
De lente staat deze week stil.
verjagen, vijver, kasteelpark elsloo, tussilago farfara, klein hoefblad, wilde eend, stilstand, lente
Het is overal te zien, de sneeuwklokjes, crocussen, winteraconietjes bloeien, maar de rest houd zich gedekt. Ondanks de felle zon blijven knoppen dicht en vogels stil.
Even pas op de plaats tot het weer veranderd, hopelijk snel.
In de zon wat liggen de luieren, dat vind dit eendje beter, dan aan een nest beginnen. Toch heel waakzaam, ze houd me goed in de gaten.
Dit gaat op voor alle vogels rond de vijver, de vijf eendenpaartjes, de drie waterhoentjes, de reiger, je moet heel veel geluk hebben om een foto te kunnen maken.
Hoe is dit mogelijk denk ik dan, ja ze worden steeds weggejaagd door leden van de visclub. Wat mij betreft kan die niet snel genoeg verdwijnen.
Een ander de stel, het woerdje ziet er prachtig uit, zo in de zon.
Toch een lentebode, het Klein hoefblad [Tussilago farfara] een van de eerste bloemen in het voorjaar, drie bloemetjes op een hele zonnige plek.
Hoewel een heel mooi plantje , niet zo gewild, het kan behoorlijk woekeren.
Eerst komt de bloem, daarna het blad.
Het behoort tot de composieten of samengesteldbloemigen. Dit betekend dat de bloemen zich in het midden bevinden, met straalbloemen als lokkers van insecten.
De zaadjes kunnen aan hun paraschutjes flinke afstanden afleggen.
Het groeid het liefst op grond de licht betreden wordt of is omgewerk.
Heb je het in de tuin, dan moet je alle wortelstokken uitgraven om het kwijt te raken.
Barnsteen.
barnsteen, amber, sieraad, voorkomen, ontstaan, fossiele hars, gebruik
Barnsteen, steen? Daar lijkt het niet echt op, dat klopt het is fossiele hars.
Lang geleden in het Eoceen [ een 50 miljoen jaar geleden] stonden in het noorden van wat nu Europa is, grote wouden van naaldbomen. Deze bomen scheidde hars af om wonden te bedekken, zoals bomen en vooral naaldbomen nu ook nog doen. Soms viel die hars in het water of in het moeras en werd zo afgesloten van zuurstof. En dan kan het omzettings proces beginnen. Want er de oliën moeten uit de hars om een stevig stuk barnsteen op te leveren. Zuurstof blijft een vijand van barnsteen, want het maakt het dof en dan moet het opnieuw gepolijst worden.
Barnsteen met enkelen insecten uit het oostzee gebied.
Nog begeerlijker wordt barnsteen als het duidelijk insecten of planten en dierenresten bevat.
De naam barnsteen, Duits bernstein komt van het Nedersaksch woord börnen dat branden betekend. En barnsteen kan inderdaad branden. In het Engels wordt het Amber genoemd.
Donker rode barnsteen, jamaica.
Doorzichtige barnsteen met luchtbelletjes, Vuurland Chili.
Waarom barnsteen? Het is prachtig, gemakkelijk te bewerken. Dus het lijkt wel gemaakt om sieraden van te maken. Bij vele prehistorisch opgravingen zijn al sieraden van barnsteen gevonden en het is nooit weg geweest.
We vinden het nog steeds prachtig.
Als we het in Nederland over Barnsteen hebben, dan bedoelen we de Oost zee barnsteen, deze wordt een groot gebied gevonden, hoewel tegenwoordig vooral Samland en Kaliningrad de grote producenten zijn.
Over de hele wereld wordt barnsteen gevonden, het meest uit het Krijt en het Tertiair, maar de oudste komt uit het Carboon en de jongste is pas enkele duizenden jaren oud, deze jonge barnsteen word copal genoemd.
De kleuren variëren van licht geel tot donker rood en alles wat er tussen zit. In de Dominicaanse Republiek wordt zelfs blauwachtige barnsteen gevonden. Zo heeft elke vindplaats een eigen verhaal.
Wat uit dit kaartje blijkt is dat er ook barnsteen is gevonden in onze kolenmijnen [ dus uit het carboon] en in de bruinkoolgroeven in Duitsland, bij midden Limburg net over de grens.
Dit zijn alleen de belangrijkste vindplaatsen.
Barnsteen is dus niet zeldzaam, maar barnsteen die mooi genoeg is om sieraden of gebruiks voorwerpen te maken wel. Maar ook minder mooie stukjes werden gebruik.
Net als de ketting die ik hier laat zien, deze is gemaakt uit stukjes die niet goed genoeg waren voor de verkoop en is bovendien het resultaat van huisvlijt.
Een honderd jaar geleden van Polen naar Canada geëmigreerd. Een zoon kwam als soldaat in de tweede wereldoorlog in Sittard terecht, leerde daar een nichtje van mijn moeder kennen. Na afloop van de oorlog zijn zij getrouwd en is een deel van de familie mee gegaan naar Canada en de USA. Daaronder de vader van de bruid, die de tweeling broer van mijn oma was. Mijn oma is een paar keer, helemaal alleen, naar haar familie geweest en bij een van die gelegenheden kreeg ze de ketting. Ik ben haar eerste kleinkind en heb de ketting van haar gekregen. Ik draag hem regelmatig.
De das [ Meles meles] is onze grootste marter. Lichaamslengte 60-80 cm, staart 15-25 cm. Gewicht 9-12 kg.
Zoals bij bijna alle zoogdieren zijn de mannetjes groter dan de vrouwtjes.
Ik woon in een streek waar nog meerderen dassenburchten zijn en waar je nog een das kunt zien. Meestal in de schemering, want het zijn nachtdieren. Het heeft er naar uit gezien dat de das uit Nederland zou verdwijnen, maar een beschermingsprogramma werpt nu zijn vruchten af.
das in het Sieckendaal [ tussen Catsop en de A2, net ten zuiden van Elsloo]. gemaakt op 8-2-2010, vroeg in de morgen door Pierre Reubsaet.
Kaartje, Nederlandse Zoogdieren Vereniging.
De das is een alleseter, wormen, kevers, kleine zoogdieren, maar ook vruchten vormen het dieet. Dat wordt gezocht in een territorium dat wordt afgebakerd met geurtjes.
Das bij Burcht, foto, Orland, Noorwegen.
Dassen graven met hun sterke voorpoten hele gangenstelsels, met verschillende kamers.
Die kamers worden voor apart doeleinden gebruik. De woonkamers worden regelmatig voorzien van vers gras en sto.
In een burcht kunnen enkelen families wonen en een dergelijke burcht kan wel honderd jaar blijven bestaan.
Het wijfje werpt na een draagtijd van 7-8 maanden, 3-4 jongen in een aparte kamer, waar ze 8 weken verblijven. Daarna neemt moeder hun mee naar buiten en leren ze de anderen dassen kennen.
Dassen leggen een stevige vetlaag aan voor de winter en ook een voorraad voedsel. Ze houden winterrust en geen winterslaap.
Dassen werden gevangen voor het vet, waar geneeskracht aan toegekend werd, het haar en voor gruwelijke honden gevechten.
Dit is in Nederland verboden en ik meen ook in anderen landen van Europa.
Maar dassen worden nog steeds gevangen en ook het verkeer is een grote vijand.
Dassensporen in de sneeuw, foto, James Lindrey.
Voor wie ze een keer goed gezien heeft, zal ze overal herkennen.
Verspreiding Das, wikipedia.
Bulbophyllum falcata en Paphiopedilum hybride.
orchideeën, bloei, bulbophyllum falcata, paphiopedilum hybride
Het mag dan buiten weer winter lijken, binnen bloeien de orchideeën volop.
Eerst een Papiopedilum hybride.
Vraag me niet welke soorten er allemaal in zijn gebruikt, maar het is een mooie bloem.
De bouw van het schoentje, de beharing, een meeldraad, het staminodium of schildje dat de insecten moet lokken. Het is allemaal mooi de zien. Alleen de stamper, die zit achter het schildje.
Bulbophyllum falcata is een soort uit tropisch Afrika, met een zeer aparte bloeiwijze, de plant heeft het graag warm en matig vochtig. Ik ben blij dat ze weer in bloei is.
Een hele aparte bloeiwijze, een schutblad met twee rijen hele kleine bloemetjes.
De bloempjes zijn in de lengte 4 mm en in de breedte 2 mm.
Tussen de twee langwerpige bloemblaadjes zit achter een kapje het meeldraadklompje.
De stempel op het gele stukje er voor, Het lipje is maar klein met wat rose er op.
De bloembladeren zijn klein op het recht opstaande kroonblad na, wat de meeste aandacht trekt.
Zo maar rondwandelen en kijken.
elsloo, bunderbos, maas, zwanen, hemelbeek, spoorlijn, spoorbrug, natuur, wandelen
Ja, een geliefde bezigheid, altijd wel wat te zien en als de zon schijnt, heerlijk.
Zo kwam ik er achter waar de zwanen zich bevonden, in een nog redelijk weiland in België.
Toen ik ook de Maas nog wilde fotograveren waren de batterijen
leeg
Maar vanaf mijn uitkijkpunt had ik de Maas al bekeken, voorlopig nog geen hoog water.
Wat ook opvalt is de monding van de Hemelbeek in een afwaterings sloot, in de zomer helemaal onder het groen.
En dan helemaal boven waar de spoorlijn het Bunderbos binnegaat.
De brug is gelijk gemaakt, dus al net zo oud, uit 1864.Een helemaal aan elkaar geklonken ijzeren brug, waar we heel zuinig op moeten zijn, want er zijn er nog maar twee in Nederland.
Richting Elsloo, links terhagen.
Via dit modderig pad, kom je in een mooie holle weg en het weilandje met de roeken.
Nog even en we moeten weer aan de slag.
weiland, natuur, corvus frugilegus, roek
We lopen nog lekker in het zonnetje rond, manlief niet te ver gaan.
Maak je niet druk, kijken of er wat lekkers te vinden is.
Kijk eens wat ik gevonden heb, kan het bijna niet in mijn snavel houden. Zouden we dat voor ons nest kunnen gebruiken? Nee toch maar niet, het is te ver vliegen. Maar nog even dan moeten we toch echt gaan beginnen, hoor je mij schat?
He, er staat iemand te gluren, even verstoppen.
Tijdens mijn wandeling zaterdag, trof ik ook een paartje roeken
in een weilandje, die nu niet bepaald schuw waren
Als je zelf geen tuin hebt.
sneeuwklokje, crocus, winteraconiet, kerstroos, lente, tuinen, korstmos
Dan moet je gaan kijken bij anderen, alleen hebben niet alle
mensen door hoe belangrijk hun voortuintje is, voor het groene
aanzien. Helaas
Maar van sommige tuintjes is het genieten.
Helleboris niger of kerstrroos, die nog heel veel op de originele plant lijkt. er zijn veel hybriden in de handel die toch gewoon kerstroos genoemd worden.
De foto is vanaf de stoep gemaakt, dus het stokje staat er helaas ook op.
Het kleine fijne crocusje, maar wel de mooiste.
De mooiste sneeuwklokjes tuin van Elsloo.
En de vroege zonnetjes, het winterakonietje.
En het fraaie korstmos Xanthoria parieta of groot dooiermos of oranje steenmos. Groeit zowel op steen als op boomtakken.
De Hazelaar bloeit.
boomhazelaar, voedsel, natuur, hazelnoten, bloei, lente, corylus avella, hazelaar
De hazelaar [ Corylus avella]de eerste inheemse plantensoort die in bloei komt, is vaak meer een grote struik met meerdere stammen dan een boom. De hazelaar is inheems in Europa tot aan de Kaspische zee. Alleen in het noorden ontbreekt ze. De hazelaar groeit het beste op een lichte lemige, vochtige en wat kalk bevattende grond. Van nature dus op de hoge gronden, maar wordt veel in parken en plantsoenen aangeplant. De hazelaar kan goed tegen schaduw en hoort van nature thuis in de rijkere loofbossen. De hazelaar is een belangrijke voedselplant voor vogels en zoogdieren en in vroegere tijden ook voor de mens.
De hazelnoten in de winkel komen uit zuidelijker streken waar ze speciaal, samen met de boomhazelaar gekweekt worden. De opbrengst is daar ook groter. Wat ondanks de natuurlijke bescherming, is bevriezing van de pas bestoven vrouwelijke bloem niet helemaal uitgesloten. Na bestoven te zijn, blijft de kiem rusten tot na de langste dag, pas daarna groeit ze uit tot vrucht.
Of de vrouwelijk bloem of de mannelijke bloemen bloeien het eerst. Dit om kruisbestuiving mogelijk te maken. De kleine rode tentakeltjes vangen het stuifmeel, dat door de wind verspreid wordt op.
Na de ijstijd was de hazelaar een van de eerste houtgewassen die ons land weer bereikte, negenduizend jaar groeit ze al in ons land. Alleen de berk en den waren er nog iets eerder.
Door de harde wind vandaag was het onmogelijk de foto's buiten te maken, dus de foto's zijn binnen gemaakt.
Het stuifmeel wordt door schubben bedekt, bij de bloei gaan die uitelkaar staan, zodat het stuifmeel vrij komt.
De boomhazelaars bij mijn appartement bloeiden al half december, ze zijn daarna heel snel bruin bevroren, nu afwachten of er toch vruchten komen. Hier kun je ook weer aan zien dat het om een zuidelijke boom gaat.
Soms moet je geluk hebben, net op het juiste moment kunnen reageren.
Rhodocrosiet.
rhodocrosiet, mangaancarbonaat, mineralen, ertsen, geologie
Nog een prachtige siersteen, niet zo bekent, maar bij het zien van de foto’s zullen vele toch denken, dat heb ik meer gezien.
Want de mooi gebande en prachtig gekleurde stukken worden vaak tot siervoorwerpen verwerkt en ook tot sieraden.
Vooral kralen zijn gewild.
Bij een mineralenverzamelaar als ik, zijn dan weer kristellen erg gewild.
Dit stukje komt uit Argentinië
Rhodochrosiet is een mangaancarbonaat, MnCO3, met een hardheid van 3,5-4, het grote euvel van carbonaten. Dus voorzichtig behandelen.
Het komt vooral voor in ertsaders en sedimentaire afzettingen van mangaan. Het bevat 42-43% mangaan en wordt dan ook als mangaanerts gebruikt
De naam duidt op de kleur, Grieks rhodon is roze en khrosis is kleur.
De kleur varieert van licht tot fel roze, maar ook zalmkleurig komt voor.
De mooiste kristallen komen tegenwoordig uit Zuid Afrika, terwijl de mooiste compacte afzettingen uit Argentinië komen
Deze kristallen komen uit de mangaanvelden, Kalahari, Zuid Afrika, de donker grijze tot zwarte strepen is mangaanerts.
Op kwarts met pyriet, Capnic, Roermenië.
Zalmkleurig, Colorado, USA
De Winterkoning.
winterkoning, troglodytes troglodytes, natuur, natuurbeleving, vogels, broeden, zingen, lente
De Winterkoning.
Onze winterkoning [Troglodytes troglodytes] is de enige van de 85 soorten, behorende tot deTroglodytidae, die in Europa en Azië woont. De anderen leven allemaal in Noord en Zuid Amerika. De naam betekent holbewoner.
Het is het op een na kleinste vogeltje van ons land, met een lengte van 9,5 cm en een gewicht tussen de 8 en 13 gr. Mooi bruin gestreept sluipen mannetjes en vrouwtjes tussen de struiken, op zoek naar insecten. Voor zo een klein vogeltje kan het mannetje een flinke keel opzetten.
Foto, Pére Igor, Vendée Frankrijk.
Het mannetje is een echte bouwvakker, hij bouwt meerdere bolvormige nestjes, liefst ook nog in een holte.
Als een vrouwtje een van de nestjes goedkeurt, bekleed ze het met oa, met veertjes en legt er 5-8 eitjes in. Het broeden, duurt 16-17 dagen en 16 dagen later vliegen de jongen uit.
Het mannetje helpt bij het voeren.
Een van de jongen is net gevoerd.
De poepjes worden in een vliesje verpakt afgevoerd.
Foto’s, Sonja Kübelbeck, Duitsland.
Er volgt nog een tweede en soms nog een derde broedsel. Een sterk mannetje wil ook nog wel een tweede vrouwtje aan een nestje helpen, maar dan wordt het zeer hard werken voor hem.
De nestjes worden ook gebruikt om in de slapen en zeker in een koude winter kruipen meerderen winterkoninkjes bij elkaar in een nestje.
Een koude winter kan 75% het leven kosten.
Dus de naam zouden we eens snel moeten veranderen.
Ik kon het niet laten om mijn geborduurde winterkoninkjes erbij te zetten.
Het Vingerhoedskruid.
vingerhoedskruid, digitalus purpurea, geneesmiddel, giftig, natuur, natuurlijk geneesmiddel
Vingerhoedskruid [Digitalis purpurea] is een van de planten, waarvan de effectiviteit als geneeskruid ook wetenschappelijk bewezen is.
Het behoort met ongeveer 20 soorten tot de Helmkruidfamilie, het vingerhoedskruid is als enige echt inheems in Nederland, hoewel het geel vingerhoedskruid ook heel dichtbij komt.
Het is een plant van open lichte plekken in bossen. Het is een tweejarige tot vaste plant. Of er nog echt wild vingerhoedskruid in Nederland voorkomt is de vraag, de kruisingen met gekweekte tuinplanten heeft de natuurlijke populaties zowat verdrongen.
Het eerst jaar onstaat uit zaad een bladrozet, het tweede jaar de bloeistengel. Omdat een plant ook nieuwe zijrozetten kan vormen, kan een plant vele jaren blijven bestaan.
De bloemen zijn opvallend, groot, mooi van kleur en met een tekening die insecten, meest hommels, de weg naar de nectar bron te wijzen. De vrucht is een met kleppen openspringende doosvrucht, die een grote hoeveelheid zaden bevat. Deze zaden zijn klein, minder dan een mm.
Maar het belang van de plant is niet alleen schoonheid, maar ook de giftigheid, waarbij de marge tussen giftig en heilzaam heel klein is.
De stoffen zijn glycosiden, verbindingen van suikers met een aglyson. Deze werken speciaal op de hartspier, men spreekt over hartglycosiden of cardenoliden.
Digitalis bevat verschillende van deze hartglycosiden.
De werking van de glycosiden berust op de versterking van de samentrekking van de hartspier en zorgt voor een gelijkmatig en sterker hartritme.
Het probleem zit er in de dosis, teveel en het hart slaat ophol, met de dood tot gevolg. Te weinig en het helpt niet voldoende.
Planten bevatten niet altijd dezelfde hoeveelheid, plaats, snelheid van de groei hebben gevolg voor het gehalte aan werkzame stoffen. Ook de manier waarop het blad geoogst en behandeld word is belangrijk.
Het is dus niet verbazend dat het geneesmiddel intussen vervangen is door een synthetische vorm.
Voor ik over bomen ga schrijven, hier met behulp van tekeningen wat uitleg.
Van buiten naar binnen.
Schors, die een eigen kurkcambiumlaag heeft, bij sommige bomen, bv de plataan, laat de schors regelmatig los, bekijk zulk stuk maar een goed en men zal zien dat het uit kurk bestaat. Bij kurkeiken worden de schors gebruikt. Om de 15 jaar worden ze geschild
Daaronder zit de bast met het bastcambium, de bast is een sponsachtige levende laag waardoor de neergaande sapstroom loopt. Cambium lagen zijn maar een cellaag dik. De bast is heel belangrijk, de voeding om de boom op de bouwen wordt hierdoor verdeeld door de hele boom.
Dan volgt het spinthout, het levende deel van het hout, hierdoor gaat de opstijgende sapstroom.
Het water met de daarin opgeloste voedingsstoffen.
Het kernhout is dood en zorgt voor de stevigheid van de boom.
De fotosynthese vindt zoals bij alle groene planten in het bladgroen plaats.
De winter is een mooie tijd om de takken eens te bekijken. De knoppen voor het volgende seizoen zijn al helemaal aanwezig. Als het uiteinde wordt afgebroken, kunnen de kortloten nieuwe takken maken.
In de eindknop, hier van een wilde kastanje, zit alles al. De bloem en het blad omgeven door schubben, die bedekt zijn met een soort hars. Als de sapstroom van de boom, onder invloed van de daglengte, weer begint, hoeft er alleen vocht in de knop te komen en dan zal ze zicht ontvouwen.
Bladlitekens kunnen een hulpmiddel zijn om een boomsoort te herkennen.
Een doorn ontstaat uit een takje dat inplaatst van uit te groeien, een scherp gepunte doorn wordt. Een stekel is een vervormd blad. Stekels kun je van een tak aftrekken, doorns niet.
En als de grond weer warm wordt en voldoende vochtig, gebeurt het, een zaad ontkiemd. Dit zaad is van een den.
Malachiet en Azuriet.
malachiet, azuriet, mineralen, geologie, sieraden
Malachiet is een siersteen die de meeste mensen wel kennen. Het mineraal is namelijk al heel lang in gebruik, de oude Grieken gebruikten het al. Als siersteen in alle betekenissen van de naam. Sieraden van malachiet waren en zijn gewild, maar er worden ook siervoorwerpen van gemaakt. Van beeldjes tot wandbekleding. Prachtige voorwerpen, nu in musea zijn er van gemaakt.
Dat kan omdat malachiet in behoorlijke lagen voorkomt.
Waar? In de oxidatie zone van koperertsen, malachiet bevat ongeveer 57% koper en zou als kopererts kunnen gebruikt worden. Dat gebeurt ook met lagen die niet mooi genoeg zijn.
Links een ruw stuk, rechts getrommeld stuk.
Malachiet is een kopercarbonaat Cu2 [(OH)2CO3], hardheid op de schaal van Mohs 3,5-4
Kleur van heel licht groen tot zeer donkergroen, meestal als lagen die mooi geband kunnen zijn, de mooiste stukken worden verwerkend tot sieraden. Sieraden zijn wel gevoelig voor krassen en vele chemische middelen, vooral zuren.
Kristallen zijn zeldzamer en vaak klein.
Vindplaatsen, Oeral Rusland, Roemenië, Duitsland, Shaba Kongo, Namibië, Arizona, New Mexico, Chili, Australië.
Malachiet op erts, hier is het kleurverloop mooi te zien.
Het lichte mineraal is chrysocolla een kopersilicaat.
Heel veel fijne naaldvormige kristallen maken het 'malachietfluweel'.
Deze twee stukken komen uit Shaba Kongo.
Azuriet is het zeldzamere zusje van Malachiet, waar het voorkomt vaak samen met Malachiet en dat kan mooie combinaties opleveren voor het maken van sierraden.
Maar Azuriet heeft een groot nadeel, in zonlicht wordt het langzaam maar zeker om gezet in malachiet.
Malachiet met azuriet, twee stukjes getrommeld. Kralen van dit materiaal zijn heel gewild.
Bisbee Arizona.
Azuriet is ook een kopercarbonaat Cu3[HCO2]3. Hardheid 3,5-4. De kleur is intens blauw, kriallen zijn zeldzaam en de mooiste zijn meestal alleen onder een microscoop te bewonderen.
Vindplaatsen, Frankrijk, Kongo, Arizona, Marokko.
Azuriet, een beetje malachiet en het geelgroene mineraal is adamien een zinkarsenaat.
Het doosje is twee vierkante centimeter
Aude Frankrijk
Orchideeën als fotomodel.
orchideeën, phaleopsis, epidendrum cilaire, enclyclia cilaire
Ben wat aan het oefenen met verschillende instellingen van mijn camera.
Hiervoor gebruik ik orchideeén die nu bloeien.
Eerst phaleopsis hybriden.
Dan de mooi Epidendrum [ Enclyclia]cilaire, die nu bloei en ook
nog eens heerlijk ruikt. Het is een orchidee uit Midden- en Zuid
Amerika. Met de reuk trek ze nachtvlinders aan, die voor de
bestuiving zorgen.
Paddenstoelen in de winter.
paddenstoelen, winter, elfenbankje, gele korstzwam, judasoor, meniezwammetje, waaiertje
De elfenbankjes [Coriolus versicolor] zien er nog steeds prachtig uit.
Een Gele korstzwam [Stereum hirsutum] op een boomstronk is altijd mooi.
Het Judasoor [Auricularia auricula-jadae] Droogt in de winter wat in, maar een paar dagen wat warmer en het is weer helemaal present.
Het meniezwammetje [Nectria cinnebarina] Klein maar mooi.
Het Waaiertje [Schizophyllum commune] een mooie super parasiet.
Enkele fossielen uit het Maastrichtien.
pelecypodo serpulidae, oester, kokerworm, slak, maastrichtien, fossielen
In het mooie gele brok zitten Pelecypodo of te wel oesters, ze zijn nog heel mooi bewaard gebleven, anders dan in het lichtere stukje.
Het andere stuk bevat meerdere soorten, het opvallendst zijn de steenkernen van Gastropoda of slakken. In het stukje vuursteen staat dan juist de afdruk van die binnenkant Daarnaast komen in de kalksteen ook de steenkernen van tweekleppige voor.
Ook opvalend in beide stukken zijn de kokerwormen of Serpulidae, gewoon afdrukken, maar in sommige afdrukken zitten ook nog resten van de wand van de kokerworm.
Afdruk van een slak in vuursteen, gevonden in het grint bij Meers.
De anderen stukken komen uit de groeve 't Rooth.
De Hemelbeek begint in de Hoge Bos en kronkeld in noord/westelijke richting.
Voor de tunnel onder het spoor door komen meerdere beekjes, gegraven bij de aanleg van het spoor, bij elkaar.
De tunnel onder het spoor, de hemelbeek stroomt nu pal west.
Tot ze een bocht maakt naar het noorden, daarna zal ze ten behoeve van de wandelaars regelmatig uitgediepd worden.
Zo zag het eruit tot 1995, een zandpad langs een rechte beek.
Er werd een kronkel bedding aangelegd en de Hemelbeek werd hier doorgeleid.
De oude loop werd een klein stoompje, het wandelpad is ook over een gedeelte verdwenen.
Zo ziet de hemelbeek er nu uit, de natte weilanden zijn ruig begroeit.
Voor de dieren heeft het grote voordelen, het wandelpad loopt verder van hun verblijfplaats, waardoor ze minder verstoord worden.
Er lopen vier galoways, die het meest westelijke deel, van wat eerst weilanden waren begrazen.
Er zullen op mijn blog nog veel foto's komen die hier gemaakt zijn, verder komen de dieren en planten in dit gebied aan bod.
Daar zit ik dan, weer eens te wachten, waar zou ze nu weer zijn?
En dan die sneeuw, kan het nog erger.
Nog niets te zien, mopper, mopper.
Ha eindelijk, die krijgt wat te horen.
De hoge bos.
bunderbos, hoge bos, afschuiving, bronnetjes, droog, nat, natuur,
De hoge bos maakt deel uit van het Bunderbos en ligt tussen Elsloo en Geulle.
In de hoge bos is het beginpunt van de Hemelbeek. Maar er zijn ook anderen mooie waarnemingen te doen. Zoals het afkalven van een helling.
Zoals op de tekening te zien is zijn de kleilagen niet glad er komen kuilen in voor. Het zand in die kuilen raakt verzadigd met water en wordt drijfzand. Als een op een helling een kuil door erosie aan de rand komt te liggen kan er een afschuiving plaatsvinden.
Ook is er in de hoge bos goed de overgang tussen droog en nat te zien, boven het bronniveau is de grond anders en groeien er anderen planten.
Boven het bronniveau is er een goede humusrijke bosgrond ontstaan, dat valt op als de bosanemonen volop bloeien.
Bij het hoogste bronnetje verandert het meteen, anderen planten, waaronder het daslook nemen het over.
Daar waar het blad van het daslook te zien is, is een van de hoogst gelegen bronnetjs.
Het daslook komt al vroeg boven de grond en dat valt meteen goed op. De bosanemoon wordt steeds minder en staat alleen nog op de drogere plekken.

