Meer
en meer

Het WK begint aan de knock-out fase, reden voor nog meer stress.
Gelukkig zijn er WK-gadgets op de markt die de aandacht wat
afleiden, of zelfs de stress te lijf gaan. Wired zette een aantal
op een rij.
Zoals de afstandsbediening in de vorm van een voetbal, op het web te krijgen voor 2 pond. Of een webcam in de vorm van een voetbal. Ook niet mis is de persoonlijk snackmachine, waar geen Mars-repen of blikjes cola uit komen rollen, maar voetballen van Nike. Wat de ‘perfect floater’ echter doet is me vooralsnog een raadsel, maar dat is dan ook de charme van gadgets.
Hoogtepunt is de USB Soccer Massager, het bekende massagewerktuig voor de rug dat nu voorzien is van een usb-kabel en daarmee via de pc wat stroom betrekt voor extra beweging (batterijen is ook mogelijk). Dat moet genoeg zijn tot de halve finale.
Zoals de afstandsbediening in de vorm van een voetbal, op het web te krijgen voor 2 pond. Of een webcam in de vorm van een voetbal. Ook niet mis is de persoonlijk snackmachine, waar geen Mars-repen of blikjes cola uit komen rollen, maar voetballen van Nike. Wat de ‘perfect floater’ echter doet is me vooralsnog een raadsel, maar dat is dan ook de charme van gadgets.
Hoogtepunt is de USB Soccer Massager, het bekende massagewerktuig voor de rug dat nu voorzien is van een usb-kabel en daarmee via de pc wat stroom betrekt voor extra beweging (batterijen is ook mogelijk). Dat moet genoeg zijn tot de halve finale.
‘Internet’ legt het hoofd van de gedrukte krant op het
hakblok en het figuurtje ‘systeemstoringen’ staat op
het punt met een bijl de nek te doorklieven.
Tekenaar Jos Collignon geeft vandaag in de krant zijn commentaar op de storing(en) waardoor de PCM-kranten, waaronder de Volkskrant, afgelopen woensdag en donderdag werd getroffen. Meestal weet Collignon de essentie goed te treffen, maar nu lijkt hij de weg kwijt.
Internet, in de vorm van Volkskrant.nl, lag op het bewuste moment gebroederlijk met de krant op het hakblok. Ook de site had problemen met het netwerk, en kon daardoor maar mondjesmaat van een update worden voorzien. Volkskrant.nl kent dat hakblok overigens maar al te goed van andere storingen.
Dankzij internet, cq Volkskrant.nl, kon de lezer rond middernacht op de hoogte worden gesteld van de problemen. Bovendien was het voor diezelfde lezer op donderdag ook mogelijk om de online krant gratis te zien, zodat de verminkte artikelen toch nog volledig te lezen waren.
Ook het internet kan moeilijk als handlanger geportretteerd worden bij de snode plannen van 'systeemstoringen' om 'gedrukte krant' een kopje kleiner te maken. Internet deed het op dat moment nog prima. Voorzover nu bekend was er een probleem in het opslagsysteem genaamd SAN. Wie over de wondere wereld van dit SAN en zijn evenknie NAS meer wil lezen kan onder meer hier en hier terecht.
Tekenaar Jos Collignon geeft vandaag in de krant zijn commentaar op de storing(en) waardoor de PCM-kranten, waaronder de Volkskrant, afgelopen woensdag en donderdag werd getroffen. Meestal weet Collignon de essentie goed te treffen, maar nu lijkt hij de weg kwijt.
Internet, in de vorm van Volkskrant.nl, lag op het bewuste moment gebroederlijk met de krant op het hakblok. Ook de site had problemen met het netwerk, en kon daardoor maar mondjesmaat van een update worden voorzien. Volkskrant.nl kent dat hakblok overigens maar al te goed van andere storingen.
Dankzij internet, cq Volkskrant.nl, kon de lezer rond middernacht op de hoogte worden gesteld van de problemen. Bovendien was het voor diezelfde lezer op donderdag ook mogelijk om de online krant gratis te zien, zodat de verminkte artikelen toch nog volledig te lezen waren.
Ook het internet kan moeilijk als handlanger geportretteerd worden bij de snode plannen van 'systeemstoringen' om 'gedrukte krant' een kopje kleiner te maken. Internet deed het op dat moment nog prima. Voorzover nu bekend was er een probleem in het opslagsysteem genaamd SAN. Wie over de wondere wereld van dit SAN en zijn evenknie NAS meer wil lezen kan onder meer hier en hier terecht.
Terwijl op verschillende plekken in de wereld de internetcensuur
welig tiert, is Google de pineut vanwege de activiteiten in
China.
Ze zullen bij Google regelmatig gewenst hebben dat er nooit een bedrijfsslogan ‘Don’t be evil’ was verzonnen. Of in elk geval dat die slogan binnenskamers was gebleven. Er zouden aanzienlijk minder hanen hebben gekraaid naar de activiteiten van het bedrijf in China.
De collega’s van Cisco Systems, een van de leveranciers van de technologie voor het filteren van het internetverkeer in China, hebben het vooral over hun omzet- en winstcijfers, en worden dan in de pers ook minder hard aangepakt. Het Amerikaanse Congres ondervroeg het bedrijf wel over zijn rol in de internetcensuur, maar in vergelijking met Google komt Cisco nog genadig weg.
En dan al die bedrijven buiten de technologiesector. Contracten met China worden ook in Nederland triomfantelijk gemeld, zakenmissies reizen af en aan. Wat al die bedrijven doen om hun zaken veilig te stellen? Het zal niet veel anders zijn dan wat Google doet, namelijk het doen van zaken ‘conform lokale wetgeving’.
Nee, die ‘Don’t be evil’, zal Google nog lang heugen. Sinds een week of twee zit Amnesty International de zoekmachine ook al op de huid met de campagne Irrepressible.info. Er worden online handtekeningen verzameld tegen internetcensuur, waar ook ter wereld. Het aantal vergaarde steunbetuigingen valt me wat tegen gezien alle commotie rond Google en China, de teller op de site staat op zo’n twintigduizend handtekeningen.
Amnesty werkt voor de campagne samen met het OpenNet Initiative, een organisatie die censuur op internet letterlijk in kaart brengt door te kijken naar het blokkeren van sites, wetgeving en andere middelen om zaken op het web aan banden te leggen. Donkerrood op de kaart kleuren behalve China ook landen als Oezbekistan, Birma, Vietnam, Iran en Tunesië. In de subtop van internetcensuur vinden we Jemen en Saudi-Arabië.
Interessant is ook dezelfde kaart, maar dan met een weergave van de oorsprong van de filtertechniek in deze landen (menu rechtsboven). Wie zijn de hulpjes van de censuur? Het antwoord laat zich raden: bedrijven uit de Verenigde Staten en Europa. Bedrijven met namen die minder opduiken in de headlines, zoals Fortinet, Smartsense, Websense en Squidgard.
Het lijkt me geen rocket-science wat deze bedrijven doen, een softwarebedrijf uit Peking zal dergelijke producten zo na kunnen maken, en vervolgens ook enthousiast kunnen exporteren naar andere landen. Een terugtrekking van Google, Smartsense of al die anderen geeft een signaal aan de Chinese overheid, maar het is nog ver verwijderd van de oplossing.
Al enkele malen is gesignaleerd dat er een open source variant van Google opgezet moet worden, om zo handelen vanuit winstoogmerk te minimaliseren, of een Europese evenknie, om op die manier de macht van de Amerikaanse zoekmachine in te perken. Dit alles ondersteund met het argument dat een zoekmachine informatie toegankelijk moet maken voor iedereen. Geen enkele zoekmachine voor Google sprak overigens in dat soort termen, maar Google liet zich er wel toe verleiden, en ziet die mooie woorden nu tegen zich gebruikt worden.
Het inzetten van open source lijkt geen optie. Een zoekmachine op die gronden zal wellicht principieel zaken doen met China afwijzen, zodra censuur in het spel komt, maar het zal evenals andere sites die onwelgevallige informatie doorgeven gefilterd worden door de Chinese overheid. De Chinese internetters schieten er dus niets mee op.
Het probleem zit hem ook niet in de techniek of in bedrijven die vanwege winstdoelstellingen grenzen rond vrijheid van meningsuiting overschrijden. Het probleem zit 'm in het zinnetje ‘conform lokale wetgeving’. En die lokale wetgeving veranderen is een stuk lastiger dan Google dwingen om geen zaken meer te doen met China. De internetters in de rode gebieden op de kaart van OpenNet Initiative hebben er echter meer belang bij wanneer het probleem juist wel op dat vlak wordt aangepakt.
Ze zullen bij Google regelmatig gewenst hebben dat er nooit een bedrijfsslogan ‘Don’t be evil’ was verzonnen. Of in elk geval dat die slogan binnenskamers was gebleven. Er zouden aanzienlijk minder hanen hebben gekraaid naar de activiteiten van het bedrijf in China.
De collega’s van Cisco Systems, een van de leveranciers van de technologie voor het filteren van het internetverkeer in China, hebben het vooral over hun omzet- en winstcijfers, en worden dan in de pers ook minder hard aangepakt. Het Amerikaanse Congres ondervroeg het bedrijf wel over zijn rol in de internetcensuur, maar in vergelijking met Google komt Cisco nog genadig weg.
En dan al die bedrijven buiten de technologiesector. Contracten met China worden ook in Nederland triomfantelijk gemeld, zakenmissies reizen af en aan. Wat al die bedrijven doen om hun zaken veilig te stellen? Het zal niet veel anders zijn dan wat Google doet, namelijk het doen van zaken ‘conform lokale wetgeving’.
Nee, die ‘Don’t be evil’, zal Google nog lang heugen. Sinds een week of twee zit Amnesty International de zoekmachine ook al op de huid met de campagne Irrepressible.info. Er worden online handtekeningen verzameld tegen internetcensuur, waar ook ter wereld. Het aantal vergaarde steunbetuigingen valt me wat tegen gezien alle commotie rond Google en China, de teller op de site staat op zo’n twintigduizend handtekeningen.
Amnesty werkt voor de campagne samen met het OpenNet Initiative, een organisatie die censuur op internet letterlijk in kaart brengt door te kijken naar het blokkeren van sites, wetgeving en andere middelen om zaken op het web aan banden te leggen. Donkerrood op de kaart kleuren behalve China ook landen als Oezbekistan, Birma, Vietnam, Iran en Tunesië. In de subtop van internetcensuur vinden we Jemen en Saudi-Arabië.
Interessant is ook dezelfde kaart, maar dan met een weergave van de oorsprong van de filtertechniek in deze landen (menu rechtsboven). Wie zijn de hulpjes van de censuur? Het antwoord laat zich raden: bedrijven uit de Verenigde Staten en Europa. Bedrijven met namen die minder opduiken in de headlines, zoals Fortinet, Smartsense, Websense en Squidgard.
Het lijkt me geen rocket-science wat deze bedrijven doen, een softwarebedrijf uit Peking zal dergelijke producten zo na kunnen maken, en vervolgens ook enthousiast kunnen exporteren naar andere landen. Een terugtrekking van Google, Smartsense of al die anderen geeft een signaal aan de Chinese overheid, maar het is nog ver verwijderd van de oplossing.
Al enkele malen is gesignaleerd dat er een open source variant van Google opgezet moet worden, om zo handelen vanuit winstoogmerk te minimaliseren, of een Europese evenknie, om op die manier de macht van de Amerikaanse zoekmachine in te perken. Dit alles ondersteund met het argument dat een zoekmachine informatie toegankelijk moet maken voor iedereen. Geen enkele zoekmachine voor Google sprak overigens in dat soort termen, maar Google liet zich er wel toe verleiden, en ziet die mooie woorden nu tegen zich gebruikt worden.
Het inzetten van open source lijkt geen optie. Een zoekmachine op die gronden zal wellicht principieel zaken doen met China afwijzen, zodra censuur in het spel komt, maar het zal evenals andere sites die onwelgevallige informatie doorgeven gefilterd worden door de Chinese overheid. De Chinese internetters schieten er dus niets mee op.
Het probleem zit hem ook niet in de techniek of in bedrijven die vanwege winstdoelstellingen grenzen rond vrijheid van meningsuiting overschrijden. Het probleem zit 'm in het zinnetje ‘conform lokale wetgeving’. En die lokale wetgeving veranderen is een stuk lastiger dan Google dwingen om geen zaken meer te doen met China. De internetters in de rode gebieden op de kaart van OpenNet Initiative hebben er echter meer belang bij wanneer het probleem juist wel op dat vlak wordt aangepakt.
Hij staat gelukkig op de lijst, de slechtste computermuis ooit
onder de rechterhand gehad. Een hockey-puck en rsi-monster ineen,
die eerste editie van Apple’s iMac muis.
Het Amerikaanse computerblad PC World zette de 25 meest beroerde technologieproducten ooit op een rij. Een overzicht met een wat Amerikaans tintje uiteraard, zodat de nummer een – internetaanbieder AOL – wat weinig indruk maakt. Maar voor de rest is het hilarische lectuur.
Naast de Apple-muis, slechts een ‘eervolle vermelding’ en niet bij de eerste 25, staat de Sharp notebook met 3D weergave (hoofdpijn), de Microsoft Millennium Edition (‘slechtste versie van Windows ooit uitgebracht’), en niet te vergeten Pointcast, het handige gratis softwareprogrammaatje waarmee nieuws naar de computer gehaald kon worden, maar waarbij en passant ook wat hackers over de vloer kwamen.
Zijn het allemaal rampen van jaren terug? Niet bepaald. Nummer vijf op de lijst is de kopieerbeveiliging voor Sony-cd’s, bestaande uit software die zonder medeweten van de klant op de pc werd geïnstalleerd en die ervoor zorgde dat de computer open werd gesteld voor allerlei onheil afkomstig van internet. Deze ‘rootkit’ was een misser die eind vorig jaar veel stof deed opwaaien.
Vandaag beginnen we op de nieuwe Volkskrant-site ook een pagina Technologie, met aandacht voor internet, mobiele telefonie en alles wat onder die mooie Nederlandse naam ‘digital lifestyle’ wordt geschaard. Er is nieuws te vinden, maar ook video’s en achtergrondverhalen over Ask.com, Iens en MySpace.
Collega Peter van Ammelrooy van de economie-redactie testte voor de rubriek ‘Toets’ een headset van Plantronics. Die heeft ook zo zijn beperkingen, maar zal niet zo snel op een Nederlandse versie van de technologie-rommel-lijst komen, te oordelen aan zijn recensie.
Welke producten wel? Ik leg sinds het lezen van het artikel in PC World al een persoonlijk lijstje aan. Ook genoeg ideeën? Mail ze, we kunnen de suggesties gebruiken voor een eigen lijst op onze nieuwe Technologiepagina.
Het Amerikaanse computerblad PC World zette de 25 meest beroerde technologieproducten ooit op een rij. Een overzicht met een wat Amerikaans tintje uiteraard, zodat de nummer een – internetaanbieder AOL – wat weinig indruk maakt. Maar voor de rest is het hilarische lectuur.
Naast de Apple-muis, slechts een ‘eervolle vermelding’ en niet bij de eerste 25, staat de Sharp notebook met 3D weergave (hoofdpijn), de Microsoft Millennium Edition (‘slechtste versie van Windows ooit uitgebracht’), en niet te vergeten Pointcast, het handige gratis softwareprogrammaatje waarmee nieuws naar de computer gehaald kon worden, maar waarbij en passant ook wat hackers over de vloer kwamen.
Zijn het allemaal rampen van jaren terug? Niet bepaald. Nummer vijf op de lijst is de kopieerbeveiliging voor Sony-cd’s, bestaande uit software die zonder medeweten van de klant op de pc werd geïnstalleerd en die ervoor zorgde dat de computer open werd gesteld voor allerlei onheil afkomstig van internet. Deze ‘rootkit’ was een misser die eind vorig jaar veel stof deed opwaaien.
Vandaag beginnen we op de nieuwe Volkskrant-site ook een pagina Technologie, met aandacht voor internet, mobiele telefonie en alles wat onder die mooie Nederlandse naam ‘digital lifestyle’ wordt geschaard. Er is nieuws te vinden, maar ook video’s en achtergrondverhalen over Ask.com, Iens en MySpace.
Collega Peter van Ammelrooy van de economie-redactie testte voor de rubriek ‘Toets’ een headset van Plantronics. Die heeft ook zo zijn beperkingen, maar zal niet zo snel op een Nederlandse versie van de technologie-rommel-lijst komen, te oordelen aan zijn recensie.
Welke producten wel? Ik leg sinds het lezen van het artikel in PC World al een persoonlijk lijstje aan. Ook genoeg ideeën? Mail ze, we kunnen de suggesties gebruiken voor een eigen lijst op onze nieuwe Technologiepagina.
Ineens stond ‘ie bij een collega op het bureau, de gele
kabouter, waar als ik het goed heb begrepen al een deel van
Nederland kennis mee had gemaakt.
De kabouter vormde het eerste teken van Parlino, een programma voor internetbellen dat door Tele2 is gelanceerd als concurrent voor Skype. Het wegvagen van Skype zal een aardige klus worden, aangezien het programma inmiddels meer dan honderd miljoen maal is gedownload. Het aantal actieve gebruikers is overigens een stuk lager, op een doorsnee avond zijn het er een paar miljoen.
Nog wat minder bekend, maar zeker zo interessant is Jajah, een Luxemburgs bedrijfje voor bellen via internet, dat inmiddels het hoofdkantoor in de Verenigde Staten heeft. Het bekende investeringsfonds Sequoia Capital, dat eerder al geld stak in onder meer Google en Cisco Systems, voorzag ook Jajah van startkapitaal.
Jajah bestaat niet uit software voor internetbellen die eerst gedownload en geinstalleerd moet worden, zoals Skype of Parlino. Het bellen gebeurt via de homepage van Jajah waar het invullen van het eigen nummer en het te bellen nummer volstaat. Jajah belt vervolgens het opgegeven eigen nummer, bijvoorbeeld het vaste toestel in de woonkamer, en legt vervolgens contact met het nummer dat bereikt dient te worden (tekening van de werkwijze).
Daarin verschilt Jajah ook van Skype en soortgenoten, die zich hoofdzakelijk richten op mensen die bij voorkeur gratis met elkaar via Skype etc. bellen. Bij Jajah is gratis bellen er niet bij, de methode is bedoeld als vervanging voor mensen die toch vaste of mobiele nummers blijven bellen, maar daarbij wel op kosten willen besparen.
Vooraf is er inzage in de kosten van het gesprek (even met de muis over de ‘call’ knop bewegen). Een gesprek naar Groningen komt op 0,0179 euro per minuut, Spanje is voor hetzelfde bedrag bereikbaar. Wel wordt er nog 15 procent belasting in rekening gebracht. Bellen naar mobiele nummers is ook mogelijk, de kosten liggen dan op 0,1703 euro per minuut.
Afrekenen gebeurt achteraf, Jajah verstuurt hiervoor een rekening die onder meer met creditcard betaald kan worden. Hoe dit verloopt weet ik nog niet, ik moet de eerste rekening nog zien. Even flink bellen en dan snel wegrennen is er niet bij, waarschuwt Jajah, een nieuwe account aanmaken op hetzelfde telefoonnummer is dan niet meer mogelijk.
De kabouter vormde het eerste teken van Parlino, een programma voor internetbellen dat door Tele2 is gelanceerd als concurrent voor Skype. Het wegvagen van Skype zal een aardige klus worden, aangezien het programma inmiddels meer dan honderd miljoen maal is gedownload. Het aantal actieve gebruikers is overigens een stuk lager, op een doorsnee avond zijn het er een paar miljoen.
Nog wat minder bekend, maar zeker zo interessant is Jajah, een Luxemburgs bedrijfje voor bellen via internet, dat inmiddels het hoofdkantoor in de Verenigde Staten heeft. Het bekende investeringsfonds Sequoia Capital, dat eerder al geld stak in onder meer Google en Cisco Systems, voorzag ook Jajah van startkapitaal.
Jajah bestaat niet uit software voor internetbellen die eerst gedownload en geinstalleerd moet worden, zoals Skype of Parlino. Het bellen gebeurt via de homepage van Jajah waar het invullen van het eigen nummer en het te bellen nummer volstaat. Jajah belt vervolgens het opgegeven eigen nummer, bijvoorbeeld het vaste toestel in de woonkamer, en legt vervolgens contact met het nummer dat bereikt dient te worden (tekening van de werkwijze).
Daarin verschilt Jajah ook van Skype en soortgenoten, die zich hoofdzakelijk richten op mensen die bij voorkeur gratis met elkaar via Skype etc. bellen. Bij Jajah is gratis bellen er niet bij, de methode is bedoeld als vervanging voor mensen die toch vaste of mobiele nummers blijven bellen, maar daarbij wel op kosten willen besparen.
Vooraf is er inzage in de kosten van het gesprek (even met de muis over de ‘call’ knop bewegen). Een gesprek naar Groningen komt op 0,0179 euro per minuut, Spanje is voor hetzelfde bedrag bereikbaar. Wel wordt er nog 15 procent belasting in rekening gebracht. Bellen naar mobiele nummers is ook mogelijk, de kosten liggen dan op 0,1703 euro per minuut.
Afrekenen gebeurt achteraf, Jajah verstuurt hiervoor een rekening die onder meer met creditcard betaald kan worden. Hoe dit verloopt weet ik nog niet, ik moet de eerste rekening nog zien. Even flink bellen en dan snel wegrennen is er niet bij, waarschuwt Jajah, een nieuwe account aanmaken op hetzelfde telefoonnummer is dan niet meer mogelijk.
Rita Verdonk gooit een heuse campagnesite in de strijd voor het
lijsttrekkerschap van de VVD.
Het woensdag gelanceerde Stemrita.nl biedt informatie over de plannen van Verdonk, wat geschiedenis, voor de internetfreaks een widget en uiteraard een peiling, waarbij het ietwat verontrustend is voor de VVD dat het grootste deel van de stemmers niet Verdonk, Rutte of Veenendaal kiest maar ‘iemand anders’. Dat zal wel snel anders lopen zodra de fans op komen dagen.
Maar het meest opvallende is wel dat Verdonk een link opneemt naar het hilarische filmpje Ghetto Verdonk versus Motherfuckin’ Rutte, een creatie van Buro Renkema. In een rap-battle maakt het tweetal elkaar finaal af, met een taalgebruik dat je niet vaak hoort bij verkiezingen.
Ghetto Verdonk: “Dan die voetballer Kalou. Hij moet zijn bek dichthouden en als hij hier wil blijven met een prinsje trouwen.”
Motherfuckin’ Rutte: “Je bent getrouwd, want ja je moet toch wat. Maar ik zou je nog niet nemen als ik bij de marine zat.”
Maar ... goedgekeurd dus door Verdonk herself!
====
Update vrijdag: de link naar het filmpje is inmiddels van de site StemRita.nl gehaald. Er staat nu een link naar een andere (meer brave) site op. De afbeelding laat de oorspronkelijke link naar Buro Renkema zien.
Het woensdag gelanceerde Stemrita.nl biedt informatie over de plannen van Verdonk, wat geschiedenis, voor de internetfreaks een widget en uiteraard een peiling, waarbij het ietwat verontrustend is voor de VVD dat het grootste deel van de stemmers niet Verdonk, Rutte of Veenendaal kiest maar ‘iemand anders’. Dat zal wel snel anders lopen zodra de fans op komen dagen.
Maar het meest opvallende is wel dat Verdonk een link opneemt naar het hilarische filmpje Ghetto Verdonk versus Motherfuckin’ Rutte, een creatie van Buro Renkema. In een rap-battle maakt het tweetal elkaar finaal af, met een taalgebruik dat je niet vaak hoort bij verkiezingen.
Ghetto Verdonk: “Dan die voetballer Kalou. Hij moet zijn bek dichthouden en als hij hier wil blijven met een prinsje trouwen.”
Motherfuckin’ Rutte: “Je bent getrouwd, want ja je moet toch wat. Maar ik zou je nog niet nemen als ik bij de marine zat.”
Maar ... goedgekeurd dus door Verdonk herself!
====
Update vrijdag: de link naar het filmpje is inmiddels van de site StemRita.nl gehaald. Er staat nu een link naar een andere (meer brave) site op. De afbeelding laat de oorspronkelijke link naar Buro Renkema zien.
Experiment gelukt. Eerder deze week schreef ik over koppen maken
voor Google, dit na het lezen van een bericht hierover bij de New
York Times. ( Hier het vorige
bericht)
Media stemmen de koppen boven artikelen die online worden gepubliceerd in toenemende mate af op wat zoekmachines als Google gemakkelijk kunnen indexeren, aldus de krant. Dat is goed voor de vindbaarheid en daarmee het bezoek aan de site, maar het zorgt ook voor meer feitelijke en saaiere koppen.
De kop boven het artikel in de New York Times luidde: 'This boring headline is for Google'. Even zoeken op boring + headline bij Google leerde dat de conclusie van de New York Times in elk geval klopte voor de eigen kop, die stond bijkans bovenaan.
De kop boven mijn bericht, 'Deze saaie kop is voor Google', doet het iets beter. Het bericht staat inmiddels bovenaan in Google.nl voor wie zoekt op saaie+kop+Google, bij de combinatie saaie+kop staat het bericht op de derde positie.
Nu maar wachten op al dat bezoek...
Media stemmen de koppen boven artikelen die online worden gepubliceerd in toenemende mate af op wat zoekmachines als Google gemakkelijk kunnen indexeren, aldus de krant. Dat is goed voor de vindbaarheid en daarmee het bezoek aan de site, maar het zorgt ook voor meer feitelijke en saaiere koppen.
De kop boven het artikel in de New York Times luidde: 'This boring headline is for Google'. Even zoeken op boring + headline bij Google leerde dat de conclusie van de New York Times in elk geval klopte voor de eigen kop, die stond bijkans bovenaan.
De kop boven mijn bericht, 'Deze saaie kop is voor Google', doet het iets beter. Het bericht staat inmiddels bovenaan in Google.nl voor wie zoekt op saaie+kop+Google, bij de combinatie saaie+kop staat het bericht op de derde positie.
Nu maar wachten op al dat bezoek...
Van iedere tien it-professionals geeft er een de voorkeur aan
Firefox. Da’s nog eens een reclameslogan. 'Maar', zegt de
hoofdpersoon uit de commercial, ‘die andere negen kun je niet
vertrouwen’.
Grassroots marketing wordt het genoemd. Gebruikers van een product zijn zo enthousiast dat ze er letterlijk zelf reclame voor gaan maken. De browser Firefox wist het mechanisme al slim aan te wenden door de achterban te mobiliseren voor het kopen van een advertentie in de New York Times. Reclame gefinancierd door de klant, die daarvoor dan weer bedankt werd met de vermelding van zijn naam in de advertentie.
Maar leuker zijn toch de reclamefilmpjes die fans hebben gemaakt als onderdeel van een prijsvraag, ze zijn nu online te bekijken op Firefox Flicks. John de manager lijkt terug bij Double-click-relief, mijn favoriet van het drietal dat op de site is geplaatst. Er komen nog meer, belooft Firefox.
Grassroots marketing wordt het genoemd. Gebruikers van een product zijn zo enthousiast dat ze er letterlijk zelf reclame voor gaan maken. De browser Firefox wist het mechanisme al slim aan te wenden door de achterban te mobiliseren voor het kopen van een advertentie in de New York Times. Reclame gefinancierd door de klant, die daarvoor dan weer bedankt werd met de vermelding van zijn naam in de advertentie.
Maar leuker zijn toch de reclamefilmpjes die fans hebben gemaakt als onderdeel van een prijsvraag, ze zijn nu online te bekijken op Firefox Flicks. John de manager lijkt terug bij Double-click-relief, mijn favoriet van het drietal dat op de site is geplaatst. Er komen nog meer, belooft Firefox.
Wie maakt de kop boven een artikel? Is het de journalist, de
eindredacteur, of is Google de geestelijk vader?
Bij The New York Times een interessant artikel over hoe de wens van media om gevonden te worden door Google leidt tot andere koppen boven artikelen.
Het principe wordt al enkele jaren toegepast door bedrijven. Zij stellen de teksten op hun webpagina's zo op dat ze gemakkelijker door Google 'herkend' worden. Wanneer de zoekmachine de inhoud van de pagina beter begrijpt verhoogt dat de kans op een hoge positie in de rangschikking van Google.
De praktijk strekt zich inmiddels uit naar sites met redactionele kopij, aldus de New York Times. De fraaie tongue-in-cheek koppen die vaak prijken boven artikelen in de Angelsaksische pers worden door Google niet begrepen, reden waarom de kop wordt aangepast.
De krant Sacramento Bee ging zelfs over tot het hernoemen van complete secties op de site, vanwege Google. Zo werd ‘real estate’ ineens ‘homes’ en moest ‘scene’ vervangen worden door ‘lifestyle’.
De BBC probeert Google enigszins te foppen. Het hanteert twee koppen, waarbij de kop op de voorpagina (ankeilerkop) meer bedoeld is voor mensen en de kop op de artikelpagina bestemd is voor Google. Dat wordt dan "Unsafe sex: Has Jacob Zuma's rape trial hit South Africa's war on AIDS?" tegenover: "Zuma testimony sparks HIV fear."
De kop boven het artikel in de New York Times? ‘This boring headline is for Google.’ En verdomd, het blijkt te werken bij Google. Nu even wachten wat ‘saaie kop Google’ gaat betekenen voor deze bijdrage.
-----
Lees ook het vervolg op dit artikel, waarvan de kop inderdaad bij Google op nummer een is beland.
Bij The New York Times een interessant artikel over hoe de wens van media om gevonden te worden door Google leidt tot andere koppen boven artikelen.
Het principe wordt al enkele jaren toegepast door bedrijven. Zij stellen de teksten op hun webpagina's zo op dat ze gemakkelijker door Google 'herkend' worden. Wanneer de zoekmachine de inhoud van de pagina beter begrijpt verhoogt dat de kans op een hoge positie in de rangschikking van Google.
De praktijk strekt zich inmiddels uit naar sites met redactionele kopij, aldus de New York Times. De fraaie tongue-in-cheek koppen die vaak prijken boven artikelen in de Angelsaksische pers worden door Google niet begrepen, reden waarom de kop wordt aangepast.
De krant Sacramento Bee ging zelfs over tot het hernoemen van complete secties op de site, vanwege Google. Zo werd ‘real estate’ ineens ‘homes’ en moest ‘scene’ vervangen worden door ‘lifestyle’.
De BBC probeert Google enigszins te foppen. Het hanteert twee koppen, waarbij de kop op de voorpagina (ankeilerkop) meer bedoeld is voor mensen en de kop op de artikelpagina bestemd is voor Google. Dat wordt dan "Unsafe sex: Has Jacob Zuma's rape trial hit South Africa's war on AIDS?" tegenover: "Zuma testimony sparks HIV fear."
De kop boven het artikel in de New York Times? ‘This boring headline is for Google.’ En verdomd, het blijkt te werken bij Google. Nu even wachten wat ‘saaie kop Google’ gaat betekenen voor deze bijdrage.
-----
Lees ook het vervolg op dit artikel, waarvan de kop inderdaad bij Google op nummer een is beland.
Het dagelijks leven in Irak, zoals beleefd door een grafdelver, een
oogdokter, een zakenman, een oorlogsveteraan. De BBC zette op de
site de gebeurtenissen in Irak op vrijdag 7 april op een rij, en
voegde daar mooie portretten aan toe van twaalf inwoners van het
land.
Life in Iraq heet de pagina waar de BBC het nieuws uit Irak van vrijdag 7 april van minuut tot minuut heeft gevolgd. Het was uiteraard de dag waarop zelfmoordterroristen bijna 80 mensen om het leven brachten in een moskee in Bagdad. Het was ook de dag waarop een soapserie zijn climax beleefde toen hoofdrolspeelster Yasmin (foto) een huwelijksaanzoek kreeg van de man wiens familie wraak had gezworen op haar familie.
Fraai zijn ook de ingezonden foto’s op deze pagina, van zowel
buitenlandse troepen, hulpverleners, maar ook Irakezen, die onder meer kiekjes opstuurden van een picknick. Ook is er een onderdeel waar Irakezen vragen beantwoorden die mensen uit andere delen van de wereld hebben gesteld (via de BBC).
De pagina maakt duidelijk dat de dodenteller in Irak sneller doortikt, maar ook dat het leven er niet verdwijnt.
Life in Iraq heet de pagina waar de BBC het nieuws uit Irak van vrijdag 7 april van minuut tot minuut heeft gevolgd. Het was uiteraard de dag waarop zelfmoordterroristen bijna 80 mensen om het leven brachten in een moskee in Bagdad. Het was ook de dag waarop een soapserie zijn climax beleefde toen hoofdrolspeelster Yasmin (foto) een huwelijksaanzoek kreeg van de man wiens familie wraak had gezworen op haar familie.
Fraai zijn ook de ingezonden foto’s op deze pagina, van zowel
buitenlandse troepen, hulpverleners, maar ook Irakezen, die onder meer kiekjes opstuurden van een picknick. Ook is er een onderdeel waar Irakezen vragen beantwoorden die mensen uit andere delen van de wereld hebben gesteld (via de BBC).
De pagina maakt duidelijk dat de dodenteller in Irak sneller doortikt, maar ook dat het leven er niet verdwijnt.
Windows op de Mac, Apple maakt het sinds vandaag mogelijk met Boot
Camp. Technologiefreaks waren al druk aan het sleutelen sinds Apple
de overstap maakte naar de Intel Core Duo processoren, die ook op
de pc’s gebruikt worden waar Windows op draait.
Er doken vage foto’s op bij Flickr waarop de nieuwe iMac te zien was met Windows op het scherm. En op diverse sites braken discussies los over de voor- en nadelen van Windows op de Mac.
Boot Camp is goed nieuws voor de Windows-liefhebbers die met een begerige blik kijkt naar het ontwerp van de Apple computers, maar het besturingsprogramma niet ziet zitten. Maar het is vooral interessant voor wie al op een Mac werkt en daarbij ook programma’s wil gebruiken die alleen geschikt zijn voor Windows. Dat geldt bijvoorbeeld voor de programma’s die nodig zijn voor werken op afstand. Tot op heden waren Apple-gebruikers daarvoor aangewezen op het trage Virtual PC.
Boot Camp is gratis te downloaden, maar er is wel een Apple Intel Core Duo computer voor nodig, en uiteraard nog een versie van Windows XP. Voor wie tevreden is over zijn huidige Mac is dat dan weer veel geld voor het draaien van enkele Windows-programma's.
--
Update 6 april: veel aandacht ook bij Cnet voor Boot Camp. Met een videoreportage waarbij de videospeler grappig genoeg gesponsord wordt door Microsoft. [L]
Er doken vage foto’s op bij Flickr waarop de nieuwe iMac te zien was met Windows op het scherm. En op diverse sites braken discussies los over de voor- en nadelen van Windows op de Mac.
Boot Camp is goed nieuws voor de Windows-liefhebbers die met een begerige blik kijkt naar het ontwerp van de Apple computers, maar het besturingsprogramma niet ziet zitten. Maar het is vooral interessant voor wie al op een Mac werkt en daarbij ook programma’s wil gebruiken die alleen geschikt zijn voor Windows. Dat geldt bijvoorbeeld voor de programma’s die nodig zijn voor werken op afstand. Tot op heden waren Apple-gebruikers daarvoor aangewezen op het trage Virtual PC.
Boot Camp is gratis te downloaden, maar er is wel een Apple Intel Core Duo computer voor nodig, en uiteraard nog een versie van Windows XP. Voor wie tevreden is over zijn huidige Mac is dat dan weer veel geld voor het draaien van enkele Windows-programma's.
--
Update 6 april: veel aandacht ook bij Cnet voor Boot Camp. Met een videoreportage waarbij de videospeler grappig genoeg gesponsord wordt door Microsoft. [L]
Nog wat correspondentie van Beatrix gevonden afgelopen weekeinde?
Het programma Limewire dat hiervoor gebruikt werd kreeg na de
uitleg op televisie van een landelijk bekende internetdeskundige te
maken met grappenmakers. Wat wil je ook met nieuws dat op 1 april
naar buiten wordt gebracht (door de Telegraaf).
Zoeken op ‘vertrouwelijk’ (de via de tv aangereikte zoekterm) leverde zondag al zo’n 300 resultaten op, aanzienlijk meer dan het aantal documenten dat verschijnt op trefwoord ‘confidential’. Het kan natuurlijk zijn dat Nederlanders aanzienlijk slordiger zijn, of minder goed overweg kunnen met het programma dan de Limewire-gebruikers elders ter wereld (2,2 miljoen op een doorsnee dag), maar het bekijken van wat bestanden bevestigt het grapjas-scenario.
Er zijn wel enkele bestanden te vinden met vertrouwelijke informatie, over beoordelingen van personeel bijvoorbeeld. Zoals ‘confidential’ ook een vertrouwelijke mail van een hotel, inclusief omzetcijfers, naar voren brengt. Maar het gros van de documenten met ‘confidential’ bestaat uit standaardcontracten voor klanten die nog binnengehaald moeten worden, en bij ‘vertrouwelijk’ bieden spannend klinkende namen als ‘Geheim Defensie’, ‘Hirsi Ali’ en ‘Missie Defensie’ niet meer dan wat vooraf al werd verwacht.
Hoe?
Hoe komen de bestanden via Limewire bij anderen terecht? Bij het installeren van uitwisselprogramma’s zoals Limewire wordt standaard een map ‘gedeeld’ (shared) aangemaakt. Bestanden die worden gedownload via een peer-to-peer programma worden in deze map gezet en zijn vervolgens ook beschikbaar voor andere internetters die gebruik maken van hetzelfde programma.
Het is ook mogelijk aan te geven bij de installatie dat er andere bestanden (of mappen) gedeeld mogen worden. Het programma zoekt dan naar de mappen die daarvoor in aanmerking komen waarna de mappen geselecteerd kunnen worden door ze aan te vinken. Gezien de reacties op internetfora kunnen de meeste internetters daar beter mee overweg dan de Defensie-medewerker. Er zijn weinig klachten te vinden over het ongewild delen van bestanden.
De instellingen voor het uitwisselen van bestanden zijn ook achteraf te wijzigen, via voorkeuren in de menubalk. Wie voor de zekerheid helemaal geen bestanden beschikbaar wil stellen en alleen wil downloaden, heeft ook die mogelijkheid. Het uitzetten van 'delen voltooide downloads' volstaat hiervoor (onder voorkeuren/delen). De ‘peers’ zijn er echter niet blij mee wanneer iemand alleen wil profiteren van het netwerk, wat zo zijn effect kan hebben op het downloaden bij anderen.
Er hangt een zweem van illegaliteit rond programma's als Limewire, want er wordt veel clandestien gekopieerde muziek en films mee uitgewisseld. In Nederland is het gebruik van de software echter legaal, dit in tegenstelling tot het verspreiden van muziek en films zonder daarbij de toestemming te hebben van de rechthebbenden.
Rechter
Het uitwisselen van muziek of films via uitwisselbeurzen heeft in Nederland nog niet geleid tot veroordelingen. De rechter verwierp vorig jaar op formele gronden een eis van auteursrechtenorganisatie Brein om internetproviders persoonsgevens te laten verstrekken. In de Verenigde Staten zijn al wel talloze aanbieders van clandestien materiaal veroordeeld.
Downloaders zijn wel geregeld het slachtoffer van virussen die via peer-to-peer netwerken worden verspreid. Een bestand dat muziek van Britney Spears belooft kan een virus bevatten. Ook wordt aan de gratis versies van de uitwisselprogramma’s vaak andere software toegevoegd, met als doel daarmee geld te verdienen. Het gaat om ‘adware’, programma’s voor het tonen van advertenties zoals pop-ups, en ‘spyware’, software waarmee het surfgedrag in kaart wordt gebracht. In de Verenigde Staten is het verspreiden van spyware inmiddels verboden.
(Een bewerking van ‘Ongewild delen persoonlijke informatie komt zelden voor’ uit de Volkskrant van maandag)
Zoeken op ‘vertrouwelijk’ (de via de tv aangereikte zoekterm) leverde zondag al zo’n 300 resultaten op, aanzienlijk meer dan het aantal documenten dat verschijnt op trefwoord ‘confidential’. Het kan natuurlijk zijn dat Nederlanders aanzienlijk slordiger zijn, of minder goed overweg kunnen met het programma dan de Limewire-gebruikers elders ter wereld (2,2 miljoen op een doorsnee dag), maar het bekijken van wat bestanden bevestigt het grapjas-scenario.
Er zijn wel enkele bestanden te vinden met vertrouwelijke informatie, over beoordelingen van personeel bijvoorbeeld. Zoals ‘confidential’ ook een vertrouwelijke mail van een hotel, inclusief omzetcijfers, naar voren brengt. Maar het gros van de documenten met ‘confidential’ bestaat uit standaardcontracten voor klanten die nog binnengehaald moeten worden, en bij ‘vertrouwelijk’ bieden spannend klinkende namen als ‘Geheim Defensie’, ‘Hirsi Ali’ en ‘Missie Defensie’ niet meer dan wat vooraf al werd verwacht.
Hoe?
Hoe komen de bestanden via Limewire bij anderen terecht? Bij het installeren van uitwisselprogramma’s zoals Limewire wordt standaard een map ‘gedeeld’ (shared) aangemaakt. Bestanden die worden gedownload via een peer-to-peer programma worden in deze map gezet en zijn vervolgens ook beschikbaar voor andere internetters die gebruik maken van hetzelfde programma.
Het is ook mogelijk aan te geven bij de installatie dat er andere bestanden (of mappen) gedeeld mogen worden. Het programma zoekt dan naar de mappen die daarvoor in aanmerking komen waarna de mappen geselecteerd kunnen worden door ze aan te vinken. Gezien de reacties op internetfora kunnen de meeste internetters daar beter mee overweg dan de Defensie-medewerker. Er zijn weinig klachten te vinden over het ongewild delen van bestanden.
De instellingen voor het uitwisselen van bestanden zijn ook achteraf te wijzigen, via voorkeuren in de menubalk. Wie voor de zekerheid helemaal geen bestanden beschikbaar wil stellen en alleen wil downloaden, heeft ook die mogelijkheid. Het uitzetten van 'delen voltooide downloads' volstaat hiervoor (onder voorkeuren/delen). De ‘peers’ zijn er echter niet blij mee wanneer iemand alleen wil profiteren van het netwerk, wat zo zijn effect kan hebben op het downloaden bij anderen.
Er hangt een zweem van illegaliteit rond programma's als Limewire, want er wordt veel clandestien gekopieerde muziek en films mee uitgewisseld. In Nederland is het gebruik van de software echter legaal, dit in tegenstelling tot het verspreiden van muziek en films zonder daarbij de toestemming te hebben van de rechthebbenden.
Rechter
Het uitwisselen van muziek of films via uitwisselbeurzen heeft in Nederland nog niet geleid tot veroordelingen. De rechter verwierp vorig jaar op formele gronden een eis van auteursrechtenorganisatie Brein om internetproviders persoonsgevens te laten verstrekken. In de Verenigde Staten zijn al wel talloze aanbieders van clandestien materiaal veroordeeld.
Downloaders zijn wel geregeld het slachtoffer van virussen die via peer-to-peer netwerken worden verspreid. Een bestand dat muziek van Britney Spears belooft kan een virus bevatten. Ook wordt aan de gratis versies van de uitwisselprogramma’s vaak andere software toegevoegd, met als doel daarmee geld te verdienen. Het gaat om ‘adware’, programma’s voor het tonen van advertenties zoals pop-ups, en ‘spyware’, software waarmee het surfgedrag in kaart wordt gebracht. In de Verenigde Staten is het verspreiden van spyware inmiddels verboden.
(Een bewerking van ‘Ongewild delen persoonlijke informatie komt zelden voor’ uit de Volkskrant van maandag)
Gawker Stalker heeft een geduchte tegenstander gevonden: George
Clooney. De acteur wil een einde maken aan de manier waarop de
weblog de gangen van sterren in New York in kaart brengt
via Google Maps. Eerder meldde ik al
dat Gawker Stalker hiermee kritiek over zich
afriep.
Clooney is ook weinig gecharmeerd van Gawker Stalker, hij vreest dat geobsedeerde mensen de informatie gebruiken voor het lastigvallen van sterren. Om de site dwars te zitten stelt Clooney zijn mede-beroemdheden voor om zelf allerlei foutieve informatie toe te voegen. De bron wordt zo vanzelf onbetrouwbaar.
Het ANP spreekt van 'de strijd aangaan', nieuwssite NU.nl doet er nog een schepje bovenop en kopt: ‘Clooney wil website platbombarderen’. Gawker Stalker reageert laconiek. ‘Waarnemingen worden ingestuurd door lezers en door George Clooney’, adverteert het inmiddels.
Het is echter oppassen geblazen voor Gawker Stalker, want Clooney kreeg vorige maand ook de chique weblog Huffington Post op de knieën. Volgens afspraak zou er op die weblog ook een bijdrage van Clooney verschijnen, maar de Huffington Post graaide vervolgens wat citaten uit interviews bij elkaar en zette de naam van Clooney erboven. ‘I did not write this blog’, was het commentaar van Clooney. Waarmee de acteur zonder te bloggen toch een klassieker creëerde.
Clooney is ook weinig gecharmeerd van Gawker Stalker, hij vreest dat geobsedeerde mensen de informatie gebruiken voor het lastigvallen van sterren. Om de site dwars te zitten stelt Clooney zijn mede-beroemdheden voor om zelf allerlei foutieve informatie toe te voegen. De bron wordt zo vanzelf onbetrouwbaar.
Het ANP spreekt van 'de strijd aangaan', nieuwssite NU.nl doet er nog een schepje bovenop en kopt: ‘Clooney wil website platbombarderen’. Gawker Stalker reageert laconiek. ‘Waarnemingen worden ingestuurd door lezers en door George Clooney’, adverteert het inmiddels.
Het is echter oppassen geblazen voor Gawker Stalker, want Clooney kreeg vorige maand ook de chique weblog Huffington Post op de knieën. Volgens afspraak zou er op die weblog ook een bijdrage van Clooney verschijnen, maar de Huffington Post graaide vervolgens wat citaten uit interviews bij elkaar en zette de naam van Clooney erboven. ‘I did not write this blog’, was het commentaar van Clooney. Waarmee de acteur zonder te bloggen toch een klassieker creëerde.
I don’t think anyone imagined three years ago that things
could be quite this bad today. The last few weeks have been ridden
with tension. I’m so tired of it all- we’re all
tired.
Een zinsnede uit de laatste posting van Riverbend, de naam die een Iraakse vrouw heeft aangenomen als weblogger. Sinds januari 2003 houdt ze een weblog bij getiteld Baghdad Burning en nu is ze genomineerd voor de prestigieuze Samuel Johnson Prijs voor non-fictie.
Niet met de weblog, maar met de bundeling van de bijdragen in het boek onder dezelfde naam. Een opvallend gezicht, zo'n in boek gegoten weblog tussen alle andere genomineerden.
De uitgever biedt nog wat aanvullende informatie over de auteur. 'Riverbend werd opgeleid aan de universiteit van Bagdad en werkte tot de oorlog uitbrak voor een groot computerbedrijf.' Maar daar blijft het dan bij, want 'ze geeft er de voorkeur aan om anoniem te blijven'.
Een zinsnede uit de laatste posting van Riverbend, de naam die een Iraakse vrouw heeft aangenomen als weblogger. Sinds januari 2003 houdt ze een weblog bij getiteld Baghdad Burning en nu is ze genomineerd voor de prestigieuze Samuel Johnson Prijs voor non-fictie.
Niet met de weblog, maar met de bundeling van de bijdragen in het boek onder dezelfde naam. Een opvallend gezicht, zo'n in boek gegoten weblog tussen alle andere genomineerden.
De uitgever biedt nog wat aanvullende informatie over de auteur. 'Riverbend werd opgeleid aan de universiteit van Bagdad en werkte tot de oorlog uitbrak voor een groot computerbedrijf.' Maar daar blijft het dan bij, want 'ze geeft er de voorkeur aan om anoniem te blijven'.
Wederom een breedbandplan, nu van de EU. De organisatie die de
Lissabon-doelstellingen
niet haalt heeft zich nu voorgenomen
om de hele EU in 2010 aan snel internet te helpen. Gelukkig valt er
over de materie ook nog wel wat te lachen, zoals bij de ingang van
Zappa.com. Het muziekgenie zal
vanuit zijn Utility Muffin Research Kitchen (huh?)
aan gene zijde met genoegen constateren dat naast zijn muziek ook
zijn sarrende humor voortleeft. Wie durft er om hulp te
vragen?
Een nieuwe Blue Note cd met een tik, alsof er een kras op de plaat
zit. Het overkomt mij en andere jazzliefhebbers geregeld. Het mooie
remaster-werk van geluidstovenaar Rudy van Gelder wordt om zeep
geholpen door de kopieerbeveiliging van EMI, aldus de jazzfans die
hiervan beklag doen op de site van Blue Note.
Dan de iTunes Music Store, weer een kennismaking met kopieerbeveiliging. Het aac formaat van Apple met de kopieerbeveiliging ‘fairplay’ voorkomt dat gekochte muziek op een Sony Ericsson telefoon is te beluisteren. Daar sta je dan met je zojuist legaal gekochte tracks.
Dinsdag had het Franse parlement er genoeg van. Muziekwinkels moeten klanten de keuze bieden uit meerdere bestandsformaten, de kopieerbeveiliging moet openbaar worden en de draagbare muziekspelers moeten overweg kunnen met meerdere bestandsformaten. (Zie het artikel op de Volkskrantsite en in de Volkskrant van vandaag).
Dat was even naar adem happen voor bedrijven als Apple, Sony en Microsoft. Apple sloeg hard terug met de opmerking dat hier sprake is van ‘door de staat gesponsorde piraterij’. Wanneer het gaat om aangeschafte downloads kan de iPod nu maar met een bestand overweg, aac. Het wordt een mooi gezicht, WMA bestanden van Microsoft op een iPod...
De Franse maatregelen zijn onderdeel van de nieuwe auteurswet die nog enkele strafmaatregelen bevat, maar dan voor internetters die over de schreef gaan. Deze straffen raakten uiteraard wat op de achtergrond bij het schrijven van het hierboven vermelde nieuwsbericht, maar hierbij nog een overzicht van de financiële guillotines die de Fransen hebben opgericht:
Ilegaal muziek kopiëren? 38 euro
Filmpjes kopiëren en verspreiden? 150 euro
Kopieerbeveiliging kraken? 3750 euro
Uitwisselsoftware verspreiden? Maximaal 300 duizend euro plus gevangenisstraf
Wie zijn hersens wil kraken over deze materie, graag, wissel de informatie gratis uit via het invulformulier hieronder.
(Afbeelding: Dial 'S' for Sonny van Sonny Clark, Blue Note. Een van de tegen kopiëren beveiligde cd's met een tik)
Dan de iTunes Music Store, weer een kennismaking met kopieerbeveiliging. Het aac formaat van Apple met de kopieerbeveiliging ‘fairplay’ voorkomt dat gekochte muziek op een Sony Ericsson telefoon is te beluisteren. Daar sta je dan met je zojuist legaal gekochte tracks.
Dinsdag had het Franse parlement er genoeg van. Muziekwinkels moeten klanten de keuze bieden uit meerdere bestandsformaten, de kopieerbeveiliging moet openbaar worden en de draagbare muziekspelers moeten overweg kunnen met meerdere bestandsformaten. (Zie het artikel op de Volkskrantsite en in de Volkskrant van vandaag).
Dat was even naar adem happen voor bedrijven als Apple, Sony en Microsoft. Apple sloeg hard terug met de opmerking dat hier sprake is van ‘door de staat gesponsorde piraterij’. Wanneer het gaat om aangeschafte downloads kan de iPod nu maar met een bestand overweg, aac. Het wordt een mooi gezicht, WMA bestanden van Microsoft op een iPod...
De Franse maatregelen zijn onderdeel van de nieuwe auteurswet die nog enkele strafmaatregelen bevat, maar dan voor internetters die over de schreef gaan. Deze straffen raakten uiteraard wat op de achtergrond bij het schrijven van het hierboven vermelde nieuwsbericht, maar hierbij nog een overzicht van de financiële guillotines die de Fransen hebben opgericht:
Ilegaal muziek kopiëren? 38 euro
Filmpjes kopiëren en verspreiden? 150 euro
Kopieerbeveiliging kraken? 3750 euro
Uitwisselsoftware verspreiden? Maximaal 300 duizend euro plus gevangenisstraf
Wie zijn hersens wil kraken over deze materie, graag, wissel de informatie gratis uit via het invulformulier hieronder.
(Afbeelding: Dial 'S' for Sonny van Sonny Clark, Blue Note. Een van de tegen kopiëren beveiligde cd's met een tik)
Een artikel over de Nederlandse fotosite Woophy, uit de krant van
dinsdag. Zijn er betere fotosites? Laat het weten onder dit
artikel.
---
Woophy.com
Het Nederlandse Woophy.com weet fotoliefhebbers aan zich te binden door de afbeeldingen te koppelen aan een wereldkaart. Het ligt voor de hand om foto’s die mensen op internet plaatsen en met elkaar delen op deze manier te rangschikken, maar het idee is elders nog niet zo goed uitgewerkt.
Ook Flickr.com, dat in twee jaar uitgroeide tot een fenomeen voor het online beheren en delen van foto’s, gebruikt voor het navigeren door het omvangrijke aanbod nog steeds trefwoorden (‘tags’). Woophy.com prikt de foto’s eenvoudigweg op de kaart, dankzij de database van het Amerikaanse National Geospatial Intelligence Agency.
Woophy is een nevenproject van Joris van Hoytema en Marcel Geenevasen, die respectievelijk oprichter en werknemer zijn van het Rotterdamse architectenbureau BBVH. Sinds de lancering van Woophy in maart vorig jaar hebben zich zevenduizend mensen ingeschreven en zijn er ruim 70 duizend foto’s geplaatst, per maand wordt nu 1,5 miljoen keer een foto bekeken.
Het toevoegen van een foto is gratis en vrij eenvoudig, de aanmeldprocedure beperkt zich tot het opgeven van een e-mailadres en een wachtwoord, waarna direct een foto op de kaart gezet kan worden. Aangezien er in een land vaak dorpen of steden zijn met dezelfde naam wordt ter controle ook de lengte- en breedtegraad vermeld. Het bekijken van de foto’s blijkt even verslavend te werken als bij Flickr.
Er zitten wel enkele nadelen aan Woophy. Zo is het niet mogelijk om een uitgebreid bijschrift toe te voegen en raakt de overzichtskaart nogal volgepropt, een probleem dat volgens Van Hoytema binnenkort wordt verholpen. ‘Je ziet straks van een plaats alleen de laatst toegevoegde foto.’ Fraude met waarderingen blijkt ook de kop op te steken, getuige het forum. ‘Er zijn mensen die foto’s laag waarderen om zelf hoger in de rangschikking te komen. Ik geef ze dan een waarschuwing, maar uiteindelijk kun je er weinig tegen doen.’
Woophy is niet de enige site die foto’s geografisch weergeeft. Er worden verwoede pogingen gedaan door ontwikkelaars om Flickr te koppelen aan Google Maps, maar nog zonder veel succes. De beste geografische weergave van Flickr-foto’s is te vinden bij Mappr, dat zich alleen beperkt tot de Verenigde Staten. Mappr doorzoekt de trefwoorden die mensen bij Flickr toekennen aan hun foto’s en bepaalt aan de hand daarvan waar de foto gesitueerd moet worden. Feilloos is deze methode allerminst. Het intypen van ‘Statue of Liberty’ laat onder meer een man in onderbroek in Las Vegas zien.
----
Foto uit Copán Ruinas (Honduras), te vinden op het openbare gedeelte van mijn Flickr-pagina.
---
Woophy.com
Het Nederlandse Woophy.com weet fotoliefhebbers aan zich te binden door de afbeeldingen te koppelen aan een wereldkaart. Het ligt voor de hand om foto’s die mensen op internet plaatsen en met elkaar delen op deze manier te rangschikken, maar het idee is elders nog niet zo goed uitgewerkt.
Ook Flickr.com, dat in twee jaar uitgroeide tot een fenomeen voor het online beheren en delen van foto’s, gebruikt voor het navigeren door het omvangrijke aanbod nog steeds trefwoorden (‘tags’). Woophy.com prikt de foto’s eenvoudigweg op de kaart, dankzij de database van het Amerikaanse National Geospatial Intelligence Agency.
Woophy is een nevenproject van Joris van Hoytema en Marcel Geenevasen, die respectievelijk oprichter en werknemer zijn van het Rotterdamse architectenbureau BBVH. Sinds de lancering van Woophy in maart vorig jaar hebben zich zevenduizend mensen ingeschreven en zijn er ruim 70 duizend foto’s geplaatst, per maand wordt nu 1,5 miljoen keer een foto bekeken.
Het toevoegen van een foto is gratis en vrij eenvoudig, de aanmeldprocedure beperkt zich tot het opgeven van een e-mailadres en een wachtwoord, waarna direct een foto op de kaart gezet kan worden. Aangezien er in een land vaak dorpen of steden zijn met dezelfde naam wordt ter controle ook de lengte- en breedtegraad vermeld. Het bekijken van de foto’s blijkt even verslavend te werken als bij Flickr.
Er zitten wel enkele nadelen aan Woophy. Zo is het niet mogelijk om een uitgebreid bijschrift toe te voegen en raakt de overzichtskaart nogal volgepropt, een probleem dat volgens Van Hoytema binnenkort wordt verholpen. ‘Je ziet straks van een plaats alleen de laatst toegevoegde foto.’ Fraude met waarderingen blijkt ook de kop op te steken, getuige het forum. ‘Er zijn mensen die foto’s laag waarderen om zelf hoger in de rangschikking te komen. Ik geef ze dan een waarschuwing, maar uiteindelijk kun je er weinig tegen doen.’
Woophy is niet de enige site die foto’s geografisch weergeeft. Er worden verwoede pogingen gedaan door ontwikkelaars om Flickr te koppelen aan Google Maps, maar nog zonder veel succes. De beste geografische weergave van Flickr-foto’s is te vinden bij Mappr, dat zich alleen beperkt tot de Verenigde Staten. Mappr doorzoekt de trefwoorden die mensen bij Flickr toekennen aan hun foto’s en bepaalt aan de hand daarvan waar de foto gesitueerd moet worden. Feilloos is deze methode allerminst. Het intypen van ‘Statue of Liberty’ laat onder meer een man in onderbroek in Las Vegas zien.
----
Foto uit Copán Ruinas (Honduras), te vinden op het openbare gedeelte van mijn Flickr-pagina.
Een Cubaanse schrijver/journalist hongert zichzelf dood omdat hij
geen gebruik meer mag maken van internet. Veertig dagen duurt zijn
hongerstaking al, aldus CNN, hij is inmiddels in kritieke toestand
opgenomen in het ziekenhuis.
Het gaat om Guillermo Fariñas (van Cubanacán Press, zo leert wat Googlen). De 43-jarige Cubaan verstuurde informatie over schendingen van mensenrechten via e-mail naar media in het buitenland. Reden voor de Cubaanse overheid om hem toegang tot internet te ontzeggen. Onder druk van familie en vrienden accepteerde Fariñas begin februari voeding, maar al snel daarna begon hij opnieuw met zijn hongerstaking.
Een interessante videoreportage (onder Sci-Tech te vinden). Hoewel Cubanen volop computerles krijgen heeft het land het geringste aantal internetters in de wereld. Het is het bekende verhaal, toegang tot het web is beperkt en sites die niet passen binnen het straatje van de overheid worden geblokkeerd. Een zwarte markt waar gehandeld wordt in passwords doet er zijn voordeel mee.
Castro houdt desondanks hoop dat ‘miljoenen Cubanen’ straks via internet met ‘miljoenen andere wereldburgers’ communiceren. Dat zal ongetwijfeld gebeuren, maar hij zal ’t niet meer meemaken, vermoed ik.
---
Update 4 april: AFP heeft het laatste nieuws over Fariñas. Zijn toestand is nog steeds kritiek.
Update 4 september: in de Telegraaf een bericht dat Fariñas de hongerstaking heeft beëindigd.
Het gaat om Guillermo Fariñas (van Cubanacán Press, zo leert wat Googlen). De 43-jarige Cubaan verstuurde informatie over schendingen van mensenrechten via e-mail naar media in het buitenland. Reden voor de Cubaanse overheid om hem toegang tot internet te ontzeggen. Onder druk van familie en vrienden accepteerde Fariñas begin februari voeding, maar al snel daarna begon hij opnieuw met zijn hongerstaking.
Een interessante videoreportage (onder Sci-Tech te vinden). Hoewel Cubanen volop computerles krijgen heeft het land het geringste aantal internetters in de wereld. Het is het bekende verhaal, toegang tot het web is beperkt en sites die niet passen binnen het straatje van de overheid worden geblokkeerd. Een zwarte markt waar gehandeld wordt in passwords doet er zijn voordeel mee.
Castro houdt desondanks hoop dat ‘miljoenen Cubanen’ straks via internet met ‘miljoenen andere wereldburgers’ communiceren. Dat zal ongetwijfeld gebeuren, maar hij zal ’t niet meer meemaken, vermoed ik.
---
Update 4 april: AFP heeft het laatste nieuws over Fariñas. Zijn toestand is nog steeds kritiek.
Update 4 september: in de Telegraaf een bericht dat Fariñas de hongerstaking heeft beëindigd.
Beroemd zijn in New York is geen pretje nu weblog Gawker de gangen
van de sterren laat beschrijven via Google Maps. Op de kaart bij
Gawker Stalker is te
zien dat Richie Havens nog rondstruint in de buurt van Whole Foods,
bij 40E 14th Street. En Justin Timberlake en Cameron Diaz waren
gistermiddag op 1800 Broadway.
Dergelijke vip-spotting bestaat al langer op internet, in Nederland onder meer met Vipspotting.nl, een site waar foto's van beroemdheden naartoe gestuurd kunnen worden, voorzien van lokatie en tijdstip van 'spotten'. Kleinschalige initiatieven in vergelijking met Gawker, dat in New York veel gelezen wordt, en verder ook de eigenaar is van een populaire weblog als Gizmodo.
De kritiek is inmiddels losgebarsten. 'Het wordt mogelijk tijd om 'beroemdheid' op de lijst te zetten van potentieel gevaarlijke banen in de Verenigde Staten', begint ABC een artikel op de site. De kans bestaat dat het publiek zich gaat gedragen als paperazzi en dat de gangen van de beroemdheden over langere tijd inzichtelijk worden, aldus critici.
Dergelijke vip-spotting bestaat al langer op internet, in Nederland onder meer met Vipspotting.nl, een site waar foto's van beroemdheden naartoe gestuurd kunnen worden, voorzien van lokatie en tijdstip van 'spotten'. Kleinschalige initiatieven in vergelijking met Gawker, dat in New York veel gelezen wordt, en verder ook de eigenaar is van een populaire weblog als Gizmodo.
De kritiek is inmiddels losgebarsten. 'Het wordt mogelijk tijd om 'beroemdheid' op de lijst te zetten van potentieel gevaarlijke banen in de Verenigde Staten', begint ABC een artikel op de site. De kans bestaat dat het publiek zich gaat gedragen als paperazzi en dat de gangen van de beroemdheden over langere tijd inzichtelijk worden, aldus critici.
'Comment is free, but facts are sacred.' Die befaamde
uitspraak uit 1921 van CP Scott van The Guardian heeft bij de krant
een tweede leven gekregen als titel van een nieuwe weblog.
Comment is free (de rest staat onderaan de pagina) wordt gevuld met opinies, discussies en andere manieren van meningsvorming. Een keur aan publicisten uit verschillende hoeken van de maatschappij is hiervoor uitgenodigd, waaronder ook een fotograaf die een fotoblog bijhoudt.
Het grote voorbeeld is de Huffington Post, een Amerikaanse weblog voor opinievorming die sinds vorig jaar furore maakt, eveneens met een groep webloggers. Bij blogzoekmachine Technorati staat Huffington Post al op de vijfde plek in de lijst met meest populaire weblogs.
Een van de oprichters van de Huffington Post, Arianna Huffington, schreef ook een bijdrage voor Comment is free, maar ze staat niet op de lijst met vaste medewerkers.
Comment is free (de rest staat onderaan de pagina) wordt gevuld met opinies, discussies en andere manieren van meningsvorming. Een keur aan publicisten uit verschillende hoeken van de maatschappij is hiervoor uitgenodigd, waaronder ook een fotograaf die een fotoblog bijhoudt.
Het grote voorbeeld is de Huffington Post, een Amerikaanse weblog voor opinievorming die sinds vorig jaar furore maakt, eveneens met een groep webloggers. Bij blogzoekmachine Technorati staat Huffington Post al op de vijfde plek in de lijst met meest populaire weblogs.
Een van de oprichters van de Huffington Post, Arianna Huffington, schreef ook een bijdrage voor Comment is free, maar ze staat niet op de lijst met vaste medewerkers.

In dienst van
Yahoo struint journalist Kevin Sites al enige tijd de brandhaarden
van de wereld af. De 

