Avalon
Er zijn meer werelden dan deze
VKBlog Headerimage

Doodsritueel

donderdag 1 oktober 2009 11:19

goden en sjamanen, verhalen over de dood, dood, rituelen, sjamanisme, rituelenbegeleider, rouwproces, sterfproces, uitvaart, ademtocht

 

Nieuwe rituelen rond sterven en dood

Het sterfproces en de dood zijn zelfs heden ten dage nog voor velen taboe. We praten er liever niet over, of zo weinig mogelijk. Veel mensen hebben wel vage ideeën over hun eigen uitvaart, maar ze vastleggen is vaak een stap te ver. Eigenlijk hebben we geen tijd voor de dood, we hebben het veel te druk met het leven. Als de dood - die zich niets van onze wensen, agenda’s en ideeën aantrekt - aan de deur klopt, confronteert hij ons met een nieuwe situatie en gooit en passant alles in de war. De dood eist zijn plek in de agenda. De dood is deel van het leven, of we willen of niet.

 

Mensen die in hun nabije omgeving met de dood worden geconfronteerd, staan voor een voldongen feit. De dood kwam, een geliefde is dood, en nu moeten er zaken worden geregeld. Het rouwproces begint, men is in shock, ontredderd. Er volgt een lawine van ongewenste, maar noodzakelijke handelingen en beslissingen die moeten worden genomen: wat moet er op de rouwkaart en hoe moet die eruit zien? Gaan we cremeren of begraven? Waar, hoe en wanneer? Gelukkig is er de begrafenisondernemer, onderdeel van een goed geoliede uitvaartmachine, die je begeleidt bij deze handelingen. Moeder kan gewassen worden door professionele maar vreemde handen, zoonlief mag spreken maar niet langer dan een kwartier en er kunnen tijdens de dienst drie liederen worden gedraaid. Bij de receptie krijgt de bezoeker twee koffie en een plakje cake. Zo. Alles is onder controle.

Ho. Stop.

 

Wat te doen als de overledene in kwestie een Osho aanhanger was, of een Zen boeddhist, zijn of haar leven liet inspireren door de kabbala, of door een Noord-Amerikaanse indianenstam? Wat als de overledene een andersoortig spiritueel pad bewandelde? Immers, in deze tijd verdiepen veel mensen zich in andere religies, andere culturen of alternatieve levensstijlen. Men houdt zich bezig met antroposofie, leeft de sjamanistische levensstijl of volgt het pad van een goeroe. Men leest het Tibetaanse dodenboek, is gefascineerd door Voodoun, ziet hoe dodenrituelen in andere culturen en landen worden uitgevoerd en voelt zich daardoor aangetrokken. In die culturen is de dood vaak niet het einde, maar een nieuw begin, een overgang naar een andere staat van zijn.

En nu is de Nederlandse antroposoof dood, nu is de Hollandse sjamaniste overleden. Wat nu? De familie volgt misschien andere paden dan de overledene en wil niet van die poespas. De familie heeft geen idee wat te doen, heeft weinig informatie over de alternatieve levensstijl in kwestie en valt terug op de Nederlandse funeraire gewoonten. Cake.

De vriendenkring zit met de handen in het haar. Het plakje cake voelt nu niet goed, de traditionele sobere dienst lijkt niet genoeg. Er is behoefte aan passende rituelen, maar die zijn er niet. De gemiddelde begrafenisondernemer kan hierin niet voorzien. Is er toch een mogelijkheid om de overledene een afscheid te geven dat past bij zijn of haar levensstijl en overtuiging?

 

Hoe het was

Na de Tweede Wereldoorlog worden in Nederland veel rituelen rond sterven en dood geminimaliseerd of afgeschaft. De ontkerkelijking is een feit, het concept ‘ritueel’ wordt geassocieerd met het christendom, en die verbinding brokkelt snel af. Mensen beginnen hun heil elders te zoeken. De grote geloofsstromingen zoals het Christendom, de Islam en het Jodendom houden vast aan de eigen rituelen, maar de uitvaarten van mensen die niet tot die groepen behoren worden strak gestroomlijnd en ontdaan van alle niet-functionele gebruiken. Alle handelingen rond sterven en dood moeten sober, ingetogen, snel en vooral functioneel worden uitgevoerd. Het nieuwe motto is ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. Alles moet aan strenge regels voldoen, tot de maat van de kist, de dikte van grafstenen, het lettertype van inscripties. De gemiddelde uitvaart duurt hooguit drie kwartier en soberheid is het toverwoord. Het atheïstische ‘dood is dood en daaraan hoeven we verder weinig aandacht te besteden’ weert alle vormen van rituele gebruiken. Het ritueel als belangrijke overgangsmarkering is dood en wordt haastig begraven.

 

De eerste kentering

In de jaren tachtig van de vorige eeuw komt er een kentering. Nabestaanden krijgen steeds meer behoefte aan een eigen invulling en zijn steeds minder bereid de organisatie rond sterven en dood uit handen te geven. Ze willen persoonlijk betrokken zijn bij de uitvaart en het sterfproces. Ze willen inspraak in de keuze van kist en grafzerk. Waar lange tijd alleen naam en datum op grafstenen worden vermeld, wil men nu door middel van persoonlijke teksten uitdrukking geven aan wat de kern van iemands leven en persoonlijkheid was. Spirituele symbolieken uit andere culturen vinden opgang. Boeddha’s verschijnen op graven, sculpturen van Noorse dodenschepen worden neergezet, de levensboom wordt in steen gehouwen. In eerste instantie krijgen nabestaanden te maken met tegenwerking uit het uitvaartwezen, met rigide ambtenarij en strenge regels. Maar de kentering laat zich niet tegenhouden.

 

De tweede kentering

De laatste tien jaren ontwikkelt zich langzaam een tweede kentering rond sterven en dood. Die verandering ontstaat vooral door de mondigheid en wensen van nabestaanden, en wordt in eerste instantie opgepikt door mensen in de zorg en in het uitvaartwezen. Hoewel er nog steeds een streng uitvaartklimaat heerst, verschijnen er mensen die begrijpen dat men behoefte heeft aan persoonlijke rituelen die passen bij de levensstijl van de overledene. De diversiteit aan alternatieve levensstijlen en religies schreeuwt om nieuwe mogelijkheden. Er ontstaat een nieuw beroep: de ritueelbegeleider. Een dergelijke begeleider geeft op andere wijze vorm aan een uitvaart door deze op maat te maken, passend bij de overledene, zijn of haar spirituele levenswijze en de wensen van de nabestaanden.

Ook in de stervensbegeleiding begint het besef te dagen dat het ook anders kan, daar in het verzorgingstehuis en ziekenhuis, daar in het hospice. Zieken kunnen worden geholpen bij de (eventueel spirituele) voorbereiding op hun sterven; overledenen kunnen worden begeleid naar de andere kant, naar het dodenrijk. Er worden nieuwe rituelen ontwikkeld en er wordt ook teruggegrepen op oudere rituelen uit de eigen of een andere cultuur.

 

De terugkomst van rituelen

Een ritueel is van belang om de overgangsfase van leven naar dood te markeren en te vergemakkelijken, voor de overledene zelf en voor degenen die achterblijven. Rituelen geven een kader waarin alle betrokkenen kunnen stilstaan bij het vertrek van een geliefde. De dode gaat verder, de nabestaanden moeten ook verder. Ieder mens is deel van een gemeenschap en die gemeenschap zal veranderen door het wegvallen van een van de leden. Rollen zullen verschuiven, families zullen anders van samenstelling zijn.

 

Mensen kunnen zelf of eventueel met behulp van een ritueelbegeleider nieuwe, passende rituelen maken voor een stervende of pas gestorvene. Deze rituelen kunnen de ziel van de overledene sterken tijdens de reis die voor de boeg ligt. Ze hoeven niet ingewikkeld te zijn of cultureel/traditioneel correct te zijn: een sjamanist die hier opgroeide is geen Noord-Amerikaanse indiaan, een Nederlandse boeddhist komt gewoon uit de Hollandse klei of de boerenkool.

Het is heel goed mogelijk om in respect verschillende culturele aspecten te integreren. Bij een net overleden boeddhist kun je het Tibetaanse dodenboek voorlezen tijden een dodenwake. De ziel van de sjamanist kun je begeleiden over het water naar de sjamanistische dodenrijken. Je kunt met z’n allen gebedsvlaggen maken, een bidmarathon houden, de dode feestelijk uitgeleide doen en de voorouders attenderen op de komst van een uit het land der levenden door middel van een passend ritueel. Je kunt de sjamanendrum spelen tijdens een uitvaart, veren met daarin ingefluisterde gebeden in bomen hangen op de begraafplaats. Denk ook bijvoorbeeld aan een Noord-Amerikaans indiaans ritueel waarbij iedere bezoeker iets te eten meebrengt voor een gezamenlijke maaltijd in bijzijn van de overledene, aan een Indiase uitstrooiing van bloemen in een rivier, of aan het maken van een individuele levensboom op of bij het graf.

Er ontstaan steeds meer mogelijkheden om op een ‘alternatieve’ manier te worden begraven of gecremeerd. Dat de meeste uitvaartondernemers tegenwoordig open staan voor andere invullingen dan de uitvaart van de drie-liedjes-en-een-plakje-cakemethode wordt geïllustreerd door de heuse alternatieve uitvaartbeurs Voor altijd… in het Archeon op 1 november 2009 a.s. (zie www.vooraltijdbeurs.nl).

 

Stervensbegeleiding

Ook in de stervensbegeleiding dringt het besef door dat een pastoor of een maatschappelijk werker goede diensten kan verlenen aan een stervende, maar dat er daarnaast behoefte is aan een nieuwe, spirituele hulpverlener. Iemand die gedegen, met liefde, en met verstand van zaken andersoortige rituelen en handelingen kan uitvoeren voor wie daaraan behoefte heeft. Hoewel er op dit gebied nog tegenstand is en oude kaders hardnekkig zijn, begint het tij te keren. Want ook deze kentering laat zich niet tegenhouden.

 

Kan en mag alles bij een uitvaart of in de stervensbegeleiding? Nee, we hebben ons nog steeds aan bepaalde regels te houden. Er is al veel mogelijk, zolang het maar niet te gek wordt. Of, zoals een medewerker op een begraafplaats mij vertelde: ‘Alles kan, mits het geen circusattractie wordt.’ Deze typische Nederlandse opmerking vertelt ons dat er nog veel moet veranderen.

 

Dit artikel verschijnt in het oktobernummer van de Koorddanser.

 

 

Linda is rituelenbegeleider, auteur van 'Goden en sjamanen in Noordwest-Europa' en ‘Ademtocht, verhalen over de dood’, dat in oktober verschijnt bij uitgeverij A3 boeken.

 

Foto: op Zorgvlied, eigen foto

 

Uitvaartbeurs Voor altijd… in het Archeon op 1 november 2009 a.s. (zie www.vooraltijdbeurs.nl)

 

 

 

 

 

Ademtocht: het tweede boekenkind

maandag 21 september 2009 19:00

ademtocht, boek, dood, coby schilder, bert deben, korte verhalen, A3, linda wormhoudt

 

 

“Het is geboren en het is goed.” Hij ligt languit in het gras, op zijn rug. Uit zijn mondhoek bengelt een grassprietje. Hij klopt uitnodigend op het gras naast zich. “Kom bij mij liggen, het is nu tijd om even te rusten.”

Ik schik mijn rok en ga naast hem liggen. Het gras voelt zacht onder mijn haar. Een vlinder fladdert precies voor mijn ogen. Het dier is zich van geen kwaad bewust.

“Doe je ogen dicht”, zegt de man zacht. Ik doe braaf mijn ogen dicht.

“Voel je je ongemakkelijk?”

Daar moet ik over nadenken. De man naast mij is mij vertrouwd, maar ik blijf op mijn hoede. Dit is per slot van rekening Heer Dood, dus voorzichtigheid is op zijn plaats. Ik wil antwoord geven, maar mijn mond weigert dienst.

“Het was een prettige samenwerking...” peinst hij. “Ik vond het zeer aangenaam!”

Ergens in mijn keel vind ik eindelijk woorden: “Ik niet altijd.” Gras kriebelt tegen mijn wang. “Ik heb mijn belofte gehouden, uw woorden verteld. Ik heb dat verzwegen wat onverteld dient te blijven, en dat gedeeld wat gedeeld dient te worden. Is het genoeg? Ben ik nu vrij?”

Ik gluur voorzichtig naar hem, door mijn oogwimpers heen. Hij heeft zich half omgedraaid en ligt op zijn dodenzijde. Hij gluurt terug. Het grassprietje slaapt in zijn mondhoek. Mijn hersenen proberen te bevatten wat ik zie in zijn gezicht. De rimpels waarin dromen wonen, de ogen vol geheimen. De glimp van menselijkheid, daar, net achter het onnoembare.

“Het is nooit genoeg, en dat weet je ook. We zijn nog lang niet klaar.”

Hij buigt zich over mij heen. Een dode hand zweeft boven mijn gezicht, teder haast. Zijn mond vlak bij mijn oor.

“Blijf heel stil nu…”. fluistert hij. Mijn lichaam reageert ogenblikkelijk. Ik kan niet meer bewegen. En dan vertelt hij mij een verhaal, een intiem verhaal, in een dode taal. Het is het verhaal van het Noorden. Ik zie een dodenrijk, een schimmengrens. Een rivier met messen, en een vrouw op een heuvel.

“Adem in”, gebiedt hij.

Ik adem in, diep en gehoorzaam. Er is geen paniek.

Dan zakt zijn hand traag over mijn lippen.

 

Ademtocht: het tweede boekenkind

Mijn eerste boekenkind, Goden en sjamanen in Noordwest-Europa, huppelde in juni 2008 de wijde wereld in. Mijn wilde sjamanenkind wilde haar eigen paden ontdekken, haar leeswegen verkennen. Ik liet haar hand los en keek haar na. Ze is nu volwassen, een liefdevolle dochter die haar eigen weg is gegaan. Ze komt nog wel langs, honderduit vertellend over haar avonturen.

Ondertussen was er uit mijn jarenlange relatie met een ietwat vreemde heer een tweede kind ontstaan. Het kon niet uitblijven, want boekenkinderen kiezen hun eigen ouders uit. Ik wil bij dezen het gelukkige nieuws met u delen.

Mijn tweede boekenkind heet  

 

 Ademtocht  

 

Het is geschreven in samenwerking met Heer Dood.

 

Coby Schilder: de tekeningen

Ik ben begonnen met het schrijven van korte verhalen op het VKblog in februari 2007. Mijn fascinatie voor de dood en mijn interesse in andere culturen zijn twee belangrijke rode draden. Fantasie en werkelijkheid zijn zusters.

Door het schrijven alhier kwam ik in aanraking met andere schrijvers, en deze contacten bleken in veel opzichten zeer waardevol. Een van de bijzondere mensen die ik via het Volkskrantblog leerde kennen was Coby Schilder. Haar tekeningen, waarvan ze sommigen deelde met ons via haar blog, bezitten magie en bezieling. Ik was dan ook zeer blij dat zij met mij wilde samenwerken aan Ademtocht.

Coby tekende met potlood bezielde portretten van enkele hoofdpersonen in het boek. Zij begreep hoe de verhalen bedoeld waren, wat de personen bewoog. Ze liet ze toe in haar hoofd, hart en hand. Sommige tekeningen zijn van mensen die mij zeer dierbaar zijn. Coby gaf ze een gezicht. Daar ben ik haar dankbaar voor.

 

Bert Deben: het gedicht

Een ander bijzonder persoon op het Volkskrantblog is de dichter Bert Deben. Hij schreef een prachtig doodsgedicht.  Dit gedicht is in het boek opgenomen en inspireerde mij tot een verhaal. Drie Volkskrantbloggers, een bijzondere samenwerking.

 

Boekpresentatie: uitnodiging

Ademtocht komt uit op zaterdag 10 oktober en die dag is er een boekpresentatie in Amsterdam-Noord. Volkskrantbloggers zijn van harte welkom! Als u aanwezig wilt zijn, neem dan contact op met mij of met Coby. Heer Dood zal ook aanwezig zijn, maar slechts in de coulissen.

 

Ik wil Geroma bedanken voor de foto van haar vader. Bij deze is hij in Ademtocht vereeuwigd.

 

A3 is onze uitgeefster. Haar vertrouwen in ons is een zeldzaam cadeau.

 

Met speciale dank aan Thera de Jonge, voor haar vriendschap en ondersteuning!

 

 

Illustratie: cover Ademtocht.

 

 

Een-na-laatste dochter

maandag 31 augustus 2009 11:58

generaties, genen, vrouwen, boosheid, woede, wotan, odin, storm, grootmoeder, moeder

 

 

Ik ben razend. Te lang heb ik mijn woede verstopt, genegeerd, weggemoffeld. Nu Wut met stormkracht naar binnen komt, daar breuken slaat, herken ik het. En ik haal uit. Storm hoort te woeden, daar buiten, in vrijheid, in Wotan’s naam.

 

Ik ben razend, net als mijn voormoeders. Net als zij onvrijwillig draagster van de onderhuidse rivier van ongenoegen, vol met ‘alles accepteren’ en ‘houdt je mond’ stromingen. Oh moeder en grootmoeder, zoveel boosheid. Godvergeten passiviteit. Genetische razernij verhuld onder jaren schoonmaakazijn, goede huisvrouw, in ‘doe maar gewoon’ en ‘stel je niet aan’. Generaties lieve brave meisjes in vrouwenlichamen. Eeuwenlange boosheid nu woekerend in de een-na-laatste dochter. En ik ga het stoppen. Want weet je ma, weet U, grootmoeder, God is ons allang vergeten en ongehoorzaamheid is nu de mijne. Nu de onze. 

 “Ze kan schrijven, maar niet strijken”

Nee, ma, ik kan niet strijken. Laat het los, ik ben geen strijkdochter. God keek even verveeld de andere kant op toen hij passiviteit uitdeelde aan deze derde in lijn. Vergeef mij, moeder. Laat mij schrijven, ik kan woedend zijn.

Ook voor jullie, ook op jullie. Ook op hem, ook op hen.

 

Manminnaar, ga weg

mijn woorden mijn rondingen

mijn zinnen mijn vlees,

jou uitnodigend tot strelen

Waarom is voor jou mij liefhebben als mij havenen

zijn mijn zinnen jou zo levensvreemd,

begrijp jij mijn wezen niet?

 

Was het ook zo voor jou, mijn moeder? Vergeef mij, laat mij jouw woede uiten.

 

Schreeuw-en, het woord in tweeën getrapt,

Spoken van korte zinnen

Je ging en ik werd half.

 

Was het voor U zo, mijn grootmoeder? Vergeef mij, laat mij uw woede uiten.

 

Mijn minnaar, donder op.

leun niet langer op mijn kracht

Mijn huidhuis nu een slagveld,

de jouwe zonder smetten

Lege glazen, spoor van mede

getrokken door jouw wijsvinger, daar, over mijn buik

 

Was het ook voor jou zo, dochter? Vergeef mij, en laat mij jouw woede uiten.

 

Jij minnaar, die mijn kristal versplinterde, nu als naalden in mijn handen

Lichtgevend vangen ze de nieuwe zon op.

En die zon heet zelfvertrouwen.

 

 

Art: woman in rage

 

Voor vier generaties.

 

 

Cruel man

 

 

 

Handreiking

zaterdag 29 augustus 2009 11:37

hand vragen, handreiking, liefde, loslaten, zomerverhaal, julien clerc, vader, mobiel

 

 

 

 

Wat vooraf ging

 

“Vaarwel?”

Mijn mobiel werpt zich op als bemiddelaar. Man van augustus reikt zijn hand uit. Man van de maand is wakker geworden.

Ik staar naar de letters op het scherm. Het vraagteken is belangrijk.

 

Het aannemen van de hand heeft verstrekkende consequenties. Mijn hoofd ijsbeert dan ook, ze wikt, ze weegt. Zijn hand, ik vroeg er ooit om, zegt ze. Nu geeft hij hem, wat nu?, zegt ze. Het had andersom moeten zijn, zeg ik. Zoals vroeger, toen mannen om handen vroegen, aan strenge vaders. Maar er is hier geen vader die een dochter kan weggeven.

En ik geef mijzelf niet weg, nee,

ik geef mijzelf niet weg.

 

 

Stilte vraagt om antwoord. Ik heb er geen voor handen. Mobiel ligt onrustig op de tafel.

Mijn hart kan ik geen raad vragen, want zij ligt nog op de straat.

Mijn hoofd maakt de beslissing.

 

Augustus draalt. Maar het is bijna

september.

 

 

Foto: out of your head

 

Julien Clerc - Ce n'est rien

 

 

 

 

 

Septemberlicht

vrijdag 28 augustus 2009 10:54

mobiel, staccato, korte verhalen, zomerliefde, julien clerc, septemberlicht, afscheid, vaarwel, liefde

 

 

“Hej Lin, Waar ga je naartoe, zo laat?”

Hij staat bij zijn auto, mijn augustusman. Ik probeer mijn pas niet in te houden, maar in hetzelfde ritme door te lopen. Gewoon door te lopen, alsof mijn hart niet plots met een dramatische klap in mijn schoen was gevallen.

“Even weg” mompel ik.

Julien loopt om zijn auto heen, richting vluchtvrouw. Zijn blik draagt verbazing. Ik loop gewoon door. Mijn voeten lijken zo zelfverzekerd en vastberaden. Dat is best een moeilijke opgave met een hart in je linkerschoen.

“Ik zie je later” zegt hij, ergens achter mij, haast vragend.

“Dacht het niet” mompel ik in mijzelf.  Mijn ogen staren strak naar voren en mijn rug staat stijf van spanning. Het vluchtritme valt, een pas uit de maat. Staccato sterft als ik eindelijk mijn mobiel heb gevonden. Ik sms al lopend.

 

“Vaarwel”

 

De mobiel, redding voor lafaards.

 Ik vermoordde net augustus.

 

Er valt iets uit mijn schoen. Ik zie mijn hart rollen.

 

 

 

Foto: love on the street

 

This Melody

 

 

 

Klaagmuur (Iran/mensenrechten)

woensdag 22 juli 2009 12:10

klaagmuur, protest, onrecht, waanzin, moord, executie, iran

 

Ik klaag tegen jou, muur, hoewel het niet veel zin heeft. Ik klaag tegen elke steen en tegen elke zandkorrel in jouw binnenste. Eigenlijk heb ik geen woorden, maar ik zoek ze toch, daar in mijn binnenste. Daar waar de oude klanken wonen, de Ur-klanken, daar waar alle pijnkreten leven. Daar wonen de Ur-woorden, zoals het woord

 

Nee

 

Daar wonen alle kreten van verzet, de stillen en de luiden, duizenden NEE’S en STOP in alle talen

 

HELP woont er ook.

 

 

Dit kan niet, klaag ik. Ik schrijf het woord ‘nee’ in alle talen op duizenden papiertjes. Ik vouw ze duizend keer en geef ze duizend keer aan jou. Voor jou, muur. Help. Help ze, die meiden die protesteren en vechten voor een beter leven. En help de buurvrouw ook, als je toch bezig bent. Luister naar

 

NEEneinNJETnoSTOPIT

 

Waarom heb ik het gevoel dat ik tegen een muur praat?

 

 

Maagden verkracht voor 'legale' executie

Amsterdam- Leden van de in Iran gevreesde Basij verkrachten maagden in de gevangenissen in de nacht voor hun executies.

De bewakers trouwen de nacht voor de terechtstellingen met de vrouwelijke gevangenen, om de verkrachtingen 'legaal' te maken binnen het huwelijk. Vervolgens mogen de vrouwen, omdat ze geen maagd meer zijn, 'legaal' geëxecuteerd worden. Een van de leden van de paramillitaire groep onder de religieuze leider Ali Khamenei heeft dat anoniem in de openbaarheid gebracht. De Jerusalem Post bericht daar over.

Toen hij 18 jaar was, kreeg hij volgens eigen zeggen 'de eer' tijdelijk jonge meisjes te trouwen die ter dood veroordeeld waren. De man heeft daar nu spijt van. Hij is net zelf vrijgekomen uit de gevangenis, waar hij zat omdat hij twee tieners had bevrijd die waren gearresteerd na de demonstraties rond de laatste verkiezingen.

Sommige vrouwelijke gedetineerden kregen slaappillen toegediend om ze rustig te maken. Maar de vrouwen vochten desondanks tegen de verkrachtingen. Volgens de anonieme man waren ze nog banger voor de onteringen dan voor de executies die daarop volgden. "Ik heb ze horen huilen en schreeuwen. Een van de meisjes heeft haar gezicht en nek met haar vingernagels helemaal opengekrabd, dat vergeet ik nooit meer."

 

Bron: de Telegraaf

Art: Vachal, cry of the mass

 

 

De laatste vlinder

maandag 20 juli 2009 21:26

hoop, laatste vlinder, hel, hella, echo, strohalm, vleugels, vertrouwen, goden

 

 

Ze woont nog ergens van binnen, het vertrouwen. Daar slaapt ze, deze vlinder, haar vleugels nu opgevouwen, stil en afwachtend. Ergens in de diepte leeft ze nog, hoewel ik haar aanwezigheid slechts vaag kan waarnemen. Ze is er nog, ondanks alles wat er gebeurde.


Ze moet er zijn, het kan niet anders, ze is mijn strohalm.

En ze is de laatste van haar soort.

Maar misschien slaapt ze niet. Misschien is ze al een tijd geleden in stilte gestorven, zonder taal en zonder teken. Misschien dwaalt ze al in Hella's rijk en wacht ze op mij.  Misschien voel ik alleen haar echo.
Ik hoop, bij de goden, dat ze nog leeft.
En ik hoop, bij de goden, dat de goden nog leven.

 

 

 

 

Woestijngod

dinsdag 14 juli 2009 10:37

volgelingen, ongelovig, angst, woestijngodin, woestijngod

 

 

 

 

Deel 3

 

Als ik deze god zie, krijg ik het koud, ondanks de hitte van het woestijnzand onder mijn voeten. Op een veilige afstand kijk ik naar de woestijnman.


‘Je mag niet kijken!!’ bijt hij mij toe.
‘Je zult niet, je mag niet, je kan niet, schaam je, bedek je, onreine vrouw!’
Ik realiseer mij dat mijn hoofd onbedekt is. Mijn hand gaat als vanzelf omhoog, geschrokken.
Vluchtneiging. Angst kruipt door mijn adem, maar ik blijf staan.
Ik tuur in het felle zonlicht, en probeer de god beter te zien. Ja, daar, achter de eerste verschijning, staat een tweede. Een liefdevolle godin staat achter de Angstaanjager. Al'Lat is groots.
‘Ik zie u toch wel, daar, achter de kreten van uw volgelingen’
‘Je mag niet, ongelovige vrouw!’
‘Deze ongelovige groet degene achter u’
In mijn ooghoek zie ik een rivier glinsteren.

Ik vervolg snel mijn weg.

 

 

 

Art: onbekend

 

 

Godenstilte

maandag 13 juli 2009 10:30

god, boeddha, meditatie, offers, bloemen, boeddhisme, stilte

 

 

Deel 2

 

Ik staar naar de god voor mij.
Hij is in diepe meditatie: zijn ogen half geloken, zijn mond een beetje open.
Het is een mooie god, zo'n rustige god.
Ik leg vers geplukte bloemen voor hem neer.
‘Goedemorgen, god. Ik breng u bloemen als offer’
De god mediteert verder. Ik schik mijn jurk en ga voor hem zitten.
‘Ik ben hier slechts op doortocht’ zeg ik. ‘Ik heb veel over u gehoord, en ik ken een aantal van uw volgelingen. U lijkt mij een lieve god: geen geweld, geen ellende, alleen rust...’
Ik pak een van de bloemen op en ruik eraan. Dan leg ik de bloem op zijn schoot.
Hij mediteert verder.
‘Veel van uw wijsheid trekt mij aan’ filosofeer ik hardop. ‘Eerbied voor alle levende wezens, meditatie, loslaten, het bewust zijn van de ziel’
De god is in diepe meditatie: zijn ogen half geloken, zijn mond een beetje open.
‘Maar ik ben niet een van de uwen, en dat weten we beiden. Niet dat het u wat uitmaakt, want u mediteert immers gewoon verder’
Voorzichtig sta ik op, en geef hem een kus op zijn versteende voorhoofd.

Dan loop ik verder.

 

 

 

 

Dwaalgod

zondag 12 juli 2009 10:30

zoektocht, genade, lijden, weesgegroet, zonde, gesprek met god, god

 

 

Deel 1

 

 

Ik ben op het matje geroepen.
De man voor mij zit in een grote lederen stoel, streng en gesloten. Hij slaat zijn handen in elkaar, en ik zie hoe zijn vingers zich verstrengelen. Dan laat hij zijn hoofd op zijn handen rusten en kijkt mij aan.
Ik kijk terug, mijn handen nu ook verstrengeld, slapend op mijn schoot.
Mijn kokerrok kijkt kuis voor zich uit.

‘Ik snap helemaal niets van jou’ zegt de man.
‘Ik heb al het denkbare uitgehaald met jou. Ik liet je lopen op doodlopende paden, blokkeerde betere wegen, stuurde vileine fantomen. Duivels heb ik jouw kant op gestuurd, en de schaarse beschermengelen verwijderde ik handmatig. Elk spoortje hoop en elk sprankje naïviteit heb ik vakkundig vermorzeld. Ik doe mijn werk goed! En hoewel ik even dacht je te hebben gebroken, ben je er nog steeds. Dit stond niet in mijn verwachtingspatroon.’
Hij ontwart zijn vingers, en zoekende handen vinden papier. Dan schuift hij met een resoluut gebaar een grafiek naar mij toe.
‘Kijk, hier staat het, zwart op wit. Truc, en een neergaande lijn. Rotstreek, weer een dalende lijn. De ultieme gemene rotstreek, and you hit rock bottom. Zo is het geschreven, zo moet het zijn. Jij wijkt op significante punten af van het Grote Plan, zoals het geschreven staat in de sterren en, niet te vergeten, in de Heilige Grafieken.’
Mijn handen liggen nog steeds verstrengeld op mijn schoot, en mijn mond blijft gesloten. Mijn rok kijkt zedig, zonder te knipperen.
‘Ik moet eerlijk toegeven dat het mij irriteert’ zegt de man voor mij. Nerveus strijkt hij een lok godenhaar weg. ‘Je volgt de oude tradities niet, je luistert niet en je doet wat je wilt. Jij hoort nu op de rotsen te liggen en om genade te smeken. Smeek om genade, vrouw en verlos ons uit het lijden!’
Mijn handen nemen een andere positie in. Ze zweven omhoog, nu in de bidhouding, de genadehouding. Hij ziet het, en glimlacht.
‘Ja, nu ben je een braaf meisje’
‘U hebt gelijk, en ik heb spijt...’ zeg ik zacht. Ik sla mijn ogen neer en mijn benen over elkaar. ‘Ik zal mij in het vervolg aan de tradities houden, en niet meer afdwalen. Ik heb gezondigd, vergeef mij alstublieft’
De man voor mij kijkt verheugd, en opgelucht. Zijn handen legt hij, gerustgesteld nu, op zijn pantalon. Daar vallen ze tevreden in slaap.
‘Dan kun je gaan, met mijn zegen, kind. Jouw straf: drie grafiekgroetjes en zes tulpenkransen. Wees devoot, luister naar de Herder en volg het Grote Plan. Ga in Hemelse Vrede’

Als ik opsta weet ik dat ik mijn Eerste Grote Rotstreek heb uitgehaald. Deze god gelooft in mij. Als ik de deur uit loop giechelt mijn kokerrok.

Ik ook.

 

 

 

Heidekracht

vrijdag 3 juli 2009 12:43

hunebedden, grafheuvels, klokbekercultuur, heide, monumenten

 

Het Engelse Stonehenge heeft op veel mensen een zekere aantrekkingskracht. Ze willen daar rondkijken, de sfeer voelen, de stenen aanraken, ronddwalen en fantaseren op deze plek die voor onze verre Europese voorouders een belangrijke plaats schijnt te zijn geweest. De spirituelen onder hen weten dat het een heilige plek is, een plaats van kracht, een sacraal punt in het landschap. Zelfs mensen die zich niet bezig houden met spiritualiteit voelen dat er op deze plaats iets woont, daar net uit het zicht, verborgen in de ooghoeken. Het zijn containers van kracht, plaatsen waar zich een sacrale, voelbare energie bevindt. Daarnaast geven ze ons een verbindingsmogelijkheid, een onzichtbaar koord waardoor we contact kunnen leggen met hen die deze plaats bouwden en daar rituelen hielden voor hun goden.

Het is prachtig weer. Ik loop op de heide en geniet van de weidsheid, het paars en groen, de blauwheid van de hemel die als een koepel dit landschap omvat. Voor mij doemen de bekende vormen zich op: rond en groen, gekleed in teunisbloem en braamstruik. Aan de voet van de eerste heuvel blijf ik staan, doe mijn rugzak af en zoek vervolgens een plekje in het lange gras. Ik doe mijn ogen dicht en probeer mij voor te stellen hoe het hier was, duizenden jaren geleden. Ook toen was het hier heide: de barre gronden, daar waar geen gewassen wilde groeien. Daarom begroeven onze voorouders, met liefde en toewijding, hier hun doden. Hier op deze plaats bouwden ze grafheuvels en kwamen bij elkaar om de doden te eren.

En ik ben niet in Engeland, ik bevind mij niet op een exotische plek in een ander land, ik ben in Nederland en ik zit op een Nederlandse heide.

Een grafheuvel of tumulus is een aarden heuvel uit de brons of ijzertijd waarin doden werden bijgezet. Verspreid over Nederland zijn er nog ongeveer 3000 prehistorische grafheuvels te vinden. De meesten van hen zijn gebouwd door mensen uit de Klokbekercultuur. Wij weten niet veel over ze, hun afkomst is in nevelen gehuld en de achtergelaten sporen zijn miniem. Archeologisch onderzoek toonde aan dat ze een groot verspreidingsgebied hadden: sporen van dit volk zijn gevonden van Denemarken tot Spanje. De meeste nog bestaande grafheuvels zijn tegenwoordig zo klein of vervallen dat ze amper opvallen in het landschap. Veel mensen weten dan ook niet of nauwelijks van hun bestaan af. Het onderhoud van en educatie over deze prehistorische graven is sterk afhankelijk van de gemeente waarin ze liggen.
De Klokbekercultuur (Glockenbecher-Kultur, Beaker culture) is vernoemd naar het gevonden aardewerk waarin een flauwe S-vorm aan een kerkklok doet denken. De klokbekervolken leefden tussen ongeveer 2700 tot 2100 voor Christus, van het late Neolithicum tot aan het begin van de Kopertijd.

Het woord ‘krachtplaats’ betekent letterlijk ‘een plaats die kracht bezit’, een spirituele kracht, die afkomstig kan zijn van handelingen van mensen (plekken waar eeuwenlang is gebeden, een plek waar lang rituelen zijn gehouden) of een kracht die er van nature al is (een krachtige natuurlijke plek, bijvoorbeeld een bos, een meer, een bijzondere steen).
Het woord ‘heilig’ roept bij de meeste Nederlandse mensen vooral christelijke associaties op. Bijna alle verwijzingen naar Nederlandse en Belgische plekken waarin het woord ‘heilig’ wordt gebruikt, hebben te maken met het christendom: bedevaartsoorden, associaties met christelijke heiligen. Het Engelse woord ‘sacred’ heeft een bredere lading: niet per definitie christelijk, maar heilig in algemene zin, waarbij het niet uitmaakt uit welke spirituele stroming het afkomstig is. Het Engelse woord ‘sacred’ kan worden vertaald met het Nederlandse ‘sacraal’: dit klinkt neutraler, groter dan ‘heilig’.

Wie waren deze heuvelbouwers, wat was hun beeld over het hiernamaals, en welke goden aanbaden ze? Als ik informatie zoek over dit heidegebied en de Klokbekermensen, begint er zich langzaam maar zeker een beeld af te tekenen. Het onderzoek is niet gemakkelijk: veel mensen weten weinig tot niets over de grafheuvels en hun bouwers. Als ik bel met gemeenten krijg ik mensen aan de lijn die bijna schoorvoetend vertellen dat ze er eigenlijk niets van afweten. Ja, er zijn grafheuvels. Ja, van de Klokbeker of Hilversumcultuur. Ja, er is een bijl gevonden ergens, en ‘bekertjes’. Ik verbaas mij over het gebrek aan informatie en het maakt mij nog nieuwsgieriger.

 

De gevonden grafgiften vertellen een deel van het verhaal. Tot de meest voorkomende grafgiften behoren klokbekers, stenen polsbeschermers en hamerbijlen, vuurstenen pijlpunten en in sommige gevallen koperen sieraden en koperen dolken. Men vond ook vogelbotjes, botten van de bruine beer en hertshoorn. Geweifragmenten komen uitsluitend voor in kindergraven. Het dierlijke materiaal, soms verwerkt in sieraden, lijkt te spreken van een animistisch wereldbeeld, waarin aan sommige dieren een spirituele betekenis werd verbonden. Deze mensen bewerkten het land, maar jaagden en verzamelden ook. Men vermoedt dat het in de eerste instantie een (semi)nomadisch herdersvolk was zonder vaste woonplaats. We weten weinig van de woonplaatsen van de Klokbekermensen, omdat er in Nederland niet veel huizen en nederzettingen van hen zijn gevonden. Er is over hun dagelijkse bestaan en levenswijze dan ook vrij weinig bekend.

Ik zit in het hoge gras en stem mij af op de omgeving. Alles is rustig. Dan leg ik, als blijk van respect, een offertje neer voor de ouden die hier rusten. Ik deel mijn voedsel en mijn water. Een wandelaar loopt voorbij. Ik stop automatisch mijn handelingen, probeer mij onzichtbaar te maken voor zijn nieuwsgierige blikken, en wacht tot hij voorbij loopt. Het werkt niet, want de man heeft iets opgemerkt, iets wat hij niet kan vatten. Hij komt recht op mij af.
'Wat doet u?' vraagt hij.
'Niets bijzonders' antwoord ik.
'U bent zeker zo’n verrekte heiden' zegt de man, terwijl hij mij streng aankijkt. 'Ik zal voor uw zielenheil bidden.' Hij loopt met grote passen weg, en slaat met een wandelstok hard tegen een braamstruik aan. Ik waan mij even in de Middeleeuwen.


Waar in Engeland en Scandinavië de daar aanwezige krachtplekken zoals grafheuvels nog enigszins met respect worden behandeld, lijkt dat in Nederland niet het geval. Deze grafheuvels zijn archeologische schatkisten, een fysieke link naar onze voorouders, naar de geschiedenis van het land onder onze voeten. De heuvels kunnen ons meer vertellen over de manier van leven en de manier van denken van die mensen die hier duizenden jaren geleden rondliepen. Ze kunnen inzicht geven in hun geloofsstructuur en hun beelden van het hiernamaals. Ook deze mensen dachten na over een ‘leven na de dood’, en eerden hun doden door deze heuvels voor hen te bouwen en grafgiften mee te geven. Deze plaatsen zijn tijdscapsules die ons waardevolle informatie kunnen geven.


Maar er is geen interesse voor die informatie. Geen interesse van de vele joggers, fietsers en wandelaars, geen interesse van de Nordic walkers die zich en masse door dit sacrale landschap voortbewegen. Nederlandse mensen die zich bezig houden met verschillende vormen van spiritualiteit vertellen elkaar lyrische verhalen over reizen naar Stonehenge en Avebury, over spookachtige graftomben in Scandinavië en oeroude krachtplaatsen in Peru. Ze vertellen over die buitenlandse krachtplaatsen en dat wat ze daar voelden, die speciale energie, die schoonheid van het oude. Weten ze wel dat Avebury is gebouwd door mensen uit dezelfde Klokbekercultuur als die hier grote delen van Nederland bevolkte en verantwoordelijk is voor vele grafheuvels?


Waarom is er geen interesse voor de sacrale plaatsen in Nederland?
De hunebedden in Drenthe zijn speelplaatsen voor kinderen geworden, hangplekken voor jongeren die even het toeziende oog van hun ouders willen vermijden, rare stenen die je kunt gebruiken als fietsenstalling, canvas voor graffiti. Oeroude ‘bergen’ waar onze voorouders bij elkaar kwamen om de zonnewenden te vieren en hun goden te vereren, zijn verdwenen uit het geheugen, campingplaatsen geworden of leven alleen voort in plaatselijke legenden.
Heuvels waarvan de naam een aanwijzing is voor een heidense oorsprong, zoals de Zonnebergen, de Manenbergen, de Wodansbergen (de god Wodan) de Donderbergen (de god Donar) de Materbergen (moedergodinnen), Paasbergen (Godin Eostre), Helsbergen (Godin Hel), Hengstbergen(vruchtbaarheidsrituelen) en Tafelbergen (heuvels met een afgeplatte kegelvorm) zijn nog in heel Nederland te vinden, maar er is geen haan die er naar kraait. Het interesseert ons niet: Stonehenge is veel interessanter.

Er komen twee wandelaars aangelopen, met een hond. Een jongen op een crossfiets snelt de heuvel op, om vervolgens met grote snelheid aan de andere kant naar beneden te racen. Op de top van de heuvel zijn de resten te zien van een kampvuur. Daarnaast liggen stukgeslagen bierflesjes. Ik zie degene wiens resten in de heuvel rusten, zich omdraaien in zijn prehistorische graf.

(Dit artikel staat ook in het Mei nummer van de Koorddanser)

 

Foto: eigen werk.

Sprakeloos

woensdag 1 juli 2009 23:01

woorden, woordeloos, coelacanth, verliefd, leegte, grenzen

 

angel-handcraigmod.jpg

 

 


'Wees duidelijk' zegt hij.
Ik zoek de woorden daarbinnen, een antwoord, maar vind ze niet meteen. Daar waar woorden altijd binnen bereik waren en aan mij gehoorzaamden, vind ik nu een leegte. Ik schrik er van, want woorden kleden mij, geven mij gestalte.
‘Nou?’
Haast verbaasd over deze nieuwe situatie zoek ik verder, nu in tijdsnood. Ik moet een antwoord vinden, gehuld in welsprekendheid of gevatheid. Maar in deze leegte woont niets dan de wind, en lege hoeken staren mij aan. Er wonen hier geen woorden, zinnen zijn spoorloos, verhalen zijn verdwenen. En ik kan mij niet meer verschuilen.
Stilte.
Toch ken ik het antwoord want het is een diepe vis, een Coelacanth,

een die lang ondergedoken was en nu aan de oppervlakte komt.

Maar ik kan het niet vangen met woorden, want die woorden bestaan nog niet-
ik kan het niet pakken want deze vis is zo echt.
Als ik opsta en naar hem toe loop neem ik een risico
Als ik hem aankijk zal ik de grens over moeten
want dan moeten mijn ogen vertellen wat woorden niet kunnen zeggen.

 

 

Art: unknown

 

Onschuld

dinsdag 30 juni 2009 20:29

michael landon, kleine huis op de prairie, dood, onschuld, shirley temple, lakschoenen

 

555littlegirl.bmp

 

Ik zie haar weer, de kleine meid.
Twee lange vlechten, een poppenjurk, haar blond als stro.
Ze ziet er schattig uit, alsof ze is weggelopen van de set van 'het kleine huis op de prairie'.
Elke keer als ik haar zie verwacht ik dat Michael Landon op het toneel verschijnt, compleet met trouwe hondenogen en een wijze uitspraak. Haar zie ik wel, maar hem zie ik niet.

De eerste keer dat ik haar zag zat ik voor het raam van mijn benedenwoning naar buiten te staren. Ik had een kopje koffie gezet, en nipte aan het heet. Ik ken elke steen van elk huis in de straat, en elk gezicht van elke bewoner. Ik woon hier al vele jaren. Tegenover mij woonde mevrouw Ter Wind: een oude vrouw die zelden meer haar huis uit kwam. Ze was slecht ter been en liet haar boodschappen bezorgen. Een keer per week kwam een jong ding met een hoofddoek haar helpen met het huishouden.


Naast haar woonde een oudere heer wiens naam ik nog steeds niet ken. Hij was bijna nooit thuis, en als hij thuis was draaide hij harde muziek. Ik vermoed dat hij doof was. Het maakte niet uit, de harde Beethoven: ook ik ben een beetje doof geworden in de loop der jaren. De meneer knikte altijd vriendelijk gedag als hij op weg ging. Misschien ging hij naar bingo, of de biljartclub, of dronk hij koffie met andere oude mannen in het bejaardenhuis om de hoek.

En toen ineens was daar het meisje. Ik schat haar een jaar of acht. Ze liep aan de overkant van de straat en ze viel op. Ze viel op omdat ze zo jong was, zo totaal misplaatst hier op het aanleunhofje waar alleen stokoude mensen wonen. Ze liep, nee, ze huppelde, met van die zwarte lakschoenen die ik nog kende uit mijn jeugd. Van die tapdansschoenen, Shirley Temple schoenen. Ik wist niet eens dat dit soort schoenen nog te koop waren. Ik keek naar het huppelende meisje, dacht dat ze misschien de kleindochter was van een van de hofbewoners, en toen bleef ze staan. Ze keek mij recht aan en ik schrok ervan. Ik voelde mij betrapt.

Blauw. Blauwe grote onschuldige ogen. Toen lachte ze, zwaaide, en liep door. Ze stopte bij het huis van mevrouw Bakker op de hoek. Ik zag dat ze aanbelde, en het duurde even tot mevrouw Bakker bij de deur was. Het meisje ging naar binnen en de deur sloot zich.

De volgende dag stond er een vreemde auto in de straat. Ik zat voor het raam naar buiten te kijken, en zag een man met een grote tas naar buiten komen. Daarna kwam er een ambulance. Mevrouw Bakker was die nacht gestorven, hoorde ik van mijn huishoudhulp. Ik ging niet naar de begrafenis.

Een week later zag ik haar weer, het meisje van de prairie. Ze leek ook op dat ene meisje, die oudste dochter, die blonde met die vreemde ogen. Ze liep, nee ze danste over het trottoir, als een klein schattig balletdanseresje. Haar jurk zwierde en haar vlechten zwierden mee. Ze stopte voor de deur van de bingomeneer en belde aan. En hij was thuis. Hij was nooit thuis, maar nu toevallig wel. Ik keek toe hoe ze hem aansprak en naar binnen ging. Ik zette verse koffie. Toen ik weer bij het raam ging zitten was de deur dicht.

Twee dagen later stond er een bekende auto in de straat en zag ik hoe ze meneer bingo weghaalden op een brancard. Er lag een zeil over zijn lichaam. Mijn huishoudhulp ging kijken. Hij was al minstens een dag dood, vertelde ze rillend.
Ik ging niet naar de begrafenis.

Verleden week zat het kleine ding op de vensterbank van mevrouw Ter Wind. Een briesje blies haar rokken bol: ik zag een schelpenrand van kant. Zij zag mij, ik zag haar. Ik vond dit een perfect moment voor een entree van Michael Landon, maar hem zag ik niet. Ze gleed van de vensterbank, keerde zich om, keek bij mijn buurvrouw naar binnen en klopte op het raam.
'Oh god, laat haar de deur niet openmaken', dacht ik nog, en ik zocht op mijn telefoonklapper naar het telefoonnummer van mevrouw Ter Wind. Beverig draaide ik het nummer op mijn ouderwetse telefoon. Ze nam niet op. Ik keek naar buiten. Dat kreng van het verdomde prairiehuis was weg. Ik belde mijn huishoudhulp. Antwoordapparaat.
Mijn hart ging tekeer. Ik nam mijn pillen.
Ik ging niet naar de begrafenis van mevrouw Ter Wind.

Ik zie haar weer, de kleine meid.
Twee lange vlechten, een poppenjurk, haar blond als stro. Ze staat voor mijn deur en ik doe niet open. De gordijnen deed ik dicht en ik zit in het donker.
Ze klopt op mijn raam. Ze bekijkt het maar.
Dat de dood blonde vlechten heeft vind ik een rotstreek.

 

 

 

Ik wist het niet

maandag 29 juni 2009 13:23

spijt,stervende,sterven,keuze,leven,dood,gustav klimt,

 

TheKiss2GustavKlimt.gif

 

 

 

Ik wist het niet. Dat is mijn enige excuus. Nu ik het onuitspreekbare deed, dat deed wat verboden is, voel ik mij leeg. Vreemd genoeg voel ik geen schuld, slechts stilte, en het is die stilte die mij bang maakt.

Ik proef spijt op mijn lippen.

Hoe kan ik uitleggen hoe ik tot mijn daad kwam? Ik begrijp het zelf niet eens, en ik heb haast geen woorden, geen zinnen die uit kunnen drukken wat ik voelde, wat ik deed, en het waarom.
Soms is 'waarom' slechts een woord.

Had ik het anders kunnen doen? Als ik terug denk aan de gebeurtenissen, het snoer van kettingreacties, vind ik daar geen logica, slechts chaos en eenzaamheid. Daar woont de kern, vermoed ik, de reden achter mijn gedrag.

Ik proef eenzaamheid op mijn lippen.

Ik heb mijn werk niet goed gedaan. Ik deed niet wat er van mij verwacht werd, en ik heb mijn opdrachtgever teleurgesteld. Mijn gedrag was onverantwoordelijk. Ik zou mij moeten schamen, maar ik voel een soort bevrijding: mijn last was veel zwaarder dan ik mij in de eerste instantie realiseerde.
Eeuwenlang deed ik trouw wat gedaan moest worden. Men haatte mij erom, verafschuwde mij. Ze zagen mij als de veroorzaker en dat was ik niet-
ze zagen de haler en niet de brenger.

Weet je, ze raakte mij. Dat verbaasde mij, want ik was onaanraakbaar. Niets kon mij deren, mijn ziel was zo dik bepantserd, met reden. Er was geen smeekbede die ik niet kon weerstaan, geen dreiging die ik niet opzij kon vegen. Oefening baart kunst, en ik had veel kunnen oefenen. Mensen zijn zeer inventief als ze bedreigd worden: scherpe katten zijn het, sissend, bloedend, haal en overhaal.
Ze trekken, duwen, slaan, weerstaan
rillen en schelden
vechten, smeken, huilen, vertellen mij dat het niet eerlijk is

Zij deed dat niet.
Ze was als een wilg.
Ik kwam naar haar, het was haar tijd. En ze glimlachte naar mij. Jong was ze,  bleek en mager. Een vechtster, een amazone, een die zo moe was, en nu in de laatste ronde stond, wetend dat de strijd bijna over was. 

 
Mijn hand was al uitgestoken, en zij stak de hare uit.
Ze staarde, intens, en ze nam mij, totaal onverwacht, in haar armen.
Ze wiegde mij, heel voorzichtig, en fluisterde tegen mijn haar.
'Zo eenzaam ben jij, zo onbegrepen'

Iets brak in mij.
Alsof er iets smolt, daar diep van binnen.
Mijn hoofd ging als vanzelf naar voren, en ik kuste haar op de bleke lippen. Ik zoog.
Ik zoog haar ziekte op, die vreselijke ziekte, het kroop in mijn mond en ik slikte het in.
Het smaakte bitter, een smerig ding.
'Leef' zei ik schor.
Voorzichtig maakte ik mij los uit haar omhelzing.
De kleur kwam al terug op haar lippen.

 

 

Art: Gustav, the kiss

 

 

Heksenles

zondag 28 juni 2009 11:59

hygecraft, tovenaars, hekserij, magie, alfheim, vormverandering, heksen, schrijf-experiment, terry pratchett

 

“Die man is nog nooit buiten zijn eigen kop geweest”

‘Meidenzeggenschap’, Terry Pratchett

 

 

Ik ben om. Het heeft jaren geduurd, maar nu ben ik om. Terry Pratchett, een fantasyschrijver, heeft mij bij de kladden. Deze man heeft een zeer bijzondere schrijfstijl. Mijn vrienden waren al lyrisch over zijn boeken, en probeerden mij al jaren aan de Pratchetts te krijgen. Nu ben ik een echte stier: als iedereen linksom gaat, zet ik mijn hoeven schrap en weiger mee te lopen. Daarom ben ik waarschijnlijk de enige op het Europese continent die de Harry Potter boeken niet heeft gelezen. Ik verdom het. Maar Terry heeft mij te pakken.

In het kader van mijn schrijfexperiment (het uitproberen van diverse schrijfstijlen) hieronder mijn eerste TerryPratchettschrijfpoging.

 

Vormverlies en heksenles: theorie

Mag ik even jullie aandacht? Dit is namelijk belangrijk. Ik heb geen zin om alles op het bord te schrijven, dus let op. Het is niet toegestaan om uilen in te zetten, de hoeden moeten af (ja, Damian, die van jou dus ook) en de staven gaan de gang op.

Nu.

 

In deze middenwereld, de wereld waarin wij leven, hebben de meeste zaken een herkenbare vorm. Die vormen zijn tastbaar, voelbaar, en zichtbaar. Misschien ook ruikbaar, maar dat is iets voor een andere keer. Een boom is een boom, en zelfs met ogen dicht herkennen je handen de vorm. De schors onder je handen, de structuur van bladeren, de vorm is bekend. Je weet dat het geen kookpot is, of zoiets onuitstaanbaars als een wichelroede: het is een boom omdat je hart dat weet. Naast de vaste vormen zijn er lossere vormen, zaken die kunnen veranderen van vorm. Zoals water, wat zich kan manifesteren in verschillende gedaanten. Magisch gezien is water dan ook zeer handig. Ook dat is iets wat wij straks gaan uitproberen in de praktijk.

 

Maar in magie hebben we te maken met andere werelden. En in die andere werelden wonen andere vormen. Vormen die mensenogen amper herkennen als vormen omdat er geen wiskundige theorieologie achter zit. Vormen die strikt gezien geen vormen zijn, maar ik gebruik het woord voor de vorm. Die dingen zijn niet aan-wijs-baar, niet aan-toon-baar. Sommigen zien niet eens toonbaar uit, onzedig gedoe, ze doen maar wat. Soms jatten ze vormen van anderen, maar het staat ze gewoon niet. Deze vormelozen zijn Van Een Andere Orde. Wezens, zaken en dingen die geen duidelijke substantie hebben van zichzelf, maar toch bestaan. Energievormen.

 

In die andere werelden zijn er plaatsen die er niet behoren te zijn maar er wel zijn. Dit is storend, want dit idee doet dingen met je hoofd. Een soort onzijn.  Die plaatsen wonen aan de andere kant van de werkelijkheid, daar waar ze niet malen om vormregels. Ze hebben daar ooit over poldervergaderd en besloten dat de regel is dat er geen regels zijn.

 

Stel je voor dat je geleerd hebt om daar naartoe te gaan, naar zo’n niet bestaande plaats met niet bestaande wezens, ergens in een uithoek in Alfheim of zo. Je moet leren hoe je er moet komen, en hoe je bescherming aanbrengt, want dit zijn gevaarlijke plaatsen. Gevaarlijk omdat jij wel een vaste vorm hebt, een middenwerelduiterlijk, opgepimpt volgens de laatste evolutiemode. Het hebben van een vaste vorm heeft zeker zijn voordelen, en de vormelozen weten dat. Omdat er een vaste vorm is kun je manifesteren, handelen zelfs, aanraken, betasten. En het kunnen gebruiken van de zintuigen kan een staat van opperst genot brengen. Als je wat ouder bent begrijp je dit vast. Stel je voor nu de geur van pasgebakken brood maar voor, of het gevoel van fluweel onder je handen, en dan begrijp je wat ik bedoel.

 

Ik dwaal af, zeg je nu, en dat is gedeeltelijk waar, maar niet helemaal. Je moet leren hoe je jezelf kunt beschermen, want de vormelozen zijn uit op je hug (persoonlijkheid) en je ham (huid), en niet in de laatste plaats op je önd(levenskracht). Deze vorm van Hyge-cræft is linke soep, geloof me, en komt pas ter sprake in het tweede heksenjaar.

Maar goed, stel, dat je naar die wereld kan gaan. Geleerd van de buurvrouwheks, van mij, of van een rondreizende tovenaar. Kan allemaal. Nou, daar, in die uithoek, kun je leren over vormverandering. Daar waar ‘vorm’ slechts een woord is, kun je leren hoe je uit je huid sluipt, hoe je een andere huid leent, en, niet geheel onbelangrijk, hoe je weer terug komt in je eigen vel. Daar op die plaatsen kun je leren over energievelden, hoe je die oproept, en hoe je zo’n veld kunt opvouwen, verkleinen, mee kan nemen, weer neer kan zetten. Dit is bruikbaar als je geliefde wordt bedreigd door een groep deurwaarders/boze Vikingen, als je wilt vluchten voor je schoonmoeder/heks uit een naburig dorp of als je van plan bent iemand een beetje te plagen, net als de persoon in kwestie zich in haar of zijn bed omdraait om in te slapen.

 

Als je die wereld wilt betreden, neem dan altijd een helper mee, een gids, of een god. Pas op voor oneerbare goden en gevallen engelen. Neem nooit snoepjes aan van goden met rood haar, en pas op voor mengelingen. De goedaardigen van geest doen geen nieuwerwetse dingen met mengtover, hoewel ik hoorde over een moderne stroming die juist dat adverteert waarvoor ik nu waarschuw. Mijn punt is, ja, vormverandering is te leren. Op de middenwereldse manier, waarbij je een vorm aantrekt van iets anders, iets met een gedegen vaste zonderpoespasvorm. Daarmee zou ik eerst gaan oefenen.

 

~~~~De bel gaat~~~~~~

 

Moment! Voordat je wegrent, het huiswerk voor morgen:

 

Lees deze les nog een keer. Probeer dan een half uur uit je eigen hoofd te sluipen, en ga op zoek naar een leenvorm. Eentje in de middenwereld. Zet wel een kookwekker.

 

 

 

 

Naakt

zaterdag 27 juni 2009 11:39

eretekens, tatouage, harnas, basis, oorlogswonden, littekens, naakt

 

 

Nu mijn jagersdagen over zijn en het stil is van binnen, zie ik slechts mijn eigen naaktheid. Er is geen harnas meer, geen bescherming, slechts huid en botten, losjes gedrapeerd over dat wat men ziel noemt.
Ik draag nu slechts mijn haar
en de tekens, de zichtbare en de onzichtbare
Elk teken waardevol, een herinnering aan een gebeurtenis die mijn wereld schokte.
Een slang kronkelt over mijn enkel en verbind mij aan de aarde
koraalslang rood
De uil op mijn rug fladdert zachtjes,
oehoed liefdesliedjes in mijn hals.
Pictures on my skin.

Maar nu het stil is van binnen zie ik ook die andere oplichten, die tekens die wij allemaal dragen, daar net onder het oppervlakte. Ze sieren onze huid en zwemmen onder spieren: het zijn de resten van opgelopen wonden en de dolken in de rug. Elke handeling liet sporen achter, een landkaart scheppend van ongezien geweld, een slagveld van harde woorden en daden jou aangedaan.

Hij zit achter mij en zijn handen raken mijn rug. Vingers strelen de contouren van die doodslijnen, die diepe lijnen, de kraters geslagen door verraad. Ik voel de vingertoppen zoeken, daar waar ik niet kan zien, daar in de blinde hoek.
"Je bent mooi" zegt hij in zijn zangtaal.
"Hoe kun je dit nu mooi vinden? Het is een slagveld!"
"Ik loop er graag"
Zijn wijsvinger loopt een kronkelpad op mijn ruggengraat.
"Deze bijvoorbeeld. Het rode pad, de grootste wond, weet je nog? Het pad van de Jaagster, het pad van de speer. Het begint al te helen, nu alleen de hechtingen nog eruit"
Hij geeft een ruk, ik zeg au, hij trekt een hechting los.
Ik schiet naar voren en hij trekt mij naar achteren.
"We zijn nog niet klaar, dear"
De palm van zijn godenhand raakt mijn heup.
"Hier, deze is ook zo mooi. Als een grote blauwe plek woont het hier, vlakbij je basis". Hij buigt zijn hoofd om het te kussen. "Er was geen basis, maar dat wist je niet'"
Zijn armen draaien mij om. Hij legt zijn handen op mijn dijen. Daar lopen littekens, met een zachte curve naar boven. Vingers volgen steels de ronde vormen.
"Oorlogswonden, vrouwenwonden. Kijk en wend je ogen niet af. Ze zijn nu zichtbaar in de stilte, en ze zijn prachtig"
Ik kijk naar de spiraalvormige paden, pijnrivieren. Ik zie dat ze geheeld zijn. Ze doen geen pijn meer, ze zijn. Mijn huid vertelt het verhaal, het is een canvas, een schilderij, mijn schilderij.
"Doe je ogen dicht" gebied hij.
Ik sluit wimpers, en voel zijn handen op mijn naakt. Hij tekent, hij kerft, hij ritst runen op mijn wit. Na een eeuwigheid mag ik kijken, en ik zie het veranderde huidlandschap. In de pijnrivieren zwemmen nu roze vissen, en bloemen kronkelen op mijn armen. Mijn borsten nu een lotuszee, mijn schoot een oase.
"Dit is hoe ik jou ziel zie. Geen harnas meer. Blijf nu naakt"
Ik knik in stilte.

 

 

 Lost

 

 

 

Achterdochtig (4)

woensdag 24 juni 2009 10:00

achterdocht, emotie, teleurstelling, schuld, angst, vertrouwen


























Gisteren sloop ze bij mij naar binnen, de kille, op van die stille voeten. Ze zocht een comfortabele stoel op de eerste rij, en installeerde zich daar. Een sluipmoordenares met kwade raad, zure fluistertonen, en 'zie je wel' zinnen.
'Nooit zomaar je vertrouwen geven, ik zei het je toch' zegt ze nu.  Ze steekt een sigaret op.
Langzaam blaast ze de rook uit. Haar blik is triomfantelijk. 'Ik heb je nog zo gewaarschuwd!'

Mijn hoofd doet pijn. Daarbinnen vallen puzzelstukjes op hun plaats. Ze schuiven en buitelen, laten verbanden zien en betekenissen.

‘Dus daarom zei hij…’
‘Precies. Zie je het nu?’ Ze knikt begripvol.
‘En daarom reageerde hij zo..’
‘Ja. Het spijt mij dat je er zo achter moest komen’

Het sp
ijt haar helemaal niet. Ik zie het aan haar gezicht. Ze geniet.
‘Weet je..’ zeg ik. ‘Jij helpt mij niet’.
‘Dat staat ook niet in mijn contract’  zegt ze, terwijl ze zich uitrekt en achterover leunt.


Dit is deel vier van de emotieserie. Het doel was, om zo klein mogelijk een negatieve emotie en de impact te beschrijven.


Deel 1: Angstig
Deel 2: Schuldig
Deel 3: Teleurstelling


Art: onbekend

Teleurstelling (3)

dinsdag 23 juni 2009 10:00

meermin, medogenloosheid, hardheid, troebel, drogbeelden, emotie, teleurstelling

































Even voel ik de volle diepte van teleurstelling. Even waad ik door dit troebele water, daar waar algen drijven en houvast zoeken aan mijn heupen. Dan zet ik doelbewust een stap naar voren, zodat ik het dieper kan voelen. Groen omarmt mij in deze koude poel, en modder verwelkomt mijn voeten.
En heel bewust ga ik even, heel even, kopje onder om de impact ten volle te voelen.
Met open ogen kijk ik naar Teleurstelling, zij die onder water woont, de meermin.
Haar armen dragen drogbeelden. Ik wil ze niet meer.
Ze draagt nog meer, en ik wil het niet meer.
Ik bedank haar in stilte voor haar hardheid en medogenloosheid.
Dan waad ik naar de aardse grond, en veeg dode algen van mijn schouders.


deel 1: Angstig
deel 2: Schuldig

art: Good old Gustav Klimt

Schuldig (2)

maandag 22 juni 2009 10:00

schuldig, schuldgevoelens, emotie, ontrouw

































Ik draag haar. Ze woont net achter mij, daar waar ik haar net niet kan zien. Ze loopt met mij mee en ze fluistert in mijn oor. Ze beoordeelt mijn daden en werkt op mijn zenuwen.
Haar stem is zacht en dringend, niet begrijpend, vragend ook.

"Waarom doe je dit?"
"Ga weg alsjeblieft"
"Je nodigde mij zelf uit"

Ik probeer haar te negeren maar het werkt niet. Heel soms is ze even weg, even vervaagd, dan denk ik niet aan haar en doe wat ik doe. Maar als de stilte mijn hart insluipt- en ik alleen ben met mijn gedachten, wacht ze mij op.

"Waarom doe je dit?"
"Donder op"
"Je nodigde mij zelf uit, vrouw’"


"Je bent niet eerlijk" zegt ze, fluisterend haast. "Ben je jezelf vergeten?"
"Nee. Niet vergeten. Ik weet wat ik doe"
"Waarom geef je jezelf weg?"

"Waarom zeg je dat?"

Haar toon is indringend. Ze staat niet langer achter mij, maar naast mij. Ik kijk in mijn eigen gezicht, het is te confronterend-
en ik kijk snel weg van haar.
"Jij weet uit ervaring
hoe het voelt. Waarom wil je het nu een ander aandoen?"

"Je hebt gelijk"
Ik kan niet anders dan toegeven.
Ik kan niet anders dan weggaan.
Ik kan niet anders. 

Deel 1: Angstig
 

Art: onbekend

Angstig (1)

zondag 21 juni 2009 10:00

angstig, aanval, achtervolging, emotie, verlamming, dolk

































Ik kan niet bewegen. De touwen zitten strak om mijn polsen, en zijde beneemt mij de adem. Vrouwe Verlamming staat naast mij, verheugd. Gracieus buigt ze naar mijn gezicht, en streelt het.
Haar aanraking voelt als ijs en haar glimlach is een scherf.
‘Lekker…’ zegt ze.
Ze kust mij met bleke lippen, ademloos. 
Een touw laat los en valt.
Dan verandert de Dame van vorm, de bleekheid snelt weg, en haar flarden zijn nu rood.

Ze is nu de Jaagster, en in haar ogen schemert Achtervolging.
Ik vind mijn adem weer, die nu snel (te snel) galoppeert, en mijn rokken oppakt
ik vlucht
en ze haalt mij in,
haar adem zo dichtbij
Nee!
Als ik blijf staan pakt Vrouwe Aanval haar dolk.
Vecht dan, sissygirl
Polstouw rafelt.
Ik sla haar hard, met de vlakke hand.
Nu woont de angst bij haar.


Morgen het vervolg. Bedoeling: minder prettige emoties zo kort mogelijk omschrijven.

Art: onbekend

Profielfoto Linda  Morgan

Linda Morgan

Woonplaats: Amsterdam
Vrouw, 40 jaar
  • Niet verplicht
  • Je boodschap moet minstens 5 en hoogstens 1500 tekens bevatten
  •  

Boeken

Er zijn veel mensen zo dom,  

 

ze geloven slechts in dat wat ze zien met eigen ogen,

dat wat ze horen met eigen oren.

Ze geloven slechts dat wat men kent.

Ze geloven niet in de raad van de Oudsten,

of in de kracht van helden

en niet in seidr, huklaraskap, de kracht van de geest.

Niet in de krachtige toverij, fjölkynngi.

Seidkona’s, seidhmadrs, bewegers van de elementen,

zoals Odin het kon,

en zij die het leerden van hem.

proloog van Gongu Hrolfs saga

 

 

 

 ‘Seidr, het Noordse pad - werken met magische en sjamanistische sporen in Noordwest-Europa’

 

 

Het is tijd. Tijd om te kijken naar de spirituele gebruiken van onze Europese voorouders, hun wereldbeeld, hun rituelen, hun goden. In de grond onder onze voeten huist kennis over hen, in het landschap woont nog de oude magie. Noordwest-Europa is een schatkist vol wijsheid en die schatkist staat open voor hen die zich willen verbinden met hun wortels en met het land.

Met haar boek ‘Seidr, het Noordse pad’ zet sjamaniste en rituelenbegeleidster Linda Wormhoudt die schatkist vol wijsheid wagenwijd open. Tijdens de presentatie zal ze vertellen hoe ze ertoe is gekomen zich te verdiepen in seidr en de twee sporen die ze daarbij heeft gevolgd. Enerzijds verzamelde ze de schaarse informatie over seidr die nog te vinden is in de Noordse proza, de historische bronnen en de archeologische informatie. Anderzijds deed ze onderzoek door ritueel, experimenteel en veldwerk op sacrale plaatsen in Noorwegen, Lapland en Nederland. Deze aanpak heeft geleid tot een veelzijdig boek met zowel historisch bronmateriaal als persoonlijke ervaringen met en verslagen over oeroude rituelen en nieuwe spirituele wegen.

 

 

 

Over het boek:

Het oude Noordwest-Europa. Vanaf het continent druppelden doorlopend immigranten Scandinavië binnen. Ze brachten hun religieuze gewoonten, priesteressen en priesters met zich mee. Vrouwen en mannen die werden geroemd om hun kennis van verleden, heden en toekomst, hun band met het land en hun magische capaciteiten. Hun religieuze beelden worden in de loop der tijd aangeraakt door die van de al aanwezige Scandinavische volkeren: de Finnen en de nomadische Sami. In oude wetsbepalingen, de IJslandse saga’s, de Edda’s en de Noordse mythen lezen we over mysterieuze mensen, die afhankelijk van hun specialiteit onder meer vala, völva, seidkona of seidhmadr werden genoemd. En over de magie die ze uitoefenden: seidr.

Veel kennis over religie en spiritualiteit in het prechristelijke Noordwest-Europa is verloren gegaan, maar vooral in de Scandinavische landen zijn er nog sporen te vinden. Sporen die spreken van magie, tovenarij en sjamanisme. Oude wetten die handelen over vervloekingen, magische platformen en menselijke beïnvloeding van het weer. Verhalen die vertellen over de mensen die seidr bedreven. Mensen die spraken met de voorouders in hun grafheuvels, communiceerden met de landgeesten en orakelden voor de gemeenschap. Ze zaten op hoge zetels, hadden contact met het dodenrijk, werden verguisd, gevreesd en geëerd. Wie waren deze mensen? Waren het heksen, sjamanen of priester(e)s(sen)? Wat was hun band met het land? Wat deden zij precies? En wat kunnen wij van hen leren?

 

21x23cm, 408 p., pb, 2 kl., geïll. € 39,50

ISBN 978 90 77408 74 2

een uitgave van A3 boeken, www.A3boeken.nl

 

 

Mijn boeken

foto

Mijn eerste boekenkind, "Goden en sjamanen in Noordwest Europa'', is klaar.. Het volgende boek, ''Ademtocht, verhalen over de dood'' kwam uit in oktober 2009. Mijn derde boek verschijnt in februari 2010.

 

 

 

 

 

 

Serieblogs

foto

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Driedelige serie over Kurdistan:

ZwerfKind

BergGodin

Zeestad

 

Driedelige serie over een vreemde engel:

AchterVolger

BeschermHeer

Veerkracht

 

Vierdelige serie over seksueel geweld

Vermoorde onschuld

Aangifte

Schuldgevoel

Dag des Oordeels

 

De Boeketreeks.. een serie verhalen met een knipoog, geschreven door meerdere blogschrijvers..

RavenVeer: de bijdrage aan de dierenthemadag.

De foute Orka:VK Wetenschapsdag

 

Serie over bedreigde talen

De laatste spreker

Wanda en de vis

 

Serieblog over kind en cultuur:

ChinaGirl (eenouder politiek in China)

Het Witte Offer (Albinokinderen in Afrika)

 

Over ziel en zaligheid

Kant en pak deel 1

Hakken en lak deel 2

Door het Lint deel 3

 

SchemerZone

KoelBloedig

 

Het kind, de berg en het water:

Loshouden, vastlaten

Scherp

De oversteek

Watervrees

Schelpendood (slot)

 

Alice

Alice gaat schaken (1)

Alice naakt (2)

Alice en de egelvrouw

Alice jaagt Alice en de prooi

Alice en de bittere bloemen

 

Serie over negatieve emoties: 

Angstig

Schuldig

Teleurstelling

Achterdocht

 

 

Godendialogen:

Dwaalgod

Godenstilte

Woestijngod

 

 

 

Groepen

Amsterdam

Amsterdam

Opgericht door Marjolein op maandag 15 juni 2009 17:22, 16 leden

Belevenissen in de hoofdstad. Voor iedereen die zich hier thuis voelt, maar soms ook wel eens wenst dat hij/zij ergens anders was.

Cultuur & geschiedenis

Cultuur & geschiedenis

Opgericht door Linda Morgan op dinsdag 26 mei 2009 18:33, 35 leden

geschiedenis, cultuur, gebruiken, antropologie, geschiedenis

Haiku, Senryū en Tanka

Haiku, Senryū en Tanka

Opgericht door Linda Morgan op woensdag 27 mei 2009 13:34, 17 leden

De titel zegt het al.

Met kinderen

Met kinderen

Opgericht door thera op dinsdag 26 mei 2009 18:24, 46 leden

Opvoeding, problematiek, onderwijssystemen, perikelen op school, luisteren naar elkaar, anekdoten, ontdekkingen en bijdragen van kinderen zelf

Schrijfplatform

Schrijfplatform

Opgericht door Linda Morgan op dinsdag 26 mei 2009 18:00, 44 leden

schrijftips, positieve en opbouwende kritiek, opdrachten, alles wat met schrijven te maken heeft!

Stich

Stich 'n Bitch

Opgericht door pas_ivy op dinsdag 30 juni 2009 13:27, 8 leden

Handwerken is in.

Inspiration

foto

Naast de Volkskrant, vertoef ik ook op hyves. Kom eens kijken!

Links

RavijnVrouw
VegaBuizerd
Dodenlied
Cappuccino en Sneeuw
BlogVlinder
Aangifte
Mijn Engel
Stamboom
Tovenaar
Vuurbloem
Spoorloos
PoolZoon
Apocalypse
De vrouw, de aria en de vlinders
Het vierde gezicht
Duel
Ondervraging
ZwerfBloed
Kant en Pak
Heft in handen
WeesBoek
Samensmelting
TheeCeremonie
Plichten van de mens
Gothchick Forever!
Schuldgevoel
DrempelVrees
Het kleden van de ziel
VlinderZinnen
Tijdslijn
ChocoladeDans
WebWeefster
Wurgtouw
MuurBloem
Genadeslag
Loshouden, vastlaten (deel 1 van serie)
HeuvelVrouw
GodenGeschenk
Labyrinth
Kruispunt
Eerste Vrouw
Wanda en de vis
De Laatste Spreker
De Verleiding
SchemerZone
Dag des Oordeels
Dol-Fijn
Liefdeslijn
Hak en Lak
Taakstraf
Mijn Keuze
De laatste tram
De Neanderthalerman
Eva's Wraak
Achter-volger
Alice gaat schaken (deel 1 van serie)
Schaduwzijde
Golden Girls
Polderlied en niemandsland
De foute orka
GeestTrein
VrouwenGeheim
Door het Lint
De Wens
Schaamteloos
De spreuk is Tover
Vikingdroom
KoelBloedig
FlowerPower
Het brengen van offers
Schaduwkant en duister fluweel
ChinaGirl
De Andere Wang
Stilte?
Odin's mantel
HertenJaagster
StruikSchat
Ongetemd
ZusterSchap
Stoute Schoenen
De IJsval
Noodpakket
Rode Aarde
Geesteskind
Eindelijk
Wyrd Love
LiefdesBrief
Ontmanteling
SpiegelBeeld
Weefzuster
DonsVeer
VegaBuizerd
Ochtenlicht
Visserslatijn
Het wijzen van de weg
Het Witte Offer
StamMoeder
Vermoorde Onschuld
Ravenveer (themadag)
Ik ben terug
LevensWiel
Bermaltaar
Ik lok je
StraatMadelief
BoekenKind
Boze Wolf
Hoe ver zou ik gaan?
Alice naakt (2)
Vleugellam
KraaienMan
De Verdwijning
Zoektocht (Imram)
Handreiking
Ik wist het niet
Klaagmuur
Naakt
De laatste vlinder
Schuldig
Shoot from the hip
Dwaalgod
Septemberlicht
Angstig
Doodsritueel
Godenstilte
Teleurstelling
Heksenles
Ademtocht, het tweede boekenkind
Woestijngod

Als kat en hond

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Laatste reacties

persona

Ademtocht: het tweede boekenkind
Linda Morgan: Ja, ik zag het Koen.

persona

Ademtocht: het tweede boekenkind
koen: Dag Linda, hoe gaat het met je? bij mijn enerlaatste blogbijdrage …

persona

Doodsritueel
Linda Morgan: Hoi Laila, Eerlijk gezegd heb ik niet het gevoel dat ze …

persona

Doodsritueel
laila: Wat is het al weer lang geleden; je laatste bijdrage. Ik …

persona

Doodsritueel
Ivy (Heyta): Hoi Lin, mag ik je nog even uitnodigen bij mijn …

Archief / RSS

Bekijk het hele archief van Linda Morgan, of klik op een van de jaren hieronder om een deel van het archief te ontsluiten.

2009
2008
2007

Zoek in het archief



Zoeken

Abonnementen

Alle blogs rss google netvibes
Deze gebruiker rss google netvibes

Statistieken

TelMiep
  •