Admin: Vroems
Kort van Stof
Het is zover.
Eindelijk de groep waar je al die tijd op wachtte.
In deze groep mag alles. We doen niet aan thema`s.
Moeilijk doen kan altijd nog.
Geen reden dus om geen lid te worden,
maar bij voorkeur moet het kort zijn.
Aangezien de concurrentie moordend is mag je de
grens zelf bepalen. Nou, als dat niet aantrekkelijk is.
Dus aarzel niet en meld je aan bij Kort van Stof.
Er zijn van die dagen dat de wereld iets magisch heeft. De zon en de nevel spelen samen tussen de bomen, de wind is gaan liggen om van het schouwspel te genieten en hoewel het voor de temperatuur te vroeg is om echt hoog te reiken, voelt het toch warm aan. Op die dagen moet je buiten zijn. Vergeet de wereld van afspraken en verplichtingen, van lijstjes die beginnen met "to do", trek je jas aan, spring op de fiets, zuig de frisse lucht in je longen en jaag de zon achterna door het bos.
Gisteren was niet zo'n dag.
Het is bijna zover: het begin van de
astronomische lente! Om 18.32u start het
mooiste jaargetijde, in
mijn ogen althans.
Hoewel de astronomische lente volgend jaar nog een keer op 21 maart een aanvang neemt, zal dit de rest van de 21e eeuw niet meer het geval zijn; dan fungeren alleen 19 en -vooral- 20 maart als bron voor deze equinox.
Licht en duisternis zijn over tien minuten gelijk verdeeld over onze planeet. Geen verschillen. De een niets meer van het een of het ander.
Misschien een mooie filosofie -ook in bredere zin- voor de instelling van politiek Nederland. En daarbuiten......
Als de alcoholische versnaperingen met dubbele cijfers worden geschreven, boer je ideeën op die je de volgende dag zo snel mogelijk wilt vergeten. Tenzij je de kater verdrinkt in meer geestdodend vocht, dan werk je ze uit en probeer je ze aan anderen te slijten. Zo moet het ongeveer zijn gegaan toen een godmajoor deze slak voor in de grabbelbak heeft ontwikkeld. Dat iemand anders daar brood in zag en deze escargot is gaan produceren, dat er winkels zijn die ze op voorraad hebben en dat er mensen zijn die ze kopen, toont aan dat "we" het slakkenspoor bijster zijn.
Deze foto is in 1962 gemaakt en is door een oud tante bewaard gebleven.
Van "ons" kinderen zijn geen baby foto's of veel jongere vanwege de brand.
Lees
hier over de brand.

In deze volgepropte kamer woonden m'n ouders met ons
voordat het hele
huisje, met alles erin, afgebrand is.
Alle dieren zijn ook verbrand, behalve de levende.
Mijn vader hield heel veel van dieren, dat zie je zo.
De hermelijn, bunzing en wezel heeft hij zelf doodgeschoten en
opgezet.
Ja, zelfs de koekoek uit de klok heeft hij zelf gevangen.
Ook kwam hij
regelmatig met een haas of konijn op de rug thuis.
Jammer dat mijn moeder altijd alles tot snot en derrie kookte
zodat er geen smaak meer aan zat. Wat mijn vader in zo'n
smakeloos mens zag heb ik nooit begrepen.
Mijn vader had eigenlijk een prijs moeten krijgen voor alle
beesten die hij heeft doodgeschoten, zoveel waren het
er.
Ik weet zeker dat hij
Willem Alexander veel jachtinstinct had kunnen bijbrengen.
Als er 's ochtends een ekster eksterde of een duif koerde werd ie
zonder pardon doodgeschoten met de luchtbuks. Ook jankende en
parende katten moesten er aan geloven.
Als ik denk aan al die blaffende honden tegenwoordig dan weet ik
zeker dat hij daar ook wel raad op zou weten, en de
overlastbezorgende buren.
Ik hou van mijn vader, dat begrijp je zeker wel?
Zie je de lieve onschuld van mijn broertje, die nog niet wist
hoeveel zijn vader van dieren hield? Nog ver voordat hij zag hoe
katten vermorzeld werden als ze in de melkemmers kropen, of hoe
de hond werd doodgeknuppeld omdat hij niets begreep van mijn
vaders onbetrouwbare gedrag.
En het is nog voordat dit lieve broertje zelf een kalf
doodschopte omdat het niet wou drinken, en de hond zijn poten
brak omdat ie was weggelopen.
En mij sloeg omdat zijn vader hem daar de opdracht toe gaf.
Onderdanig als hij was deed hij alles wat zijn vader
zei.
Maar ach, mijn vader hield van dieren, echt waar, hij was zelf een beest.
En zijn kinderen zijn, in diverse gradaties, ook beesten.
Ik niet uitgezonderd,
al heb ik, naar men zegt, minimale menselijke trekjes ontwikkeld de afgelopen 35 jaar.
De eerste lentedag loopt op haar laatste benen. Als ik uit mijn raam kijk, zie ik de zon gehuld in sluiers boven de toppen van de platanen. Zo sta ik daar een tijdje, denkend aan niets in het bijzonder als ik in de verte staar. Een vogel laat me weten dat de wereld minder stil staat dan ik haar ervaar. Het is een dag als zo velen, de zoveelste dag uit mijn, uit jouw, uit ons leven. Ik ben verwend, graaf in mijn geheugen op zoek naar de laatste keer dat ik ongelukkig was. Ik kan het me niet herinneren.
Midas Dekkers denkt, zo stel ik mij voor, kort na bij deze vraag.
Is deze journaliste een door de paus gestuurde mol?
Sturen ze tegenwoordig iedereen maar op pad om
vragen te stellen? Hij weet weer waarom hij zelf geen
kinderen heeft. De mens is weliswaar een denkend,
maar geen rationeel wezen.
Zijn antwoord is afgemeten helder:
Meer is niet persé
mooier.
Overbevolking was vandaag even aan de orde.
Morgen gewoon verder, over vliegtuigen op biodiesel,
de voors en tegens van CO2 opslag, rekeningrijden,
elektrische auto`s en duurzaam ondernemen met
windmolens en symboolnieuws in het algemeen.
Meneer maakt u foto's , kijkt u eens in de lucht. Ik deed maar wat de twee kleine dames aan de overkant van de weg adviseerden. Richtte mijn fototoestel naar boven en zag duizenden vogels (vermoedelijk spreeuwen) overvliegen. Afdrukken, zoeken waar ze naar toevlogen, opnieuw scherpstellen en nog eens twee keer knippen. Het resultaat:
De wolk vogels rolt zo te zien door de lucht, botsingen komen kennelijk niet voor. Op de ingezoomde foto onder lijkt het alsof de vogels in groepjes/ patronen vliegen:
Het Experiment van Milgram werd weer eens uitgevoerd, maar dan nu op de Franse televisie. In het kort: je stelt een vraag, als de tegenstander het antwoord fout heeft, dien je hem een stroomstoot toe en die stroomstoten worden steeds zwaarder tot een potentieel dodelijke aan toe. Acht van de tien deelnemers gaven daadwerkelijk die potentieel dodelijke stroomstoot.
In een volgende variant zou men dat eens met bloggers moeten doen. Ik vermoed dat er heel wat zijn die geen enkele moeite hebben om meteen met dodelijke stroomstoten te beginnen. De ultieme blogmoderatie. Snel, effectief en geen kans op reïncarnerende blogtrollen.
Op weg, over land, van Eenum naar Loppersum, heb ik hem
gevonden.
Het Witbeest, dwaalgeest en teken van voorspoed en verderf.
Het verhaal van het Witbeest dreigde verloren te gaan, maar zal
nu zeker in volle glorie terugkeren in het Groninger
geheugen.
Het verhaal
In de winter, als er sneeuw ligt, wordt het Witbeest
geboren.
Het eet en drinkt de maagdelijke sneeuw.
Het beest is niet te zien, zolang de sneeuw blijft liggen.
Een mens kan het Witbeest
niet met blote oog onderscheiden in het landschap.
Wie op het beest gaat staan voelt even een warme gloed. Het beest
bloedt dood. Het witte bloed stroomt de schoenen in en dringt
door in het menselijk leven. Wie geïnjecteerd is door het
Witbeestbloed sterft binnen een jaar een mysterieuze dood.
Soms, heel zelden, overleeft het Witbeest de winter.
Volwassen witbeesten staan bekend om hun goede inborst. Wie een
Witbeest ziet zal een jaar vol gelukzaligheid doormaken. Het
Witbeest is een redder in de nood.
Een volwassen Witbeest werd voor het eerst gesignaleerd in 1664
in de kerk van Westeremden.
Daar bleek hij zich verstopt te hebben in het koor en speelde hij
’s nachts op het orgel. Bij nood luidde hij de klokken.
Menigmaal waarschuwde hij de Westeremders voor brand, vijand en
overstroming. Menig leven werd gered.
De bevolking van Westeremden heeft het Witbeest nooit verjaagd.
In 1933 stierf het beest een natuurlijke dood.
Nu dus in Loppersum. Na 77 jaar. Geluk, geluk.
Het Witbeest is terug.
Hij zal ons redden.
Ik zal een jaar vol gelukzaligheid kennen.
De titel van dit logje is een uitspraak van Antoinette, die gevolgd werd door de kanttekening dat het de mens is die daarvoor zorgt. De foto hierboven kan het nauwelijks treffender illustreren. Dat iemand in een dronken bui een cactus met sombrero verzint (geen familie van man met sombrero, vermoed ik), kan ik wel begrijpen en met een glimlach begroeten, maar de types die zoiets kopen en in hun huiskamer of op hun werkplek neerzetten, zijn van een betreurenswaardige triestheid. Ik heb altijd een hekel gehad aan de term "minderwaardige cultuur" maar begrijp nu wel het bestaan van die term.
De beleving van de openbare ruimte wordt sterk bepaald door de positie die de waarnemer inneemt. Licht en donker, lijnen, massa's en kleuren krijgen een andere vorm en betekenis, dimensies worden anders ervaren en nieuwe perspectieven openen zich ook voor de kamera.
De ramen van het verzorgingstehuis lijken op vitrines tonen zich als uitzichtkokers.
De wijk Oldenelerlanden een onverwachte wirwar van daken, schoorstenen en blauw
Kleur van de vluchttrap en ingang zijn ook hier opvallend.Vreemde kleuren die vanuit de hoogte een hele andere indruk geven, de dame in de scootmobiel is het toetje.
Ze staat er gekleurd op. Als bewoner kijkt zij uit de vitrine ramen en ziet vanuit haar perspectief de wirwar van daken en de kleuren van de trap.
"Mag ik hier zitten?"
de man kijkt naar de plek waar mijn tas staat, het is geen vraag
hij wíl daar zitten ook als ik het niet goed vind.
Nee, je mag daar niet zitten.
Maar ik zeg niet wat ik denk en haal mijn tas weg. De man stinkt
naar rook.
Aan de andere kant van het gangpad, nog geen 75 cm van me af,
klinkt een oorverdovende kreet. Het blijkt een ringtone te zijn
die 2 opgeschoten onkruidbossen aan elkaar laten horen.
Ergens hoor ik een kakelende kip die nog geen eten heeft gehad en
probeert boven alles uit te komen.
Achter me heeft een vrouw grote blije hond op schoot die in mijn
nek hijgt.
Zijn adem is warm en hij stinkt uit zijn bek.
Voor me hoest een puistenpuber zo onbeleefd alle snotbacillen de
lucht in dat ik terstond verkouden word. Ik voel het, mijn neus
prikkelt, ik krijg hoofd en spierpijn, zelfs mijn oor begint te
piepen.
Heel vaag herinner ik me nog dat ik vanmorgen met liefste vriend
de regendruppels probeerde te tellen, als ware het
zegeningen.

"IJsselpracht
Peperbus
Schone gracht
Zwolle dus!"
"Zeg buur
Vind je het goed als ik even gluur?
Want ik ben zo benieuwd
wat er is achter jouw muur."
Zien värssies skref de olde skriever
Zomaer uut de losse pols.
"Pa, is dat nou schuttingtaal?
Nee, jongen, dat is Zwols!"

Er was nog meer te lezen (zie de foto hier boven) op de schutting
in "De Roopoort" in Zwolle, maar deze vond ik zelf de
leukste.
Het was Steenklip opgevallen en hij genoot ervan.
Zijn lieve Aaltje was de afgelopen weken hitsig. Onstuimig als
een jonge hond.
Ze was altijd al gewillig geweest, maar nu, nu leek het alsof ze
er nooit genoeg van kon krijgen.
Er gaat geen dag voorbij of Aaltje weet zijn stevige knoest tot
de staat van opperste
paraatheid te brengen en Steenklip slaat, als het even kan, zijn
middagdut niet over.
Hij werkt aan één stuk door tot het middagmaal. Om tijd te
winnen.
Het zijn een drukke dagen. Niet alleen de koude natte winter,
maar ook de tering heeft heftig huisgehouden op het
Hoogeland.
Nienhuis komt ’s morgens even langs in de
werkplaats.
Steenklip en Nienhuis roken een pijp en praten wat. Over
het weer, over de betreurde collega Burema en over de arme moeder
van Nienhuis.
Als Steenklip weer aan het werk gaat, blijft Nienhuis drentelend
staan.
Natuurlijk weet Steenklip wel waar Nienhuis écht voor komt.
Die vrouw van hem, die kan het niet en Aaltje, zijn lieve Aalte,
die kan des te beter!
Daarom stuurt Steenklip hem het huis in.
‘Ga jij maar eens kijken of Aaltje nog iets voor je
heeft’ roept hij Nienhuis vriendelijk na.
‘Die arme politieman moet tenslotte fatsoenlijk eten’
denkt de grote zachtmoedige zerkman.
‘Geertje kan nog geen ei koken. Arme Nienhuis ’
Steenklip gaat weer aan het werk.
Ondertussen denkt hij aan zijn vurige vrouw.
Waar kwam die plotselinge heftigheid vandaan? Wie zorgt voor de
koortsige dromen, waarin Aaltje kreunend en kermend haar
genoegdoening krijgt? Voor Steenklip is het een raadsel, maar
vooralsnog een prettig raadsel.
Neuriënd verft hij een tekst op de nieuwe steen.
Hij heeft weinig woorden nodig
Ik "moest" mee naar het tuincentrum afgelopen zondag. Tuincentra zijn voor mij net als supermarkten. Je maakt een lijstje, crost met je karretje over de ideale lijn, pakt onderweg wat je pakken moet en tracht zo snel mogelijk te finishen bij de rondemiss achter de kassa. Althans, zo is het als ik alleen ga. Ik ging niet alleen. Mee met twee vrouwen. En de ideale oplossing gevonden. Camera meenemen. Tuincentra zijn fotoparadijzen. De bloemen bloeien er zoals ze nooit op je vensterbank bloeien, de schappen staan vol met de ergste kitsch die toch fotogeniek blijkt en de tijd vliegt voorbij.
Donkere luchten pakken zich samen boven de IJsselcentrale. Rechts op de foto is de rivier nog te zien. De centrale zou worden stilgelegd en afgebroken. Daarom werden een aantal jaren terug drie schoorstenen gesloopt.Twee bleven er staan.
De centrale bleef om allerlei redenen echter open. Een gigantisch betonnen gebouw- zo lelijk en groot...
De walm (zwavel etc.) die het produceerde bij koud winterweer kan ik me nog goed herinneren. Ook mijn neus wil er nog wel even over mee praten.
Tegenwoordig produceert de centrale schoon en geruisloos. Mijn oordeel is milder geworden. 'Tsjernobyl aan de IJssel' mag wat mij betref blijven.
Misschien is trouwens onze luchtmacht wel het meest blij met de handhaving van dit strategische energie bolwerk. Regelmatig komen de jongens even langsvliegen: laag op 50 meter binnenkomend bij Staphorst, bocht omhoog naar 800 meter voor Stadshagen.
Bocht linksom duikvlucht naar beneden rond Hattem, vuren op 100 meter hoog op de centrale, door naar Wijhe 200 meter , weer linksom richting Raalte opnieuw in duikvlucht naar 80 meter,weer omhoog naar 400 meter omgeving Lemelerveld.
Soms een klein schijn gevecht ten noorden van Hoogeveen, terug naar de zendmast van Smilde, waarna een nieuw rondje volgt of wordt teruggevlogen (600 meter) naar de basis in Leeuwarden
En dat alles in enkele minuten. Toen ik de foto maakte was het stil. Op zaterdag wordt
er niet gevlogen.
Ik voelde me net René Louman, toen ik deze vrouw onder het balkon zag doorlopen. Het resultaat een zwart wit foto met kleur.Dit beeld terug ziende, dacht ik: bedreigend ?
Wie zegt dat. Kom nou toch !
Ze hangen achter het raam van een attelier. Je hebt van die poppetjes speciaal om na te tekenen. Heel praktisch en dus ook te koop bij IKEA. Is het zoiets, maar dan met barbies?
Wat zou er omgaan in het hoofd van een engeltje? Ze zien er zo zacht en onschuldig uit dat ik me laat leiden door hun uiterlijk. Schijn kan bedriegen, dat weet ik wel, maar als engelen behept zijn met duivelse gedachten, wordt de wereld zo complex dat je alleen kunt overleven door je over te geven aan wantrouwen en dat wil ik niet. Nee, ik ben geen goedgelovig type, ik weet maar al te goed dat de mens niet altijd de goedheid zelve is, maar toch wil ik uitgaan van vertrouwen en neem het risico gekwetst te worden voor lief.
Uitgelicht:
rood
licht / lucht
zand
water
land
foto in twee /nu/ drie versies
Razend word ik als die vent op de sportschool weer aan de gewichten trekt.
Alsmaar kreunen; oeh, en ahh, en steunend laat hij ze dan weer op de grond vallen, zodat alle vrouwen naar hem kijken, de jongeren met grote bewondering, de ouderen met ergernis.
Nou... eerlijk toegegeven ben ik op dergelijke wasborden dagen: de dinsdagmiddag en zagerdag, de enige oudere vrouw.
Kan weinig bewondering voelen voor zo weinig beheersing!
Vandaag is het de verjaardag van:
1879 - Albert Einstein, Duits theoretisch fysicus (overleden 1955)
1945 - Herman van Veen, Nederlands cabaretier, zanger, componist en schrijver
1996 - Bokito die sinds 2005 verblijft in Diergaarde Blijdorp
en nog vele anderen die ik vergeet.
Maar ook van jou. Van harte.
Vormen zonder context doen me denken aan Paula Udondek. Dat klinkt niet bepaald als een compliment, maar dat komt omdat mijn eerste zin nog niet geplaatst is in de context die ik voor ogen had toen ik hem schreef. Zij was één van de presentatrices van het programma Get the Picture waarin je foto's van contextloze vormen zag. Vervolgens werd de kandidaten gevraagd wat ze dachten dat ze op de foto zagen. Nu was die quiz niet bepaald een cultureel hoogtepunt in de televisiegeschiedenis, maar het inspireerde mij wel om anders tegen voorwerpen aan te kijken dan ik gewend was.

