Admin: jeetjemina
Prentenkabinet
Pretentieloze plaatjesrubriek.
bron: ikzelf, droomliefjes kliedertjes
FRIESE LETTEREN KNETTEREN. DRS. HUUB MOUS OOK! EN HOW ABOUT FRED VAN DER WAL?
DE FRIESE LETTEREN KNETTEREN. DRS. HUUB MOUS OOK! EN HOW ABOUT FRED VAN DER WAL? KNETTERT DIE SOMS OOK? NOU, DAN BLIJVEN WE EVEN UIT DE BUURT VOOR ZO LANG HET DUURT!
Huub Mous, sept. 2006: Kortom, de Friese letteren knetteren weer als vanouds. Er werd gisteren volop gedronken en geroddeld.
Zo hoorde dat in het eerstkomende nummer van de Moanne, dat volgende week uitkomt (met alle gedichten en foto’s van Tegen het vergeten) een schokkend interview ver schijnt met S. A., directeur van Schouwburg de Lawei in Drachten.
Marc Kooij liet verder nog weten dat Misja, die zijn weblog geregeld van commentaar voorziet, ook werkelijk bestaat.
Ik heb haar altijd opgevat als een afsplitsing van het getroebleerde ego van beeldend kunstenaar Fred van der Wal.
Maar zij is écht Freds dochter en kent Keu al sinds jaren. Soms is het goed om de virtuele wereld van het net eventjes in te ruilen voor de keiharde realiteit van het roddelcircuit.
Verder zag E. H. er weer fleurig uit. Hij blijkt van de een op de andere dag gestopt te zijn met roken, en dat via de ‘cold turkey methode’. Onlangs fietste hij in vier weken tijd van Avignon naar Leeuwarden, waarbij hij onderweg nog even heeft staan mijmeren bij de pont Mirabeau in Parijs, de brug waar ooit Celan van af is gestapt en waar Ingeborch Bachmann zo aangrijp end over geschreven schijnt te hebben. E’s goede vriend A. de V. had zich laten verontschul digen, evenals E’s broer T., maar voor de rest gaf iedereen acte de présence.
Zelfs Cor van der Wal (ondergeschoven, geheime broer Fred van der Wal) was aan wezig, terwijl hij niet eens zelf geen gedicht had geschreven.
Gisteren meldde hij nog op zijn weblog dat hij een voorspellende droom had gehad. Een belangrijke Fries zou vandaag de dood in de ogen gaan zien. De lynchpoging van Elmar Kuiper (zie foto) heeft deze voorspelling bijna doen uitkomen.
Huub Mous 9 september 2006 op 16:49
Diep verscholen ergens achter in mijn weblog vond ik de volgende reactie die daar een uur geleden werd achtergelaten:
“Vanaf het Pikmeer in mijn kleine wrakke roeiboot met de Zuidwester verdomme en de oliejas alweer achterste voren op waardoor ik weinig zie van het schone Friese land wil ik toch verklaren via mijn roeptoeter over het water dat Huub Mous vaker gelijk heeft dan ongelijk in zijne dodelijke frustraties. Ja,ja, voor meneer Mous begint het op zijn leetfijd al aardig te kieren en dan kijkt hij om en ziet een vreugde loos leven in Friesland achter zich en weet dat er geen terugkeer meer mogelijk is. Wie werkelijk Guts heeft verlaat het Friesland, meheer Mous, zoals ik en keert net als Berend Botje nimmer weerom. En dat hij een potje wil gaan liggen bokken met J. S. van dat nummer van Bob Zimmermann `Visons of Johanna`daar lult de hele buurt over en er wordt al zoveel geluld in de buurt, want daar is het een buurt voor!”
Was getekend: Fred van der Wal
Pas op Fred, het kan daar aardig spoken op dat Friese water. Straks keer je als Berend Botje inderdaad niet weerom en heb je voor eeuwig geen Pikmeer.
Was getekend: Huub Mous
fred van der wal 17 september 2006 op 11:06
Beste Miezemous,
Nu wordt ie mooi! Iedere ware man heeft een eigen pikmeer. IK heb daar een ode aan gebracht in taal, een prachtige popsong:
“I’ll sail my ship alone, with all the things I own” over het pikmeer natuurlijk, dat ik bevaar op een ruim bemeten kotter voor de visvangst, door mijzelve begeleid op de electric blues guitar en mijn pumping piano, gelijk een Jerry Lee Lewis. Hysterisch dus. Dat wil ik voor je zingen, gekleed in jarretelles, nylons, tanga met speelopeneningen en doorkijkbeha voor “A Room With A view”, geen blinde muur dus, anders verliezen we elk perspectief uit het oog.
Was getekend: Fred van der Wal
Als de alcoholische versnaperingen met dubbele cijfers worden geschreven, boer je ideeën op die je de volgende dag zo snel mogelijk wilt vergeten. Tenzij je de kater verdrinkt in meer geestdodend vocht, dan werk je ze uit en probeer je ze aan anderen te slijten. Zo moet het ongeveer zijn gegaan toen een godmajoor deze slak voor in de grabbelbak heeft ontwikkeld. Dat iemand anders daar brood in zag en deze escargot is gaan produceren, dat er winkels zijn die ze op voorraad hebben en dat er mensen zijn die ze kopen, toont aan dat "we" het slakkenspoor bijster zijn.
Voordat het groen weer tevoorschijn komt: Platanen in de opeengebouwde stad Padua, langs de rivier de Piovego, tegen moderne ‘Palazzi’ en oude ‘Palazzi’.
19 maart 2010
... en de ouderdom van het materiaal. Het is mooi en vrijwel hetzelfde, maar toch anders dan het leger van Xi'an.
--
De eerste lentedag loopt op haar laatste benen. Als ik uit mijn raam kijk, zie ik de zon gehuld in sluiers boven de toppen van de platanen. Zo sta ik daar een tijdje, denkend aan niets in het bijzonder als ik in de verte staar. Een vogel laat me weten dat de wereld minder stil staat dan ik haar ervaar. Het is een dag als zo velen, de zoveelste dag uit mijn, uit jouw, uit ons leven. Ik ben verwend, graaf in mijn geheugen op zoek naar de laatste keer dat ik ongelukkig was. Ik kan het me niet herinneren.
Vandaag
is het lente
in mijn tuin
zoete druif
geflankeerd in geel
anemoon
bloei
daarna herplant ik je
in volle aarde
blauwe dissident
in harmonie met geel
versteend
verglaasd
tot leven gekomen
blauw met groen
boerenfatsoen?
waar vogels azen
azen ook muizen
ZEEFDRUK VAN FRED VAN DER WAL "VALENTINO DYING". VAN HETZELFDE WERK BESTAAN TWEE TEKENINGEN, EEN GOUACHE EN EEN OLIEVERFSCHILDERIJ UIT DE ZEVENTIGER JAREN
YESTERDAY PAPERS, DEEL 1
(april 2001. Oldeboorn. Herzien en aangevuld dec. 2006 en 2010)
THE UNABRIDGED VERSION
Al in de tijd dat ik schreef en schilderde zonder er nog een
serieus beroep van te maken of zelfs maar overwoog het
kunstenaarsschap te kiezen als mijn belangrijkste levens
vervulling, zo in de midzestiger jaren, tijdens de laatste fase
van mijn niet zelf gekozen opleiding aan de Da Costa
kweekschool voor onderwijzers, was ik van jongs af aan
verzot op kranten, magazines, aanzichtkaarten en drukwerk, maar
ook op blanco papier. Als kleuter was ik zo nu en dan in het
ouderlijkhuis waar veel boeken, prenten en antieke kaarten waren.
Op mijn zevende liep ik elke woensdagmiddag en zaterdag vanaf de Utrechtsestraat naar de Amstel waar in een kelder de kinderbibliotheek was gevestigd. Ik kwam daar als eerste aan en ging als laatste weg.
Een bibliotheek is voor mij nog steeds een paradijs.
Ik bracht van 1960-1966 meer dan vijf
vervelende, uitzichtsloze jaren tegen mijn zin door in de witte,
steriele fantasieloze villa waar de opleiding tot christelijk
schoolmeester was ge vestigd aan de Koepellaan 8 te
Bloemendaal, een instituut bevolkt door een paar honderd
dulle, bleke, zwaar brillende, pukkelige adspirant
schoolmeesters, die bij voorbaat al voor rijksambtenaar in de
wieg leken te zijn gelegd.
In de zomervakantie van 1963 begon ik met het
verzamelen van grote hoeveelheden schrijf- en tekenpapier uit
binnen- en buitenland.
Handgedrukte vellen zwaar papier uit Antwerpen waar zelfs echte
bloembladen en kleine zand korrels in zaten fascineerden mij in
hoge mate.
Nu, vijfendertig jaar later bezit ik ze nog en kan ik ze U op
aanvraag tonen als U het mij beleefd vraagt.
Mijn uiterst saaie klasgenoten wisten niets van mijn verzamelingen.
Behalve papier verzamelde ik artikelen en fotos over James Dean,
Elvis Presley, electronica, literatuur en schilderkunst in het
bijzonder het surrealisme. Boeken bestelde ik in België en
Engeland bij verzend antiquariaten.
Nooit hebben mijn klasgenoten, voornamelijk voetbal- dam - en
schaakliefhebbers, enige blijk van belangstelling gegeven voor
wat mij bezig hield. Het was dan ook een christe lijke school,
dus iedereen leefde langs elkaar heen naar het motto Ieder voor
zich en God voor ons allen. Recht zo die gaat, schipper Ahoy! Met
de linkerbil het zeegat uit, met de rechter weer naar binnen.
De zeer vrome schooljuffen in opleiding zongen in hoog gesloten bloesjes en lang rokken psalmen op hele noten in de pauzes of oefenden op de blokfluit met hun gele konijnentanden. Ze noemden de eliederen niet psalmen, maar pussallemen. Er ontbrak één en ander aan de intieme hygiëne zo te ruiken in de klas. Ik ben hun namen verge ten omdat er niets aan te onthouden viel.
Het verzamelen van papier, boeken, publikaties over het
surrealisme en de vijftigers powezie, antiquariese, obscure
uitgaven van Oosterse stromingen, studieboeken betreffende
magiese genoot schappen als The Hermetic Order Of The
Golden Dawn, de Ancient And Mystical Order Rosae
Crucis rond 1900 en The Inner Light
Society liet ik uit Engeland over komen.
Boeken waren lange tijd mijn enige grote hartstocht en ik
herinner mij nog de zoete geur van de soms paars of bruin
gekleurde Engelse drukinkten. Geen van mijn brave, oplettende,
aangepaste, beleefde, kort geknipte medeleerlingen die geruite
colbertjes en kokette vlinder dasjes droegen om een op het eerste
gezicht vrije, artistieke levensstijl te suggereren.
Bijna zonder uitzondering waren het stuk voor stuk brave,
volgzame dienstplichtige dragers des koninginnes wapenrok en na
twee jaren afgeblaft te zijn door randdebiele sergeants
onveranderlijk met lof uit de militaire dienst ontslagen als
soldaat eerste klas.
Een twijfelachtige eer waar ik van harte voor bedankte na de
selektie procedure voor de reserve officiers opleiding om
vervolgens als PSP stemmer dienst te weigeren. Geen van mijn mede
leerlingen had bijzondere interesses en maakten zich als
leden van de familie doorsnee liever druk om de dansles, petti
coats en wat daar onder schuil ging, bij elkaar gespaarde
uitzetten en verlovingsringen.
De leerlingen van de vrouwelijke kunne droegen onooglijke,
asexuele mosgroene ski broeken die door een elastiekje onder de
schoenen op zijn -of liever haar-plaats werden gehouden (ik moet
er niet aan denken wat die skibroeken verborgen aan genitale
onsmakelijheden) of maakten zich druk om de verkiezing van het
rijkeluis zoontje John F. Kennedy tot president
van de V.S.
Ik was in 1960 de enige leerling in de klas die sympatiseerde met
de republikein Richard Nixon.
Zijn duidelijke standpunten spraken mij aan. Communistisch Rusland, China en Cuba? Gewoon een atoombom er op. Klaar was Kees! En dan konden die Chinezen ook niet meer zoveel kezen doordat er geen Chinezen meer zouden wezen.
Ik ben het voor deze ene keer geheel met U eens als U verveeld of
geërgerd zegt: wat verbeeldt U zich eigenlijk allemaal wel, dat
zijn helemaal geen bijzondere feiten die U daar op somt.
U doet alsof U een genie bent. Wat denkt U eigenlijk
wel?
U dacht toch niet dat U van mij antwoord krijgt?
Een schrijver/ schilder zal net als een schoolmeester of
boekhouder meestal papier, potloden, punten slijpers, vlakgom,
pennen, balpunten en kwasten in overvloed in voorraad hebben,
zoals een dakdekker zwarte nagels, rollen bitumen, platen zink en
rollen lood.
Hiermede lijkt de vraag dan ook volledig beantwoord als U over
het hoofd ziet dat ik toen nog geen kunstschilder, noch auteur
van vele teksten op mijn drie weblogs was, bovendien godzijdank
nooit schoolmeester zou worden ondanks de aandrang van mijn
toenmalige orthodoks gereformeerde gepassioneerde boezem vriendin
Alice Kneuterdom, die dag in dag uit minstens tien uur in mijn
gezelschap verkeerde tussen 1963 en 1966.
Hoe gereformeerder hoe geiler ondervond ik toen letterlijk aan
den lijve. Ze was niet van mij af te slaan. Ik was een min of
meer gewillige deel- en bedgenoot aan urenlange vrij partijen,
die me al snel gingen vervelen. Mijn voorstellen om de stad
Haarlem in te gaan wimpelde zij elke keer ten stelligste
af.
Er moest per dag tenminste een uur of vier, vijf gevrijd worden.
Ze vertelde wekelijks haar toekomstdroom voor ons beiden. Het
eerste jaar zouden we beiden voor de klas gaan staan om
financieel de inboedel bij elkaar te harken. Daarna zou ze in
hoog tempo vier kinderen ter wereld brengen, ieder jaar één, die
allemaal gereformeerd gedoopt zouden worden en als die na een
jaar of achttien het huis uit waren zou ze weer voor de klas gaan
staan. Part time, want van al dat baren wordt zelfs een
griffermeerd mens barensmoe en week om het hart.
Naar bed door de week uiterlijk tien uur, dan twee uur neuken, de
eerste wekker op zes uur, dan anderhalf uur neuken, de tweede
wekker begint om half acht te ratelen, snel een bak cornflakes
naar binnen slobberen met een ei voor de potentie om nog meer te
kunnen neuk en, bijv. in de middagpauze of in de schoolpauzes een
vluggerje in de bezemkast met de dweil in je nek, de weekenden
gevuld met kerkenwerk als jeugdouderling, twee avonden per week
naar het kerk koor, twee avonden jeugd catechesatie geven, de
vakanties als jeugd leiders naar kampeer weken van de
gereformeerde kerk. Cursussen christelijk leiderschap volgen,
fundamentalistische navigator cursussen leiden, verplicht
lidmaatschap van het GPV. Geen boeken, dagbladen, tijdschriften,
radio of televisie in huis, want dat was allemaal toch maar
zondig.
Televisie nam maar tijd in beslag die beter met neuken kon worden
gevuld, vond Alice. Als krant op zaterdag Dagblad
Trouw van wege de pagina met kerkdiensten. Drie keer per
zondag naar de griffermeerde kerk. Voorgeschreven kleding voor de
klas en in de kerk; driedelig donkerblauw of zwart pak met
stropdas, glimmend gepoetste schoenen. Glad geschoren gezicht en
kort haar. Lang haar hoorde bij de aanhangers van de anti Christ,
zoals marxisten, socialisten, communisten, occultisten en
pacifisten.
De vlag uit met koninginnedag en studeren voor een middelbare
akte pedagogiek om snel carrière in het onderwijs te maken.
Nu, veertig jaar later heb ik geregeld nachtmerries over die
periode. Minstens drie maal per week. Soms word ik schreeuwend
van afschuw wakker uit een gereformeerde, helse droom. Ik noem
haar niet langer Alice of Els maar Hels.
(wordt vervolgd)
Negen uur. Veel te vroeg. Het museum gaat pas om tien uur open. Dan maar even een rondje door Rovereto, een espresso in een bar, een krantje en de 'Internazionale' bij de giornalaio.
Rovereto is een leuk stadje. Rustig, vooral op dit vroege tijdstip van de zaterdag.

En Rovereto gaat prat op haar museum voor moderne kunst, het Mart, dat inmiddels een naam heeft op weten te bouwen in Italië.
Het Mart heeft verschillende gebouwen in Rovereto en Trento, maar de hoofdzetel in Rovereto is de ontvangstplaats voor de grote tentoonstellingen. Het gebouw werd in 2002 geopend en is ontworpen door Mario Botta en Giulio Andreolli. Hoewel modern van opzet hebben ze zich laten inspireren door klassieke bouwstijlen en gebouwen. De koepel boven de hoofdingang bijvoorbeeld refereert heel duidelijk naar het Pantheon in Rome.
Maar goed, ik was dus veel te vroeg. En na mijn rondje Rovereto moest ik alsnog een tijdje wachten voordat de spiegeldeuren van het museum zich openden.
Over de schitterende tentoonstelling die ik bezocht, “Dalla scena al dipinto” (“Van het podium naar het schilderij”) later wellicht meer.
De titel van dit logje is een uitspraak van Antoinette, die gevolgd werd door de kanttekening dat het de mens is die daarvoor zorgt. De foto hierboven kan het nauwelijks treffender illustreren. Dat iemand in een dronken bui een cactus met sombrero verzint (geen familie van man met sombrero, vermoed ik), kan ik wel begrijpen en met een glimlach begroeten, maar de types die zoiets kopen en in hun huiskamer of op hun werkplek neerzetten, zijn van een betreurenswaardige triestheid. Ik heb altijd een hekel gehad aan de term "minderwaardige cultuur" maar begrijp nu wel het bestaan van die term.
Vrolijk kwakend dobberde Donald rond, vanmiddag tegen vijf uur, in een heerlijk voorjaarszonnetje.
Ik was duidelijk niet de enige die in zijn nopjes was met deze eerste echte lentemiddag.
De foto is genomen in de buurt van het ooievaarsnest, even buiten ons dorp, vlak bij het Zijdelmeer.
Het was hier voor het eerst sinds die lange, koude winter nu toch echt boven de tien graden, en wat voelde dat meteen weldadig aan.
Morgen en overmorgen meer van dit zachte voorjaarsweer, is ons beloofd.
Eindelijk ... :)
Ik "moest" mee naar het tuincentrum afgelopen zondag. Tuincentra zijn voor mij net als supermarkten. Je maakt een lijstje, crost met je karretje over de ideale lijn, pakt onderweg wat je pakken moet en tracht zo snel mogelijk te finishen bij de rondemiss achter de kassa. Althans, zo is het als ik alleen ga. Ik ging niet alleen. Mee met twee vrouwen. En de ideale oplossing gevonden. Camera meenemen. Tuincentra zijn fotoparadijzen. De bloemen bloeien er zoals ze nooit op je vensterbank bloeien, de schappen staan vol met de ergste kitsch die toch fotogeniek blijkt en de tijd vliegt voorbij.
Wat zou er omgaan in het hoofd van een engeltje? Ze zien er zo zacht en onschuldig uit dat ik me laat leiden door hun uiterlijk. Schijn kan bedriegen, dat weet ik wel, maar als engelen behept zijn met duivelse gedachten, wordt de wereld zo complex dat je alleen kunt overleven door je over te geven aan wantrouwen en dat wil ik niet. Nee, ik ben geen goedgelovig type, ik weet maar al te goed dat de mens niet altijd de goedheid zelve is, maar toch wil ik uitgaan van vertrouwen en neem het risico gekwetst te worden voor lief.
Vormen zonder context doen me denken aan Paula Udondek. Dat klinkt niet bepaald als een compliment, maar dat komt omdat mijn eerste zin nog niet geplaatst is in de context die ik voor ogen had toen ik hem schreef. Zij was één van de presentatrices van het programma Get the Picture waarin je foto's van contextloze vormen zag. Vervolgens werd de kandidaten gevraagd wat ze dachten dat ze op de foto zagen. Nu was die quiz niet bepaald een cultureel hoogtepunt in de televisiegeschiedenis, maar het inspireerde mij wel om anders tegen voorwerpen aan te kijken dan ik gewend was.

Dit was het origineel:
bron:ikzelf (droomliefjes kliedertjes)
bron: ikzelf (droomliefjes kliedertjes)
De bovenste beviel me steeds minder vanwege de digitale uitstraling.
Toen ik photobucket had ontdekt, een paar weken terug, besloot ik eens te kijken
wat ik nog meer kon doen met mijn oude Paintresultaten.
Ze waren net op weg naar hun hoge nest bij het Zijdelmeer, het ooievaarspaar dat ik zo goed heb leren kennen, de afgelopen jaren.
Als ware stuntvliegers kwamen ze voorbij zoeven, vanmiddag, met die machtige makkelijke vleugelslagen, vlak boven het weiland scherend.
Ze wegen heel weinig: maar 2.3 tot 4.4 kilogram, en dat voor zulke grote dieren, die wel 1.10 meter of meer kunnen meten.
Hun vlucht is altijd prachtig om te zien, en wordt vaak begeleid door enthousiast geklepper, als ontmoetingsritueel, en meestal bij nadering van het nest.
Het is een genot, deze ooievaars in de buurt te hebben wonen, dat zult u begrijpen!
Toegegeven, het is nog altijd handschoenen-, sjaals- en mutsenweer, maar toch...alle tekenen wijzen er nu op.
Het voorjaar kan niet ver meer weg zijn.
Ik heb het zelf gezien, vanmiddag...
Zit je net lekker in je fauteuil naar de narcissen te kijken, moet je je zonnebril weer gaan halen.
Ik noemde ze al onafscheidelijk, de kater Papalou en zijn zusje Bertje, in mijn blog over het nieuwe krabpaalpaleisje, onlangs.
Als om dat nog maar eens te illustreren lagen ze vanmorgen in alle vroegte innig en tevreden bij elkaar, toen ik de slaapzaal van de poezenopvang binnenkwam.
Helemaal klaar voor een lief dubbelportret, zo voelde ik het.
Papalou en Bertje, met recht onafscheidelijk.
Zo, de kop is eraf. Hierbij mijn 1e foto, deze vind je ook terug in mijn header;
Gerbera;
www.biancameijer.wordpress.com


