsongeschikte. Veel van die kinderen hebben hun stoornis ontwikkeld in de omgang met borderline-achtige ouders, waardoor er eerder sprake is van besmettelijkheid dan van erfelijkheid, al kan er een erfelijk patroon ontstaan. Vergelijkingen gaan mank, zeker deze, maar bij borderline valt een vergelijking te maken met een onbetrouwbare hond die op grond van zijn ervaringen onbetrouwbaar is geworden.
Het is aannemelijk dat heel veel mensen met de aandoening ‘borderline’ chronisch arbeidsongeschikt zijn. In werksituaties zijn de ernstiger vormen van de aandoening dermate belastend voor de omgeving dat werknemers met deze ziekte moeilijk zijn te handhaven. Als we dat aantal voorzichtigheidshalve op 75.000 schatten, is er alle reden om een relatief dure therapie in te zetten op de beperking van het aantal arbeidsongeschikten als gevolg van deze aandoening.
Bij jeugdige veroordeelden is de ziekte vaak aanwezig. De vraag of straffen dan het aangewezen middel is in plaats van behandelen, is een onderwerp dat nog veel discussie verdient.
De voorgenomen bezuinigingen op de gezondheidszorg bieden weinig hoop, vooral voor ‘borderliners’.
(nb van Aad Verbaast kreeg ik deze link naar artsennet die aantoont dat het inzicht in de geneesbaarheid van borderline in Nederland al een paar jaar bekend is. De NRC publikatie lijkt me echter de eerste uitvoerige publieksinformatie)
Oftewel, hoe verdedig je je
tegen aantijgingen dat je een leugenaar bent. Het is niet de
eerste keer dat het me overkomt en het komt iedere keer uit
dezelfde hoek. Als ik bijvoorbeeld voor waarnemingen beroep op
wat ik in mijn omgeving zie, heet het dat er in Volendam geen
allochtonen wonen. Tja, in de gemeente Edam-Volendam wonen ruim
duizend allochtonen, waarvan een paar honderd in Volendam. Het is
echter alleen door die op een onjuiste aanname gebaseerde
beschuldiging, dat de leugen en leugenaar wordt geconstrueerd.
Het procedé kan ook op andere wijzen worden toegepast. Bij de interpretatie van teksten heb je een aantal keuzes die mede door je perceptie worden bepaald. Met een andere perceptie kun je ook een andere context creëren. Als je een andere perceptie kiest dan de schrijver heeft bedoeld, schep je voor jezelf de ruimte om allerlei onaardige conclusies te verbinden aan de schrijver en diens gewraakte tekst. Het is een bekend procedé en al op heel wat bloggers toegepast.
Dat gebeurde bijvoorbeeld aan de hand van mijn mededeling dat ik het voornemen heb om een proteststem op de PVV uit te brengen.
Dat is natuurlijk wel een vorm van vloeken in de kerk en de dominees zijn er languit over gevallen. Die mededeling heb ik meerdere keren voorzien van mijn beweegredenen voor die keuze en ik heb meerdere keren uiteengezet dat ik geen fan van Wilders ben en zeker niet van diens provocerende uitspraken. De ongenuanceerde vertaling van die mededeling is echter dat ik eindelijk uit de kast ben gekomen en in het verleden dus gelogen heb over mijn voorkeuren. Ineens ben ik iemand die een volbloed aanhanger van de PVV is en wordt dat beeld gebruikt om me de mantel uit te vegen.
En nu heb ik weer een andere leugen aan mijn fiets hangen. Ik zou hebben gelogen over wat Femke Halsema tijdens een spreekbeurt heeft gezegd. Wel dat staat nog te bezien.
In een van mijn recente blogs heb ik de integriteit van Alexander Pechtold aan de orde gesteld. Mijn conclusie luidde:
Wat Pechtold doet is angst aanjagen door extreme uitvergroting, polarisatie bevorderen en dat alles vanwege ijdelheid en om electoraal gewin. Evelien Tonkens heeft hem gisteren in haar column fijntjes terecht gewezen zonder zijn naam te noemen: ‘Iedereen die dit (verhaal van Wilders, pl) een gevaarlijk en verwerpelijk verhaal vindt, moet zelf met iets beters komen.
Als reactie daar op kreeg ik van een lezer van het Haarlems Dagblad de volgende email:
“Tijdens een spreekbeurt in Haarlem op dinsdagavond nam Femke Halsema "openlijk afstand van de kwalificatie extreemrechts die haar D66 collega Alexander Pechtold onlangs plakte op PVV-voorman Geert Wilders."(citaat HD). Citaten FH: "Ik vind die kwalificatie niet zorgvuldig en onwenselijk. Als je Wilders extreemrechts noemt dan noem je zijn kiezers ook extreemrechts. Terwijl ik denk dat zijn kiezers een stuk wijzer zijn dan Wilders". "Ik zou graag de mensen die nu Wilders willen stemmen op argumenten overtuigen, dat zijn keuzes de verkeerde zijn. Op argumenten, niet met kwalificaties.”
Die tekst zag ik als een bevestiging van het in mijn blog ingenomen standpunt. Ook Halsema wijst de aanpak van Pechtold af en verwijst net als Tonkens naar het feit dat je zelf met iets beters moet komen.
Onder enkele blogs heb ik gereageerd met de mededeling: “Tijdens een spreekbeurt in Haarlem op dinsdagavond nam Femke Halsema "openlijk afstand van de kwalificatie extreemrechts die haar D66 collega Alexander Pechtold onlangs plakte op PVV-voorman Geert Wilders." Een volkomen getrouwe weergave dus van de tekst uit het Haarlems Dagblad.
Mijn onderwerp is wat Pechtold deed en wat Halsema daar
over zei. Dat is de context waarin ik dat citaat heb
gebruikt. En dat is ook geheel in overeenstemming met het blog
dat ik over
Pechtold schreef.
Pas als je een andere context kiest, kun je een leugen
construeren. Die paar reacties van mij onder blogs van
anderen waren aanleiding tot een
compleet blog van een detective-achtige kwaliteit, waarin
omstandig wordt betoogd, dat ik zou hebben gelogen. Maar de
reconstructie die daartoe heeft plaats gevonden bevat een groot
aantal elementen die op geen enkele wijze onderdeel waren van de
crimescene zelf. Door de crimescene te voorzien van een aantal
elementen en veronderstellingen die daar geen deel van hebben
uitgemaakt, kan een misdaad worden bewezen die niet plaats
heeft gevonden.
De enige vraag die overblijft is of ,wanneer ik het volledige HD-artikel zou hebben gelezen en eveneens de volledige toespraak van Halsema, ik mijn reactie anders zou hebben geformuleerd dan ik heb gedaan. Dat is natuurlijk een vraag waarop het antwoord alleen maar onbekend kan blijven. Die situatie heeft zich niet voorgedaan.
Bij een paar lezers zag ik dat ze zich door het onjuiste betoog, in het blog waarin ik werd ‘ontmaskerd’, lieten leiden en de conclusie onderschreven. Ik hoop dat ik ze met dit blog, en dat vergt nauwkeurig lezen, op het juiste spoor heb gezet.
Het is vervelend om je te moeten verweren tegen ongerechtvaardigde aantijgingen, maar het leek me niet juist om deze gezochte aantijging onweersproken te laten.

1. Koop je
boeken tweedehands en verkoop je boeken via een
Als
vrijwilliger was (en ben) ik kind aan huis bij tientallen
vluchtelingenfamilies en bij enkele Marokkaanse gezinnen.
Immigranten noem ik ze liever, 'allochtonen' is zo'n vervelend
woord dat naar afkomst verwijst en niet naar toekomst. De meesten
zijn gewoon aardige mensen. Sommige reken ik tot mijn vrienden.Ik
heb veel van ze geleerd en zij van mij. Ik maak me echter zorgen om
hun toekomst. Vandaar dat ik voor harde woorden kies. Ze
zijn niet alleen voor hen bestemd, maar ook voor ons die hier al
generaties wonen en ons eigenaar van dit land voelen. De Islam is
domweg een irritante godsdienst. Dat mag best gezegd worden. De
Koran is niet mijn grootste bron van zorg. Die wordt gevormd door
de gebrekkig ontwikkelde individualiteit van immigranten. Het zijn
veel meer groepsmensen dan wij. Hun vrijheid wordt veel meer beknot
door sociale controle dan door de religie. Bij de meesten is dat
niet meer dan een sausje. Hun groepscultuur verhindert de
integratie méér dan wat ook. Zonder onze hulp komen ze daar nooit
uit. Daarom zijn harde woorden ook nodig om te voorkomen dat
we ons zelf blijven verschuilen achter harde woorden jegens hen.
Het blog is een weerslag van mijn eigen denken en soms verwarring.
Ik zal mezelf absoluut vaak tegenspreken, maar ik denk na! Wellicht
zal ik nooit veel méér puzzellstukjes bij elkaar krijgen dan ik nu
al heb. Maar om de puzzel af te maken, heb ik nog wel wat stukjes
nodig. Drie belangrijke puzzelstukjes heb ik tot nu toe. De
emancipatie van het individu leidt tot minder
groepsafhankelijkheid en rechtstreeks tot integratie. Het tweede
puzzelstukje is 

Bloggen is
een prachtig middel om meningen en zienswijzen onder de aandacht te
brengen. Reacties op een blog kunnen tot zinvolle discussies leiden
die voor alle betrokkenen waardevol is. Discussies zijn gebaat bij
vrijheid van meningsuiting. Ik zie daar in principe geen
andere beperkingen voor dan waarin de wetgeving voorziet.
Discussies op blogs en forums kunnen echter gemakkelijk ontsporen,
niet zelden door 