
In 1980 won Czeslaw Milosz de Nobel Prijs voor de literatuur.
Hij heeft een gedicht geschreven waar ik mee wil afsluiten.
Afi Seikler is een mooie periode geweest.
Ze gaat weer verder, einfach immer weiter...
Een geschenk
Zo'n gelukkige dag.
De mist was vroeg gezakt, ik werkte in de tuin.
De kolibries stonden stil boven de bloeiende kamperfoelie.
Er was geen ding op aarde dat ik zou willen hebben.
Ik kende niemand die het benijden waard was.
Wat aan kwaad was geschied, had ik vergeten.
Ik schaamde me niet bij de gedachte dat ik was wie ik ben.
Ik voelde nergens in mijn lichaam pijn.
Toen ik mij oprichtte, zag ik de blauwe zee en
zeilen.
Gift
A day so happy.
Fog lifted early. I worked in the garden.
Hummingbirds were stopping over the honeysuckle flowers.
There was no thing on earth I wanted to possess.
I knew no one worth my envying him.
Whatever evil I had suffered, I forgot.
To think that once I was the same man did not embarrass
me.
In my body I felt no pain.
When straightening up, I saw blue sea and sails.
vertaling: Gerard Rasch
Dar
Dzien taki szczesliwy.
Mgla opadla wczesnie, pracowalein w ogrodzie.
Kolibry przystawaly nad kwiatem kaprifolium.
Nie bylo na ziemi rzeczy, która chcialbym miec
Nie zualem nikogo, komu warto byloby zazdroscic.
Co przydarzylo sie zlego, zapamnialem.
Nie wstydzulem sie myslec, ze bylem kim jestem
Nie czulem w ciele zadnego bólu.
Prostujac sie widzialem niebieskie morze i zagle.
Czeslaw Milosz
(1911-2004)

Het was mij een waar genoegen, ik heb van het begin tot het eind genoten...
Voor iedereen een hartelijke (slot) groet van Afi
.
I like it out here
in the woods
all day, alone,
with just my
equipment
and these trees.
And, God knows,
making firewood
sure beats
making money.
David Budbill

David Budbill werd geboren in Cleveland, Ohio, in 1940 zoon van een tram bestuurder en een ministersdochter.
Hij schreef zeven gedichtbundels, acht toneelstukken en een roman, een verzameling korte verhalen, een prentenboek voor kinderen, tientallen essays, inleidingen, toespraken en boekbesprekingen, het libretto voor een opera...
en hij is performance dichter op twee cd's.
Making Firewood komt in een bundel te staan, die pas in 2011 uitkomt!
.
Kom... zit even bij me.
Doe maar, het kan best.
Kom dan...
We drinken wat en luisteren wat naar mooie muziek.
Kom maar, dan lees ik je een gaaf gedicht van Buddingh voor.
Luister dan, kom
dan...
een stoel, waar net iemand in
gezeten,
een vriend, een vriend van buiten de stad vooral: theo
of gerard, die bij je gezeten heeft en in
die stoel zitten drinken, roken en praten, die nu
weer weg is (lopend of met een taxi naar
het station) - zo'n stoel, denk je dan, is toch minder
leeg dan een stoel in een meubelwinkel of op
een veiling - onzin, natuurlijk; hij is
even leeg (weet je ook wel), maar met
zulke leegte vul je je leven
Cees Buddingh' (1918-1985)
.
.
Ik ben een tijd weggeweest.
Maar nu kom ik weer eens een bijzonder gedicht plaatsen van een bijzondere dichter.
De laatste tijd lees ik iets meer Engels-talige gedichten en op zoek naar een nieuw onderwerp kwam ik Bruce Taylor tegen.
Een Amerikaanse dichter, die zeven bundels heeft geschreven.
Nu Professor Emeritus aan de Universiteit van Wisconsin Eau-Claire.
Stoppen wil hij niet. Ook niet met dichten...
Hier is het gedicht, waar ik vandaag op viel:
A Whole
Day
with nothing to do
so that’s what we do with it
morning hazy fog banking in
huffy gulls pacing the flats
a book not good but thick
untroubled on our lap
letters we mean to write
unwritten again and again
until the last of the mist burns
off into afternoon so we let it
plenty of time for too much
coffee and cigarettes until
the belly feels like lunch
so it’s yesterday’s daily bread
and a small handful of beans
ripened in the sunny garden
we wish to sleep so
sleep comes and goes lightly
as waking shadows crawl
towards a late supper
of ripening peach and pear
cheese we forgot we still had
and tea we thought we ought
to have saved for tomorrow.

Lechajiem van Afi...
GLENIS REDMOND
glenis redmond, hats, one passionate soul, african-american heritage, dance sing weep and laugh
Deze mooie vrouw kennen jullie misschien niet.
Maar na vandaag gaat dat veranderen...
Dit is:
G L E N I S R E D M O N D
Zo... hier kun je niet omheen.
Glenis Redmond is dichter, leraar, performer,
en counselor.
Zij presenteert haar gedichten in performances. Dat maakt het moeilijk om ze op papier te zetten.
Maar ik doe het toch en
vertalen... helaas, daar begin ik dit keer niet aan. HATS, het
gedicht, is gewoon onvertaalbaar. Bovendien ben ik geen echte
vertaler.
(Je kunt een gedeelte van het gedicht meelezen door op Glenis Redmond Live in Performance 2008 hier rechts in de infobalk te klikken...)
Hats
Sistahs have always been able to
style in hats.
You know they got it going on.
Those women can wear hats from dust ‘til dawn.
You’ve got to be bold and have snap to sport a hat.
You’ve got to have it and know where it
is at.
You’ve got to stop and cock it to the side.
Check them out and continue with your stride.
Profile it. Style it.
Then let them wow it.
Tilt it, lean it, or wear it straight in place.
A well worn hat is a symbol of grace.
You have heard people say it. I have too.
“Oh, she can wear a hat.
She sho’ ’nough knows what to do.”
Oh, a hat can get those oohs and aahs.
If it is totally bad, it gets applause.
Some hats are so bad, they are just bad to the bone.
People stop and say, “that girl has got it going
on.”
Or say “You just go girl, you just go on, girl,
‘cause with that hat you’re the finest thang in the
world.”
HATS
HATS
HATS
Big ones, tall ones, small ones,
fruity ones,
pointy ones, veiled ones, flowered ones
sporty ones,
polka-dot ones,
plain ones,
and kufis too!
Lean it,
cock it,
style it,
profile it,
tilt it,
tip it,
check it,
sport it.
HATS
HATS
HATS
Do you dare to wear?
How do you fare?
Do you want to be bad to the bone?
Then, get you a hat and get it going on!
Glenis Redmond
Jayne Ferrer:
"I met Glenis when I first moved to Greenville, years ago, when we were both trying to juggle poetry and parenthood. It's been fun watching her flourish! This was one of the first poems (Hats) that I watched her perform and, I must say, it's only half as much fun on the page as when she's strutting it around stage. If Glenis is ever in your town, don't miss her!"
Glenis Redmond heeft inmiddels twee CD´s uitgegeven:
Glenis on poetry
Monumental
Meer weten?
Klik dan op:http://www.glenisredmondstore.com/index.html
En dit tijdschrift zou ik hier ook wel willen lezen:
II mmmmmmet Glenis when I first moved to Greenville years ago, when wIe were both trying to juggle poetry and paI met GI metle first moved to Greenville years ago, when we were both trying to juggle poetry and parenthood. It's been fun watching her flourish! This one of the first poems I heard her perform and, I must say, it's only half as much fun on the page as when she's strutting it around onstage. If Glenis is ever in your town, don't miss her!,,,,,enthood. It's been fun watching her flourish! This was one of the first poems I heard her perform and, I must say, it's only half as much fun on the page as when she's strutting it around oGlenis is ever in your town, don't miss her!
met Glenis when I first moved to Greenville years ago, when we were both trying to juggle poetry and parenthood. It's been fun watching her flourish! This was one of the first poems II met Glenis when I first moved to Greenville years ago, when we were both trying to juggle poetry and parenthood. It's been fun watching her flourish! This was one of the first poems I heard her perform and, I must say, it's only half as much fun on the page as when she's strutting it around onstage. If Glenis is ever in your town, don't miss her! heard her perform and, I must say, it's only hahe page as when she's strutting it around onstage. If Glenis is ever in your town, don't miss her!
De naam alleen al: Frederik van Eeden...
Ik spreek hem langzaam uit: Fre-de-rik
Wat een mooie ouderwetse
naam...
Hier een gedicht van hem, dat de laatste tijd veel door mijn hoofd reist.
Als ik langs mijn grachtje richting duinen fiets, dan kom ik ze tegen.
De waterlelies.
Ze liggen daar zo mooi op het wateroppervlak.
En ze hoeven niet meer.
De waterlelie
Ik heb de witte water-lelie lief,
daar die zoo blank is en zoo stil haar kroon
uitplooit in 't licht.
Rijzend uit donker-koelen vijvergrond,
heeft zij het licht gevonden en ontsloot
toen blij het gouden hart.
Nu rust zij peinzend op het watervlak
en wenscht niet meer...
Uit: Van de Passielooze Lelie (1901)
.jpg)
Eens hoorde ik in een klein theater een klein koor.
Het zong De Waterlelie... "Ik heb de witte water-lelie lief..."
Ik werd erdoor getroffen en heb ademloos zitten luisteren.
De eenvoud van de melodie, geschreven door Herman Strategier.
Vier stemmen.
(foto's: Marlou
Witzel)
POËZIE IN WESTER-AMSTEL (2)
poëzie, huis aan de rivier, stijni stoeckart, wester-amstel
Tijdens mijn fietstocht van Amsterdam naar de Waver kwam ik op de terugweg bij Wester-Amstel, een prachtig buiten uit 1662 aan de Amstel.
Je mag daar zomaar naar binnen, kost niets, en je mag daar net zo lang als je wilt rond dwalen of zitten of een beetje in het gras liggen. Wat je maar wilt.
Je kunt dan een beetje mijmeren hoe het hier vroeger geweest is. Met dames in lange ruischende rokken. Heren met Hooge Hoed. En misschien liepen er wel kindertjes rond al spelend met een hoepel.
Een dichter werd uitgenodigd om zijn poëtische geluiden te laten horen.
De calèche werd voorgereden om de voorname luiden naar de hoofdstad te rijden in het theater, waar ze plaats namen in de loge.
Ik zie het helemaal voor me.
Ik vind het dan ook geweldig, dat zo'n buiten nu, anno 2009 opengesteld is voor publiek en dat er van alles gedaan wordt.
In het hoofdgebouw zijn exposities. Er is een beeldentuin. Er zijn sier- en nutstuinen en ook scharrelen er mooie kippen rond van het Noord-Hollandse Blauwe ras.
Enfin, ik begin weer uit te wijden en dat is niet echt de bedoeling.
De bedoeling is weer een gedicht onder de aandacht te brengen dat ik in die tuin tegenkwam.
Stijni Stoeckart is de maker van het volgende gedicht:
WESTER-AMSTEL
Het huis lijkt oud.
Aan alle kanten licht,
aan alle kanten bomen.
Mijn kleren passen niet.
Ik hoor in kant te gaan,
het hangt hier voor het grijpen.
De dijk, te smal, is toch zichzelf gebleven.
In bochten kronkelend zijn weg.
De bomen vol verhalen, groene blijheid.
Als ik goed luister is het samenspel.
Te veel voor slechts een zondagmiddag
en morgen is dichtbij.
De zware poort doe ik op slot,
de sleutel is van mij.
uit: huis aan de rivier

De foto's heb ik op internet gevonden bij Head of the River
Daar kun je nog meer foto's zien van onze prachtige Amstel.
Zo! En nu ga ik op vakantie.
Ik ga er lekker een paar weken tussenuit.
De hort op. De paden op. De lanen in.
Tot later! Groet van Afi
Al fietsend langs de Amstel van Ouderkerk naar Amsterdam kom je langs Buitenplaats Wester-Amstel.
Het is een schitterend 17de eeuws gebouw, mooi gerestaureerd en gelegen in prachtig, groot park.
Vanaf mei tot oktober kun je daar lekker een beetje rondbanjeren. Genieten van beelden, die er geplaatst zijn.
Linde- en kastanjelanen, waterpartijen.
Bankjes, waar je in de schaduw kunt zitten met een wijntje.
En gisteren ontdekte ik er een pad, waarlangs gedichten te lezen zijn.
De gedichten zijn van Jan Nooij en van Stijni Stoeckart.
Bijna allemaal de moeite waard om even bij stil te staan.
Hier een van de gedichten van Jan Nooij:
Vrouwenmantel
Zacht groengrijze sprookjesplant
juwelier van de ochtendstond
waar de; tijdens het mistig nachtconcert
steels gestolen juwelen
liggen te pronken op het fluwelen blad
voorzichtig beroerd door de eerste zonne-
stralen
in een zetting van vouwen en kartels
zullen ze bij de geringste aanraking
in een schittering van licht verdwijnen:
als kwikzilveren parels wegrollen
om in de zwarte aarde als nectar
de gulzige wortelmondjes te laven

Ik vind de vrouwenmantel zo'n mooie plant, vooral 's ochtends met die dauwdruppels op de bladeren. Dus dit gedicht van Jan Nooij sprak me meteen aan.
Volgende keer een van de gedichten van de andere dichter in de Beeldentuin Wester Amstel.
Van het project Laurens Jz. Coster ontvang ik iedere dag
een gedicht van Nederlandse bodem.
Het is een vrijwilligersprojekt, dat gedichten uitzoekt
en opstuurt naar wie dat wil.
Gisteren kreeg ik een gedicht van:
Bernard van Meurs (1835-1925)

'k Heb iets ien mien wâ 'k nie verklaor:
Een minsenhart duut soms zoo raor!
Ik wil 'en ding vandaog
Dolgraog;
En hê 'k 'et, dan zal binnen 't jaor
Dâ ding zoo zuutjes aon
Mien hart gaon tegenstaon.
Een minsenhart duut soms zoo raor!
Ens wou 'k dolgraog 'en vlukske haor -
Te zeggen hoef ik nie
Van wie -
Zij gaf 'et mien; ik lei 't, zoo waor,
Op 't hart. Was dâ nie gek,
Zoo'n ding hier op die plek?...
Een minsenhart duut soms zoo raor!
Maor kiek! 'en half jaor zin we 'en paor,
En 't vlukske leit verbrand
Op 't land.
Ien de aovendpap viend ik van haor
Één haor...ik brom: 'foei wief!'
En 't hart dreit m'um ien 't lief.
uit: Kriekende kriekske (1879)
Over Bernard van Meurs schreef C. Honingh het volgende:
De heer Van Meurs schreef alleen gedichten in den
Betuwschen tongval.
Het best voldoet de heer Van Meurs in zijne
luimige vertellingen;
daarvoor heeft hij een bijzonder talent.
Uitstekend van vorm geven zij in aanschouwelijke
teekenachtige voorstelling het bewijs,
dat de dichter 'Land und Leute' heeft bestudeerd;
hij kent hunne taal zoowel als hunne zeden en
vele vertellingen maken den indruk,
alsof hij ze uit den mond van het volk had opgeschreven.
Mooi is dat, dat echte oude Nederlands.
't Hoeft van mij niet terug te komen, maar gewoon mooi
Nederlands klinkt toch als muziek in de oren?
Ja, ik kan het niet helpen, maar ik kom nog even terug op de eenvoud van Issa.
Zoals ik al eens geschreven heb: dagelijks krijg ik een "ISSA" .
Ik zet het gedichtje meteen in een map en later lees ik het weer en denk er die dag een beetje over na. Probeer het uit mijn hoofd te leren.
Helaas krijg ik ze in het Engels toegestuurd.
De spelregels van de haiku gaan daar niet meer geheel en al op.
Dus lettergrepen tellen... vergeet het maar.
Maar so what. Ik geniet er toch van...
Hier zijn een paar kleine juweeltjes van de "Daily Issa":
plum blossom scent--
I tell you spring
is a night thing
sniffling I take
another sake break...
sweeping soot
taking a dip
in the creek's bath water...
little butterfly
Issa is mijn favoriete Haiku-dichter.
De eenvoud van de gedichten spreekt me aan.
Het "Less is more"-principe.
Eenvoud.
Rust.
Hè hè, ik ben weer
binnen.... De oude deur is hersteld.
Dat heeft even geduurd, maar
compliment voor de bouwers!
Ik moet nog wel wennen aan de nieuwe indeling.
De kleuren. Het
uiterlijk....
Maar, dat gaat lukken.
Dat weet ik nu al.
Nu de draad weer op zien te pikken.
Dat is natuurlijk zo gedaan.
Ik weet allen nog niet hoe!
Allemaal weer succes gewenst en ....
doe een beetje aardig voor elkaar.
Iedereen verdient dat!
Groet van Afi en ik ga meteen aan de slag...
Kijk eens.... mooi opgeknapt.
(Foto's: Henry
Kloostra)
(Sakura = kersenbloesem)
Mijn moeder gaf mij jaren geleden, op 12 mei toen ik 13 werd, een klein juweeltje:
"Ihr gelben Chrysanthemen" ("jullie gele chrysanten")
In dit kleine boekje staan allemaal schitterende parels: Japanse Haiku, vertaald in het Duits.
Een haiku is een 3 regelig gedicht volgens een bepaalde methode gemaakt:
de eerste regel: 5 lettergrepen; de tweede regel 7 lettergrepen en de derde regel weer 5 lettergrepen.
In mijn boekje klopt daar niets van door de vertalingen)
Het meeste houdt ik van Kobayasha Issa, die ik toen meteen al waardeerde door dit fijne:
Fröschchen
Ängstliches Fröschchen
sei nicht bange!
Ich bin's: Issa!
En nog steeds als ik een kikkertje zie, dan denk ik:
Kom, kleine kikker
je hoeft niet bang te zijn, hoor!
Ik ben het: Afi!

Kobayashi Issa werd geboren in 1763 in de bergen van Shinano en overleed in 1828.
Zijn echte achternaam was Yatarô. Maar hij koos voor: Issa. (= kopje thee)
Als je van Haiku houdt en meer van Issa wilt lezen kun je je abonneren op Issa-a-day. Elke dag een pareltje van de hand van de meester.

In mijn haiku-bundeltje staan verder nog haiku van Bashô en Buson .
Dit vind ik een mooie van Buson (1716-1783) :
Frühlingsregen
Frühlingsregen!
Ein Mantel und ein Regenschirm
lustwandeln auf der Strasse
(Voorjaarsregen!
Een jas en een paraplu
huppelen op de straat)
En tot slot een haiku van Matsuo Bashô (1644-1694):
Sonnenblumen im Regenschauer
Ach Sonnenblumen,
's ist nur ein Regenschauer!
Wartet und bleibet zur Sonne geneigt!
(Ach zonnebloemen,
het is maar een regenbui!
Wacht en blijf naar de zon toe staan!)

( Ejiri door Katsushika Hokusai 1760-1849 )
En terwijl je lekker ligt te genieten lees ik je drie gedichten voor in drie talen:
Le Chat
Viens, mon beau chat, sur mon coeur amoureux;
Retiens les griffes de ta patte,
Et laisse-moi plonger dans tes beaux yeux,
Mêlés de métal et d'agate. Lorsque mes doigts caressent à loisir
Ta tête et ton dos élastique,
Et que ma main s'enivre du plaisir
De palper ton corps électrique, Je vois ma femme en esprit. Son regard,
Comme le tien, aimable bête
Profond et froid, coupe et fend comme un dard, Et, des pieds jusques à la tête,
Un air subtil, un dangereux parfum
Nagent autour de son corps brun.
Charles Baudelaire (1821- 1867)

Schwarze Katze
Ein Gespenst ist noch wie eine Stelle,
dran dein Blick mit einem Klange stößt;
aber da, an diesem schwarzen Felle
wird dein stärkstes Schauen aufgelöst:
wie ein Tobender, wenn er in vollster
Raserei ins Schwarze stampft,
jählings am benehmenden Gepolster
einer Zelle aufhört und verdampft.
Alle Blicke, die sie jemals trafen,
scheint sie also an sich zu verhehlen,
um darüber drohend und verdrossen
zuzuschauern und damit zu schlafen.
Doch auf einmal kehrt sie, wie geweckt,
ihr Gesicht und mitten in das deine:
und da triffst du deinen Blick im geelen
Amber ihrer runden Augensteine
unerwartet wieder: eingeschlossen
wie ein ausgestorbenes Insekt.
Rainer Maria Rilke (1875 - 1926)

The Cat That Walked by Himself
"He will kill mice, and he will be kind to babies when he is in the house, just as long as they do not pull his tail too hard. But when he has done that, and between times, and when the moon gets up and night comes, he is the Cat that walks by himself, and all places are alike to him. Then he goes out to the Wet Wild Woods or up the Wet Wild Trees or on the Wet Wild Roofs, waving his wild tail and walking by his wild lone."
Rudyard Kipling (1865-1936)
Met een welgemeend en hartelijk "Miauw" van Afi....
Meestal zet ik hier korte gedichten. Meestal vertaal ik ze ook, als ze in een andere taal geschreven zijn.
Maar nu heb ik een mooi, lang gedicht gevonden. En ik vertaal het niet.
Het gedicht is van Henry Lawson. Een Australische dichter, die het eind 1800 schreef.
Toen hij in 1922 overleed, stonden er duizenden mensen langs de route van de rouwauto voor "The Poet of the People".
Dit is Henry Lawson:

En dit is het gedicht:
AFTER ALL
The brooding ghosts of Australian night have gone from the bush and town;
My spirit revives in the morning breeze,
though it died when the sun went down;
The river is high and the stream is strong,
and the grass is green and tall,
And I fain would think that this world of ours is a good world after all.
The light of passion in dreamy eyes, and a page of truth well read,
The glorious thrill in a heart grown cold of the spirit I thought was dead,
A song that goes to a comrade's heart, and a tear of pride let fall --
And my soul is strong! and the world to me is a grand world after all!
Let our enemies go by their old dull tracks,
and theirs be the fault or shame
(The man is bitter against the world who has only himself to blame) ;
Let the darkest side of the past be dark, and only the good recall;
For I must believe that the world, my dear, is a kind world after all.
It well may be that I saw too plain, and it may be I was blind;
But I'll keep my face to the dawning light,
though the devil may stand behind!
Though the devil may stand behind my back, I'll not see his shadow fall,
But read the signs in the morning stars of a good world after all.
Rest, for your eyes are weary, girl -- you have driven the worst away --
The ghost of the man that I might have been is gone from my heart to-day;
We'll live for life and the best it brings till our twilight shadows fall;
My heart grows brave, and the world, my girl, is a good world after all.
Henry Lawson 1867-1922

De herhalingen aan het einde van de verzen vind ik mooi:
is a good world after all
is a grand world after all
is a kind world after all
is a good world after all
Dat spreekt me aan, omdat ik vind dat iedereen zich wel eens wat positiever over de wereld mag uiten. Waar je je aandacht op vestigt, dat groeit. Vestig je aandacht op een betere wereld.
Dat is wat ik zou willen.

Henry Lawson's pen...

King of the Bush.
Elke keer als we op vakantie naar de bergen gaan bezoeken we aan het einde van onze eerste wandeling in een klein dorpje het graf van een voor ons totaal onbekende persoon.
We gaan er naar toe vanwege "het" gedicht.
We kijken of "het" gedicht er nog is. En dan maken we er een foto van.
Waarschijnlijk heb ik er nu een stuk of 12.
Het staat op een deurtje, dat je open kunt doen en dan...
Vorige week waren we er weer.
Helaas zijn de woorden van het gedicht niet meer goed te lezen. De letters moeten nodig bijgewerkt worden. Hoewel, waarom eigenlijk? Ik kan de tekst wel dromen.
Het gedicht is van Goethe. Hij schreef het in 1783 toen hij voor de 28ste keer in de llmenauer bergen was.
Hij noemde het: Wanderers Nachtlied.
Über allen Gipfeln
Ist Ruh'
In allen Wipfeln
Spürest Du
Kaum einen Hauch;
Die Vögelein schweigen im Walde
Warte nur, balde
Ruhest Du auch.
(Over alle bergtoppen heerst rust.
In alle hoekjes bespeur je nauwelijks een zuchtje.
De vogels zwijgen in het bos.
Wacht maar, binnenkort rust je ook)
(Goethe
1749-1832) In 1815, slechts 18 jaar oud, schreef Franz Schubert er een wonderbare langzame melodie bij en ontstond een prachtig lied. Onder andere mooi en gedragen gezongen door Dietrich Fischer Dieskau.
Daar kon ik geen filmpje van vinden, maar wel een vertolking van Matthias Goerne.
Ik luister al heel lang naar de liederen van Schubert: de liederencyclus van "Die schöne Müllerin" of de liederen van "Die Winterreise".
Dit ene lied heeft een speciaal plekje in me. Vooral door het deurtje op het graf van Robert Lindner.
Onbekende man in de bergen...
(Franz Schubert
1797- 1828)
Mijn favoriete dichter is Rutger Kopland. Zijn naam is een pseudoniem. Hij heet Rutger van de Hoofdakker. Hij is psychiater en dichter. Geboren in 1934.
Eén van zijn mooiste gedichten vind ik:
Jonge sla
Alles kan ik verdragen,
het verdorren van bonen,
stervende bloemen, het hoekje
aardappelen, kan ik met droge ogen
zien rooien, daar ben ik
werkelijk hard in.
Maar jonge sla in september,
net geplant, slap nog,
in vochtige bedjes, nee.
(uit: Alles op de fiets)
Zo mooi en opkomend voor het kwetsbare. Ik houd van de eenvoud, waarmee het geschreven is...

Het volgende gedicht kwam ik tegen tijdens een wandeling. Ik zag het achter een raam hangen, een soort van gordijn-gedicht. Ik heb het toen meteen overgeschreven en sinds die tijd zit het in mijn agenda. Ik lees het regelmatig of laat het lezen:
Wandeling
Onze gesprekken werden langzaam
onze vragen beantwoordden we met kijken
naar de langzame wereld om ons heen
de dorpen en landerijen in de diepte
de vogels bijna verdwijnend in de hemel
we gingen zitten kijken naar deze prachtige
onverschilligheid van de wereld
naar de overbodigheid van onze vragen
(uit: Toen ik dit zag)

Mooi is het dit gedicht in zijn handschrift..
En tot slot, een schoonheid. Hier krijg ik een brok van in mijn keel...
Zo puur en vol liefde geschreven:
ONDER DE APPELBOOM
Ik kwam thuis, het was
een uur of acht en zeldzaam
zacht voor de tijd van het jaar,
de tuinbank stond klaar
onder de appelboom ik ging zitten en ik zat
te kijken hoe de buurman
in zijn tuin nog aan het spitten
was, de nacht kwam uit de aarde
een blauwer wordend licht hing
in de appelboom toen werd het langzaam weer te mooi
om waar te zijn, de dingen
van de dag verdwenen voor de geur
van hooi, er lag weer speelgoed
in het gras en verweg in het huis
lachten de kinderen in het bad
tot waar ik zat, tot
onder de appelboom en later hoorde ik de vleugels
van ganzen in de hemel
hoorde ik hoe stil en leeg
het aan het worden was gelukkig kwam er iemand naast mij
zitten, om precies te zijn jij
was het die naast mij kwam
onder de appelboom, zeldzaam
zacht en dichtbij
voor onze leeftijd.
(Uit: Onder het vee)
Er was weinig geld in die tijd, maar er werd altijd gespaard voor mooie dingen.
Mijn moeder inspireerde ons daarin met name. Zij had een gave: de gave van het overbrengen van liefde voor kunst en poëzie.
Van mijn ouders heb ik onder andere twee prachtige boeken geërfd.
Kostbare schitterende boeken met het verzameld werk van Paul van Ostaijen.
In het eerste boek staan:
Music-Hall
Het Sienjaal
De Feesten van Angst en Pijn
En in het tweede boek, met opdracht aan Mijnheer Zoënzo:
Bezette Stad
Nagelaten gedichten
Vooral het tweede boek is bijzonder met de manier waarop hij zijn gedichten noteerde.
Ik kan dat hier niet eens nadoen.
Ik kan wel een gedicht opschrijven, maar zoals hij dat deed...Met vreemde inspringingen en gaten er in. Wonderlijk, alsof je een sprookjeswereld binnenstapt.
Af en toe blader ik voorzichtig in mijn schatten. Net als Boudewijn Büch zou ik er eigenlijk witte handschoentjes bij aan moeten trekken.
Leg uw hoofd zo in mijn arm
dat van uw voorhoofd naar uw mond mijn blik schuive
over de kam van uw neus
Leg uw hoofd zo
ik leg op uw mond mijn hand
wees rust

Wiegeliedje voor de geliefde
Dat trage zich toevouwen je oogleden,
te dragen het loom fluweel van onze nacht.
Onze dag is geweest als bange blanke vazen, die waren blij
de bloemen van ons liefdespel te scharen rei aan rei.
Nu zal je slapen, mijn teergeliefde kind,
want morgen moet je de ogen openen: 'n zeer fris blad dat beeft in morgenwind.
Nu zal je slapen, mijn zachte kind, in de kuil van je haren;
straks is het dag, dan moeten wij weer tuilen lezen gaan
Morgen zal er uit het Oosten 'n koning komen, met nieuwe bruidskleren voor ons beiden;
hem zullen wij, arm in arm, als kinderen in het woud, verbeiden.
Knijp nu je ogen dicht, mijn luie luipaard
en strek je heupen naar je lust. Ach du... du.
Paul van Ostaijen leefde van 1896 tot 1928.
Hij had een Nederlandse vader en een Belgische (Vlaamse) moeder.
Hij was een lastige puber: op de middelbare school werd hij als een probleemgeval beschouwd om in juli 1913 uiteindelijk van school gestuurd te worden.
De dichter had als bijnaam Meneer 1830, omdat hij als een soort van dandy in de mode van die tijd in Antwerpen rondkuierde.
Na de Eerste Wereldoorlog vluchtte hij naar Berlijn om niet gearresteerd te worden. Hij verzeilde er in een diepe geestelijke crisis. In Berlijn kwam hij tevens in contact met literatoren en kunstenaars van het dadaïsme en expressionisme. Hij begon toen ook meer proza te schrijven.
Hij overleed op 18 maart 1928 aan de gevolgen van tuberculose in een sanatorium in de Ardennen.
Voor de grafzoekers: hij ligt begraven op het Schoonselhof in Antwerpen.
Een van de beroemdste werken is BOEM PAUKESLAG:

Als je op deze schakel klikt kom je op een bewegende versie van BOEM PAUKESLAG...
.

Gerard Kornelis van het Reve , Reve dus, heeft al sinds mijn 18de een hele grote plek in mijn hart, maar ook in mijn boekenkast. Daar heb ik een speciaal "reverijtje", dat wat mij betreft uitgebreid mag worden het liefst met oude boeken van hem. Ik kijk dan ook altijd op boekenmarkten of er nog een exemplaar is, dat ik nog niet heb...
Sinds mijn 18de dus... Toen heb ik uit protest tegen mijn vader (ik was een echte, lastige puber) Nader tot U gekocht. Ik hield namelijk zo van de gedichten, die er achterin stonden.
Ik vond het allemaal pareltjes. De één nog mooier dan de ander.
Waarschijnlijk vind ik dit gedicht wel het mooiste, maar elke keer vind ik wel weer een ander gedicht, dat ik nóg mooier vind.
Dagsluiting
Eigenlijk geloof ik niets,
en twijfel ik aan alles, zelfs aan U.
Maar soms, wanneer ik denk dat Gij waarachtig leeft,
dan denk ik, dat Gij Liefde zijt, en eenzaam,
en dat, in zelfde wanhoop, Gij mij zoekt
zoals ik U.
Heerlijk... Keek op de week. Kijk en geniet van Kees van Kooten met: Brieven aan Reve.
En dan nu.... ja! Ook Henry heeft een brief aan Reve geschreven:
Aan : Gerard Reve
Natuurlijk heb ook ík me de afgelopen tientallen jaren gelaafd aan uw mooie en ontroerende schrijfsels. Er van genoten. Er om gejankt. Dat is normaal. Om die reden immers hebt u de, somtijds geniale, prachtregels op papier gezet.
Maar er is meer. De kracht van uw teksten krijgt voor mij vooral nadruk omdat ik uw mooie kop elke bladzijde zie begeleiden. Ik hoor de regels zeggen door uw fraaie stem. Denk vooral niet dat dit gevlei of ijdel gezwets is, want het is de zuivere en ondeelbare waarheid.
Terzake nu. Juist omdát u zo een fraai en doorgroefd gelaat hebt, heb ik het plan opgevat om u te fotograferen. Ik ben géén beroepsfotograaf. Bewaar me. Wél heb ik de zaak techisch en artistiek aardig, en ook zeer goed, in mijn vingers. Ik ben me bewust van de obstakels die ik zal moeten overwinnen om uw beeltenis vast te kunnen / mogen leggen. Tóch geloof ik dat ik wel een kans maak om mijn plan, vanzelfsprekend met uw toestemming, te volvoeren. U bent immers, juist als ik, op zoek naar puurheid, ongekunsteldheid.
Wat me óók zo in uw kop aantrekt is dat, naast de redelijke kracht die er van uit gaat, er ook een spoortje van twijfel is te zien. Ik kan het zeker mis hebben. Tot nu toe heb ik het moeten doen met wat de media ons van u laten zien.
Graag wil ik u eens ontmoeten. In uw eigen woonomgeving. Of in een of ander snertdorp. Geeft allemaal niet. En dan mooie achtergronden uitzoeken. U schijnt de reputatie te hebben dat u nogal eigenzinnig bent. Héérlijk.
U wordt er ook niet jonger op. En noem mij nu eens meer dan tien redenen waarom wij ons treffen nog langer zouden uitstellen?
Geachte schrijver van het hart. Ik zet u niet op een voetstuk. Dat hebben anderen al gedaan. Ik wil u er juist van af halen. In afwachting van uw antwoord probeer ik te overleven.
Wees gegroet,

Als gij mij tot het eind toe hebt geleid,
keer dan terug, en blijf bij Teigetje.
Mijn neef Ruud maakte vorige maand dit filmpje en stuurde het mij op.
Ik zag het en dacht meteen: Dit is pure poëzie...
Ik werd er helemaal rustig van. Even in de hektiek van het bestaan een moment van zitten, kijken en genieten.
Omdat ik me bezighoud met poëzie plaats ik het nu op het VKblog. (Heb natuurlijk gevraagd of het mocht...)
Ik hoop, dat jullie er net zo stil van worden als ik.
Even een moment met de verstillende muziek van Eleni Karaindrou.
Het heet 'Waiting' en komt uit de film:"The weeping Meadow" .
The weeping Meadow... de titel alleen al! Prachtig...
Ruud, dank je wel...

poster van The Weeping Meadow, waarin de muziek van Eleni Karaindrou





