Blauw Oog
Op geluk moet je niet wachten. Je moet het tegemoet gaan. (K. Haack)
VKBlog Headerimage

Vrede graag, of ik schiet je overhoop

vrijdag 17 april 2009 21:15
De kernwapens hebben ons decennia van vrede opgeleverd. Dat was één van de reacties op een opiniepoll op de Vlaamse televisie van vanavond.

Goed zot, als de stelling waar is. Zijn wij beschaafde mensen echt enkele en alleen tot vrede in staat als we ons bedreigd weten door de vernietigingskracht van de tegenpartij? Als dat zo is, zijn we dan eigenlijk wel beschaafd? Om nog maar te zwijgen van het prijskaartje die deze paar decennia van vrede heeft gehad: het duurde twee atoombommen voor de mensheid echt besefte wat voor afschuwelijk wapen dat is.

Bovendien: klopt die hele stelling eigenlijk wel? Toegegeven, er is decennia lang op oorlogsgebied in vergelijking met de huiveringwekkende climax van WO2 nauwelijks nog wat noemenswaardigs gebeurd - de terroristische aanslagen van de laatste jaren ten spijt. Maar is het ook ware vrede, waar we sinds de start van de Koude Oorlog van hebben kunnen genieten? Ook al gebeurt er in feite niets, als je constant het gevoel moet hebben dat er ergens ter wereld, op elk willekeurig moment, een of andere gek op een rode knop kan duwen... is dat echt vrede?
De vraag van de opiniepoll was trouwens: Is een wereld zonder kernwapens volgens u een utopie? Volgens mij niet, maar zal het nog heel lang duren voor wij mensen dat beschavingsniveau bereiken.
Over sportjournalisten wordt nog wel eens lullig gedaan. Ten onrechte, want sportverslaggevers weten niet alleen veel van sport, maar ook over China. Dat bleek vanavond bij het schaatsen, de 1500 meter voor vrouwen in Vancouver, toen de Chinese Dong het ijs op kwam. Verslaggevers Herbert Dijkstra en Martin Hersman ontpopten zich als ware China-experts.

Zo wisten zij te vertellen dat Dong geen tijd van 2:04 (twee minuten en vier seconden) mocht rijden, en wel omwille van het feit dat de 4 in China een ongeluksgetal is. Wee Dong haar gebeente als zij dit "verbod" overtrad, want, zo wist het journaille, daar staat in China "straf" op! Of het hier gelijk de doodstraf betreft of gewoon een simpele boete of iets dergelijks, dat wisten ze blijkbaar niet want daar werd met geen woord over gerept. Ook dat 2:04 gewoon een schijtbelabberde tijd is - alleen  de laatste 2 van de 20 haalden de 2:04:00 niet - lieten  de heren voor het gemak achterwege.

Waarom de 4 eigenlijk een ongeluksgetal is, wisten de heren reporters ook al niet. Misschien gingen ze er vanuit dat er eigenlijk geen reden voor is (of een reden die niemand weet)? Nu, speciaal voor hen volgt hier dan de verklaring.

Het Chinese woord voor ‘vier' is ‘si' (spreek uit sûh), en toevallig is het woord voor sterven dat ook. Maar dan in een andere toon. Dat Chinezen die overeenkomst zo duidelijk zien, zit in hun cultuur. Chinezen houden van cijfers. Met cijfers kunnen Chinezen soms hele zinnen zeggen, en dat zijn heus niet alleen bijgelovige of negatieve dingen. Bijvoorbeeld ‘ik hou voor altijd van jou' is 5201314. De 5 klinkt namelijk een beetje als ‘ik', de 2 als ‘houden van' en de 0 als ‘jij/jou'. De resterende 1314 staat voor ‘één leven één wereld' en dat betekent zoiets als ‘voor altijd en eeuwig'. Helaas is die geraffineerdheid de heren reporters vreemd. Voor hen is China alleen maar een dankbaar object om belachelijk te maken. Het pispaaltje van sportland.

Van de Nederlandse sportjournalistiek zelf druipt de intelligentie en geraffineerdheid natuurlijk af. Je hoefde de schaatsuitzending maar verder te kijken om dat te ondervinden. Neem bijvoorbeeld het moment waarop de reporter het ijs van de schaatsbaan becommentarieert: "Op dit ijs kun je niet glijden!" Nu vraag ik je.... briljááánt!

Ook de analyses van Ria en Erben zijn om te smullen. Zo weet Erben dat onze nationale heldin Ireen Wüst het helemaal niet erg vond dat je op het ijs niet kon glijden: "Ireen wil alleen maar vechten, en ze wil dat het seizoen afgelopen is". Knap dat onze Ireen dan toch nog zilver heeft gewonnen!

Die zilveren medaille was trouwens aanvankelijk ‘maar' een bronzen. Twee buitenlandse dames waren immers sneller. Voor Ria Visser telde dat echter niet. Als doorgewinterd analysatrice had Wüst wat haar betreft het goud moeten krijgen. Mij ontgaat die logica volledig, maar ik beschik dan ook niet over de buitengewone analyserende gave van Ria.

De smeekbede van Ria ging overigens prompt bijna in vervulling. Omdat de snelste rijdster alsnog werd gediskwalificeerd, kon Wüst omhoogschuiven naar zilver. Toch was Ria niet blij: "Dit is belachelijk. De schaatsers moeten staken!"
Mede-analist Erben was het daar roerend mee eens. "Kijk," zei hij bij het zien van het verwrongen gezicht van de op één na snelste rijdster die het goud kreeg omgehangen, "die is helemaal niet blij!"
Wüst echter nam haar zilver (volgens Ria met een een gouden randje maar dat heb ik niet kunnen zien) met grote vreugde in ontvangst. Was zij dan wel echt blij? Welneen, wist Erben, "Wüst is gewoon blij omdat ze op het podium staat." En zo is het: ónze heldinnen zijn onfeilbaar. En Erben Wennemars kan gedachten lezen.

Beste kijkers, onderschat uw sportjournalisten niet. Die hebben evenveel verstand van China als van schaatsen. 

(Niemand overigens die eraan denkt dat het voor Christina Groves óók vrijdag de 13e is.)

Afrekening in de rosse buurt

woensdag 11 maart 2009 20:22
Zo rustig als onder deze omstandigheden mogelijk is, overweeg ik mijn opties. Het pistool dat ik gezien had, was wel degelijk echt. Een echt vuurwapen, is dat reden om de politie te bellen? 112? Jawel toch? Okee, bellen dan maar.

"Heeft u dat ook gezien?" vraagt de oudere mevrouw naast mij. De schrik staat op haar gezicht te lezen. Een bus die wil passeren, moet toeteren: de vrouw staat met haar fiets bijna midden op het drukke kruispunt. "Ja," zeg ik, "ik heb het gezien, ik ga nu de politie bellen."

Wat ik had gezien, loog er niet om. Ik fietste in de buurt van de Gentse ‘rosse buurt'. Eigenlijk is het niet echt een buurt maar nauwelijks meer dan een straat. Daar fietste ik dus, langs een café, en daar voor stond een man. Net toen ik voorbij fietste, toonde hij aan zijn maat wat hem was overkomen. Hij tilde zijn shirt op, en wat daaronder zat, ken ik normaal alleen van spannende films en series. Zijn buik zat onder de krassen, duidelijk gezet met een mes. Van onderaan zijn ribbenkast tot zijn broekrand zat bloed - hoewel zijn kleren er nog onbevlekt uit zagen.

In zijn ene hand fonkelde een pistool. Een echt wapen. Met een chroomgrijze bovenkant - zo'n bovenkant waarmee je slechteriken in films altijd ziet doorladen. Een pistool, een echte. De man vond het zelf kennelijk niet zo bijzonder. Hij haalde tegen zijn maat zijn schouders op, alsof hij wilde zeggen: ‘die gasten achterna gaan heeft geen zin meer, ze zijn allang verdwenen.' En vervolgens steekt hij zijn pistool doodleuk onder de rand van zijn broek.

Wat duurt het lang voor 112 opneemt, denk ik nog, om dan eindelijk te beseffen dat ik in België ben. Daar hebben ze geen 112 maar een ander nummer. "Weet u wat het noodnummer hier in België is mevrouw?" vraag ik. Maar ze weet het niet - zelfs het begrip ‘noodnummer' lijkt haar onbekend. Misschien heet dat hier anders?

Intussen zie ik in de straat waar de gewapende man stond, een donkere wagen schuin middenop de weg staan. Een man - de man met het wapen? - stapt in bij de chauffeur, waarna de auto wegrijdt. De donkere wagen nadert me. Ik staar naar het kenteken. Goed onthouden. Goed onthouden. De wagen passeert me - een Renault Laguna ofzoiets, denk ik te zien - en ik vergeet hem na te kijken om te zien welke richting hij neemt bij het volgende kruispunt.

De daders zijn weg. Het heeft nu weinig zin meer om de politie te bellen. Ik besluit om nog een rondje door de buurt te fietsen, gewoon om te zien of er nog iets te zien valt dat ik dan eventueel later aan de flikken kan vertellen. Als ik mijn blokje om heb gefietst, zie ik een politiebusje. Dat rijdt langzaam. Alsof het op zoek is naar iets. Of iemand.

Ik trap gas bij en haal het busje in. Ik zwaai. "Nu even niet," laat de agent weten. "Bent u toevallig op zoek naar een man met een wapen?" vraag ik. Bingo. Ik vertel de agent vlug dat ik de wagen heb gezien waar de man in zit, wat voor auto het is en welk kenteken het draagt. De agent noteert alles. Plus mijn naam en telefoonnummer.

Nog geen drie uur later lees ik dit bericht op internet.

Kadootje van 370 euro per kind

vrijdag 27 februari 2009 10:39
Een nieuw gevalletje van meten met twee maten, of gewoon praktijkgericht denken? Belgische kamerleden zijn zich een bananenbult gevallen nu blijkt dat de beslissing om asielzoekers belastingaangifte te laten doen, vooral in het voordeel van die asielzoekers werkt.

Wat is het geval? Asielzoekers zijn al een hele tijd belastingplichtig, maar vorig jaar is het ook daadwerkelijk gelukt om die mensen aangiftebiljetten te sturen. Veel asielzoekers hebben een inkomen van nul euro en vulden dat ook braaf in. Sommige asielzoekers hebben bovendien kinderen en vulden ook dat braaf in. Het gevolg: ze moeten nul euro belasting betalen, en krijgen 370 euro per kind 'terug'. Ze krijgen dus gewoon 370 euro per kind.

Kamerlid Vandevelde (van een rechtse partij) is daar heel boos over. Wie geen belasting betaalt, mag ook niets trekken, vindt hij. Ongetwijfeld doelt hij daarmee op de asielzoekers, maar feit is dat ikzelf geen haar beter ben. Ik, buitenlander, werk van tijd tot tijd in België, maar mijn inkomen is zo laag dat ik (bijna) alles terugkrijg van de belasting. Moest ik kinderen hebben, dan zou ik daar dus nog 370 euro per kind bovenop cadeau krijgen. Zou bijna de hele Belgische kamer daar ook zo boos over zijn geworden?

Ook van linkse kant komt kritiek, maar dan om een heel wat betere reden. Kamerlid Almaci (Groen!) vindt deze steun aan asielzoekers niet kunnen omat het indruist tegen de filosofie om asielzoekers alleen materiële steun te geven en geen financiële. Want ook op links weten ze dat 'profiteurs' ongewenst zijn. Stel je voor dat alle asielzoekers met kinderen naar België zouden komen om 370 euro per kind op te strijken.

Maar ja. Ondertussen zijn er in autochtoon België nog altijd talloze mensen die óók als inkomen nul euro opgeven, en zo 370 euro per kind laten ophoesten door belastingbetalend Vlaanderen. Bovendien is zwartwerken in België nog steeds een nationale sport, net als creatief omgaan met belastingpapieren. Het verschil is alleen dat dit, in tegenstelling tot steuntrekkende asielzoekers, wél maatschappelijk geaccepteerd is.

Meisjesdag

vrijdag 13 februari 2009 19:09
"Kijk," roept de Prinses, terwijl ze de deur van onze nieuwe studio openzwaait. Met haar jas nog aan tovert ze een dik pak papier uit haar tas tevoorschijn.
"Kijk wat we bij organisatietheorie hebben gehad! We hebben met de hele zaal testjes gedaan."
Testjes zijn tegenwoordig bij economische vakken op de Gentse universiteit blijkbaar zwaar populair. Vorig jaar hadden ze ook al zoiets.
"De eerste test hoort bij een onderzoek naar hoe mensen zich gedragen in de financiële crisis," legt de Prinses uit. "En of de mensen wel consistent zijn. We moesten steeds kiezen tussen ófwel zeker een bedrag verliezen ofwel misschien een drie keer zo groot bedrag winnen. Sommige mensen zijn echt wispelturig. Kijk hier" - ze wappert met de stapel papieren - "eerst kiest zo iemand dan voor het eerste, en later bij een vraag die eigenlijk precies hetzelfde is maar dan anders gezegd, kiezen ze opeens het andere!"
"Enne... moet je daarvoor die stapel papier mee naar huis nemen?"
"Huh? O nee hoor, dat moet ik van de prof in een excel-bestand typen. Iedereen moet dat dit semester een keer doen. Deze week doen 10 mensen het - toevallig allemaal meisjes. We krijgen er allemaal 5 punten voor."
"Pardon? Punten? Maar dan is het dus verplicht!"
"Bwa, verplicht... je kunt het ook niet doen maar dan krijg je die 5 punten niet."
"Min of meer verplicht dus. Gebruiken de proffen hun studenten hier als typegeit?"
"Het schijnt dat sommige proffen zelfs hun assistent een wetenschappelijk onderzoek laten doen, en dan diens werk ter publicatie aanbieden met hun eigen naam eronder..."
"Plagiaat!"
"Tsja..."
"Oh? En die tweede test?" vraag ik nieuwsgierig.
"Wel, dat was eigenlijk een soort raadsel."
"Kom maar op."
"Welnu, stel er zijn twee ziekenhuizen met zwangere vrouwen. In ziekenhuis De Wellustige Lotusbloem worden gemiddeld 45 kindjes per maand geboren, in ziekenhuis De Zevende Hemel 15. In beide ziekenhuizen vieren ze soms Meisjesdag. Het is een Meisjesdag als minstens 60 procent van de kinderen die per maand geboren worden, een meisje is."
"En de vraag is....?"
"In welk van de twee ziekenhuizen is het het vaakst Meisjesdag?"

Terwijl de Prinses haar jas aan de kapstok hangt en inlogt op Facebook, trek ik een diepe frons...

Wat is het juiste antwoord?

O pecunia, o Fortis

dinsdag 10 februari 2009 09:07
Terwijl mijn bank, Fortis, dreigt failliet te gaan - nota bene mede dankzij een Chinees? - mag ikzelf eindelijk ook eens wat positief geldnieuws bekendmaken. Ik kreeg de afgelopen tijd twee leuke brieven.

Dat van die ene brief wist u al: de belastingteruggave van ruim 1200 euro. Die wordt eind maart gestort. Maar behalve die brief kreeg ik een paar dagen geleden nóg een federale enveloppe: van het Sociaal Fonds voor de Uitzendkrachten. De belastingdruk mag dan in België erg hoog zijn, ik arme sloeber met mijn loonpeil dat dieper ligt dan het dieptepunt van de beurs, krijg toch een hoop terug. Bijvoorbeeld een eindejaarspremie.

Voor de belangstellenden: de brutopremie is nogal de moeite: 573 euro. Jammer genoeg berekenen ze ook over deze premie weer belasting, zodat er netto slechts 382 euro overblijft. Wat ze bij de administratie niet (willen) weten, maar wat ik al wel weet, is dat mijn loon ook over de volgende periode zo laag is dat ik dit verschil volgend jaar óók weer terug zal krijgen van de belasting. Da's leuk voor dan, maar ik heb het nu waarschijnlijk harder nodig dan volgend jaar. En de overheid trekt ondertussen natuurlijk vrolijk 'mijn' rente.

Ook frappant is hoe lang je als Belg moet wachten op je eindejaarsuitkering. Ik krijg nu, februari 2008, de premie over april 2007 tot en met maart 2008. Maart 2008 -- dat is bijna een jaar geleden. Een jáár! Een jaar dus dat mijn regering dit bedrag in de schatkist houdt en er vrolijk rente over kan vangen in een of ander schimmig fonds.

Maar goed, het belangrijkste is dat ik in totaal meer dan 1500 euro krijg waar ik niets anders voor moet doen dan een antwoordkaartje terugsturen (voor de eindejaarspremie - anders weten ze zogenaamd niet wat mijn rekeningnummer is. In werkelijkheid weten ze dat best, want het staat immers op mijn belastingformulier). Dat geld wordt dan keurig gestort op mijn Belgische Fortis-rekening.

Dan moet Fortis ondertussen niet failliet gaan natuurlijk...

Budget van de beursloze student

vrijdag 6 februari 2009 10:47
Gemakkelijk is het niet, maar het kán wel: studeren zonder beurs.

Om één student in Vlaanderen in leven en aan het studeren te houden, is per maand ongeveer 500 euro nodig. Dat volgens een richtlijn van mezelf althans.

Als ik goed op mijn geld let, geef ik per week 50 euro uit. Dat geld gaat voor ongeveer de helft naar de diverse supermarkten in de omgeving. Daarnaast moet er af en toe een nieuwe kaart gekocht worden voor de bus en de tram (8 euro voor 10 ritten), of de trein (16 euro voor 10 ritten). Het lokale openbaar vervoer heb je niet vaak nodig als je een fiets hebt, maar helaas heb ik die op dit moment niet. De trein is nodig om bij het huis van de Prinses te komen (waar het eten overigens gratis is). Verder eet ik regelmatig in het studentenrestaurant (broodje 1,60 euro, warme maaltijd met water ongeveer 3 euro). O ja, en natuurlijk de onvermijdelijke kopjes koffie in het leslokaal (2,50 euro per week, 0,50 euro per bekertje).

Van het weekbudget dwing ik mezelf ook om bijkomende dingen te (proberen te) betalen, zoals studieboeken en ander studiemateriaal, om de paar maanden een retourtje vrienden & familie in Nederland (bijna 50 euro per keer), of een verjaardagscadeautje voor dees of gene.

Dan zijn er nog de maandelijkse vaste kosten. Ik bel mobiel met een abonnement van 20 euro per maand, maar omdat ik gebruik maak van een schitterende aanbieding is dat een jaar lang speciaal voor mij slechts 10 euro per maand. Het is alleen wel opletten geblazen dat je niet over je belbudget heen gaat, want dan is Proximus plots niet meer de goedkoopste. Speciaal om naar Nederland te bellen heb ik een tweede gsm. Dat kost 14 cent per minuut naar een vaste, en 34 cent per minuut naar een mobiele telefoon - aanzienlijk goedkoper dan met mijn gewone gsm. Het 'Nederland'-mobieltje heeft geen abonnementskosten.

Een grotere maandelijkse uitgave is de huur van het kot. Ik betaal zelf 175 euro per maand, omdat de Prinses de andere helft van ons luxe kot betaalt. 175 euro voor een kot is een absolute bodemprijs in Gent. Studenten die 250 betalen vinden hun kot ook spotgoedkoop, de gemiddelde prijs ligt, schat ik, rond de 300 euro per maand.

En tenslotte zijn er nog jaarlijkse kosten, wat in de praktijk vooral neerkomt op 540 euro inschrijfgeld voor de universiteit, plus 612 euro aan een speciale spaarrekening die ik ooit eens heb afgesloten toen ik nog volop deelnam aan het arbeidsproces. (Deze spaarrekening opzeggen is een slecht idee omdat je dan nog maar de helft van je inleg terugkrijgt. Bovendien kan ik dit geld erg goed gebruiken voor later - ik heb bijvoorbeeld een pensioengat van hier tot Tokyo.)

De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik de laatste paar jaar deze spaarrekening niet meer zelf heb kunnen aanvullen en dat mijn ouders daarom zijn bijgesprongen. Daarnaast heb ik hier en daar ook nog wat kleinere bedragen geleend die ik nog moet terugbetalen. Ik heb nog geen duidelijk overzicht gemaakt, maar ik schat dat ik in de afgelopen 2,5 jaar toch al snel 2000 euro heb geleend - als het niet meer is. Dat geld moet natuurlijk ook ooit terugbetaald. Daarnaast sta ik nog zo'n 1000 euro rood.

Gelukkig gloort er licht aan het eind van de tunnel. Eind maart krijg ik ruim 1200 euro terug van de Belgische belastingen. Bovendien volg ik dit semester maar 4 vakken. Dat is maar een 2/3 studieprogramma, en ik heb daar bewust voor gekozen uit financiële overwegingen. (Nu maar hopen dat studievertraging wegens financiële omstandigheden geen reden is om kansloos te worden voor een beurs, later. Dat zou zuur zijn: ik zou dan geen geld kunnen krijgen wegens geldgebrek, als het ware...)

Terug in België (2)

maandag 2 februari 2009 21:32
De financiële crisis schijnt in de hele wereld voelbaar te zijn, maar voor mij slaat hij pas toe nu ik weer terug ben.

De eerste klap was tenminste nog gepland. Ik ben - zogenaamd alleen - in mijn nieuwe kot getrokken, een studio. Heel luxe allemaal: we kunnen er zelf koken, zelf douchen en zelf naar de wc gaan. En het allermooiste: we hebben niet één maar twee kamers tot onze beschikking. Een aparte slaapkamer dus! Lang geleden dat ik in mijn eigen woonstek die luxe had. Maar het heeft wel een prijskaartje: 350 euro per maand. In China hadden we een kamertje van 150 euro of sliepen we voor 4 tot 7 euro per nacht per persoon in een ho(s)tel.

Een tweede klap(je) ontstond door praktische omstandigheden nog in China. Een lening van 100 euro aan de Prinses. Natuurlijk mag ik terugbetalen wanneer mij dat goed uitkomt, maar het is toch echt de bedoeling dat ik dat NU doe en niet 'later'.

De derde klap is er weer eentje waarop ik niet gerekend had. De gsm. Zaterdag nog sloot ik een supervoordelig abonnement af bij meneertje Proximus - een jaar lang bellen voor half abonnementsgeld, dus geen 20 maar 10 euro per maand (wie wil dat nu niet??). Deze superaanbieding kwam voor mij op het perfecte moment, want mijn oorspronkelijke abonnement bleek na terugkomst in België niet meer te werken. Zal wel afgelopen zijn, dacht ik in mijn naïviteit.

Precies één gesprek heb ik gevoerd met mijn nieuwe abonnement. Daarna vond Proximus voor mij uit waarom mijn eerdere Proximus-abonnement eigenlijk was gestopt: ik moet nog 70 euro betalen. Jammer genoeg moest ik naar de belwinkel om dat heuglijke nieuws te mogen vernemen. Meneertje Proximus belt alleen uit eigen beweging als híj vindt dat ik toe ben aan een nieuw (meestal duurder) abonnement. (Maar misschien is het ook mijn eigen schuld dat ik bij thuiskomst niet direct allerlei gsm-rekeningen op de deurmat vond - ik ben immers verhuisd en weet eigenlijk niet eens of ik mijn nieuwe adres wel heb gegeven.)

Met al deze toestanden staan mijn twee bankrekeningen inmiddels samen op ongeveer minus 900 euro.

De zwaarste klap moet dan nog komen, en wel uit de tandheelkundige hoek. Vorige week had ik serieus pijn van warme dranken. Ik dus zaterdag naar de tandarts en wat blijkt: tandzenuw - eentje die al dood bleek te zijn - ontstoken. De zenuw hebben ze direct weten te amputeren (kosten: 70 euro, waarvan ik er ongeveer 42 terugkrijg van de verzekering), maar er volgt morgen nog een nabehandeling. Ze moeten immers de vrijgekomen zenuwkanalen gaan opvullen, anders gaat de boel straks weer flink pijn doen. Kosten: zo'n 400 euro (als er 4 kanalen zijn), waarvan ik nog mag hopen dat ik er 100 terugkrijg. Totale kostenpost: 328 euro, en als ik een beetje pech heb moet ik dat zelfs dubbel betalen want tandpijnvrij ben ik ondanks de geamputeerde zenuw nog steeds niet.

In China moest de Prinses eens naar het ziekenhuis met een visgraat in haar keel. Het kostte geloof ik 5 euro ofzo om die eruit te laten halen.

Kortom, ik weet weer heel goed hoe duur het leven in België is.... als je geen geld of werk hebt.

Het leuke van België is dan wel weer dat ik hier geld terugkrijg van de fiscus. En het is de moeite: ruim 1200 euro. Maar jammer genoeg heb ik daar op dit moment weinig aan, want het wordt pas over twee maanden uitbetaald aan de rechtmatige eigenaar teruggegeven. Blijkbaar willen ze eerst nog rente trekken, om te besteden aan het veiligstellen van de spaarboekjes (en aandelen ook trouwens) van rijkelui. Mensen die dat geld niet uitgeven, maar alleen gebruiken om op de bank te laten staan zodat het vanzelf aangroeit, van hoog via extreem hoog tot astronomisch. Hoeveel miljard was dat ook al weer, waarmee Vlaanderen KBC en Fortis heeft gered?

Ja, de financiële crisis tiert welig en Vlaanderen moet nu eenmaal zijn prioriteiten stellen. En die liggen duidelijk niet bij armzalige zelfstandige Nederlandse studentjes met wankele financiële posities zoals ik.

Terug in België

vrijdag 23 januari 2009 17:40
Na bijna een compleet etmaal van vliegtuigen, vliegvelden, bagage, vertragingen, films kijken op het kleine schermpje en wakker blijven omdat het in een vliegtuigstoel nu eenmaal niet zo lekker slaapt, ben ik weer terug op Vlaamse bodem. Op het vliegveld stonden de ouders van de Prinses ons al op te wachten, om ons daarna comfortabel per automobiel door het druilerige winterweer naar een heerlijk zacht en warm bedje te rijden.

Maar hoe warm het ontvangst ook, als ik eerlijk ben had ik vanuit Beijing liever gewoon de trein terug genomen naar Shenyang. Studeren in China is nu eenmaal spannender dan ´gewoon´ in Gent. In China is eigenlijk het hele leven een beetje leuker en indrukwekkender. Juist omdat veel daar zo anders is dan hier.

De afgelopen vier maanden heb ik kennis mogen maken met de wereld die China heet: studeren in de grote stad en daarna rondreizen in het zuiden, waar China op veel plaatsen nog ontwikkelingsland is. Het andere China.

In Shenyang heb ik gezien hoe het leger wordt ingezet om de straten te maken en hoe auto´s en propvolle bussen zich tegelijkertijd een weg banen door diezelfde straten. Ik zag hoe Chinezen er ruzie maken zonder te vechten. De Prinses en ik zijn aangestaard en vaak voor wandelende geldbomen aangezien, maar mochten ons ook verwarmen aan een deken van hartelijkheid en vriendelijkheid, en ons verheugen in een dikke dosis oprechte, nieuwsgierige belangstelling. Soms voelden we ons een soort dieren in een dierentuin, in kleinere plaatsen werden we soms ook bejegend als een soort beroemdheid. De afgelopen vier maanden waren zo interessant dat ik ze het liefst nog lang niet had willen verlaten.

Vier maanden zijn eigenlijk te kort. We waren net helemaal gewend aan leven en studeren in China, we waren net zo ver dat onze vriendschappen met Chinese medestudenten ergens op waren gaan lijken, en dan moeten we weg. Een heel schooljaar in China zou eigenlijk beter zijn geweest.

Maar ja. De plicht roept (en vriendschap ook trouwens!) dus ben ik weer terug. En hou me vast aan de gedachte aan de leukere dingen van leven en studeren in België...

Xinnian kuaile 新年快乐!

donderdag 1 januari 2009 11:14
De zon schijnt volop. Buiten is het 23 graden. Mensen lopen in hun t-shirt. Zojuist hebben we - ook buiten - een potje pool gespeeld op een van de pooltafels op straat. 'Klein Thailand' wordt het hier genoemd. De datum: 1 januari 2009. Hier een gewone dag zoals alle anderen. Voor ons ook, maar toch niet helemaal.

Iedereen een gelukkig nieuwjaar vanuit Jinghong, Xishuangbanna, Yunnan, China!


(Dit is de eerste foto die we in Jinghong hebben gemaakt.) 

Afscheid van Shenyang

dinsdag 23 december 2008 04:49
Het zit erop, het is gedaan: het China-semester is voorbij. De drie maanden zijn veel te kort geweest. Net nu we helemaal gewend zijn aan het campusleven, net nu onze vriendschappen met Chinese studenten serieuze vormen beginnen aan te nemen, moeten we weg.

Vrienden worden met Chinezen kan, daar moet je veel energie in steken. Er is een muur van beleefdheid die je moet slechten, is onze ervaring. Bovendien - of misschien wel daarmee samenhangend - zal een Chinees nooit jou bellen om iets af te spreken, het moet allemaal van jou af komen. Maar het is de moeite dubbel en dwars waard.

Onze vrienden hebben zo veel voor ons gedaan. Ze hebben ons geholpen met de aanschaf van onze mobieltjes en vliegtickets, eentje is met mij meegeweest naar 3 verschillende brillenwinkels terwijl ik haar nog niet eens kende, en onze beste vrienden hebben samen met ons uren en uren gezwoegd op het vertalen van een Chinees wetenschappelijk artikel van 10 pagina's. Omgekeerd hebben we het gevoel dat we zelf maar weinig hebben kunnen terugdoen, behalve dan wat obligate etentjes in restaurants die voor ons spotgoedkoop zijn.

Het afscheid ging gepaard met cadeautjes. De Prinses heeft voor elke meisjesvriendin een vriendschapsbandje geknoopt en hoogstpersoonlijk bij ze om de pols gebonden. Voor onze beste mannelijke pengyou hebben we een klongelong gekocht met op de houtjes woorden als vriendschap en geluk, in drie talen: Chinees, Engels en - opvallend genoeg - Spaans. (We hebben hem ook geleerd in het Nederlands tot 10 te tellen en zijn benieuwd of hij dat over een paar jaar, als we elkaar weer zien, nog weet - we denken van wel.)

Onze vrienden hebben ook cadeautjes gegeven aan ons. Zo zijn we nu twee paar speciale Chinese huwelijkspoppen rijker, gekleed in traditionele Chinese huwelijkskledij. De boodschap is duidelijk... ;-)

Afscheid is moeilijk. Lao G., misschien wel onze beste pengyou, zegt bij normaal afscheid altijd gewoon gedag en dat loopt hij weg. Nog geen hand heb ik ooit van hem gekregen, zo is hij niet. Bij het laatste afscheid wist hij niet zo goed wat hij moest zeggen en kreeg ik een knuffel. Chinezen huilen niet - tenminste niet in gezelschap. Maar was dat een traan die ik daar zag voor hij zich omdraaide en wegliep? Of leek dat maar zo, door de waas in mijn eigen ogen?

De Prinses en ik zijn inmiddels met onze reis begonnen. We zitten nu in Kunming, de hoofdstad van de zuidelijke provincie Yunnan. De komende maand reizen we verder door Yunnan en Sichuan, om uiteindelijk nog enkele dagen Beijing door te brengen. Ook daar moeten we vrienden voor onbepaalde tijd vaarwel zeggen. En daarna keren we terug naar Belgie om ons voor te bereiden op de rest van het studiejaar...

China: de hurkcultuur

zondag 14 december 2008 03:30
Een van de dingen die opvallen aan China: de mensen zitten vaak gehurkt. Gehurkt wachten mensen op de bus, gehurkt voeren mensen op hun gemak een mobiel telefoongesprek, en gehurkt rusten ze gewoon maar wat uit.

Veel westerlingen kunnen dat niet, voor langere tijd zo gehurkt zitten zonder om te vallen. Ik ook niet. Mijn achillespezen zijn daarvoor veel te kort.

Volgens onze lerares lijden wij aan selectieve perceptie. Zij zegt dat het aantal hurkende Chinezen op de vingers van één hand te tellen is. Hurken, dat doet de moderne stedeling niet. Die hurkende mensen, dat zijn waarschijnlijk allemaal boeren.

Maar hoe zit het dan met de Chinese hurk-wc's? Dat model wc lijkt al te bestaan sinds er Chinezen zijn, terwijl de westerse stijl wc nog steeds veruit in de minderheid is. Zo'n ontwikkeling kan volgens mij alleen maar als hurken een vast onderdeel is van je cultuur. En dat moet toch betekenen dat (vóór de westerse invloed) ook stedelingen massaal op straat de hurkzit hebben gebezigd. Hoezo is hurken dan iets voor plattelanders?

Hurken lijkt mij dus eerder een deel van de Chinese cultuur. Gezien de korte achillespeesjes van veel westerlingen, is dat bij ons niet het geval. Wij zitten en zaten altijd graag met onze billen op iets. Dat vinden wij gemakkelijker. En dat zie je dus ook terug in onze wc's. Daar kun je rustig op neerzijgen en al je spieren (niet alleen de kringspier) eens rustig ontspannen.

Een leuke theorie van mij, vind ik zelf. Maar er is nog wel een los eindje. Immers, hoe zit het dan met de wc's langs de Franse route du soleil?

 
(Foto: de wc in ons hotel in Qianshan 千山. Let ook op de hoogte van de zijmuurtjes: amper 1.20 meter schat ik.)

Aan de rechtse Belg

zaterdag 13 december 2008 03:05
Beste G.,

Eerlijk is eerlijk: je had gelijk. De termijn om Belg te kunnen worden is geen vijf jaar, maar drie. Blijkbaar heeft mijn geheugen mij in de steek gelaten, of was mijn informatie al weer verouderd. Veranderingen in de Belgische wetgeving gaan soms sneller dan de vorming van een nieuwe regering.

Maar je conclusie trok je wel iets te snel. De Belgische nationaliteit ligt wel degelijk niet zo maar voor het oprapen.

Om te beginnen is de mogelijkheid om na drie jaar (twee jaar voor erkende vluchtelingen en statenlozen) Belg te worden een gunst en geen recht. Dus ook al woon en werk je al drie jaar in België en betaal je al drie jaar lang braaf je 25 procent belasting - meer dan die 1 of 2 procent die jij als werkstudent betaalt - dan nog kunnen ze zeggen: 'sorry meneer, dat Belgische paspoort krijgt u niet.' Omdat het een gunst is en geen recht, is beroep tegen zo'n beslissing niet mogelijk. En ze hoeven het niet eens te motiveren. 'Uw hoofd staat ons niet aan' mag dus een geldige reden zijn om die gunst niet te verlenen.

Tussen haakjes, 25 procent belasting op een brutoloontje van 12 euro per uur komt over drie jaar neer op de lieve somma van ongeveer 18.000 euro. De kas van jouw land wordt dus aardig gespekt door één niet-Belg in een laaggeschoolde job.

Dan zul jij natuurlijk tegenwerpen dat die buitenlanders toch allemaal doppers zijn (ja, ik besef: deze woordkeus is niet de jouwe, maar als ik het goed begrijp is dat wel degelijk wat je bedoelt). En doppers kosten geld, zelfs veel meer dan 18.000 euro per persoon voor drie jaar. Daar heb je natuurlijk gelijk in, maar je gaat dan even vlug voorbij aan het feit dat ook doppen, in tegenstelling tot wat jij, die naar ik voor het gemak maar even aanneem altijd vrij van grote financiële zorgen bent geweest, denkt, evenmin iets is wat in België 'zo maar' kan. Ook aan het recht (of de gunst om te mogen) doppen, zijn voorwaarden verbonden. Het zou nu te ver voeren om daar nu uitgebreid op in te gaan, maar ik zoek de details bij een volgende gelegenheid graag voor je op.

Om terug te keren naar het hoofdonderwerp: ook je gedachtengang dat je als vreemdeling alleen maar moet komen studeren om het recht de gunst te kunnen krijgen om de Belgische nationaliteit te verwerven, klopt niet. Een van de voorwaarden waaraan je moet voldoen om ook maar om zo'n gunst te mogen vragen, is dat je een bepaald soort verblijfsvergunning moet hebben. De blauwe kaart, die ik als vreemdeling-student ook heb, voldoet niet. Die is echt bedoeld om te komen studeren en daarna weer, om het op zijn Hollands te zeggen, op te zouten. Mijn blauwe kaart moet ik dan ook elk studiejaar weer komen verlengen, een proces dat vanwege de stevige wachttijden elke keer uren in beslag kan nemen. Als ik de juiste documenten al heb verzameld tenminste. Onderscheid tussen westerse en niet-westerse allochtonen bestaat hier niet, dus ook de door jou, zo krijg ik het gevoel, verafschuwde hoofdddoekjes krijgen hiermee te maken.

En tenslotte, mocht je de vraag om de gunst van de Belgische nationaliteit te verkrijgen niet worden gehonoreerd, dan mag je door naar regeling twee. Daarbij gaat het wél om een recht op de Belgische nationaliteit. Maar die termijn is geen drie, maar 7 jaar.

Misschien is het een universeel gegeven: de menselijke geest denkt graag zwartwit. Wij mensen simplificeren de zaken graag, want dan worden ze begrijpelijker. Zie dit allerminst als een verwijt - ik ben zelf ook niet vrij van zonden - maar als vaststelling. Ons, als (aankomend) intellectuelen en bovendien ervaringsdeskundigen in het intensief omgaan met een vreemde cultuur, mag ten taak worden gesteld om deze menselijke neiging die tot allerlei nare dingen kan leiden, tot een minimum te beperken. Wij universiteitsstudenten zijn immers de intellectuele nabije toekomst van ons land (of van onze landen, want het zal na mijn afstuderen nog minstens 3 jaar duren voor ik officieel Belg zou mogen worden - tenzij ik snel met de Prinses trouw want dan zou het - in ons geval - op zijn snelst al na zes maanden na het huwelijk mogen).

Ik wens je alvast een goed tweede semester hier in China. Ik zal aan je denken, als ik na thuiskomst weer tussen de Gentse hoofddoekjes op de verlenging van mijn blauwe kaart mag gaan staan wachten.

Het beste,

Martijn.

(bron: website VMC)

Stiekem subjectief

dinsdag 9 december 2008 08:20
Naast de gewone studie in China worden we ook nog geacht om onze wetenschappelijke onderzoeksopdracht in de verf te zetten. Het leuke is dat we dit jaar voor het eerst helemaal zelf, zonder beperkingen, ons onderwerp mogen kiezen.

Het benodigde Chineestalige 'hoofdartikel' heb ik inmiddels gevonden. In zekere zin is het een typisch Chinees artikel: het probeert namelijk een wetenschappelijke onderbouwing te geven aan een Chinees onderbuikgevoel, namelijk de vermeende subjectieve en zelfs leugenachtige berichtgeving in (sommige) westerse media rond de ongeregeldheden in Tibet van 14 maart 2008.

Het meest gedegen en tegelijk meest interessante stuk van het artikel trekt een vergelijking tussen twee berichten die zijn verschenen de Washington Post. (Deze berichten zijn helaas niet meer gratis online te lezen.) Afgaande op de kop verwoordt het ene bericht een Chinese reactie op de gebeurtenissen, het andere een reactie van het pro-Tibetaanse kamp.

De schrijver van het artikel heeft beide berichten grondig gelezen, en komt tot de conclusie dat het perspectief (het 'spreekrecht') binnen beide berichten nogal eens wisselt. Hij heeft daarbij eens opgeteld hoe vaak het perspectief bij het pro-Chinese kamp ligt, en hoe vaak de pro-Tibetaanse zijde aan het woord is. De uitkomst van de optelsom is opvallend: in het 'pro-Chinese' bericht is de verhouding ongeveer 50/50, in het 'pro-Tibetaanse bericht' is de verhouding - in het voordeel van de Tibetaanse kant: 92/8.

Volgens de schrijver van het Chinese artikel is dit gegeven maar één van de vele 'vuile trucs' die Westerse media hebben toegepast op de Tibetaanse politiek getinte ongeregeldheden in de aanloop naar de Olympische Spelen.

Natuurlijk is dit op zich nog geen bewijs van partijdigheid, hooguit een aanwijzing. Maar het kan een bescheiden begin zijn van een interessant wetenschappelijk artikel dat ergens in maart af moet zijn...

Tibet taboe?

vrijdag 5 december 2008 10:39
Praten over Tibet is in China taboe. Dat is althans het beeld dat je soms vanuit de westerse media krijgt voorgeschoteld. De werkelijkheid is anders. En dat alle Chinezen hetzelfde denken over Tibet, is al even onwaar.

In de klas is het de bedoeling dat we zo veel mogelijk communiceren. Om te communiceren heb je onderwerpen nodig. In onze klas, vol met westerlingen, geldt de regel dat we overal over kunnen praten, ook al zijn de universiteiten allemaal staatsinstellingen. Dus we hebben het ook over Tibet.

Een van onze leraren - partijlid - blijft, ondanks dat hij voor onze klas vrijuit kan spreken, vrij dicht bij het officiële standpunt. Tibet is een onderdeel van China, en de centrale regering stelt alles in het werk om ook in Tibet meer welvaart te doen ontstaan. (Ook van deze leraar: de Verenigde Staten zijn bemoeizuchtig, gewelddadig en egoïstisch; China daarentegen is vredelievend, barmhartig en streeft naar een harmonieuze wereld.)

Een andere leraar - ook partijlid - houdt er een eigen mening op na. Onafhankelijkheid voor Tibet is prima bespreekbaar, sterker nog, China zou zonder Tibet veel beter af zijn want dat zou flink wat geld besparen. (Een beetje de houding die onder Vlamingen de laatste tijd opvallend vaak voorkomt: weg met Wallonië want die lui kosten ons alleen maar geld.) Jammer genoeg was de betreffende leraar van waardevolle grondstoffen in Tibet niets bekend. Een pro-separatistisch standpunt dus - iets waarvoor binnen de partij nooit een meerderheid te halen zou zijn. Of ik deze leraar heel serieus moet nemen? Zo ja, dan moet ik ook geloven dat Tibetanen ‘minder slim' zijn dan Han-Chinezen en dat ze daarom zo zijn achtergebleven. Jaja.

Ook buiten de klas willen Chinezen best over ‘gevoelige onderwerpen' praten. (Ik zet dat hier expres tussen aanhalingstekens, want onderwerpen die officieel tot de gevoelige onderwerpen behoren blijken voor gewone Chinezen soms geen enkel probleem te zijn.) Met een Chinese vriend begon ik bijvoorbeeld eens over het verschil in vrijheden tussen zijn land en het democratische westen. Beide werelden hebben hun eigen soort vrijheden, maar als hij zou moeten kiezen tussen China en het westen, zou hij uiteindelijk toch liever in het westen wonen. Voor sommige lezers zal dat wel heel logisch klinken, maar bedenk dat dit oordeel kwam nadat de Prinses en ik het ingewikkelde Belgische politieke systeem hadden geprobeerd uit te leggen, inclusief het feit dat dankzij democratische compromissen uit het verleden, er nu al ruim een jaar geen (echte) landsregering is.

Bij een andere gelegenheid hebben we ook Tibet aangesneden. Eén van de dingen die mijn vriend zich hardop afvroeg, was iets waar ik de meeste pro-separatistische westerlingen nauwelijks over hoor: is de gewone Tibetaan gebaat bij een zelfstandig Tibet? Wat heeft Tibet voor economische kansen? Het land is onherbergzaam en geïsoleerd, en als er al veel grondstoffen in de bodem zitten is het nog de vraag hoe, wanneer en door wie precies die bovengehaald zouden kunnen worden. Zonder de Chinese renminbi's, in een tijd waarin de landen van de wereld financieel vooral aan zichzelf denken, hoe groot is de kans dat de (licht?) gestegen welvaart van de gewone Tibetaan in een zelfstandig Tibet verder zal groeien? Een land dat destijds wel de vrijheid kreeg waar Tibetaanse separatisten zo hard om roepen, is Mongolië. Dat land is nu nog altijd straatarm.

Mijn vriend is er zelf ook geweest, in Tibet. Dit jaar nog, even voor de Olympische Spelen. Hij heeft daar ook met Tibetanen over het onderwerp gesproken. Bang om iets te zeggen, zoals bij Paul Rosenmöller en zijn cameraploeg, was men niet. Volgens mijn vriend zijn de gewone Tibetanen helemaal niet zoals ze in sommige westerse media nogal eens worden voorgesteld. De vraag of Tibet een zelfstandig land moet worden bestaat wel, maar is helemaal niet zo belangrijk. Bovendien zijn de meningen verdeeld, dus niet elke Tibetaan is een separatist. Wel belangrijk is de welvaart. De gewone Tibetaan wil gewoon een beter leven. Pas als dat er is, komt er - misschien - een roep om meer.

Kortom, over Tibet kan best gepraat worden. Ook in China, ook door Chinezen. En zelfs door Tibetanen.

Examens? Eitje!

woensdag 3 december 2008 07:37
Eigenlijk is het oneerlijk ten opzichte van de enkelen van ons die in België zijn achtergebleven: onze examens hier in China worden spotgemakkelijk.

Zo krijgen we bij wenxue 文学 (Literatuur) geen vragen over het lesboek dat voor ons te moeilijk is, maar alleen over de behandelde teksten. Bij jingdu 精读 (‘schriftelijk Chinees') hebben we over ongeveer alles al een klein examentje gemaakt tijdens de lessen, terwijl de ‘nieuwe woordjes' toen al niet allemaal meer zo nieuw waren. Ook bij kouyu 口语 (‘mondeling Chinees') is het vooral reproduceren. En de leraar van gudai hanyu 古代汉语 (Klassiek Chinees) heeft zelfs al zijn examenvragen al aan ons verklapt (en nee, we hebben hem niet omgekocht).

Dus die studiepunten lijken nog slechts een formaliteit. Hoewel we nog niet precies weten welke correctie er op de unief in Gent nog zal worden toegepast.

Maar de verwachte hoge cijfers - allemaal boven de 90 procent - zijn wel geflatteerd. Afgaand op mijn cijfers kun je me straks vrij briljant noemen, de praktijk is helaas vaak anders. Nog steeds versta ik vaak niet wat mijn leraren en Chinese pengyou's zeggen. Dit tot mijn grote frustratie, want sommige klasgenoten - onder wie mijn Prinses - babbelen er op los alsof ze nooit anders hebben gedaan.

Schrale troost voor mij is dan weer dat ik ook nog lang niet de slechtste ben, maar toch. Ik maak me lichtelijk zorgen over hoe dat straks in België verder moet. Ik ga blijkbaar langzamer vooruit dan de meeste van mijn klasgenoten en kan daar zelf weinig aan doen. Toch wil ik absoluut voorkomen dat mijn cijfers voor Chinees langzaam maar zeker wegzakken en ik uiteindelijk zal afstuderen als volwaardig lid van de westerse zesjescultuur.

Maar goed, dat zijn zorgen voor later. Na de examens - de laatste is op 18 december - gaan de Prinses en ik eerst een maand op reis in China. We gaan de zuidelijke provincies Sichuan en Yunnan verkennen, naar het schijnt zijn die zelfs hartje winter nog heel erg mooi. Bovendien is het er helemaal anders dan hier in het relatief welvarende (noord)oosten; volgens onze Lonely Planet gaan sommige bussen alleen als de chauffeur zin heeft om te rijden. Onze reis belooft dus een groot avontuur te worden. Alleen al de treinreis naar Kunming, de hoofdstad van Yunnan: die duurt maar liefst 40 uur...


Foto: In mijn kamer op de campus ben ik aan het studeren.

Meten met twee maten?

vrijdag 21 november 2008 08:38
De Chinezen hebben op veel dingen een heel eigen kijk. Zo ook op onderwijs, en zeker niet alleen op de manier van lesgeven.

Net als in het westen gaan Chinezen 6 jaar naar de lagere en 6 jaar naar de middelbare school, en als je goed genoeg bent kun je daarna naar de universiteit. Net als in het westen bestaat er een soort rangorde van die scholen en universiteiten: sommige zijn beter dan andere. Wat in China heel anders is, is de manier waarop de leerlingen over de instellingen worden verdeeld.

In het westen bestaat een enorme keuzevrijheid - soms zijn er zo veel opties dat jongeren soms simpelweg voor de vervolgopleiding kiezen waar hun beste vriend(in) naartoe gaat. Op elke universiteit of hogeschool is in principe iedereen die er wil studeren welkom. Het resultaat is een zeer divers leerlingenbestand: het niveau van de studenten loopt zeer sterk uiteen. Dat, plus de enorme keuzevrijheid, leidt ertoe dat het heel normaal is als na het eerste jaar de helft afvalt. Het eerste jaar is uitstekend geschikt als uitprobeerjaar - tot ergernis van de overheid die haar investering in eerstejaarsstudenten voor de helft in rook ziet opgaan. In België heeft dit geleid tot de invoering van het 'leerkrediet', een systeem dat het aantal mislukkingen onder de eerstejaars moet terugdringen. (Of dat zal helpen is nog maar de vraag.)

In China gaan de dingen een beetje anders. Wie klaar is met het middelbaar, gaat toegangsexamen doen voor de universiteit. Het resultaat van dat examen bepaalt naar welke universiteit je zal gaan. Hoe beter je toelatingsexamen, hoe beter de unief is waar je terechtkomt. Het totaal aantal plaatsen op de Chinese universiteiten is enorm, maar nog altijd veel te klein om iedereen een plek te gunnen. Voor een substantieel aantal studenten zit studeren aan de universiteit er niet in.

Dit systeem leidt ertoe dat je op elke universiteit studenten van ongeveer hetzelfde niveau vindt. Bovendien is tussentijds wisselen niet mogelijk: eens gekozen blijft gekozen. (Er is wel degelijk sprake van een keuze voor een bepaalde opleiding, hoewel die keuze beperkter is dan in het westen.) Dit systeem maakt het mogelijk om de moeilijkheidsgraad zo aan te passen, dat op elke universiteit bijna iedereen zijn diploma behaalt.

Onze leraren op de universiteit van Shenyang - die behoort tot de Chinese subtop - zijn allemaal Chinees. Zij bekijken het onderwijs aan ons dus ook op zijn Chinees, inclusief bijbehorende examens. Nu wil het geval dat we met 2 Belgische klassen zijn, en dat we die zelf mochten indelen. Het gevolg is dat de betere studenten over het algemeen in dezelfde klas terecht zijn gekomen. We hebben nu dus 2 klassen met een verschillend niveau.

Onze leraren zijn, met de Chinese denkwijze in het hoofd, op het lumineuze idee gekomen om dan ook de examens maar in een verschillend niveau te maken.

Wij zijn het daar uiteraard niet mee eens. We zien het al voor ons: we zijn allemaal evenzeer derdejaars, maar in de ene klas hoef je minder hard te werken voor hetzelfde punt dan in de andere. Dat zou heel vreemd zijn, en in onze ogen ook heel oneerlijk. We hebben dat ook gezegd aan onze leraar Economisch Chinees. Het duurde even voor het kuaitje viel, maar uiteindelijk had hij het door. Hij heeft nu beloofd om gelijkwaardige examens te geven. Nu de andere leraren nog overtuigen.

Overigens staat eigenlijk al bij voorbaat vast dat we allemaal zullen slagen. Immers, geheel in lijn met het Chinese systeem, worden de examens gemakkelijk genoeg om iedereen door te laten. Helemaal omdat wij ook nog eens gasten zijn, en het in Chinese ogen nogal onbeleefd is om je gasten te laten buizen. Leg dat maar eens uit aan de Universiteit Gent.

Maar hoewel we ons dus niet veel zorgen moeten maken, begint de examenkoorts toch op te steken. In België hebben we altijd een lesvrije periode waarin we ons suf kunnen blokken, in China hebben we dat niet. Daar zijn de examens direct aansluitend op de periode met lessen.

Om precies te zijn al over een paar weekjes...

Koud, kouder, koudst

dinsdag 18 november 2008 13:20
Op het moment van schrijven (19.30 uur) is het buiten -8 graden. Gevoelstemperatuur (dankzij een ijskoude wind uit Siberië): -15. Onze melk, die we 's nachts buiten zetten bij wijze van koeling, was vanmorgen stijf bevroren. De eerste sneeuwvlokken hebben we eergisteren mogen ervaren, voor morgen worden nieuwe regen- of sneeuwbuien voorspeld. Het wordt steeds duidelijker: het gaat winteren in Noordoost-China.

Half november in Shenyang staat blijkbaar gelijk aan midwinter in Nederland of België. Toch is het klimaat wel anders. Het is nog steeds opvallend vaak zonnig en er is weinig neerslag. Daarnaast is er iets speciaals aan de hand met de wind. Die komt ófwel van zee, ófwel uit Siberië. Als de wind van zee komt is het een graad of 8 minder koud. Komt de wind uit Siberië, zoals nu, dan daalt de temperatuur, en als je geen muts op hebt vriezen de oren van je hoofd.

De verwarming van ons home gaat elk jaar pas op 1 november aan. Dat wordt centraal geregeld, de verwarming op onze kamer heeft zelf geen knop. Is het vóór 1 november al koud, dan kun je doen waar Mark Rutte een broertje dood aan heeft: een extra trui aantrekken. Te onderhandelen valt er niet, dus de verwarming eerder aandoen is er niet bij.

Ook wordt de cv niet bijgesteld naar gelang de temperatuur buiten hoger of lager dan gemiddeld ligt. Dat maakt studeren op je kamer geen pretje. Ik zit er nu te typen met een koude neus, koude voeten en benen, en koude vingers. In deze staat leer ik ook de 13 woordjes waar ik morgen kaoshi (examen overhoring) over krijg.

Het kwik bereikt hier in januari zijn dieptepunt. Om een idee te geven: de gemiddelde minimumtemperatuur in januari is -17 graden, de laagste temperatuur van vorig jaar schijnt ongeveer -30 te zijn.

Gelukkig studeren wij maar in Shenyang tot half december, en zijn we in januari al ver weg, wat warmte tegemoet. Toch verfoeien wij in stilte onze universiteit in Gent. Moesten ze ons echt naar Shenyang sturen? Waarom konden ze die overeenkomst niet sluiten met een universiteit in het warme zuiden!?

En dan te bedenken dat hier ook veel studenten zitten uit nóg koudere oorden. Siberiërs bijvoorbeeld. Die zouden waarschijnlijk hard lachen om deze koukleumbijdrage. Voor hen is het hier helemaal niet zo koud. Sterker nog, ik verdenk ze er stiekem van dat ze naar Shenyang zijn gekomen om het ook eens wat warmer te hebben...


(Foto: ijspegels op 9 november bij Benxi, nota bene zuidelijker dan Shenyang.)

Het ongeluk

vrijdag 14 november 2008 14:26
"Hebben jullie het al gehoord?" vraagt een klasgenoot als we op onze gang aankomen. En opeens staat alles even stil.

Dingen die wij belangrijk vinden, vervallen op zo'n moment plotseling tot iets triviaals. Studeren, goede punten halen, zo veel mogelijk Chinees oefenen met je pengyous: het lijkt opeens allemaal zo pietluttig. Zo nietszeggend en klein. Waar maken we ons druk om?

Nee, wij hebben nog niets gehoord maar horen het dus nu wel. Het nieuws. HET nieuws.

Dat het uitgerekend háár moet overkomen. Dat uitgerekend zij op dat verkeerde moment op die ene verkeerde plek moest zijn. Juist zij, objectief gezien waarschijnlijk de liefste van de hele Belgische klas. Juist nu, nu haar Chinees opbloeit als een lotus.

Ze zeggen dat ze wel naar huis zal gaan zodra de situatie het toelaat. Gerepatrieerd. Het woord doet een beetje denken aan een gipsvlucht uit de Oostenrijkse Alpen, maar in dat geval kun je tenminste nog verzuchten dat het wel hun eigen schuld zal zijn. Terwijl zij er helemaal niets aan kon doen.

Want het kwam letterlijk uit de lucht vallen. Ergens, op een van de talloze bouwwerkzaamheden in Shenyang, ging iets mis. Er was een ontploffing. Dingen vielen. Grote dingen. Te zwaar voor het veiligheidsnet dat de wandelende massa moest beschermen. Dingen vielen op een telefoondraadpaal. De paal viel om. Op haar.

Chinezen belden het noodnummer. Een klasgenoot belde onze lerares. Die kwam meteen. De ambulance vlak daarna ook. Ze werd afgevoerd. En direct geopereerd.

Overleefd heeft ze het gelukkig wel. Of er nog veel van examens terecht zal komen is maar de vraag. Maar de vraag is ook of dat nog wel belangrijk is. De vraag of er nog complicaties zullen optreden, is veel belangrijker, eigenlijk het enige dat nog telt.

Volgens onze lerares zegt men in China dat de kans dat je zoiets overkomt, even klein is als dat je de lotto wint. Maar het kan dus wel. En het kan met iedereen gebeuren.

Wat maken we ons eigenlijk nog druk om hoge cijfers?

Extra tijd

dinsdag 11 november 2008 15:16
Een boek vol zou ik kunnen schrijven over al die dingen die hier in China zo anders zijn. Menig extra bijlage zou ik daarbij nog eens kunnen vullen met dingen die hier hetzelfde zijn als in België of Nederland, want ik heb inmiddels ontdekt dat ook Chinezen net mensen zijn. Hele andere mensen dan wij, dat wel, maar toch ook juist mensen zoals iedereen op de wereld.

Afijn, ik spreek schrijf in raadsels. Feit is dat ik helemaal geen tijd heb om wat dan ook te schrijven. Alle tijd die er is, gaat op aan - soms tijd verspillende - lessen en huiswerk, aan werken aan mijn onderzoeksopdracht, aan de radio-uitzendingen en aan Chinese 'pengyous' (朋友, vrienden). Met die laatste worden wij geacht zo veel en zo vaak mogelijk af te spreken, want dat bevordert de Chinese spreekvaardigheid. Ik schrijf met nadruk 'afspreken', want dat is het ook echt: elkaar dagelijks tegen het lijf lopen is er nauwelijks bij op een campus van grofweg 10.000 studenten. Zeker niet als je als buitenlandse student woont in het Home For Foreign Friends en les krijgt in een gebouw speciaal voor de buitenlandse studenten.

En aangezien we niet elke dag in China zijn, moeten we tussendoor óók nog van de gelegenheid profiteren om zo veel mogelijk van het land te zien. Met als voorlopig resultaat een mooie verzameling van ruim 1200 foto's en zo'n twee dozijn filmpjes. Te zien op het net zijn ze voorlopig alleen nog via de e-community-account van Prinses, want zoals gezegd: ik heb helemaal geen tijd om te schrijven, dus ook niet om foto's te selecteren, bewerken en uploaden.

Naast dat alles is intussen ook nog mijn verjaardig gevierd. Deze bejaarde student is afgelopen weekend 33 geworden. Voor het eerst was ik jarig in het buitenland. Dat heeft heel leuke dingen opgeleverd, zoals het verjaardagskaarsje-annex-minivuurwerkje op mijn ontbijt-op-bed in een luxe hotelkamer ergens in Benxi. Maar het meest begeerde verjaardagscadeau heb ik helaas niet gekregen: extra tijd. Een pop-up dag week jaar.



(Foto: Ergens op de campus van mijn universiteit in Shenyang. Volgens het bordje gaat het hier om een bos. Het bordje bewijst zijn nut. De foto is tevens een zoekopdracht: waar sta ik??)
  • Niet verplicht
  • Je boodschap moet minstens 5 en hoogstens 1500 tekens bevatten
  •  

Groepen

Favorieten van .Martijn.

...Over Blauw Oog...

fotoMartijn Herrman (33) studeert Sinologie. Normaal doet hij dat aan de Universiteit Gent, maar dit semester studeert hij in Shenyang in China. Hij blogt over zijn belevenissen, maar ook over de actualiteit. In de westerse pers krijgt China het vaak zwaar te verduren; Martijn vraagt zich vaak af hoe terecht dat is. Martijn woonde eerder in Den Bosch, Tilburg, Utrecht en Guatemala.

Foto's

Al mijn foto's zijn hier te vinden. Regelmatig nieuwe!

Laatste reacties

persona

Douchen met je boxershort aan
pieter: Beetje spuit elf, maar na jaren in sportscholen te hebben …

persona

Gemakkelijk geld verdienen?
verdien geld online: Pyramide spellen, tja. Als je er heel vroeg bij bent …

persona

Spermadonor (6)
remco: ik zelf ben zaaddonor...van mijn eigen kind... ik ben 32 homosexueel …

persona

Homo's hebben een afwijking
Thisisit: Grappig dat je dit schrijft over homo's terwijl je zelf …

persona

Homo's hebben een afwijking
huub: niet kunnen spellen is ook een afwijking heh..

Statistieken

TelMiep
  •