
Familiedrama’s voorkomen: Justitie leert het nooit
familiedrama,zierikzee,huiselijk geweld,justitie,
Hij was er niet, die middag, in april 2002, bij de rechtbank in Rotterdam. Ondanks zijn voorlopige hechtenis bestond de mogelijkheid om het proces bij te wonen waarin ik een gebiedsverbod voor onze gehele woonplaats had aangevraagd.
Ik was bang in die dagen en wilde rust, voor mezelf en voor mijn zoon.
Die voorlopige hechtenis was immers niet voor niets.
Ik had er behoefte aan de rust, die we hadden met vader in de cel, te prolongeren door middel van gebiedsverbod vanaf het moment dat hij op vrije voeten kwam.
Bij verstek – in een proces dat nog geen 15 minuten duurde – werd hij veroordeeld tot dat gebiedsverbod en ik was opgelucht. Opgelucht met de uitspraak, maar ook opgelucht omdat de confrontatie in de rechtbank niet had plaatsgevonden. Eerder was een gewapende parketwacht die mij beschermde nodig gebleken, vandaag kon ik gewoon alleen op huis aan.
In het volste vertrouwen dat vader nog in hechtenis zou zijn, speelde zoon er, terwijl ik naar de rechtbank ging, in het vroege lentezonnetje lustig buiten op los. De situatie achtte ik zelfs zo veilig dat ik de zorg aan een 16 jarige buurjongen als oppas volledig had toevertrouwd.
Eenmaal thuis was de opluchting snel voorbij: vader bleek namelijk diezelfde ochtend op vrije voeten te zijn gesteld, zonder dat ik ervan op de hoogte was gesteld….
Er is toen gelukkig niets gebeurd, maar dat had wel zo kunnen zijn. De huidige berichtgeving over het familiedrama in Zierikzee maakt veel herinneringen aan die tijd bij me los. Ik had gehoopt dat justitie inmiddels veel wijzer zou zijn geworden, maar dat is helaas niet het geval. Niet de vader, maar justitie is wat mij betreft hier de dader van dit drama.
Dünya en Metropolis moeten blijven!
dunya, metropolis, aboutaleb, rotterdam, festivals
We hebben in Rotterdam 2 parken. Eén, mijn favoriet, is al jarenlang het mooiste park van Nederland. Het is ‘het park bij de Euromast’, eigenlijk alleen ‘het park’. Ik leerde er, omdat ik onder de rook van de Euromast ben geboren en getogen, tongzoenen en nog meer …
Het andere park is het Zuiderpark, dat op de andere, door mij
niet zo geliefde, Maasoever ligt, maar dat op zich geen lelijk
park is. Ik kom er zelden. Net als in De Kuip, moet er een
muzikale aanleiding zijn om er naar toe te gaan.
Elk jaar, op het einde van mei/begin juni, vindt in ‘het
park’ Dünya
plaats, een voortzetting van Poetry Park. Het is een
multicultureel festival met de Capital C van cultureel, want
poëzie, proza en muziek uit alle windstreken staan die dag
centraal. Het regent altijd tijdens Dünya (behalve dit jaar dan),
maar dat is puur om je hoofd erbij te houden: hoe internationaal
en oriëntaal het festival, inclusief het eten en drinken ook is:
je bent in Rotjeknor hóór!
Elk jaar in het eerste weekend van juli vindt in het Zuiderpark
Metropolis
plaats, een muziekfestival waar je een hiphop liefhebber en een
gothic gebroederlijk naast elkaar ziet liggen in het gras. Waar
je alternative hoort op stage 1, terwijl op het naastgelegen
podium de instrumenten van een reggae-band worden opgeruimd. Waar
Winne rapt als de The Asteroids Galaxy Tour uitgespeeld is, waar
de Prodigy, maar ook Kubus en BangBang ooit stonden voordat ze
doorbraken.
Nooit is er iets mis gegaan op beide festivals. Hoe divers het
publiek van beide festivals ook; de muziek verbroedert de massaal
toegestroomde liefhebbers al jaren lang. Mooier kan de wereld
niet zijn: zo veel verschillen, zo veel pais en vree. Zelfs
Lowlands (ook heel lief, maar bij lange na niet zo
multicultureel) kan hier niet tegenop.
Dit jaar ging het wel mis bij en ander festival: Summer Grooves
in Hoek van Holland. Dit Dancefestival trekt met name het z.g.
sportschool publiek, overwegend blank en in Vinexwijken, zoals
Ommoord en Randsteden, wonende jongeren, die vooral óók van
voetbal houden. Het ging mis, goed mis tijdens dit festival.
Het gevolg is stuitend: Dünya en Metropolis betalen de tol voor
de grove fouten die door de politie naar aanleiding van stuitend
Hooligangedrag, zijn gemaakt. Onze Marokaanse burgemeester bleek
geen ‘Rotterdamse Obama’, maar een kortzichtig
politicus, die in een provinciehoofdstad, ergens in het Oosten
van het land, niet zou misstaan, maar in multiculti 010 absoluut
niet thuis hoort.
Geachte dames en heren,
Het duurde even voordat de volle hevigheid van mijn ontsteltenis vorm kreeg, maar vanmorgen nam dat zulke proporties aan, dat ik besloten heb om u hiervan schriftelijk op de hoogte te stellen. Gisterenochtend werd ik op mijn privéadres gebeld door een - op eerste gehoor - alleraardigste jonge dame van de KWF. Zoals een goed telemarketingscript beoogt te doen, peilde zij - dit script volgend - mijn bekendheid met het KWF. Bij de volgende vraag: "Was er bij iemand in mijn omgeving al eens kanker geconstateerd?", kreeg ik al een pukkeltje in mijn nek - immers als volksziekte kent volgens mij iedereen wel iemand met deze ziekte - maar toch beantwoorde ik , naar waarheid, dat ik zelf kankerpatiënt ben geweest. Belangstellend, zoals voorgeschreven en in simulatiegesprekken geoefend, werd verder geďnformeerd of alles goed met me ging - ja wel -, of ik inmiddels genezen was verklaard - ja gelukkig wel - en hoe geweldig fijn deze dame dat wel niet vond.
Vervolgens werd ingegaan op het feit dat de KWF er recent voor had gekozen om in plaats van een collecte op straat of huis-aan-huis, nu een telefonische actie op te starten om donateurs te werven voor met name onderzoek naar geneeswijzen voor kanker bij kinderen. "Had ik kinderen?" - ja - nu dan wist ik als geen ander hoe vreselijk het zou zijn als ook bij mijn nakomelingen deze ziekte zou worden gediagnostiseerd. (tweede pukkel ontstaat in de nekstreek, immers hier kan ik wakker van liggen en dus is het niet prettig als een wildvreemde mij daar in het kader van fondsenwerving nog eens extra mijn neus in wrijft).
Door de pukkelreactie ben ik op mijn hoede geraakt en besluit ik zo snel mogelijk dit gesprek te willen beëindigen. Ik meld daarom dat ik het doel fantastisch vind, de KWF een warm hart toedraag, maar dat ik op dit moment geen ruimte heb om die betrokkenheid in klinkende munt om te zetten. De toon wordt aan de andere kant al iets harder, want donateur worden kan al vanaf € 2,50 per maand en is maandelijks op zegbaar, dus wat bedoel ik nu precies met geen mogelijkheden op dit moment?
Ik volhard edoch in mijn stelligheid zelfs dat niet te kunnen missen, waarop - als klap op de stuitende vuurpijl - de tot feeks getransformeerde telemarketeer - mij toe bijt, dat zij het jammer vind dat juist ik, die al baat heeft gehad bij het onderzoek wat KWF heeft uitgevoerd in het verleden, niet bereid ben om donateur te worden.
Verbouwereerd verbreek ik de verbinding, om vervolgens al microbloggend op Twitter melding te maken van deze apert agressieve actie, die onkies is voor welk doel dan ook, maar zeker voor een charitatief doel. Het KWF moet zich schamen!
Waarom het TV-programma van Peter R. de Vries verboden zou moeten worden
Ik probeer het mij al de hele avond voor te stellen, dat hij met zijn MacBook naar me toekomt lopen en zegt: “Kijk mam, deze volwassen man wil dat ik seksuele dingen met hem doe” en dat ik dan daarop reageer met een telefoontje naar Peter R. de Vries. Dus dat ik mijn zoon gerust stel met de woorden: “Och lieverd, je wilde destijds met Sint al op TV, dus hier maken we wel meteen even een win-win-situatie van.”
Vervolgens betreedt De Vries, compleet met cameraploeg, ons huis. Met zijn onmiskenbare en door merg en been snijdende nasale stem zal De Vries mijn zoon aanwijzingen geven om, vooral terwijl de camera’s draaien – “niet op letten hoor jongen, doe maar net of wij er niet zijn” - op de avances van de pedo in te gaan en te komen tot een afspraak voor een ontmoeting. Onder het mom van: dit is dus exact wat Andy Warhol bedoelde, werken we bereidwillig mee. We staan dus ook liever niet stil bij wat de pedofiel nog meer voor vuiligheid te melden heeft voordat De Vries hem staande houdt en evenmin welke les zoonlief zelf ervan leert: als je op MSN benaderd wordt door een volwassene die je seksueel wil misbruiken, komt niet de politie, maar wel een cameraploeg en ben wel supervet op TV!
Ik kan me er gewoon helemaal niets bij voorstellen, behalve dan dat het programma van Peter R. de Vries deze dwaling in de hand heeft gewerkt. We zijn dusdanig door deze enge, narcistische, op exposure beluste man beďnvloed, dat we zelfs als het onze eigen kinderen betreft, niet de meest logische stap zetten: de politie bellen. Peter, je wordt bedankt!
Ik heb mezelf namelijk een Wii cadeau gedaan. Nadat op 20 april de nicotine definitief uit mijn leven werd verbannen, sloeg de spontane drang tot beweging genadeloos toe. Ik wandelde al weer wat vaker én langer en deed, op de nooit eerder gebruikte Powerplate, onverdroten mee met @Homefitness op Twitter, maar het was nog lang niet genoeg.
De Wii bestelde ik eerst online, maar door lange levertijden week ik uit naar de parallelle import van FutureZone en vanaf donderdag was het dan zo ver: zoonlief en ik – we -werden een Mii en samen Wii. Mijn Mii, ofwel mijn virtuele alter ego, lijkt als 2 druppels water op mij en heeft een Wii-age van slechts 38 jaar, zo bleek uit de eerste test. Dat is natuurlijk vast een marketingfoefje: degene met de hoogste leeftijd die zich ná primaire activering van de console registreert, is waarschijnlijk degene die heeft betaald en dus standaard 11 jaar jonger dan in real life. Cognitieve consonantie heet dat in de marketingboeken en die heb ik wel degelijk gelezen… Maar goed, daags voor je 49ste verjaardag kikker je er, marketingtruc of niet, toch van op!
Als ik mijn Mii met de remote op het Tv-scherm beroer, dan springt ze dartel in het rond of maakt ze een pirouette. Mii-sturberen heb ik dat inmiddels maar genoemd.
Een Mii zijn is leuk, dat is buiten kijf. Als Mii roetsj ik uitstekend, nee zelfs winnend, van de skischans af, óók dus buiten Nieuwjaarsdag om. Als Mii blijk ik elke fantasie te boven gaand ook een uitmuntend tennisspeelster, die iedere tegen-Mii – Deniz of een guest om het even – wel even een poepie van de tennis court laat ruiken, inmiddels steevast gecombineerd met het scanderen van typische sportretoriek, zoals: “Eat mii Grass!”
De golfclinic van een leven geleden werpt ook op de virtuele fairway en green zijn vruchten af, maar in het als keeper koppen van de voetballen, of het in bedienen van de honkbalknuppel en in het boksen, is Deniz’ Mii absoluut mijn Mii’s meerdere. We trainen en oefenen zó gemotiveerd, dat de Wii ons maant tot rust en pauze. Die pauze heb ik maar meteen benut om mijn naam te veranderen in Wii-lma.
Eenmaal thuisbezorgd, bekeek ik het hoesje terwijl ik genoot van de klanken van weleer. Generation Landslide kon ik nog steeds woord voor woord meezingen.
Er stond een uitnodiging op om te e-mailen naar Alice himself. Nu is realiteitszin altijd een van mijn goede eigenschappen geweest, maar met een gedachte van: Yeah, right … besloot ik toch maar een e-mailbericht te sturen, waarschijnlijk ook omdat het aantal mogelijke recipiënten van e-mail in die tijd – en in ieder geval in mijn vrienden- en kennissenkring – nog dun gezaaid was.
Hoe groot was mijn verbazing toen 2 dagen later mijn mailbox werd gevuld met een reply. Alice bedankte me voor mijn bericht (Yeah, right … dacht ik weer), maar in de tweede alinea ging hij over op een aanstaand concert in Amsterdam, waar hij me van harte voor uitnodigde. Of ik even mijn adres wilde toesturen in verband het toesturen van de kaartjes ….
Ik ontving enige weken later de toegangskaarten, voorzien van een backstagepas, waarmee ik op 40-jarige leeftijd mijn idool uit de tijd dat ik nog een brugpieper was, kon ontmoeten. Met de hartelijke handgeschreven groeten van Alice. Het is er, door bezigheden binnenshuis hebbende, uiteindelijk niet van gekomen, maar wat me is bijgebleven, is dat ik op dát moment besefte dat internet onbereikbare mensen bereikbaar maakt.
Ik had deze week een deja vu toen ik, op aandringen van zoonlief, mezelf aanmeldde op www.twitter.com. Aanleiding was de moord en zelfmoord die voor ons flat hadden plaatsgevonden, waardoor Deniz, al fotograferend, naam en faam genereerde bij toestroomde journalisten, zodat er over hem werd ‘getwitterd’. Eenmaal geregistreerd als twitteraar bedacht ik me, dat ik naast Deniz, bijna geen mensen ken die ook twitteren, waardoor het aantal te volgen mensen, die mij ook weer zouden willen volgen, wel erg laag zou blijven.
Als Obama-aanhanger in hart en nieren was ik blij verrast, dat ook hij een te betwitteren was en dus drukte ik onbezonnen op ‘follow’. Hoewel het Alice-kaliber ontbrak, kon ik breed glimlachen bij ontvangst van de e-mail die ik seconden later ontving. Dit bericht had namelijk als onderwerp:
Barack Obama is now following you on Twitter! Yeah, right …
Het is een jongen, die al in de box niets had met een balletje, maar vanaf 3 jaar buitensporig goed kon fotograferen en de computer heeft vanaf zijn 6e levensjaar geen geheimen meer voor hem. Fotografie, websites bouwen en zijn internetradiostation zijn de afgelopen 2 jaar uitgegroeid tot zijn passies. Hij is nu 1 van de 155 brugklassers, maar ik heb er nog niet één thuis ontvangen en hij heeft met niemand na school een activiteit ondernomen.
Op Hyves heeft hij 164 vrienden, op MSN zijn dat er meer dan 200.
Op een van onze moeder-zoon momenten sprak ik hem aan op het gemis van vrienden uit de buurt of uit de nieuwe ruif die het voortgezet onderwijs hem biedt.
Schouder ophalend gaf hij aan, met iedereen op school wel redelijk goed op te kunnen schieten, maar een echte band te hebben met tientallen vrienden en vriendinnen op het internet, waarvan de meesten verspreid in Nederland wonen. Ik kon niet anders, dan op dat moment uitgebreid te retireren over echte vriendschappen, die alleen kunnen ontstaan en worden onderhouden door persoonlijk contact. Zoonlief pareerde het betoog met een doeltreffend tegenargument, want ook ik had talloze internationale ‘penpals’ in mijn puberjaren, met wie ik veel diepgaandere vriendschappen onderhield, dan met mijn klasgenoten of buurmeisjes. Ik heb dierbare herinneringen aan hen én aan de fantastische reizen die ik door deze vriendschappen vanaf mijn 15e zelfstandig mocht gaan maken.
De digitale appel valt dus niet ver van de papieren boom!
Al kijkend naar P&W, afgelopen vrijdagavond, kromden niet alleen door Joran mijn tenen, maar nog veel meer door dat zelfgenoegzame smoelwerk van De Vries, die bovendien met zwakke argumenten (want echt Peter: jongens – en meisjes, met uitzondering van jouw dochter dan - van die leeftijd liegen zeer regelmatig om bestwil) zijn status als ultieme bevrediger van het sensatiezoekend, kortzichtig, Nederlands publiek ten volle onderschreef. Hij zit niet voor niks bij SBS6 natuurlijk ….
Ik ben niet onstabiel en al helemaal niet van de harde maatregelen, maar wel gezegend met het vermogen om me te verplaatsen in anderen. Vanuit die empathie snap ik volkomen waarom Joran tot zijn, beslist onverstandige, beslissing kwam om de inhoud van zijn glas in het gezicht van De Vries te doen laten belanden, die overigens als een volleerde drama-queen daar wel heel kleinzerig mee om ging.
Ik raadpleegde de stemwijzer en mijn persoonlijke voorkeur, tot dan toe gebaseerd op triviale aspecten als charisma, uitstraling en persoonlijkheid, werd onderschreven: Obama is mijn keuze. Jammer alleen dat ik geen Amerikaan ben! Tot twee keer toe was ik serieus van plan om naar de USA te verhuizen. In beide gevallen ben ik ‘ten halve gekeerd’ om niet ‘ten hele te stranden’. Toch is de liefde voor het land, haar ‘way of life’ en haar cultuur gebleven. Elke keer als ik er ben, voel ik me thuis. In New York vooral, maar als ik eerlijk ben, eigenlijk op elke plek die ik tot nu toe bezocht, al moet ik toegeven dat ik de ‘die hard’ conservatieve staten altijd links heb laten liggen, of ik ben er met een noodvaart door heen gereden. Voor het niet (meer) willen vestigen in de USA heb ik me de afgelopen 8 jaar bediend van het – volkomen valide – excuus, dat ik niet kan leven in een land waar Bush democratisch tot leider van dat land werd ge- én herkozen.
Maar een land dat de ‘guts’ heeft om Obama als president te verkiezen, dát land wil ik weer serieus overwegen als mijn thuis, al is een regelmatige en kortstondige status als Manhattanite mij eigenlijk al voldoende ……
Mijn favoriet is beslist Astrix en Obelix en de Britten.
De geestige vertalingen in de dialogen – want als je me nou ergens om 4 uur ‘s nacht voor wakker kan maken – dan zijn het spitsvondige dialogen, waarmee de ridicule manier van spreken der Britten op onnavolgbare wijze wordt blootgelegd is subliem, is het niet?
De meest koddige direct uit het Engels vertaalde uitdrukking is en blijft toch wel: Ik vraag uw pardon.
Sinds het 8 uur journaal van 4 december blijven die vier woorden: Ik vraag uw pardon als een glimlach genererende mantra steeds in mijn gedachten. De aanleiding is het nieuws over een asielzoekster, die sinds het uitvoeren van de pardonregeling een legale status heeft verworven en nu baan heeft als tandartsassistente. Dat viel niet mee, niet voor haar, maar ook voor vele anderen ‘gepardoneerden’.
Het woord is zo nieuw, dat Bill Gates er ‘as I type’ maar een rood golfje onder plaatst. Net als onder zijn eigen naam trouwens, maar dat is een ander verhaal.
Ik huldig absoluut geen Wilderiaans standpunt, au contraire zelfs, en Verdonkeriaans is voor mij als vloeken in de kerk. Toch is een dergelijk nieuwsbericht koren op de molen van deze populisten én hun nog onnozelere aanhangers. Stel je voor: politiek links maakt een vuist al voor de formatie van dit huidige kabinet vóór een generaal pardon en krijgt het voor elkaar. Deze illegaal in Nederland verblijvende mensen of nog niet uitgeprocedeerde asielzoekers verdienen een legale status, want zo luidde het betoog toch: men is geďntegreerd, door hun jarenlang verblijf spreekt men Nederlands. Zij functioneren al in de maatschappij door middel van – illegaal wellicht, maar toch – het hebben van werk, hun kinderen zijn hier geboren.
Nu wordt in het nieuws verkondigd dat het vinden van een baan, juist voor de groep ‘gepardoneerden’ niet mee valt, wegens taalachterstand en gebrek maatschappelijke ervaring! Wie blaast wat nu op?, vraag ik me dan meteen af. Een mooi onderwerp voor Felix Meurders’ programma ‘De leugen regeert’, lijkt me. Want menig populistontvankelijke medeburger eist nu – door dit gechargeerde bericht, zijn gelijk en een nieuw vooroordeel, gepardoneerden werken niet, is geboren.
Gelukkig blijft het niet alleen bij een nieuw vooroordeel. Ook de Nederlandse taal is een werkwoord en een daarvan afgeleid zelfstandig naamwoord rijker. Nieuwe zinnen larderen een hedendaags dictee:
De gepardoneerde solliciteerde naar een baan als tandarts assistente.
Wij pardoneerden duizenden illegale inwoners van Nederland.
Daarmee vormt de groep gepardoneerden een nieuwe minderheid in ons land.
Ik leef, want ik pardoneer….
hoe dan ook het doet mij denken aan ‘Ik vraag uw pardon’, en ik glimlach.
Maar goed nu ben ik toch al weer anderhalf jaar single en net als vorig jaar december ben ik me dat dus nu meer bewust dan in de overige maanden van het jaar. Dat komt door reclame-uitingen die in deze tijd van het jaar qua sfeerbeeld zijn aangepast. Geen campagnebeeld verschijnt in de media, of het nu over bonbons of shampoo (!) gaat, zonder de warmte van een innig verliefde man en vrouw en hun relatie is absoluut harmonieus te noemen. Formats van TV-programma’s doen daar nog een schepje bovenop, met pay-offs als: want niemand mag met kerst alleen zijn.
Natuurlijk biedt het normale leven een genuanceerder beeld. Zo wist 6 jaar geleden mijn enorm geestige echtscheidingsadvocaat te vertellen, dat juist eind november/begin december de instroom van nieuwe echtscheidingen in zijn praktijk een absoluut hoogtepunt bereikte. Het waren vooral vrouwen die zich dan tot hem richtten, omdat zij het niet nóg een keer konden opbrengen om tijdens de feestdagen het toneelstuk van ‘gelukkig getrouwd echtpaar’ op te voeren. Overigens had deze onvergetelijke raadsman nog een moment van verhoogde instroom: in mei van elk jaar. Dan waren het vooral de heren die een scheiding in gang zetten. 'Die willen op het strand ook wel weer eens met een mooie vrouw paraderen', voegde hij er gniffelend op een onmiskenbaar nichterig toontje aan toe.
Een van mijn dierbaren, nog jong en eigenlijk pas voor het eerst verwikkeld in een serieuze relatie, kijkt de laatste tijd niet meer zo vrolijk. Desgevraagd barst een kanonnade van teleurstellingen over het hebben van een relatie los. Je hoeft geen relatietherapeut te zijn om te kunnen concluderen dat de spreekwoordelijke roze wolk om haar hoofd is verdwenen.
Ik meende, als ervaringskundige, troostende woorden te moeten spreken: “In geen enkele relatie is het alle dagen feest. Sterker: relationele feestdagen zijn net als de kalenderfeestdagen op één hand te tellen”.
Ben ik dan van mening dat het leven van een single wél alle dagen feest is? Nee hoor, alhoewel ik het prima naar mijn zin heb, zal ik de laatste zijn die zal ontkennen dat het samen met een partner toch leuker is. Nu moet ik me alleen nog door die partner laten vinden ….
Persoonlijk vind ik het een zegen om zonder strippenkaart te reizen. Ik reis niet vaak met het openbaar vervoer binnen Rotterdam. Ik woon gunstig ten opzichte van het centrum en mijn werkgever verschafte me een parkeervergunning om in de directe omgeving van de Wijnhaven mijn auto – ook in het weekend – te parkeren, die ik als primaire arbeidsvoorwaarde koester. Dus die weinige keren, dat ik in de tram of metro stap, heb ik geen enkel benul van zones of aantal strippen. De OV-chipkaart leg ik eenvoudigweg op een scanner en als ik uitstap ook. De RET berekent vervolgens hoeveel zones ik in hoeveel tijd heb bereisd en klaar is Kees. Ik snap de commotie omtrent invoering dus totaal niet.
Correctie… ik snap het sinds deze week wél, maar waarschijnlijk om een geheel andere reden dan de meeste klagers.
Mijn zoon reist sinds 1 september structureel met het openbaar vervoer, nu hij de naburige basisschool heeft ingeruild voor Tweetalig HAVO/VWO in Blijdorp (de wijk, niet de dierentuin). Het werd dus tijd om zijn gepersonaliseerde OV-chipkaart te voorzien van een jaarabonnement. Toen we de kaart ruim een jaar geleden aanschafte diende deze slechts, tenenkrommend, om zich te identificeren als hij alleen reisde, aangezien menig treinconducteur niet overtuigd bleek van zijn reductietariefwaardige leeftijd.
Elk begin is moeilijk, dus ook hij stapte pardoes op zijn derde schooldag in de verkeerde tram, die hem uit de zone of stergebied zoals dat in RET-jargon heet, waarin zijn abonnement geldig is, bracht. Vervolgens bleek de kaart eigenaardige piepgeluiden voort te brengen. Het werd dus hoog tijd voor en bezoek aan het RET-informatiepunt.
Daar aangekomen bleek het probleem op zich binnen 3 minuten opgelost te kunnen worden. Tot zover was ik dus nog steeds onverminderd positief over de OV-chipkaart, maar toen gebeurde het: de bijzonder klantvriendelijke dame achter het loket lachte allerhartelijkst toen ze me in vertrouwen nam en voorstelde de kaart uit te lezen, daar vervolgens een printje van te maken en deze mij presenteerde met de woorden: “We kunnen de OV-chipkaart uitlezen,waardoor we de hele reisgeschiedenis van uw zoon in kaart brengen. Zo weten we precies waar en wanneer hij was”.
De rode pukkeltjes kwamen op in mijn nek, rillingen maakten zich van mijn rug meester. Ik ben fel tegen die hele identificatieplicht en de controlegeilheid van Balkenende, Klink en Rouvoet doen mij dagelijks serieus mijmeren over emigratie naar een ander land.
In alle publiciteit over de OV-chipkaart heb ik dít niet gelezen. Als straks iedereen, nationaal, in het bezit is van een OV-chipkaart, is het reisgedrag van iedereen dus binnen luttele minuten te achterhalen, als kassabon uit te draaien en God mag weten aan wie te presenteren.
Een aardig onderwerp voor de rubriek: Wist u dat …?, dacht ik zo ….


